Ad Valvas 1991-1992 - pagina 337
PAGINA 1 1
AD VALVAS 6 FEBRUARI 1992
Bevolking en industrie tot 2025 verzekerd van water 'Watermaker' van de VU redt zuidoosten van Botswana van uitdroging Frank van Kolfschooten
De hydroloog J. de Vries had geen beter tijdstip kunnen uitkiezen om naar Botswana te gaan. Hij was in 1982 door de Universiteit van Botswana uit genodigd om een afdeling hydrogeolo gie op te richten. Toen hij daar arri veerde bleek het water echter bijna op te zijn. Het was een paar jaar bijzonder droog geweest en de bodem van het stuwmeer dat de bevolking van de hoofdstad Gaborone van water moest voorzien, kwam in zicht. Het meer werd gevoed door een klein riviertje dat tot dan toe gedurende een paar weken per jaar water aanvoerde, maar nu door het uitblijven van regen volledig was drooggevallen. De Vries: "Ik kreeg te horen dat ik wel weer naar huis kon gaan, omdat de universiteit op korte termijn zou sluiten. De hele stad zou binnen drie maanden worden geëva cueerd, want voor zo lang was er nog maar water." Een interviewer van de Botswaanse radio vroeg De Vries of hij dacht dat er in de omgeving grondwater te vinden zou zijn, ook al was dit volgens een ex ploratieonderzoek van Britse geofysici niet het geval. "Ik zei dat ik me gezien het klimaat en de geologische structuur van het gebied niet kon voorstellen dat er geen water was. Ik werd meteen uit genodigd om mijn kunsten te verto nen," zegt De Vries, die sinds 1989 hoogleraar hydrogeologie is aan de vu. Hij vroeg het onderzoek van de Britten op en ontdekte dat ze half werk hadden gedaan. Ze hadden weliswaar de enige structuur afgezocht die er geologisch veelbelovend uitzag, maar toch gecon cludeerd dat de structuur te klein was om voldoende water te kunnen leveren. Het was hun niet opgevallen dat die structuur zich nog vijfhonderd kilome ter naar het oosten voortzette over de grens in ZuidAfrika. De Vries: "Die Britten waren misschien heel goede ge ofysici, maar van geologie hadden ze kennelijk weinig verstand. Ik ben wel dat hele gebied gaan bestuderen en het viel me op dat er depressies voorkwa men in het veld, die je vaak ziet in kalk gebieden met oplossingsverschijnselen, waarin je ondergrondse rivieren en grotten aantreft."
Grondwaterbekkens De Vries mat de verzakkingen op, en toen hij ze op kaart had gezet bleken ze op lijnen te liggen die overeenkwamen met tektonische richtingen, verstorin gen van de aardkorst. Hij concludeerde daarom dat er in de ondergrond inder daad sprake moest zijn van oplossings verschijnselen. Dat was allerminst van zelfsprekend, omdat deze gesteenten in
Vries kreeg uitgebreide faciliteiten om Eén keer per jaar reist de samen met de Geologische Dienst ver der onderzoek te verrichten. De vraag hydroloog prof.dr. JJ. de was hoe lang Botswana toe zou kunnen Vries af naar Botswana. met de nu aangeboorde watervoorra Sinds 1982 speurt hij in dit den. Het was immers onduidelijk of de grondwaterbekkens fossiel water bevat droge land naar ten dan wel werden gevoed via doorsij pelend regenwater. Naar die voedings grondwater. Bij zijn eerste mechanismen is sindsdien uitgebreid bezoek behoedde hij de onderzoek gedaan met steun van de Nederlandse overheid. Van deze hoofdstad Gaborone voor Groundwater Recharge and Evaluation een evacuatie door op Study (GRES) is onlangs een dik rapport ter evaluatie naar Den Haag gestuurd. onverwachte plaatsen De Botswaanse overheid is al overtuigd van het werk dat onder supervisie van water aan te boren. Voor de Vries is verricht, en heeft het grond een volgend project wil hij waterdeel van haar National Water Master Plan erop gebaseerd. Door het onder de dikke zandlaag GRESproject is de expertise van de van de Kalahari-woestijn Botswaanse hydrologen aanzienlijk ver groot. zoeken, want ook daar vermoedt hij water. Alleen Werking maan De Vries beschouwt zijn watervondst in de subsidie uit Den Haag Botswana niet als een grote weten ontbreekt nog. schappelijke prestatie, ook al heeft hij
