Ad Valvas 1991-1992 - pagina 357
AD VALVAS 20 FEBRUARI 1992 I
PAGINA 3
Ingewikkelde organisaties vergen nieuwe studies Met een combinatie van wiskunde en economie stomen twee faculteiten studenten klaar voor het bedrijfsleven
oe aek I de '
Bedrijfswiskunde en informatica, in 1990 gestart om studenten te trekken, voldoet boven verwachting. De studenten stromen toe. Dat heeft de concurrentie wakker geschud: de komst van de studie bedrijfseconometrie is door het succes "versneld" en de faculteit wiskunde en informatica verwacht binnen enkele jaren elders in den lande opleidingen aan te treffen die vergelijkbaar zijn met bedrijfswiskunde en Informatica. "VWO-schoiieren willen een goede baan. Exacte wetenschappers kunnen niet langer hun ogen sluiten voor de arbeidsmarkt." Jan-Jaap Heij
iigt de dse .ers ^en en be ien 3or rij ,te
iy;eft en, so )op ?an net ac vu )ge lur be wil )OS
ift, al an De ijst ;ijn ink aai op ich 'an ld, le 3e :ti le en ter ?e ?e als ele an
ra on de set lit )n
^
, Een mooie naam, niet te soft en goede ' vooruitzichten op de arbeidsmarkt: de studierichting bedrijfswiskunde en in formatica, die in 1990 van start ging, ! heeft alle kenmerken die een succesvol le opleiding anno 1992 moet hebben. Het succes is er dan ook naar. Trok be dnjfswiskunde en informatica in haar eerste jaar 32 studenten, in het tweede jaar waren dat er 84. Voor het komende ijaar hebben zich reeds 67 studenten faangemeld. ' Een echte verklaring voor dat succes kunnen de bedrijfswiskundigen niet le iveren. "Wie de belangstelling van v w o Ischolieren kan voorspellen, krijgt onge twijfeld een hoge post op het ministerie van onderwijs aangeboden", constateert prof dr. ir. G.Y. Nieuwland, hoogleraar toegepaste wiskunde en betrokken bij de jopzet van de nieuwe studie. Hij weet Iniet waarom er zoveel studenten komen "Ik denk dat het verhaal dat we ze ver teld hebben aansprak." D r . ir. T . Koet sier, studiecoördinator van de docto raalfase bi) bedrijfswiskunde en infor matica, vermoedt dat "goede propagan da" een rol heeft gespeeld. "We hebben veel aan marketing gedaan. H e t is niet meer voldoende o m een goed produkt te hebben, je moet het ook aan de m a n zien te brengen. D a t is blijkbaar goed gelukt." Zeker is dat de faculteit met de studie een nieuwe doelgroep heeft aan geboord. "Het zijn studenten die anders geen exact vak waren gaan studeren, maar bijvoorbeeld bedrijfskunde. D e groep bedrijfswiskundigen is wat hete •ogener dan de klassieke wiskunde of nformaticastudenten: er zitten mensen tussen die zo goed zijn dat we ze graag 3ij wiskunde hadden gehad, en mensen TOor wie deze toch vrij exacte studie misschien wat te hoog gegrepen is", aldus Nieuwland.
Beroepsopleiding De nieuwe doelgroep krijgt een oplei ding voorgeschoteld die, in de woorden van Koetsier, "niet bepaald ons pretpak ket is". Ook Nieuwland noemt de studie zwaar. "Het is een wetenschappelijke beroepsopleiding, zoals de economen en iunsten die ook hebben. Wij hebben ons toen we begonnen wel afgevraagd of we daardoor met teveel op een HBOoplei
ding zouden gaan lijken. Volgens mij moet je die vraag gewoon met 'nee' be antwoorden: het theoretische niveau, met name dat van de wiskunde en infor matica in het pakket, is veel hoger dan op het HBO." Bedrijfswiskunde en informatica be staat uit drie 'poten': wiskunde, infor matica en economie, die ieder ongeveer een derde deel van de opleiding in be slag nemen. Een bezwaar tegen de stu die zou daarom kunnen zijn dat ze ner gens voor opleidt. D e studenten krijgen een basisopleiding in de verschillende takken van wetenschap, maar gaan niet 'de diepte in' en krijgen daardoor uitein delijk een bul zonder enige waarde. Nieuwland ziet dat bezwaar niet. "Ik zal niet ontkennen dat de integratie van die drie disciplines binnen één opleiding be drijfswiskunde en informatica een pro bleem is, maar daar zijn wel mogelijkhe den voor. H e t bedrijfsleven verweten schappelijkt. Bedrijven worden steeds complexere organisaties, die alleen n o g maar te besturen zijn met behulp van in formatie. H e t is dus noodzakelijk o m een wiskundig model van de organisatie van een bedrijf in de computer te stop pen. Daar heb je zowel kennis van de wiskunde, de informatica als de econo mie voor nodig." D e specifieke rol van de doctorandus in de bednjfswiskunde en informatica is daarbij volgens Koetsier dat hij namens de bedrijfsleiding met "specialisten uit alle d n e de vakgebieden kan praten." D e betreffende doctorandus begrijpt een wiskundig model, kan adviseren over het aankopen van computersoft ware en valt niet van zijn stoel als een econoom het woord winst laat vallen. Een enquête onder bedrijven, die aan het opzetten van de studie vooraf ging, noopt Nieuwland en Koetsier tot de conclusie dat aan een dergelijke functio naris veel behoefte bestaat. D e faculteit wiskunde en informatica zette de studie volgens Koetsier op omdat ze te weinig studenten trok. "Mensen zijn een beetje lui, ze doen pas iets als het noodzakelijk is. W e hadden een vrije studierichting wiskunde en informatica. Volgens ons was dat een goede opleiding, maar de studenten waren niet geïnteresseerd. Bovendien liep het aantal wiskundestu denten terug. Vandaar dat we met iets
