Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 303

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 303

9 minuten leestijd

1992

92

PAGINA 9

De groei van de bevolliing als een dynamisch systeem Sjoerd Verduyn Lunel (31) straalt een en al enthousiasme uit. Hij kan niet ge­ noeg benadrukken hoe leuk wiskunde IS. Helaas is dat aan velen niet besteed. Er bestaat nu eenmaal een beeld van wiskundigen als tobbers die de hele dag in alle eenzaamheid formules op on­ ooglijke papiertjes zitten te kalken. Dat beeld is, als het al ooit klopte, onjuist. Voor de moderne wiskundige zijn de computer en internationale samenwer­ king met collega's essentieel. Verduyn Lunel: "De wiskundige problemen zijn te complex om nog in je eentje te kun­ nen oplossen. Je kunt niet meer bij a beginnen en alles tot z oplossen. Je hebt je collega's daarbij nodig. Dat zijn er overigens op mijn terrein over de hele wereld maar een stuk of twintig. In mijn vakgebied wordt er daarom niet gekeken of je de beste wiskundige bent van Amsterdam, maar of je beter bent dan die in New York." Of even goed als die aan het Georgia Institute of Technology, waar Verduyn Lunel drie maanden per jaar zal gaan doorbren­ gen. Hij wil de komende dne jaar een kwalitatieve theorie proberen op te stel­ len van oneindig dimensionale dynami­ sche systemen. Verduyn Lunel legt uit: "Dynamische systemen beschnjven fenomenen die in de tijd veranderen, zoals de groei van de bevolking, de positie van de maan ten opzichte van de aarde, de stroom van een vloeistof door een pijp, het

Sjoerd Verduyn Lunel: 'Je

hebt je collega's nodig' Foto NICO Boink, AVC/VU

mengen van materialen en bijvoorbeeld het weer. Een dynamisch systeem be­ staat uit een vergelijking, bijvoorbeeld gebaseerd op natuurkundige principes, en een hoeveelheid begininformatie, bijvoorbeeld de positie van de maan ten opzichte van de aarde. Als we het dyna­ mische systeem oplossen kunnen we de fenomenen voorspellen. Weten we de positie van de maan ten opzichte van de aarde op 20 januan 1992 dan geeft het dynamische systeem de positie op 20 maart 1992. "Voor de groei van de bevolking is het dynamische systeem niet zo duidelijk.

Simplistisch zou je kunnen zeggen dat de groei evenredig is met het aantal mensen. Dit werd in 1792 door Malt­ hus geponeerd en betekent exponentië­ le groei. Het is nauwkeuriger om te zeggen dat de groei wordt bepaald door de bevolking tussen 16 en 50 jaar en dat er een maximum is aan het aantal mensen dat op aarde kan leven. Dit le­ vert oneindig veel begininformatie op. Zulke oneindig dimensionale systemen kun je meestal niet oplossen, je pro­ beert trends aan te geven, bijvoorbeeld terugkerende gebeurtenissen, of een schatting voor het aantal mensen in het jaar 2500."

Wanneer is een bewering fundamenteel?

Gerrit Jansen: biochemicua unuer ue meaici

Foto NICO Boink, AVC/VU

Onderzoek naar resistente middelen tegen leuliemie en tumoren Een van de sterkste onderzoeksgroepen van de vu is die van oncologie. Gemt Jansen (35) is hier niet als medicus aan verbonden, maar als biochemicus. Zijn vakgebied heeft een brugfiinctie in het kankeronderzoek. Biochemici bestude­ ren onder andere hoe cytostatica, medi­ cijnen tegen kanker, hun werk op celni­ veau goed kunnen doen, zodat de pa­ tient de ziekte overleeft. Sommige cj^to­ statica blijken aanvankelijk goed aan te slaan, maar na enige tijd niet meer. De patiënt is dan resistent geworden voor het medicijn, en de arts moet een ande­ re behandelwijze bedenken. Een van die medicijnen waar kankerpatiënten vaak resistent voor blijken te zijn is methotrexaat (MTX). Dit komt omdat de tumorcellen een veranderd of defect celmembraam­transport hebben, waar­ door ze totaal ongevoelig voor MTX worden. Jansen wil onderzoeken of het eiwit dat verantwoordelijk is voor het mem­ braamtransport, in resistente tumorcel­ len gemodificeerd is of verminderd tot expressie komt. Om dat te achterhalen gaat hij in eerste instantie in vitro tu­ morcellen kweken. In de loop van de komende drie jaar wil hij ook met mate­ naal van patiënten gaan werken. John van der Oost (33) zit nu nog in Heidelberg bij het Europees Molecu­ lairbiologisch Laboratorium (EMBL),

