Ad Valvas 1992-1993 - pagina 63
2
PAGINA 1 1
AD VALVAS 1 0 SEPTEMBER 1 9 9 2 I
Vooral politici in kleinere gemeenten snel in verleiding l'We weten bedroevend weinig over de omvang en de werking van bestuurlijke criminaliteit' Icorruptie en bedrog in het |openbaar bestuur zijn in Nederland minder uitzonderlijl< dan men wel denkt. De politicoloog dr. |L. Huberts meent met zijn |deze week gepresenteerd e londerzoek een topje van leen criminele ijsberg te Ihebben opgespoord. Vooral gemeentelijke afd elingen voor financiën, sociale zaken en burgerzaken zijn fraudegevoelig, met de bouw- en woningdiensten voorop.
1
Frank van Kolfschooten
II
Als een ambtenaar of politicus In Ne derland betrapt wordt op corruptie of bedrog zorgt dat steevast voor een fikse rel. Er zijn de afgelopen tien jaar een aantal geruchtmakende zaken geweest, zoals die van de Rotterdamse ambte naar die tussen 1984 en 1987 8,2 mil joen gulden naar zijn eigen rekening doorsluisde via de computer op zijn bu reau. Veel opzien baarde ook de affaire van vier Utrechtse gemeenteambtena ren die sociale huurwoningen toewezen aan woningzoekenden die bereid waren vijfduizend gulden bemiddelingskosten te betalen. Weinig Nederlanders zullen door der gelijke affaires echter de indruk hebben gekregen dat het openbaar bestuur in Nederland door en door verrot is. Het zijn incidenten, zo is men geneigd te denken, en Italiaanse toestanden be staan hier niet. Nu dachten Nederland se criminologen vijf jaar geleden ook nog dat criminele misdaadorganisaties met maffiaachtige vertakkingen m Ne derland niet voorkwamen. Het speur werk naar de organisatie van de Neder landse 'maffiabaas' K laas Bruinsma alias 'De dominee', door Parooljour nalist Bart Middelburg, heeft echter laten zien dat het tegendeel het geval is. Bestrijding van 'Big Crime' staat in middels hoog op de politieke agenda.
andering in gekomen. Huberts verzond een enquête naar 107 gemeentesecreta rissen. Zijn veronderstelling was dat se rieuze gevallen van corruptie en bedrog in elk geval bekend zullen zijn bij deze fiinctionanssen. In totaal 82 van de se cretarissen reageerden; een ongekend hoge respons, die mede in de hand zal zijn gewerkt door Huberts garantie dat de resultaten anoniem zouden blijven. De 82 secretarissen kenden uit hun ge hele carrière in totaal 127 voorbeelden van werkelijke en vermeende gevallen van corruptie (60) en fraude (67). In 105 gevallen ging het om ambtenaren, in 22 om politici. In de grotere ge meenten was het criminele gedrag vrij wel geheel toe te schrijven aan ambte naren, in gemeenten met minder dan 25.000 inwoners wilden de politici zich ook nog wel eens laten verleiden tot het aannemen van steekpenningen of het doen van een greep in de gemeentekas.
Geschenken Huberts trekt in twijfel of de doorsnee politicus minder corrupt of frauduleus is dan de doorsnee ambtenaar. Ten eer ste zijn er veel meer ambtenaren dan politici. Verder zijn er aanwijzingen dat politici hun grenzen soms wel erg ruim trekken als het gaat om het aannemen van geschenken. Tot ergernis van hun ambtenaren zouden ze door hun macht echter gemakkelijker buiten schot kun nen blijven. "Wie met ambtenaren praat, hoort steeds weer de anekdotes die deze veronderstelling staven. De plantsoenendienst die de tuin van de wethouder verzorgt, de dienstauto die wordt gebruikt voor nachtelijke uitstap
jes van de burgemeester; het dankzij de bevriende zakenman op de eerste rij zit ten bij concert op sportevenement, de wel erg uitzinnige kerstpakketten van de aannemer voor het college." Hu berts haast zich hieraan toe te voegen dat dergelijke anekdotes geen duidelijke conclusies toelaten. Uit de reacties van de gemeentesecreta rissen blijkt verder dat vrijwel geen enkel onderdeel van de gemeentelijke organisaties ontkomt aan fraude of cor ruptie. De brandweer, de stadsdrukke rij, de dienst sport en recreatie, ze wer den alle genoemd in de steekproef. De koplopers waren echter de sectoren 'Al gemene en Burgerzaken' en 'Bouwen en Wonen', waaronder de openbare werken, de ruimtelijke ordening en de volkshuisvesting vallen.
