Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 469

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 469

10 minuten leestijd

'ALV I APRIL 1992

I PAGINA 9 Foto NICO Boink, AVC/VU

«t*J'~*f;WCW".tó-./ —. f ,

In Nijmegen roept het woord katholiek onprettige reacties op De bestuurders van de Katholieke Universiteit Nijmegen schreven een nota, want ze wilden iets doen aan een "eigentijdse Invulling van katholiciteit". De universiteitsraad stak daar een stokje voor, tot een discussie in de faculteiten kwam het niet eens. Johan van de Woestijne

m^i^':>­

' 1;­ ^'i'­'i^'­tti.

idacht voor het r, maar anders^ ft ert

ar­ er­ re

persoonlijke geloofsbelijdenis terecht komen. ("Heeft U een binding met het christelijk geloof of met een ander geloof?" en "W at houdt die binding voor U concreet in?") Beter lijkt het mij te vragen: ­ of men iets ziet in de onderneming van een bij­ zondere universiteit (dat wil zeggen een universi­ teit waarbinnen in onderwijs en onderzoek aan­ dacht wordt gegeven aan de problematiek van le­ vensbeschouwing en wetenschap); ­ of men voor zichzelf een mogelijkheid ziet daar­ aan vanuit de eigen levensbeschouwing een bijdra­ ge te leveren; ­ en zo ja, wat die levensbeschouwing dan inhoudt en in welke richting die bijdrage zou kunnen gaan. Hier wordt dus de vraag naar de persoonlijke le­ vensbeschouwing eerst gesteld als men voor zich­ zelf mogelijkheden ziet een bijdrage te leveren aan de onderneming van een christelijke universiteit.

Duidelijkheid Die e­ ran Ie Ide

de­ tie­

3r­ n tel­ 1 de eft et ;de ;n

Mijn tweede opmerking is dat aan sollicitanten wordt gevraagd h u n oordeel te geven over de doel­ steling van de vu als bijzondere universiteit, er dan iets meer voorradig moet zijn dan een missio n­sta­ tement op universitair niveau en de uitwerking die daaraan op dat niveau wordt gegeven. Een sollici­ tant mag verwachten dat over het bijzondere ka­ rakter ook ideeën zijn op de werkplek waar hij zal worden aangesteld. Van faculteiten mag daarom worden vewacht dat ze op dat punt duidelijkheid verschaffen. Die duidelijkheid verdraagt overigens geen win­ dow­dressing. Als er binnen een faculteit in onder­ wijs en onderzoek eigenlijk geen activiteiten wor­ den ontplooit die verband houden met de doelstel­ ling van de universiteit al^ bijzondere instelling, dan moeten ze dat gewoon kunnen zeggen. Een sollicitant weet dan ook wat hij op dat punt mag verwachten. Het spreekt echter vanzelf dat een fa­ culteitsbestuur van haar zienswijze op dit punt wel rekenschap dient af te leggen. Haar beleid ten aan­ zien van de doelstelling ­ de conclusie bijvoorbeeld dat men geen mogelijkheden ziet om werkelijk ge­ stalte te geven aan de doelstelling of de beslissing om aan deze zaak geen prioriteit te geven ­ dient een vast onderwerp van gesprek te zijn tijdens het bestuurlijk oveleg met het college vatj bestuur,

Het is overigens ook mogelijk dat een faculteit wèl kans ziet op bepaalde punten gestalte te geven aan het bijzondere karakter van de universiteit. In zo'n geval kan dat ook gevolgen hebben voor het be­ noemingsbeleid. Activiteiten die gencht zijn op de profilering van de eigen faculteit of universiteit op het terrein van het bijzondere karakter, vragen na­ melijk mensen met een bepaalde levensbeschou­ welijke achtergrond. In zulke gevallen kunnen de puur­wetenschappelijke kwaliteiten niet het enige doorslaggevende selectie­criterium zijn. W e zoe­ ken dan immers naar mensen die met de doelstel­ ling iets willen gaan doen.