maar deze zomer keert hij terug naar zijn thuisbasis, het biologisch lab van de afdeling microbiologie aan de vu. Daar wil hij beter inzicht proberen te krijgen in het werkings­ mechanisme van enkele enzymen die een belangrijke rol spelen bij het ademhalingsproces: de verbranding van suiker met de daaruit voortvloei­ ende produktie van energie. Dit pro­ ces is niet alleen van levensbelang voor complexe organismen als de

L

Jansen hoopt uiteindelijk een model te kunnen ontwikkelen dat aangeeft bij welke mate van expressie van de trans­ porteiwitten een therapie met MTX of verwante cjtostatica met meer effectief is, omdat het medicijn de tumorcel toch nooit bereikt. Cytostatica als MTX wor­ den vaak gebruikt bij leukemie' en tu­ moren in het hoofd­ en halsgebied. Re­ cent zijn er ook aanwijzingen gevonden dat dit type cytostatica ook zou kunnen werken bij de bestrijding van tumoren op de eierstok. Tumoren in het hoofd­ en halsgebied zijn onder oncologen berucht om het feit dat ze vrij snel resistent kunnen worden. Soms werken de medicijnen al niet meer na twee of drie behandelcycli. Sommige patiënten blijken van het begin af aan resistent. Zij hebben van nature weinig transporteiwit in hun normale cellen of tumorcellen. Als Jan­ sen dat op celniveau kan aantonen bij een patiënt, door de hoeveelheid trans­ porteiwit te kwantificeren, dan kan de patient het leed van een vruchteloze therapie bespaard blijven. Jansen zal een deel van zijn onderzoek m het buitenland doen bij het Medical College of Ohio in de Verenigde Staten.

Nederland heeft sinds Spinoza weinig filosofen van betekenis voortgebracht. Het wijsgerig denken gedijt blijkbaar niet zo goed in ons klimaat. Het zal een doorsnee academicus waarschijnlijk niet lukken om vijf Nederlandse filoso­ fen van dit moment te noemen. Na het vallen van de namen van Cornells Ver­ hoeven, Hans Achterhuis en LoUe Nauta wordt het meestal stil. Misschien weet ook René van Woudenberg (35) in de toekomst tot dit illustere njtje door te dringen. Aan één voorwaarde voldoet hij al: helder kunnen schrijven. Als medewerker van het Cultureel Sup­ plement van NRC Handelsblad bewijst Van Woudenberg regelmatig dat hij fi­ losofische vraagstukken aan een niet­in­ gewijd publiek kan uitleggen. Of hij binnen de filosofie zelf baanbrekend werk kan verrichten, moet nog een aan­ tal jaren worden afgewacht. Hij gaat zich bezighouden met het vraagstuk van de rechtvaardiging of legitimatie van bewenngen. Filosofen vragen zich van oudsher af hoe ze weten dat ze iets weten, en dat gepeins duurt nog steeds voort. Van Woudenberg: "Ik wil nagaan wat filosofen door de geschiedenis heen hebben gedacht over het funderen van beweringen. Traditioneel is daarover gezegd dat bewenngen in andere bewe­ ringen gefundeerd moeten worden, die wellicht zelf ook weer gefundeerd moe­ ten worden. Die keten van bewenngen moet ergens stoppen, maar wat is die stop? Die is volgens de traditie hierin gelegen dat bepaaldsoortige beweringen niet meer verder gefundeerd kunnen worden, omdat ze zelf fundamenteel zijn. Deze fundamentele beweringen moeten twee eigenschappen hebben. Ten eerste moeten het onverbeterbare rapportages van de visuele waarneming zijn, incorrigible repons from experience. Ten tweede moeten die bewenngen zelf­evident zijn. Je kunt je bijvoorbeeld afvragen hoe je weet dat twee plus twee vier IS. Een antwoord is: omdat een