Zuidelijk Afrika tyvee miljard jaar oud zijn en in dermate oude nietkalksteen gebieden hadden geologen nog niet eer der oplossingsverschijnselen gevonden. De Vries kreeg daarna geld om samen met de Geologische Dienst boringen te doen. Al bij de eerste put was het raak. De put had een opbrengst van twee honderd kubieke meter per uur, en dat was nog nooit vertoond in Botswana. Voor die tijd was hoogstens vijfentwin tig kubieke meter per uur opgepompt. Andere boringen in vergelijkbare de pressies leverden nog meer grondwater bekkens op. Drie maanden later lagen de leidingen er en was een noodwater voorziening klaar. Het zuidoosten van Botswana was gered van de uitdroging. Na deze spectaculaire vondsten kozen vrijwel alle geologiestudenten van de Universiteit van Botswana voor een specialisatie in de hydrogeologie. De
ANGOLA
de bevolking ermee uit de nood gehol pen. Veel interessanter vindt hij het verschijnsel dat hij bij toeval ontdekte bij het slaan van de bewuste put die in één klap zoveel water opleverde. Hij had daar een peilschrijver op gezet om de variatie in de hoogte van het water te meten. Toen hij een maand later terug kwam stond er tot zijn verbazing geen horizontale streep op de recorder, maar een curve die sterk leek op de getijden beweging van de zee. De kromme was alleen gespiegeld. Als de maan boven de zee staat gaat het water loodrecht daaronder omhoog, maar het grondwa ter ging juist omlaag. Dit komt omdat de maan het gesteente aantrekt, en niet het water. Op het moment dat het ge steente enigszins wordt opgelicht daalt de druk op het water en zakt het water peil. Deze zogenaamde aardgelijden waren wel vaker waargenomen, alleen ging het dan om fluctuaties van een millimeter of wat. De Vries vond fluc tuaties van wel vijfentwintig centimeter. Bovendien kon dit verschijnsel volgens de theorie alleen optreden in elastische gesteentes. Gesteente uit het Precambrium, zoals in Botswana, is echter zo verhard en verkit dat alle rek eruit is. De Vries stel de tegelijkertijd vast dat de zwaarte kracht boven de put veranderde onder invloed van de maan. Deze kromme liep echter vreemd genoeg voor op de getijdenbeweging van het water. Twee uur voordat de maan boven de put ver scheen was de zwaartekracht al op haar minimum aangeland. De Vries kwam er alleen niet uit en vroeg de fysicus A. Gieske om hulp. Die raakte zo gefasci neerd door de hydrologie dat hij zich liet omscholen en bij De Vries' vertrek uit Botswana het GRESproject als lokaal projectleider heeft uitgevoerd. Binnen kort promoveert hij aan de vu op dit onderzoek.
Getij denbewegingen
De Vries vond water langs de zuidoostelijke rand van de Kalahari-woestijn (gekartelde lijn)
Getweeën slaagden De Vries en Gieske er wel in een oplossing te vinden voor de merkwaardige getijdenbewegingen. Ze denken dat de fluctuaties voortko men uit het open en dichtgaan van de breuken in het onbuigzame gesteente onder invloed van de maan. Hierdoor ontstaat een samenspel van dalend en stijgend water enerzijds en weg en toe stromend water anderzijds. Dit kon mathematisch worden uitgedrukt in twee sinusvormige bewegingen, en zo viel ook de vervroegde beweging ten' opzichte van de zwaartekracht te ver klaren. De aantrekkingskracht van de maan drijft zo al twee miljard jaar een ondergrondse zuigperspomp aan, die mogelijk een grote rol heeft gespeeld bij de vergroting van breuksystemen in Zuidelijk Afrika. Deze inzichten waren zo controversieel dat het De Vries en Gieske twee jaar heeft gekost om ze ge publiceerd te krijgen in een Amerikaans tijdschrift. De bevolking en de industrie van Bots wana zijn door het werk van De Vries en Gieske in ieder geval tot het jaar 2025 zeker van water. Er is een schema opgesteld voor de watervoorziening in natte en droge periodes, die elkaar on geveer om de tien jaar afwisselen. In natte periodes worden stuwmeren ge vuld met oppervlaktewater, en als die
\ .
f
•i
~i-
i
Prof.'De Vries:'Het is fantastisch o m daar in j e eentje onder de sterrenhemel te zitten' Foto NICO Bomk, AVC/VU
droogvallen stapt Botswana over op grondwater, dat in de natte periodes telkens wordt aangevuld via regenwa ter.