Conclusie Het kan niet de bedoeling zijn van de voorgestelde veranderingen dat de vu minder aandacht geeft aan haar bijzondere karakter, het zal echter wel anders moeten: ­ bij benoemingsprocedures vragen we aan sollici­ tanten om een standpuntbepaling ten aanzien van het bijzondere karakter van de v u zoals dat in de mission­statement is neergelegd. Die standpuntbe­ paling speelt een beperkte rol in de selectie. Voor­ keur verdienen sollicitanten die iets menen te kun­ nen bijdragen aan het bijzondere karakter (want aan die mensen is groot gebrek). Onbenoembaar zijn slechts zij die in feite gekant is tegen het hele project van een christelijke universiteit zoals dat hierboven onder woorden werd gebracht. In geval het gaat om werk waarin de problematiek van ge­ loof en wetenschap feitelijk een duidelijke rol speelt, is slechts iemand benoembaar die in onder­ wijs en onderzoek ook werkelijk iets weet aan te vangen met de problematiek van levensbeschou­ wing en wetenschap. ­ Ook op facultair niveau zal men een standpunt moeten bepalen ten aanzien van de mogelijkheden en wenselijkheden waar het gaat om profilering op het terrein van het bijzondere karakter. M e n heeft dat standpunt nodig bij de werving van personeel en dient over dat standpunt rekenschap af te leg­ gen aan het college van bestuur. Prof. dr. J. Tennekens is hoogleraar in de Culturele Antropologie en decaan van de faculteit der so ciaal­ culturele wetenschappen.

D

e inzet van de nota was duidelijk en als zodanig verwoord in de ondertitel: draagvlak en profilering van de katho lieke identiteit. Een identiteit die door een veelvoud aan karaktenstieken gestalte krijgt; katho­ liciteit is daarvan één aspect. En om dat aspect "niet aan vitaliteit (te laten) inboeten" diende er be­ leid gemaakt te worden. Medewerkers en studenten die zich voor de identiteit inzetten moeten zich ge­ steund weten door een expliciet universitair beleid. Dat beleid moet met zozeer in richtlijnen vastgelegd worden, omdat dan de aandacht verschuifd naar procedures m plaats van de persoonlijke motivatie. Het beleid moet dan ook "stimuleringsbeleid" zijn, met als doel leden van de universitaire gemeen­ schap "de gelegenheid te geven en uit te nodigen om aan de identiteit van de instelling gestalte te geven" en bij vacatures "een appèl te doen op die personen die vanuit hun eigen motivatie de identi­ teit van de instelling als positief gegeven ervaren en de bereidheid hebben om daar een bijdrage aan te leveren". De persoonlijke verantwoordelijkheid wordt bena­ drukt als het gaat om het creëren van een "humane en christelijke sfeer" binnen de instelling. Met name daardoor kan de KUN inhoud geven aan haar katho­ lieke identiteit. Daarom ook wordt in de nota veel aandacht besteed aan de werving en selectie van nieuw personeel. Standaard wordt via sollicitatiefor­ mulieren aan ieder sollicitant niet alleen naar de godsdienstige overtuiging gevraagd, maar ook naar de houding ten opzichte van de identiteit. In sollici­ tatiegesprekken zal "systematische aandacht aan de identiteit" besteed worden; expliciet moet gevraagd worden naar mogelijke activiteiten die de betreffen­ de kandidaat "graag" zou willen ontplooien.

Idendteits profilerend Niet alleen krijgt het draagvlak van de identiteit ge­ stalte in de activiteiten van individuele werknemers, ook de rol van universitaire eenheden moet tegen het licht van de katholieke identiteit worden gehou­ den. In beginsel moeten natuurlijke alle eenheden hun steentje bijdragen aan de identiteit, maar er­ kend wordt dat dat voor de ene eenheid net iets moeilijker is dan voor een andere. Maar als eenmaal vastgesteld is dat een eenheid "identiteitsprofile­ rend" genoemd kan worden, dan is het volgens de nota "evident" dat het benoemingsbeleid niet bui­ ten schot kan blijven. Door ook in het bestuur en beheer consequent aan­ dacht te besteden aan de identiteit zal de identiteit structureel, continu en als onderdeel van het totale beleid vorm krijgen, volgens de nota. Zo zal dan de identiteit door het totaal van het uitgezette beleid een uitstraling krijgen binnen en buiten de universi­ teit. Mits goed uitgedragen, zal de positieve, eigen­ tijdse vormgeving de kwalitatieve werfkracht voor studenten en leden van het wetenschappelijk perso­ neel ondersteunen, zo besluit de nota. Die nota wilde de voorzitter van de universiteitsraad dus graag op de agenda, waardoor de nota net iets eer­ der in de openbaarheid kwam dan het college ge­ wild had. En prompt barstte het tumult los. "In de nota wordt op geen enkele wijze een relatie gelegd met maatschappelijke ontwikkelingen," zo becommentarieerde KUnieuws in eerste instantie de nota. "Op alle niveaus wordt het einde gezworen van de universiteit als ivoren toren. Al was het maar om de maximalisering van derde geldstromen. Spe­ ciale bureaus worden (...) opgezet om de communi­ catie beter te laten verlopen. Een kennishandboek moet de buitenwereld tot in alle hoeken en gaten van de KUN inzicht geven. Maar of dat mogelijk ge­

