Ad Valvas 1991-1992 - pagina 269
9 JANUARI 1992
PAGINA 9
Collegevoorzitter Brinkman (Di'Bij Ritzen speelt de professionele benadering een sterke rol' Tom de Greet " H e t r a p p o r t k a n m e t e e n zekere n a r r i g h e i d , m e t e e n gevoel v a n m o e t d a t g e z e u r n u w e e r , v a n tafel g e veegd w o r d e n . E n d a a r zijn o p zich heel geldige a r g u m e n t e n v o o r t e vin d e n . M a a r in h e t r a p p o r t zitten o o k veel m o d e r n e b e s t u u r l i j k e b e n a d e r i n g e n e n v r a a g s t u k k e n . D a t is e e n a n d e r e b e w e g i n g , die a a n d e u n i v e r siteit o o k t o t zijn r e c h t zal m o e t e n komen. W a n t we k u n n e n niet hele m a a l d o e n alsof w e z o n d e r p r o b l e m e n zitten. D a t is o n g e v e e r w a t ik als d e c u l t u r e l e s p a n n i n g zie die d o o r dit r a p p o r t w o r d t v e r o o r zaakt."
Brinkman beschouwt na raad wordt het rapport natuurlijk direct bekeken met de vraag waar de universi teitsraad blijft. Ik constateer dat dat het geval is. Jammer. Je kunt er treurig over zijn, maar zo zit het nu eenmaal in N e derland in elkaar. En het gevolg daar van kan ook zijn dat een ander soort discussies toch naar die vraag gezogen worden. Dat is ook het probleem van dit rapport. Maar ik denk dat de aar digheid hiervan nu is dat wij zo ver m o gelijk als je maar kunt bedenken weg gegaan zijn van die vraag."
Doodlopend vubestuursvoorzitter Brinkman be hoorde tot het Van der Zwandneman schap. Ontspannen, maar met een licht cynisme beschouvn; hij de werkzaamhe den na. D e huidige bestuursstructuur van de universiteiten is de vrucht van twintig jaar touwtrekken en Brinkman zal menig touwtje ter hand hebben ge nomen. In het gesprek is de voorzitter met vies van een gedachtenexpenment. Dat brengt de verslaggever na afloop op het idee om Brinkman vijfentwintig jaar eerder het levenslicht te laten zien: in plaats van een fraaie bestuurspositie zou hij dan waarschijnlijk nog steeds aan de vu taalkunde doceren. Zo moet iedereen zi)n tijd mee hebben. Iets van die lange ervaring klinkt door in een oproepachtige samenvatting aan het einde van het gesprek: "Voor mij is die zekere koortsachtigheid, ook een ze kere gespannenheid, die altijd rond dat onderwerp bestuurstructuur heeft geze ten, belangrijk. Daardoor was de reactie op elke discussie en op alle verwante onderwerpen er een van ' H o u mij vast, want er gebeurt een ongeluk'. Dat heeft natuurlijk tijdens de twee conferenties over de bestuursstructuur een hele grote rol gespeeld. N o u , ik constateer dat dat zo is. Dat is heel beroerd, dat is heel vervelend. Dat betekent dat je over allerlei dingen redelijk, rationeel en af standelijk kunt praten, maar over dit onderwerp niet. W ij hebben bij het maken van het rapport wel met dit pro bleem gezeten, want het bestaat ge woon. En je weet ook dat je met dit rapport ook weer in de arena terugkomt en straks in de zaal van de universiteits
Foto Bram de Hollander
Maar het ts toch logisch datje als raads lid nagaat hoeveel m acht je hebt? "Als je die vraag opwerpt gaat het in derdaad over de macht en de structuur van de medezeggenschap. Vanaf 1970 is de bestuurstructuur in hoge mate geï dentificeerd met de medezeggenschap van studenten en de algemene mede zeggenschap, alhoewel de wet veel meer elementen had. Democratisenng leek hèt onderwerp. Het leek daar steeds om te draaien, alsof dat het enige onder werp was. W e zijn daar tien a twaalf jaar mee bezig geweest en op een gege ven moment was het op. Het was hele maal niet interessant meer, iedereen war erop uitgekeken. Het was ook intel lectueel een doodlopende straat, er was geen inspiratie meer te putten uit de vraag hoe nu om te gaan met de univer siteiten." De conferenties van een jaar geleden over de bestuursstructuur gaven de aanzet tot een andere benadering: de politieke werd ingeruild voor de be stuurskundige. Bnnkman: "Je kunt zeg gen dat minister Ritzen wat sterker ver bonden is met de invalshoek van de or ganisatie en wat minder met de politie ke kant. Hij houdt denk ik ook wat minder, terecht of ten onrechte, reke ning met de gevoeligheden en interes ses van de Tweede Kamer. Deetman had daar, denk ik, een sterker gevoel voor. Je ziet dat bij Ritzen dat element van die meer professionele benadenng een sterkere rol speelt." Volgens Brinkman was de uitslag van de conferenties dat men "niet weer de oude weg wilde afwandelen, maar kij
ken of je weer eens een nieuwe weg in kunt gaan, een nieuwe invalshoek." Is er bij de toonaangevende groeperingen op de universiteiten voldoende draagvlak voor die nieuwe invalshoek? "Geen notie." Dat kunt u niet m enen. " D e bestuurskundige invalshoeken zijn het meest besteed aan mensen die af finiteit hebben met bestuurskundige problematiek."
