Ad Valvas 1991-1992 - pagina 505
AD VALVAS 29 APRIL 1992
PAGINA 7
Giechelig-gespannen snijden in lijlcen 'Na de eerste keer had ik 's avonds toch niet zo'n trek in kip'
"Si^vi^ Bij veel studierichtingen k rijge studenten de gelegenheid aan de praktijk te 'snuffelen'. Dit artik el is de eerste in een serie over verschillende practica binnen de Vrije Universiteit: de medicijnen studenten en hun snijpracticum.
Arjan Spit
Wat me direct treft is de massaliteit. In de snijzaal liggen zeker vijfentwintig stoffelijke oversc hotten, in zwart zeil gewikkeld. Rond de tafels drentelen groepjes studenten, bezig hun snijset jes gereed te maken. Sommigen zijn giechelig, de stemming is gespannen. Het practicum van het blok Orgaansys temen vormt voor deze eerstejaars ge neeskunde de eerste keer dat ze in de li chamen gaan snijden. Het is meteen flink mtensief: in tien middagen wordt door groepjes van vijf, zes studenten, onder leiding van een docent of stu dentassistent, de romp van een stoffe lijk overschot ontleed van tepel tot rug gegraat. Tijdens de vorige sessie heb ben de studenten de huid en het ve tweefsel verwijderd, vandaag is het spierweefsel van buik en borst aan de beurt. Doel van het practicum is de ligging van allerlei weefsels en organen ten op zichte van elkaar te zien en zo een drie dimensionaal beeld van de romp te knj gen. Daarin kan een atlas nu eenmaal niet voorzien. Volgens dr. L. Poliacu Prose, die het prac tic um van de vak groep anatomie c oördineert, verbruikt de vu jaarlijks ongeveer zeventig licha men. De mensen die hun lichaam ter beschikking van de wetenschap willen stellen, melden zich hiervoor spec iaal aan bij de medische faculteit. Volgens Poliacu Prose is er tot nu toe steeds voldoende aanbod. Wanneer een per soon overlijdt is het zaak het lic haam binnen 36 uur in het laboratorium te knjgen, zodat de ontbindingsproc essen gestopt kunnen worden, hierna wordt het gefixeerd of gebalsemd. Het lijk blijft vervolgens, om ziektekiemen uit te schakelen, tien tot twaalf maanden in de koeling voordat het gebruikt wordt. "De lichamen zijn uiteindelijk sterieler dan de studenten zelf," zegt Poliacu Prose.
Objecten Nee, ik heb geen studenten zien flauw vallen. En bij mezelf verdwijnt het lich te gevoel in mijn hoofd dat ik in het begin even heb, ook al snel. De meeste
'Het is toch niet normaal dat je zomaar in mensen snijcit?'
studenten die ik spreek zeggen het snij den ook niet echt eng te vinden. Als reden dragen ze aan dat er een enorme afstand is tot de lichamen: het gaat hier om objecten, niet meer om menselijke wezens. Tot die afstandelijke houding draagt zeker bi) dat de hoofden van de lichamen zijn afgedekt, evenals in de meeste gevallen het onderlic haam. De kleuren van de lichamen dragen ook niets levends meer uit: het is allemaal even grauw. De huid is grijsgelig, soms tegen het bruine aan, de spieren heb ben een stoffige, vaalrode kleur. Maar bovenal is er gewoon weinig tijd voor emotionele bespiegelingen: de studen ten zijn daarvoor veel te druk met snij den en enthousiast als ze weer een of andere vene of een bepaald soort spier weefsel hebben gevonden. Zorgvuldig wordt dit weggesneden, waarna het ver dwijnt in de speciale afvalbakken die later naar een centrale landelijke ver brandingsoven worden afgevoerd.
Zakelijk Zelfs binnen deze zakelijke opzet, zijn er duidelijk versc hillen tussen de lijken. Sommige zijn broodmager, andere enorm dik, zodat de studenten in de vorige sessie een hoop vetweefsel weg hebben moeten halen. Hoeveel dat was is bij enkele lijken nog goed te zien aan
de navel die als een kleine Tafelberg op een laag vet van enige c entimeters boven de buikspieren uitsteekt. Verder zijn de armen die naast de rompen lig gen stille getuigen van het leven dat deze lichamen hebben geleid. Sommige zijn gespierd met grote stevige handen, andere juist heel fragiel en met gebogen reumavingers. "Het lijkt net of ze met die hand nog een tasje vasthoudt", hoor ik een student zeggen. Ook de ziektegeschiedenissen laten hun sporen achter: bij een man die een openhart operatie heeft ondergaan zijn bijvoorbeeld heel duidelijk de krammen in het borstbeen te zien. En Poliac u Prose laat zijn studenten bij een door gesneden borst zien dat zich daar hard weefsel bevindt: het begin van een tumor. Ter informatie heeft elk stoffe lijk overschot een kaartje met een be knopte ziektegeschiedenis. Zo ligt op de tafel van Corrie, die door haar groepje maar even als woordvoerster benoemd wordt omdat ze toch even niets te snij den heeft, een magere man die flink aan de alcohol was. "Als je er zo even naast staat moet ik er wel aandenken dat dit een mens is geweest, en dat maakt het veel moeilijker. Maar als je zelf bezig bent heb je dat idee toch niet dan bekijk je het tamelijk zakelijk. Maar het is wel vrij vies."