Kalahariwoestijn Botswana kan maar voor een zeer klein deel zelf voorzien in zijn behoefte aan graan. Er is in de zuidoostelijke randge bieden van de Kalahariwoestijn, waar het grootste deel van de bevolking woont, te weinig water om akkers te ir rigeren. De Botswaanse politici hebben nu hun zinnen gezet op water uit het vrijwel onbevolkte noorden, waar de Okavango Delta ligt. Dat is een enorm natuurgebied, ter grootte van Neder land, dat door zijn olifanten, nijlpaar den, leeuwen en giraffen veel toeristen trekt. Er bestaan plannen om van hier uit water via pijpleidingen naar het zui den te voeren om de akkerbouw zo te kunnen uitbreiden. Tot nu toe is dat door internationale druk voorkomen. Volgens De Vries zou de uitvoering van deze plannen rampzalige gevolgen heb ben voor dit gebied: "Aan de rand van de Okavango Delta zijn al wat inpolde ringen gedaan om akkers te kunnen aanleggen, maar die polders zijn in een paar jaar tijd veranderd in een woestijn. Het gebied is erg gevoelig." Botswana zal zich erbij moeten neerleggen dat er nooit genoeg water zal zijn voor uitge breide akkerbouw, denkt De Vries. Zelfs de enorme plassen water van de Okavango Delta zouden niet genoeg zijn. De verdamping in Botswana is te groot om akkerbouw lonend te maken. De Vries ziet wél iets in plannen om voor bevolking en industrie water te onttrekken aan de Kalahariwoestijn, een gebied dat de naam 'woestijn' ei genlijk niet verdient omdat het er vrij groen is. Het is al bekend dat onder de meer dan honderd meter dikke zand laag grondwater schuilt. Hydrologen vragen zich echter al meer dan vijftig jaar af of het om fossiel water gaat of dat het water regelmatig wordt aange vuld. Het onderzoek dat nu op stapel staat zal hierover helderheid moeten verschaffen. Op satellietfoto's zijn structuren in de Kalahari te zien die sterk lijken op droge rivierbeddingen. Tot voor kort werd gedacht dat die beddingen zijn ontstaan in een natte periode toen er nog geweldig veel water door de Kala hari stroomde. De Vries heeft echter aangetoond dat dit niet zo is. Het ver baasde hem al dat de beddingen zo recht liepen en nauwelijks vertakkingen hadden. Bovendien was het veronder
stelde riviersysteem al bij de water scheiding aan het begin dertig meter diep en duizend meter breed. Hij denkt dat de beddingen reflecties zijn van structuren in de ondergrond ver onder het zand, die wijzen op oplossingsver schijnselen, vergelijkbaar met die in het zuidoosten aan de rand van de Kalaha ri. Een proefboring op honderd meter diepte heeft aangetoond dat deze oplos singsverschijnselen zich inderdaad voordoen onder de Kalahari. Dat zou betekenen dat het grondwater in elk geval circuleert of heeft gecirculeerd, wat zou kunnen wijzen op voeding door regenwater. Dit vraagstuk wil De Vries oplossen met het vervolgproject GRES2. Daarom
wacht hij vol ongeduld op het oordeel van de ambtenaren van minister Pronk over de eerste fase van GRES. Hij kijkt nu al uit naar_zijn komende verblijf in de Kalahari. "Ik kampeer er altijd met veel plezier, omdat het zo stil en onge rept is. Het is fantastisch om daar 's nachts in je eentje onder de sterrenhe mel te zitten."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991
Ad Valvas | 614 Pagina's