*ytr-
Bedrijfswiskunde: ondanks de overwacht grote toeloop puilen de collegezalen niet uit nieuws kwamen, waarvoor overigens al langer plannen bestonden." Door o m standigheden moest het plan zeer snel worden uitgevoerd: " D e Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universi teiten wilde de erkenning van nieuwe studies met een eigen propaedeuse veel moeilijker gaan maken. De opzet van bednjfswiskunde en informatica moest voor een bepaalde datum af zijn, en we hebben met een aantal mensen daarom een tijd lang bijna fuUtime gewerkt aan deze studierichting", aldus Nieuwland. Die haast, gecombineerd met de onver wacht grote toeloop, heeft de studenten geen schade berokkend, zo menen bei den. H e t programma zit goed in elkaar en de collegezalen puilen niet uit. Wel moet de studie volgens Koetsier n o g "uitkristalliseren". "Niet dat we n u een slecht programma hebben de studen ten zijn ook niet ontevreden , maar we moeten nog eens kijken welke colleges de studenten nu echt nodig hebben, en wat ze daarin moeten leren. Een vak als schrijfvaardigheid, waar deze faculteit in het verleden nooit interesse voor had, is voor studenten bedrijfswiskunde en in formatica erg belangrijk. Die moeten communicatieve kwaliteiten hebben." D e flitsende start zorgde wel voor enige onvrede bij de vakgroep econome trie van de economische faculteit, die een flink deel van de economievakken van de studie voor haar rekening neemt. "We hadden het idee dat we voor het blok gezet werden", aldus vakgroeps
voorzitter prof. dr. H . C . Tijms van de econometristen. "Er bestond bovendien enige angst dat bedrijfswiskunde en in formatica studenten bij ons weg zou trekken. Dat bleek echter niet het geval te zijn: econometrie aan de v u is dit jaar, als enige in Nederland, met 25 procent gegroeid." D e lichte irritatie van de eco nometristen was daarna spoedig verd wenen, zo verzekeren de partijen een stemmig.
Concurrentie D e vakgroep econometrie is op dit m o ment bezig een studierichting bedrijfs econometrie op te zetten. Deze zou, zo klinkt het hier en daar, niet al te veel ver schillen van bedrijfswiskunde en infor matica. Tijms ontkent dat zijn vakgroep zich schuldig maakt aan plagiaat. "Het verschil is aan studenten misschien niet altijd even makkelijk uit te leggen, maar bedrijfseconometrie bestaat voor twee derde uit econometrie en economie en voor een derde uit wiskunde en infor matica. Bij bedrijfswiskunde en infor matica is die verhouding precies anders o m . " Wel heeft de komst van de b e drijfsgerichte wiskunde het plan voor de studie bedrijfseconometrie versneld: "Eigenlijk hebben we een dergelijke op leiding al een jaar of vijf, maar tot n u toe hielden we haar een beetje onder de op pervlakte. Door de komst van bedrijfs wiskunde en informatica hebben we ons gerealiseerd dat we meer naar buiten moesten treden."
Meer beurzen dan studenten voor buitenland VU wil dat tien procent tijdens de studie een tijdje in het buitenland zit Pirk de Hoog
.„
I? a
Van slechts é é n o p elke d r i e b e schikbare b e u r z e n v o o r h e t v o l g e n van s t u d i e o n d e r d e l e n in e e n a n d e r EEGland w o r d t d a a d w e r k e l i j k g e bruikt. D i t jaar h a d d e n 2 5 3 v u s t u denten m e t e e n z o g e n a a m d e E r a s mus b e u r s , b e t a a l d d o o r d e E E G , o p pad k u n n e n g a a n , m a a r s l e c h t s 8 7 personen h e b b e n t e k e n n e n g e g e ven d a a d w e r k e l i j k d e koffers t e p a k ken. Volgens Mirjam Wolthuis, die voor het college van bestuur een notitie over in temationalisering van het onderwijs schreef, zijn er verschillende oorzaken voor deze schijnbaar geringe belangstel ling om een poosje naar het buitenland te gaan. Z o zijn de meeste beyrzen b e
doeld als aanvulling op een ander inko men. D e Erasmusbeurs bedraagt onge veer ƒ200 per maand. Daarentegen kost een plek om te overnachten in Madrid bijvoorbeeld al gauw duizend gulden per maand. D u s de beurzen zijn voor veel studenten niet toereikend o m de extra kosten te betalen en bovendien leiden studenten vaak ook nog inkomensverlies doordat ze tijdens de studiereis het bijbaantje moeten opgeven. Daarnaast vragen coördinatoren, die de studiereizen organiseren vaak meer beurzen aan dan ze feitelijk nodig h e b ben om de geplande programma's uit te voeren. Soms doen ze dit om het zekere voor het onzekere te nemen en geen p o tentiële belangstellenden af te hoeven wijzen, maar ook om via een achterdeurtje het beschikbare bedrag een beetje op te krikken. D e EEG heeft namelijk nogal vaak de gewoor^te eenmaal
toegezegde budgetten bij onderintekening toch maar op te maken door het uit te keren bedrag te verhogen. Zo zullen dit jaar de Erasmus beurzen, afhankelijk van de bestemming, alsnog met wel 300 procent worden opgetrokken. Ook speelt bij de geringe belangstelling voor een studiereis de steeds strakkere studieplaiming en beperking van recht op studiefinanciering een rol.