Vermeend Huberts heeft zijn cijfers omgerekend en daaruit conclusies getrokken over de omvang van dit probleem in geheel Ne derland. Hij denkt dat Nederlandse ge meenten ongeveer honderd keer per jaar te maken krijgen met een nieuw geval van corruptie of fraude. Als bo vendien wordt aangenomen dat andere overheidsorganisaties zoals de departe menten, de onderwijssector en de poli tie gemiddeld in ongeveer gelijke mate door fraude en corruptie getroffen wor den, dan komt het jaarlijks aantal op naar schatting 367 zaken. Dit zijn ove rigens werkelijke én vermeende geval len. Huberts: "In lang niet alle gevallen leidt de bemoeienis van het politieke of ambtelijke management tot het inscha kelen van politie en justitie; 65 procent
van de gevallen blijkt werkelijk, in de zin dat het management ervan over tuigd IS dat er fraude of corruptie in het geding was. Die werkelijke gevallen worden meestal intern afgehandeld." Volgens de onderzoeker komt politie en justitie er maar in ongeveer de helft (110) van de gevallen aan te pas. Dit resultaat komt overigens niet overeen met een vorig jaar gepubliceerd onder zoek van B.J.S. Hoetjes. Die stelde dat het aantal strafzaken wegens bestuurlij ke corruptie in Nederland jaarlijks ge middeld negentien is en slechts tot een zestal veroordelingen leidt.
Ernstig De vraag is dan ook hoe ernstig het ver schijnsel werkelijk is. Het onderzoek biedt wat dat betreft volgens Huberts voor elk wat wils: "De kruisvaarders tegen de 'paalworm die in de pijlers van onze samenleving huist' zullen erop wijzen dat 367 gevallen betekent dat zich dagindaguit nieuwe gevallen van corruptie en fraude voordoen en dat die omvang om ingrijpende maatregelen vraagt. Precies omgekeerd, zullen de politici en ambtenaren die het ver schijnsel altijd al bagatelliseerden, er voor waarschuwen dat de verhoudingen niet uit het oog verloren moeten wor den: 240 werkelijke gevallen op 763.000 personeelsleden, een verwaar loosbaar percentage." Huberts is overigens de eerste om de waarde van zijn werk te relativeren: "Het vuonderzoek is zeker waardevol, in het land der blinden is éénoog ko ning, maar al met al weten we bedroe vend weinig over de precieze omvang
en werking van bestuurlijke criminali teit." Of er nu wel of niet veel veroordelingen wegens corruptie en fraude plaatsvin den doet er volgens hem niet eens zo veel toe, omdat bestuurlijk laakbaar ge drag het vertrouwen in de grondslagen van de democratie aantast. "Dat gege ven maakte bestuurlijke criminaliteit tot een ernstig verschijnsel, zelfs onafhan kelijk van de precieze feitelijke om vang," aldus Huberts. Onverschilligheid tegenover het 'cor ruptievirus' getuigt volgens Huberts van onverantwoordelijk gedrag. Erva ringen in andere landen hebben uitge wezen dat "de zieke patiënt dan alleen nog met zeer ingrijpende middelen te genezen is." Navolging van het voor beeld van Hong Kong bij de corruptie bestrijding gaat Huberts vooralsnog te ver. In dat land bestaat sinds 1974 de Independent Commission Against Cor ruption (ICAC), een van het openbaar bestuur onafliankelijk orgaan met een begroting van 62 miljoen gulden en 1200 medewerkers. De ICAC bestrijdt
corruptie door het onderzoeken van klachten van burgers, het vervolgen van verdachten en preventieve activiteiten en voorlichting onder de bevolking. Een deel van deze taken wordt in Ne derland uitgevoerd door de Nationale Ombudsman, maar qua bevoegdheden, budget en apparaat is deze instelling in de verste verten niet te vergelijken met het ICAC.
