Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 132

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 132

11 minuten leestijd

AD VALVAS 17 OKTOBER 1 9 9 1

PAGINA 2

Ontwikkelingshulp moet niet naar de maan reiken Particuliere organisaties letten niet op resultaten Jan-Jaap Heij "Wie naar de maan wil reiken om tenminste in een lantarenpaal te kunnen klimmen, kan beter iets bescheidener zijn." Prof.dr. P.J.I.M De Waart, hoogleraar in het Volkenrecht aan de vu, was voorzitter van de Stuurgroep Impactstudie Medefinanciering, die onlangs een rapport uitbracht over de activiteiten van vier organisaties voor ontwikkelingshulp. Deze organisaties - Novib, Icco, Hivos en Cebemo; ook wel medefinancieringsorganisaties (MFO's genoemd financieren met overheidsgeld en de opbrengsten van liefdadigheidsacties de werkzaamheden van niet-gouvemementele organisaties (NGO'S in de Derde Wereld. Deze NGO's starten met dat geld allerlei projecten, variërend van bewustwording van )onge-moeders-met -AIDS tot irrigatie van woestijnvlakten. Een van de conclusies uit het rapport luidt dat de MFO'S teveel pretenties hebben. Een betere wereld nu! is het doel, met minder armoede en meer democratie. Daar komt uiteraard weinig van terecht: de problemen in de Derde Wereld zijn iets te groot om vanuit Nederland opgelost te kunnen worden. Maar ook de bescheiden bijdrage die de vier organisaties wel kunnen leveren, is volgens de Stuurgroep voor verbetenng vatbaar. De vier letten te weinig op resultaten en wegen kosten en baten niet tegen elkaar af. In de praktijk fungeren ze vooral als banken, die geld overmaken naar NGO'S in de Derde Wereld. De Nederlandse organisaties hebben te weinig aandacht voor de impact van hun hulp aan verre vreemde landen.

Zending Het medefinancieringsprogramma ging in 1965 onder druk van de Verenigde Naties met een bescheiden bedrag van vijf miljoen gulden van start en groeide sindsdien als kool. Inmiddels hebben de organisaties een gezamenlijk budget van dnehonderd miljoen te besteden. "De overheid geeft tegenwoordig veel meer uit aan ontwikkelingshulp, en de MFO'S

krijgen een bepaald percentage van dat geld", verklaart De Waart die groei. "Bovendien was er, zeker in het begin.

De 'Stuurgroep Impactstudie Medefinancieringsprogramma' braclit onlangs een rapport uit over de activiteiten van vier organisaties voor ontwikkelingshulp. De conclusies bevatten voornamelijk 'grijze tonen', aldus VU-hoogleraar Peter de Waart, die de groep voorzat. De ontwikkelingswerkers zitten niet met hun handjes in de kas. Ze letten echter ook nauwelijks op de resultaten van hun werk.

De Waart: "Het beeld bevat voornamelijk grijze tonen" een enorme druk vanuit de missie en de zending. Die zeiden: 'Geef ons dat geld maar, want wij kunnen dat allemaal veel beter'." De vraag is echter of dat waar is. Er is weinig bekend over de effecten van ontwikkelingshulp, of die nu van de overheid of van particuliere organisaties afkomstig is. Het kostte de stuurgroep veel moeite om een goed overzicht te knjgen. De Waart: "Voor het meten van impact heb je natuurlijk gegevens nodig. Die zijn er wel, maar ze zijn absoluut niet systematisch opgeslagen en dus ook nauwelijks met elkaar te vergelijken. Uit mijn eigen ervaring bij Buitenlandse Zaken weet ik dat men, toen er in de jaren '60 geld beschikbaar kwam, vond dat het geld meteen uitgegeven moest

Afstuderen voor meisjes Frank van Kolfschooten "Ik kan het niet in één woord zeggen. Het (...) was zo complex, het heeft diep ingegrepen in mijn leven. Het was voor mij vallen en opstaan: vloeken, zuchten en huilen en een heel enkele keer blij zijn. Dat ik nu achteraf zeg: 'Ik heb het verwerkt', betekent dat ik een heleboel heb meegemaakt." Ra ra, welk vreselijk leed is het meisje dat hier aan het woord is overkomen? Snel verklappen maar: zij is afgestudeerd... Leed is een mooi ding. Je kunt er in ieder geval leuke boekjes over schrijven. Het grote studentenleed heet: afstuderen. Dat is moeUijk, omdat veel studenten niet goed kunnen schrijven. Als ze de d's en de dt's al op de juiste plaats weten te krijgen, is het nog maar de vraag of ze ook een gedachte pagina's lang kunnen vasthouden. Als dat niet lukt en de docent beoordeelt de scriptie als onvoldoende, dan loopt het kwetsbare zieltje van de student deuken op. Ook als het helemaal niet tot een afgeronde scriptie komt, stromen de tranen over het maagdelijk witte vel. Hier is geestelijke bijstand geboden. Zulke hulp zou het boekje Afstuderen moeten aanreiken, dat net is verschenen bij Het Spectrum. Maar helaas valt het boekje erg tegen. In de eerste plaats had het eigenlijk Afstuderen vQor meisjes moeten heten. Voor jongens is het wat minder geschikt; die worden er een beetje misselijk van. Veel meisjes ook vermoedelijk. Het boekje is geschreven door acht vrouwen, die tussen 1980 en 1990