Foto NICO Boink, AVCAU
Juist dan duvrt de studentassistente op de borstkas, waardoor een duidelijk hoorbaar gepruttel opklinkt. Mijn maag deelt mee dat er ook voor haar grenzen zijn. Zij heeft het af en toe toch al zwaar te verduren vanwege de lucht. Stank is een te zwaar woord voor de opstijgende formalinedampen, het is eerder een weeë, zoetige walm. Op den duur is die zo doordringend dat ik het nog dagen later op de meest vreemde momenten meen te ruiken. De studentassistenten vormen voor de eerstejaars een onverschrokken hou vast wanneer er weer een barrière geno men moet worden in het ondedingspro ces. Ze hebben veel kennis van zaken, wijzen er voortdurend op dat zich hier de overgang bevindt van spier zus naar weefsel zo en beantwoorden vele vragen van de over het algemeen vrij leergie rige studenten. Lieke, vierdejaars stu dente, noemt naast de bijverdienste als voornaamste motivatie dat zo haar ana tomiekermis ook weer opgefrist wordt. "Normaal krijg je dit maar één keer tij dens je studie te zien, nu veel vaker en intensiever door de uitgebreide voorbe reiding op het prac tic um." Ook de studenten zijn enthousiast over wat ze allemaal leren van dit practicum. "Het zit allemaal toch veel c omplexer in elkaar dan je op een plaatje kan
zien." Maar het gaat niemand in de koude kleren zitten. Wellinda denkt dat ze het nu wel redelijk snel van zich af kan zetten, "maar na de eerste keer had ik 's avonds toch niet zo'n trgk in kip." Ik ben zelf ook erg blij dat ik inkopen heb gedaan voor een maaltijd zonder vlees. De spieren die worden weggesne den vertonen daarvoor toch ec ht te veel gelijkenis met een bieflapje. Candida bekent dat ze tegen het hele practicum behoorlijk wat weerstand heeft: "Het is toch niet normaal dat je zomaar in mensen snijdt daar heb ik wel veel moeite mee en dat went ook nog met. Zelf zou ik nooit mijn lijf ter beschikking van de wetenschap stellen, nu ik weet wat er mee gedaan wordt. Je leert er veel van, maar ik kan dit echt niet snel van me afzetten." Als het practicum is afgelopen worden alle lichamen weer afgedekt met het zeil en naar de lift van de koeling gereden. Daar staan ze dan weer: zwarte pakket jes, met de onmiskenbare vormen van menselijke lic hamen. Een unheitmsch gevoel overvalt me bij het zien van deze body-sacks. Nu het wetensc happelijk onderwijs zic h heeft teruggetrokken, is de dood ineens uitdrukkelijk aanwezig. Eenmaal buiten begeef ik me direct naar het café: ik heb dringend behoefte aan bier, shag, en gezellige drukte.
Dogmaticus Berkouwer neemt eerste exemplaar jubileumboek Theologie in ontvangst "Gereformeerd gold lange jaren als een moeilijk gel oof, dit in tegenstel ling tot katholiek, wat een gemak kelijk geloof heette te zijn. Het cri terium lag bij de vraag hoeveel je mocht en hoeveel je niet mocht. Gereformeerden hadden de naam een moraUstisch volkje te zijn." Deze treffende openingszin staat in het artik el van prof. Van Egmond, dogmaticus aan de vu, Een span nend l even: gereformeerden van 1892 tot 1992. En dit artikel maak t weer deel uit van het boek 100 jaar theologie. Aspecten van een eeutu theologie in de Gereformeerde Ker ken in Nederl and (18921992). Aanstaande zomer is er dus een eeuwfeest te vieren. Als opmaat voor het feest werd vorige week het'
blikatie van de Vrije Universiteit als eerste exemplaar van het boek uit zodanig, maar wel een boek dat ge gereikt aan de hoogbejaarde prof. schreven is door theologen die aan Berkouwer, de vermaarde dogma deze universiteit een opleiding heb ticus die jarenlang aan de vu do ben genoten of hier werkzaam zijn ceerde. Hij kreeg het van de redac teur dr. M.E. Brink man. "Zoals het of zijn geweest." (TdG) rondom veriaardagen van personen Dr M E Brinkma n (red ) 100 jaar theologie Aspecten soms aardig is nog eens de oude van een eeuw theologie in de Gereformeerde Kerken m Nederland (1892 1992), Uitgeverij Kok. Ka mpen ƒ schoenendoos met foto's te voor schijn te halen en het huidige aan gezicht van de jarige te vergelijk en met vroegere, zo treft u in dit boek ook enig vergelijkingsmateriaal met vroeger aan." Zo wist de redacteur het boekwerk te positioneren. Dr. Jan de Bruijn, directeur van het Historisch Documentatiecen trum voor het Nederlandse Prote stantisme, traceerde de auteurs van 'het'boek feüloos: *'Hetis geen pa* *'*
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991
Ad Valvas | 614 Pagina's