volgen heeft voor het karakter van de universiteit wordt niet aangeroerd." Maar belangrijker nog gold dat "er in de nota geen woord wordt besteed aan de veranderde relatie tus­ sen de KUN en haar natuurlijke achterban. Die wordt consequent en monolitisch geproclameerd als 'het katholieke volksdeel'. Alsof er geen ontzuiling heeft voltrokken, alsof 'het katholieke volksdeel' niet allang versplinterd is in een veelkleung mo­ zaïek, dat, toegegeven, zo z'n doffe plekken kent. (...) De stelling, dat de grondslag van de instelling " gebaseerd zou dienen te zijn op een meer gemeen­ schappelijke visie op de identiteit, is, waar geen overeenstemming is (...) per definitie een kei^e voor een specifieke opvatting van wat de katholieke identiteit zou moeten zijn."

Diffuse wereld De belangrijkste adviescommissie van de universi­ teitsraad reageert een maand later vernietigend. "Verenging", "betekenisloos" en "afstotend" zijn nog maar enkele van de kwalificaties waarmee de procedurecommissie de meest ingrijpende beleids­ voornemens naar de prullenbak verwijst. De com­ missie destilleert zelfs het gevoel uit de nota dat "tot nu toe de universiteit, haar medewerkers en studen­ ten tekort zijn geschoten in het gestalte geven aan en het tot uitdrukking brengen van de katholieke identiteit". En hoewel het college verzekert dat dat in geen geval bedoeld is, constateert de commissie dat "gezien de strekking van vele reacties, dit gevoe­ len algemeen lijkt te zijn." En trouwens, wat moet de commissie verstaan onder de term katholiek? "Onder deze term (gaat) een diffuse wereld aan op­ vattingen en stromingen schuil". Een te enge uitleg aan die term houdt het gevaar in dat "een deel van de medewerkers en potentiële medewerkers zich niet kunnen herkennen. Hiermee wordt een bron van conflicten gecreëerd," zo zet de commissie de toon voor de Universiteitsraad. "De nota kan gelezen worden om het fundamenta­ lisme naar de KUN te halen," reageerde dus de één. "De KUN dreigt te worden omgebouwd tot een uni­ versiteit van katholieken," vreesde de ander. De stu­ dentenfractie in de universiteitsaad ging een stap verder: "Studenten komen niet dankzij de K, maar ondanks de K. En dat moet zo blijven ook." De al­ gemene afwijzing van het voorgestelde wervings­ en benoemingsbeleid kon niet gekeerd worden door een ook door de raad als "indrukwekkend" gevon­ den betoog van de voorzitter a.i. van het college, dr. J. Peters. "Het probleem van zingeving," zo stelde hij, "is dat woorden zeer verschillend worden opge­ vat. Ze zijn niet eenduidig en krijgen hun betekenis door een ander verleden, verschillende kennis. Het woord katholiek roept onprettige reacties op. Aan een eigen verleden waarvan mensen met pijn af­ scheid hebben genomen. Aan dogma's, starheid die tegengesteld is aan het eigen tastend zoeken naar houvast." Thuis voelen, dat valt volgens Peters bij de KUN onder katholiek. "En daarom kan het ook niet bestaan dat de universiteit het recht heeft van­ uit de eigen idennteit mensen buiten te sluiten. Mensen die zoeken naar identiteit moeten zich hier thuis voelen. Als wij merken dat het woord katho­ liek verkeerde cormotaties oproept, dan moeten we werven op basis van datgene wat we aanbieden. (...) Vanuit de werkelijkheid van wat wij doen moeten we trachten die negatieve connotatie te loochen­ straffen." Doen jullie er wel genoeg aan? Dat is de vraag die telkens weer aan de KLIN gesteld wordt volgens Pe­ ters. Vanuit politieke organisaties, maatschappelijke instellingen en kerkelijke instituties. Maar ook van het Stichtingsbestuur, dat sterk de katholieke ach­ terban vertegenwoordigt. "En dan mag je als imi­ versiteit, als zelfbesturende instantie, niet schromen deze vragen in discussie te brengen. Hebben wij voldoende mensen in de toekomst die de grondslag mede vorm kunnen geven? Welke mensen heb je nodig om in de toekomst nog een katholieke univer­ siteit te zijn?" Met vijfentwintig stemmen tegen en twee onthou­ dingen schaarde de universiteitsraad zich vervolgens achter het voorlopige standpunt, dat verdere aan­ scherping van de profilering van de katholieke iden­ titeit wordt afgewezen. Johan van de Wo estijne is hoofdredacteur van KU­ nieuws, het weekblad van de Katholieke Universiteit van Nijmegen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991

Ad Valvas | 614 Pagina's

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 469

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991

Ad Valvas | 614 Pagina's