sociologie hebben gestudeerd in Tilburg. Het belooft in te gaan "op aspecten van het schrijven van een scriptie, die niet in de gangbare literatuur daarover aan bod komen". Dat is niets te veel gezegd: in geen enkel ander boek over scripties zijn zulke lachwekkende passages te vinden als in Afstuderen. Voor een vrolijke middag is het boek dan ook uitermate geschikt. Een voorbeeld: "Wat me tijdens het afstuderen steeds duidelijker werd, was dat mijn vriend en ik op theoretisch niveau uit elkaar groeiden. Dat kwam pas goed naar voren bij het bespreken van stukken van mijn scriptie. Het commentaar dat hij gaf, was van een heel andere orde dan waar ik om vroeg en ik kon dat niet duidelijk maken." Als de hoofdstukken met dit soort kletskoek uit de band worden gescheurd, blijven er twee nuttige hoofdstukken over. Eén over het opzetten van de scriptie en één over het zoeken van een goede scriptiebegeleider. Erg wereldschokkend zijn deze hoofdstukken nu ook weer niet. Het ene valt samen te vatten als: kies een onderwerp dat je belangstelling heeft. En de boodschap van het andere hoofdstuk is: kies een begeleider die zich om je bekommert. "Het schrijven van dit boek was (...) uitputtend," schrijven de acht auteurs in het slotwoord. De man van het Centraal Boekhuis die de hele oplage naar De Slegte moet transporteren, heeft er ook een zware klus aan. Afstuderen, Het Spectrum 1991, ƒ 14,90

ties blijft hangen dat er niets meer overblijft voor de doelgroep", aldus De Waart. Maar ook 'witte' tinten zijn er niet in overvloed: de particuhere hulp is niet wat je noemt buitengewoon succesvol. Van de voornaamste doelstelling - armoedebestrijding - komt weinig terecht. De hulp, met name het economische deel, komt veelal niet bij de allerarmsten terecht. Die zijn - en blijven, volgens De Waart - afhankelijk van noodhulp in de vorm van voedsel en huisvesting. Voor verhoging van de welvaart is een zeker sociaal raamwerk nodig, een besef van de eigen situatie, dat vaak juist bij de 'echte minima' ontbreekt. Kredieten voor bijvoorbeeld landbouwprojecten belanden daardoor vaak bij mensen die het al relatief goed hebben. Borreltafel Volgens De Waart kunnen de MFO'S De eventuele 'zwarte' tint zou vooral de juist bij het scheppen van dat sociaal geldverspilling kunnen zijn, die aan de raamwerk nuttig zijn. Sociale projecten westerse borreltafel regelmatig wordt en activiteiten op het gebied van vorgeconstateerd. De Waart is er mild over. ming en bewustwording lopen beter dan Het is niet zo dat de NGo's in de Derde de economische hulp. "Je merkt dat Wereld massaal de strijkstok hanteren groepen die zich tot voor kort nauwelijks bij hun werkzaamheden. "Er is wel wat van hun bestaan als groep bewust vuur in de buurt van de rook," aldus De waren, zichzelf ontdekken." Waart, "maar dan gaat het eerder om verkeerde beslissingen dan om corrup- Suikeroompjes tie. Stel bijvoorbeeld dat iemand voor Economische hulp kan wel dienen om een klein dorpje een grote generator de NGo's in de Derde Wereld hun eigen koopt. Is dat nu volstrekt onaanvaard- geld te laten verdienen. Nu zijn die orbaar? Die generator staat er wel degelijk, ganisaties voor het overgrote deel afhanhoewel hij misschien niet nodig is. Dat kelijk van het buitenland; met name in soort dingen komen nogal eens voor in Afrika is er sprake van ernstige hulpverhet ontwikkelingswerk, maar ik vind niet slaving. Afkicken blijkt moeilijk, zo niet dat alles erop gericht moet zijn om het te onmogelijk. verhinderen. Pas als er smeergeld wordt Voor sommigen, onder wie de filosoof betaald, is het echt onaanvaardbaar." Hans Achterhuis, vormt dat verschijnsel Ook met de fameuze overheadkosten - aanleiding om vraagtekens te zetten bij onder meer de salarissen van de hulp- elke vorm van ontwikkelingshulp. Achverleners - valt het wel mee. "Ik heb niet terhuis constateert in navolging van de de indruk dat er zoveel bij de organisa- hongeronderzoekster Susan George dat

worden. Diezelfde houding vond je terug bij de particuliere organisaties. Er moest wat gedaan worden, de reflectie kwam later wel. Pas nu de ontwikkelingshulp niet meer zo sterk groeit, wil men weten of het geld goed besteed wordt." Toch IS de stuurgroep er volgens haar voorzitter in geslaagd een redelijk helder beeld van de resultaten van de particuliere hulp te krijgen. Dat beeld bestaat voornamelijk uit 'grijze tinten', zo verklaarde De Waart in de Volkskrant. Particuliere hulp heeft 'bestaansrecht' naast de officiële programma's. Al was het alleen maar om te laten zien dat de bevolking van de Derde Wereld niet per se op de eigen overheid hoeft te wachten als ze iets gerealiseerd wil zien.