René van Wo udenberg: 'Het werkt no g als een soort ideo lo gie' Foto NICO Boink, AVC/VU

plus een twee is. Maar hoe weet je dat dan weer? Tja, dat zie je in. Insight noemt John Locke dat, intuïtieve ken­ nis. Ik wil de lotgevallen van dit beeld van het rechtvaardigen van beweringen met name nagaan in het postmodernisme, bij Wittgenstein en de door hem geïns­ pireerde neo­wittgensteinianen en in de transcendentale pragmatiek, het onder­ werp waar mijn proefschnft over ging. Mijn conclusie zal zijn dat het traditio­ nele beeld van het rechtvaardigen van beweringen in de filosofie inmiddels volkomen is verlaten. Alleen in de we­ tenschap werkt deze opvatting vreemd genoeg nog steeds door als een soort ideologie. Dat zie je bijvoorbeeld in de discussie over de wetenschappelijkheid

en met de laatste twee ben ik mo­

Bacteriën als model voor de menselijke ademhaling mens, maar ook voor primitieve een­ cellige organismen als bacteriën. Daarom kan het bestuderen van dit proces bij bacteriën ook tot op zekere hoogte model staan voor de mens. Van der Oost zal bij zijn onderzoek de paracoccus denitrificans onder de loep nemen, een bacterie die gedu­ rende de jaren zeventig een populair

model is geworden bij het bestuderen van de ademhaling. Voor dit project zal de getalenteerde doctor diverse technieken integre­ ren, die samen de moleculaire biolo­ gie vormen: genetica (DNA), micro­ biologie (bacteriën), biochemie (eiwit­zuivering), kristallisatie (eiwit in goed geordende kristallen probe­

van de theologie. Iemand als Kuitert zit ook gevangen in deze vorm van founda­ tionahsm. Er bestaat volgens mij in veel wetenschappen nog een beeld van een gewenste vorm van wetenschap bedrij­ ven, terwijl de praktijk heel vaak anders is. Ik wil nog wel vasthouden aan de eis tot funderen, maar niet op de klassieke manier. Ik wil van een veel breder fun­ dament uitgaan dan in de traditie. Normatieve overtuigingen als 'Je mag niet doden' en 'Heb je naaste lief kun je volgens mij nooit funderen in incorri­ gible reponsfromexpenence en zelf­evi­ dente inzichten zijn het ook niet. Je kunt ook zoals de postmodernisten zeg­ gen dat het hele idee van funderen waanzinnig is, maar zo ver ga ik niet."

menteel in de weer op het EMBL in

ren te vervaardigen) en fysische che­ mie (met Röntgenstraling analyseren van de kristallen, met als het doel het oplossen van de driedimensionale structutw van de vouwing van de eiwit­ketting). Van der Oost: "Met de eerste drie onderdelen heb ik al min of meer kennis gemaakt tijdens mijn studie en promotie aan de vu, .lts'­

Heidelberg. Het is duidelijk dat een dergelijk multidisciplinair onderzoek gebaat is bij samenwerking met meerdere gespecialiseerde groepen, nationaal en internationaal. Ik zal het niet in mijn eentje voor elkaar kunnen krijgen. Behalve van de col­ lega­microbiologen hoop ik steun te krijgen van stage­studenten. Als ik van de gelegenheid gebruik mag maken om alvast te werven: 'En­ thousiaste bèta­studenten, in juli kunnen jullie aan de bak!*"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991

Ad Valvas | 614 Pagina's

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 303

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991

Ad Valvas | 614 Pagina's