Donderdag 10 september wordt naar aanleiding van dit onderzoek in het Auditorium van de vu van 13 30-17 00 uur een conferentie gehouden.
Overheid Dat de overheid aanzienlijk minder aandacht besteedt aan corruptie (bij ; voorbeeld steekpenningen aannemen [ van derden voor het verlenen van dien sten) en fraude (geen derden in het I spel) binnen eigen kring, tenzij daartoe : aangespoord door bijvoorbeeld het par lement, hoeft geen verbazing te wek 1 ken. Organisaties hebben meestal wei nig behoefte de hand in eigen boezem te steken, zaken als management review ten spijt. Tot nu toe bestond ook geen onderzoek waaruit bleek dat de over heid hoognodig haar fraude en corrup I tiebestendigheid moet vaststellen. Door een onderzoek van de politicoloog dr. ! L.W.J.C. Huberts is daar wellicht ver Frank Steenkamp
Duitse en Nederlandse economen scoren hoger dan Engelse collega
De Nederlandse econoom haalt glo baal hetzelfde niveau als zijn Duitse collega. Engelse 'bachelors' m e t hun driejarige opleiding kunnen en weten echter te weinig voor een professionele econoom. D a t blijkt uit een proe^roject voor studiever gelijkingj uitgevoerd in opdracht van minister Ritzen. Maar de be trokken onderzoekers hebben h u n twijfels of de proef een succes was. Ze vinden hem zelf tamelijk grof.
de in ons land gangbare visitatieaan pak waarbij een reeks opleidingen apart bestudeerd en bezocht wordt, is tijdro vend en duur. Daarom deed het
|De minister zoekt een handzame me jthode voor internationale studieverge jlijking. Met zulke vergelijkingen zou Iveel onenigheid over de benodigde stu Idieduur en de waarde van onze univer Isitaire diploma's op te lossen zijn. Maar
proef met een andere aanpak: laat een groep experts op grond van vooraf ver zamelde informatie in enkele dagen een oordeel vellen op nationaal niveau. De aanpak werd voorbereid en geëvalueerd door enkele onderwijskundigen.
I4
Foto Bram de Hollander
'Wie met ambtenaren praat, hoort steeds weer anekdotes over fraude'
Proefjproject studievergelijking te grof
Twentse studiecentrum CSHOB een
De op 20 augustus verschenen peer re view levert een globaal en vrij voorspel baar overzicht. Inhoudelijk blijken de kernvakken van de economiestudie in de drie landen goed overeen te komen. Maar de Duitse en Nederlandse studie gaat dieper, bevat meer wiskunde en statistiek en is meer gericht op het leve ren van zelfstandige professionals dan de Engelse opleiding. Dat laatste kon moeilijk anders: zowel de vooroplei
dingseisen en de studieduur als de in tensiteit van het studieprogramma zijn in Engeland lichter. Wie professional wil worden volgt de zwaardere vierjari ge mastersstudie.
Peer review Had het dan wel zin om de driejarige bachelors in Engeland wel geldend als volledige studie, maar op het Euro pese vasteland als onaffe opleiding ge
zien te vergelijken met de voltooide Nederlandse doctorandus en Duitse diplomstudie? Ook de experts hebben zich die vraag gesteld, maar de keus was toen al gemaakt en een halfvol tooid experiment is nog minder waard, blijkt de doorslaggevende overweging. Uit het begeleidende rapport spreekt echter een nog fundamenteler twijfel bij de gekozen aanpak. Schrijvend over de ervaringen van de peers, zeggen de Twentse onderzoekers: "Als er een ding tijdens de peer review duidelijk werd, is het dat verschillen binnen de landen zo groot zijn dat het moeilijk is om het landelijke niveau (..) als basis te gebruiken voor vergelijking." Het juiste niveau voor vergelijking zou daarom eerder dat van de individuele studierichting zijn, aldus de rappor teurs. Voor minister Ritzen geeft dat stof tot nadenken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1992
Ad Valvas | 554 Pagina's