Zusterinstellingen Het universiteitsbestuur gaat de komende tijd de faculteiten af om ze te vragen serieus na te denken over het belang van internationalisering van het onderwijsprogramma. H e t streven is dat zo'n tien procent van de studenten, binnen het normale curriculum van vier jaar, internationale ervaring opdoet. Rector Datema suggereert faculteiten, die internationale uitwisseling jj^l^neajk .vanden.
met een beperkt aantal zusterinstellingen over de grens min of meer vaste uitwisselingsblokken te ontwikkelen. Voor studenten kurmen dan drempels verlaagd worden om deel te nemen, bijvoorbeeld omdat de in het buitenland bepaalde studiepunten hier gewoon mee tellen. Een ander onderdeel van internationalisering is het regelmatig binnen de muren halen van gastdocenten. Per faculteit bestaan nogal grote verschillen in aandacht voor in het buitenland studeren. Bij de lerarenopleiding wordt bijvoorbeeld overwogen in het studieprogramma één maand verplicht buitengaans op te nemen. Ook bij Rechten en Economie worden momenteel veel uitvrisselingsprogramma's georganiseerd. Daarentegen besteden Wijsbegeerte en Tandheelkunde nauwelijks aandacht aan het opdoen van buitenJandse ervaring d o o r h u n studenten, a.^
Foto Nico Boink, AVC/vu
Nieuwland ziet de econometristen niet als concurrenten. " H e t zijn twee ver schillende studies. Voor beide is plaats onder de zon." Concurrentie verwacht hij veeleer van andere wiskundefacul teiten in den lande. " H e t zou mij zeker niet verbazen als er over een paar jaar meer van dit soort beroepsgerichte op leidingen bestaan." Koetsier deelt die verwachting: exacte wetenschappers kunnen het zich vol gens h e m niet langer permitteren o m de ogen te sluiten voor de arbeidsmarkt, vwoscholieren willen een goede baan en de wiskundigen en informatici heb ben maar te zorgen dat ze opleidingen met goede vooruitzichten bieden. "Vroeger werden de studenten weten schappelijk onderzoeker of leraar, te genwoordigheid gaan ze meer en meer het bedrijfsleven in. W e gaan daarom meer de kant op van de economische fa culteit: studenten moeten een beroeps gerichte opleiding krijgen, waarmee ze in het bedrijfsleven aan de slag kunnen." Dat vergt een andere instelling van het personeel. "Het opzetten van zo'n nieu we studie is noodzakelijk, maar het kost wel een boel tijd. D e komende jaren zal dat, als bedrijfswiskunde en informatica zoveel studenten blijft trekken, alleen maar meer worden. Volgend jaar redden we het nog wel, maar daarna krijgen we denk ik een tekort aan mankracht. D a t betekent dat mensen minder onderzoek zullen kunnen doen, maar dat moet dan maar. We komen er niet onderuit."
Feest levert Hortus donatie op D e hortus botanicus heeft een cadeautje gekregen van H a m e r Bloemzaden BV in Zwijndrecht. Dankzij een actie van dit bedrijf kon het hoofd van de hortus, Daan Smit, op zaterdag 8 februari een cheque ter waarde van 15.000 gulden in ontvangst nemen. D e zaad- en plantenhandelaar vierde feest vanwege het vijftigjarig bestaan en de opening van een nieuwe zaak. In plaats van cadeaus vroeg de firma haar relaties geld ter beschikking te stellen voor de noodlijdende vu-hortus. De opbrengst van deze actie werd door H a m e r zelf aangevuld tot 15.000 gulden. D e gift onderstreept nog eens de goede relatie tussen d e hortus van de v u en de kwekerswereld. Volgens een woordvoerder van H a m e r heeft de tuin haar goede naam vooral te danken aan de expertise op het gebied van het kweken van nieuwe variëteiten. "We zouden het zeer betreuren als de hortus zou worden gesloten." Zoals onlangs gemeld zal de hortus om te overleven in de toekomst meer diensten voor kwekers gaan verrich-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991
Ad Valvas | 614 Pagina's