Crisisgevoel Maar het wordt uiteindelijk toch altijd naar de macht vertaald. "Laten we het zo zeggen, er zijn na tuurlijk een hoop mensen die nu in be sturen zitten en tot de conclusie komen dat het besturen heel wat problemati scher is dan men tien of twintig jaar ge leden dacht." U gaat ervan uit dat er in de universitei ten veel m ensen... "Nee, niet alleen in de universiteiten, maar ook daarbuiten." Laten we het even beperken tot de univer
Charter is symbool van de vertrouwensrelatie tussen staat en universiteiten stteiten. Veel mensen ervaren daar in de praktijk dat besturen een vak is. Nee, dat bedoel ik niet. Het is veel meer zo dat de grenzen aan wat je kunt besturen veel dichterbij liggen dan je vroeger dacht. De bestuurbaarheid van organisaties is veel problematischer dan we dachten. Twintig jaar geleden ging, ook in de universiteiten, geen golf te hoog. Dat was een kwestie van 'W e zul len wel eens even'. Maar dat was niet alleen aan de universiteiten, dat was ook daarbuiten. Grote bedrijven hebben hele grote pro blemen met h u n eigen bestuurbaarheid.
D e overheid zit met geweldige proble men om het eigen bedrijf te besturen en eventueel, als men dacht dat dat zijn taak was, de bestuurbaarheid van de sa menleving. Ik denk dat dat gevoel, laten we dat maar een zeker cnsisgevoel noemen, betrekkelijk algemeen verbreid is. Maar het is natuurlijk een stap ver der om daar dan intellectuele analyses over te maken en daar vervolgens be paalde consequenties aan te verbinden ten aanzien van de vraag hoe je dan wel met organisaties moet omgaan. En het aantal mensen dat die analyses maakt, is natuurlijk maar een fractie van de mensen die dat algemene cnsisgevoel hebben." Voor de plannen van de commissieVan der Zwan is een wetswijziging nodig. Bnnkman ziet dat niet snel gebeuren. Eerst moet er een nieuwe wet op het hoger onderwijs komen. Die ligt nu al haast drie jaar bij de Tweede Kamer. En de minister en de universiteiten hebben nog grote meningsverschillen over een aantal punten. Naar zijn bere kening zou het dan ook nog wel even kunnen duren voordat die wet in het Staatsblad staat. Bnnkman vindt het ook nog maar de vraag of de Tweede Kamer iets voelt voor een verandenng in de bestuursstructuur. Bnnkman: "Er is sprake van een ver schuiving van de meer politiekjundi sche analyse over medezeggenschapsra den naar een meer bestuurskundige be nadering van de universiteiten. De vraag is of de Tweede Kamer dat volgt. Die eerste benadenng was natuurlijk veel meer naar het hart, naar de smaak van de Kamer want het respondeert op hun eigen functie. En voor de manage mentvraagstelling is hun belangstelling veel minder. Dat zie je ook bij hun be langstelling voor het functioneren van de overheid; voor management heeft men veel minder belangstelling dan voor zeggenschapsraden."
Spek Op zich een interessante gedachte, m aar dan heeft Ritzen het zich niet gem akkelijk gemaakt. "Het IS ook zeer de vraag of ons rapport enig resultaat zal hebben."
Ah uw plannen door gaan, dan zal de Tweede Kam er m inder zeggenschap krij gen over de bestuursstructuur. "Op het moment dat de wet verschil lende vormen van bestuursstructuur gaat toelaten, is het onontkoombaar dat er iets van de zeggenschap van het par lement of de wetgever verminderd wordt." Is dat nu m et onverstandig van u om dat zo te zeggen? "Dit is een intellectuele analyse." Maar u bindt daarm ee de dames en heren toch op het spek? "Ik neem toch aan dat de leden van de Tweede Kamer zich dat zelf ook reali seren. En ik vmd dat intellectuele ana lyses gemaakt moeten worden ongeacht de consequenties daarvan. Daar zijn wij als universiteiten voor."
Voor de prullebak Maar u bent bestuurder, geen wetenschap per. "Maar ik praat nu ook als universiteits bestuurder. Ik stel analytisch intellectu eel vast dat wij van deregulenng en het parlement zegt dat te willen bij de universiteiten nog niet veel meer gezien hebben dan alleen voornemens. Dere gulenng is alleen tot stand te brengen als niet alleen de minister maar ook de Tweede Kamer een stap terug doet." Wanneer kom en de gedachten die in uw rapport vervat zijn binnen de VU in discus sie? "Ik denk dat ze alleen in discussie komen als de minister het rapport op de agenda zet van zijn overleg met de universiteiten." Zou u graag willen dat de minister het agendeert? "Ja, ik denk het wel. Anders, zou ik zeggen, hebben we helemaal voor de prullebak gewerkt. Het meest elemen taire gevoel om niet voor de prullebak gewerkt te hebben is, dat je zou moeten zeggen dat je verwacht dat de minister er een vervolg aan geeft en het dus agendeert voor het overleg." Dat betekent dat het over met al te lange termijn toch binnen de VU in discussie komt? "Ja, dat zal gebeuren aan de hand van een preadvies van de vereniging van universiteiten." Gaat u vanwege de scheiding van petten een beetje terughoudend aan de discussie deelnemen? "Ja, stellig. Jundische zaken zitten niet in mijn portefeuille."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991
Ad Valvas | 614 Pagina's