Foto Michel Claus

ontwikkelingshulp de Derde Wereld afhankelijk heeft gemaakt van suikeroompjes uit het Westen, die weliswaar geld geven maar in één moeite door ook hun eigen ideeën over economie en cultuur opdnngen. Gevolg is dat de samenleving ter plekke instort. Traditionele verbanden vallen weg, terwijl daar niets voor in de plaats komt. De landbouw vercommercialiseert en produceert voor de wereldmarkt, zodat de bevolking niets meer te eten heeft. De goed bedoelende ontwikkelingswerkers richten zo in onvnjwillige samenwerking met de moderne vanant van het Internationale Grootkapitaal de Derde Wereld ten gronde. Ergo: stop met de hulp, want die maakt alles alleen maar erger. De Waart ziet het allemaal niet zo somber. Dergelijke effecten zijn hem tijdens de impact-studie niet opgevallen. "Ik denk niet dat je kunt beweren dat de MFO'S met hun toch bescheiden budget een afhankelijkheidsrelatie in stand houden." Integendeel: de MFO'S leveren juist een bijdrage aan bijvoorbeeld de groeiende democratische golf in de Derde Wereld. Toch moet er op de afhankelijkheid gelet worden. De Waart noemt dat zelfs 'de belangrijkste boodschap van het rapport': "We zeggen tegen de MFO'S: jullie letten er helemaal niet op en de organisaties in de Derde Wereld blijven gewoontegetrouw leunen op buitenlands geld. Die organisaties zouden meer resultaat boeken als ze ook zelf geld verdienen.»

Ingezonden Mededeling

Dies Natalis Vrije Universiteit Maandag 21 oktober 1991 Het College van Dekanen nodigt personeel en studenten uit tot het bijwonen van zijn plechtige openbare zitting ter herdenking van de 111e stichtingsdag van de Vrije Universiteit. De bijeenkomst wordt gehouden op maandag 21 oktober a.s. in de aula van het hoofdgebouw. Aanvang: 15.30 uur. De diesrede wordt uitgesproken door dr. H.F. Vugts, hoogleraar micrometeorologie aan de Faculteit der Aardwetenschappen onder de titel 'Klimaatverandering, mag het een graadje meer zijn?' O.m. gaat dr. Vugts in op vragen als 'In hoeverre Is het broeikaseffect een echt probleem en is de stijging van de zeespiegel een serieuze zaak?'. Voorafgaand aan de openbare zitting wordt een gebedsdienst gehouden. Aanvang: 13.00 uur. Voorganger: universiteitspastor ds. S.A. Boonstra.

Ad Valvas Is het redactioneel onafhankelijke weekblad van de Vrije Universiteit. Redactie-adres: De Boelelaan 1105 (bezoek)/ 1107 (post), 1081 HV Amsterdam, tel 020 548 4330 b g g 548 6930, 548 4325, 548 4397 Fax-nummer: 020 661 2791 onder vermelding van Redactie Ad Valvas' Redactiekamers: OD 0 1 , OD 03 en OD 09, Hoofdge bouv; VtJ Redactie: Tom de Greef (hoofdredacteur) Frank van Kolfschooten, Martin Enserink, Harmkevan Rossen (re dactie-assistente) Medewerkers: Diana Doomenbal, Erno Eskens, JanJaap Heij, Dirk de Hoog, Gert van Maanen, Koos Neu vel, Anne Pek Mark Plekker, Dick Roodenburg, Selma Schepel Arjan Spit Fotografen: Nico Boink en Sidney Vervuurt (beiden Audio Visueel Centrum VU), Bram de Hollander Tekenaar: Aad Meijer Zakelijke leiding: mr J L K van der Veen 1D04, Hoofdgebouw, tel 020 548 3096 Advertenties: opgeven bij Bureau Van Vliet b v , post bus 20, 2040 AA Zandvoort, tel 02507 14745, fax 02507 17680 Ook voor Adjes commercieel (zie pag 4) Overige Adjes redactie adres, advertenties van VU instanties opgeven op I D 04, Hoofdgeb ,tel 3096 Produktle: Drukkerij Dijkman, Amsterdam Toezending: per jaargang (of deel daarvan) f 40, Beta ling uitsluitend per acceptgirokaart, aan te vragen bij Bureau Pers en Voorlichting VU, tel 020 548 2671 Int.Standaard Serie Nummer: 0166 0098

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991

Ad Valvas | 614 Pagina's

Ad Valvas 1991-1992 - pagina 132

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991

Ad Valvas | 614 Pagina's