Ad Valvas 1992-1993 - pagina 73
AD VALVAS 17 SEPTEMBER 1992 I
PAGINA 5
Twee eeuwen jeugdtijdschriften; interessant en nostalgisch Achtergronden en motieven van opvoeders blijven onderbelicht 'Voor de lieve kleinen' heet het proefschrift van Marjoke Rietveld van Wingerden, waarop ze op 17 september pro mo veert tot pedago gisch do cto r. Een wetenschappelijk verantwoorde inventarisatie van een kleine tweehonderd jaar aan jeugdtijdschriften. Daarnaast is het gewoon een heel leuk bo ek voor wie belangstelling heeft voor uithoeken van de geschiedenis. En een bron van nostalgie voor wie zich lam schrikt als hij per ongeluk ro nd zeven uur 's avonds de televisie aanzet, en zich realiseert waar onze huidige 'lieve kleinen' mee grootgebracht worden.
beschreven, en niet in bescherming ge nomen. Zigeuners waren dieven en kin derrovers, "verraderlijk, lafhartig, wreed en wraakgierig van aard. Zij be zitten weinig of geen godsdienst, en hunne taal zelf bevat geen enkel woord dat 'God', 'de ziel' of 'onsterfelijkheid' zou kunnen uitdrukken". Rond 'Voor de lieve kleinen' is veel bi bliografisch zoekwerk verricht, ook bui ten de officiële documentatie om, omdat de naslagwerken op het gebied van het jeugdtijdschrift grote leemten vertonen. Een van de stellingen luidt dan ook dat centrale registratie van aanwezige oude kinderboeken en tijd schriften bij bibliotheken en archieven de komende jaren voorrang verdient boven de aanschaf van zeldzame en kostbare oude kinderliteratuur. Ondanks het speurwerk is deze studie, al bestrijkt ze ruim 250 jeugdbladen, nog niet compleet. En hoewel het boek namen aan de vergetelheid ontrukt die ooit toonaangevend waren in de kinder wereld, zoals Rie Cramer en Nelly Bo denheim, blijven de persoonlijkheden van de dames en heren opvoeders, en h u n achtergronden en motieven onder belicht.
t^*^'^^
Een vervolgstudie zal er wel komen want het beeld dat oprijst uit illustraties en citaten hoe de pedagogische be doelingen en het ideale kindbeeld in tweehonderd jaar veranderd, of juist hetzelfde gebleven zijn moet enorm leerzaam zijn voor pedagogen. Want welk effect hebben de praatjes die opvoedende volwassenen over kinderen uitstrooien eigenlijk? D e toenmalige intentie van de vaak vrome uitgevers en schrijvers kinderen tot redelijke, nietegoïstische mensen op te voeden blijkt nog steeds te leven. Onderwijzers van tegenwoordig geven lessen over milieuvervuiling, zee hondenjacht, bioindustrie en andere maatschappelijke tophits in de hoop dat de kinderen daar later een volwassen verantwoordelijkheidsgevoel aan over houden, en geen olielozer of dierenpes ter worden.
Selma ScKepel In 1757 verscheen het eerste, nog ver taalde jeugdtijdschrift op de Neder landse markt. Rietvelds studie eindigt bij het )aartal 1942 omdat de meeste tijdschriften toen ophielden te bestaan vanwege de Duitse censuur, hoewel ook papierschaarste een rol speelde bij deze teloorgang. Slechts een enkel tijd schrift, zoals Robbedoes, ging in kleiner formaat ondergronds. De jeugdbladcultuur ontstond in acht tiende eeuw door het klimaat van de Verlichting. Met de nadruk op spelend leren werd van het kind via anekdotes, plaatjes, raadsels en dialogen meer een deelnemer aan de opvoeding gemaakt dan slechts het voorwerp van. Dat wil zeggen, van de kinderen die konden lezen, want het overgrote deel was nog, net als hun ouders, analfabeet en arbei der. De verheffing van die groep werd pas een laat negentiende eeuwse, begin twintigste eeuwse zaak. De eerste jeugdtijdschriften waren in feite verkleiningsvormen van een schrif telijk soort zendingsdrang die onder volwassenen ontstond. Grote mensen bombardeerden elkaar met periodieke traktaatjes ter uitbreiding van kennis, ter vergroting van het inzicht in de na tuur en last hut not least om mededelin gen te doen over God en deugdzame levenswandel. 'Voor de lieve kleinen' behandelt de jeugdtijdschriften chronologisch en naar een scala van categorieën, waarvan de meeste op zichzelf een aparte studie waard zijn. De kinderziel blijkt bij uit stek de plek geweest te zijn om propa ganda te maken voor het ideaal van de eigen zuil of stand. Ieder had zijn eigen
De wapenwedloop aanschouwelijk voorgesteld in een nummer van 'De jeugd en de wereldvrede' uit 1932
Goedwillendheid
belang uit te dragen, getuige titels als 'De zelateur', 'Ons missievriendje', 'De Jonge K ameraad' en 'Blijde boodschap voor de jeugd'. Gij zijt knopjes nauw ont loken, Nu nog tenger, t eer en klein; Wordt eens schone, zachte roozen, door zoo veler vreugd t e zijn
Bijgaande illustratie uit 'De jeugd en wereldvrede' (5 november 1932) toont dat zulke goedwillendheid niet nieuw is. Maar wat heeft de jeugd die destijds zo stichtelijk benaderd is met die kennis gedaan? Ze maakten met elkaar als sol daat, collaborateur of slachtoffer de Tweede Wereldoorlog en werden daar na verantwoordelijk voor de wapenwed loop tijdens de koude oorlog die de wa penwedloop waar ze in 1932 voor ge waarschuwd werden tot in het bizarre overtrof. Naar het beklijven van brave lessen kan misschien ook nog eens een vervolgon derzoek gedaan worden. Opvoeding is niets anders dan pogin gen van het primitieve beest, dat de mens van nature is, een wezen te maken dat op z'n minst begrijpt wat be tekent: 'wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook aan een ander niet'. Een vluchtige blik op het dagelijkse nieuws leert helaas dat grote delen van de mensheid nog steeds niet tot dat een voudigste inzicht gebracht zijn. Of zul len door Donald Duck of Sesamstraat betere mensen gebakken worden dan door 'Godsdienstige traktaatjes voor jonge lieden uit den beschaafden stand'?
Slijmerig Veel voorbeelden die Marjoke Rietveld aanhaalt uit vorige eeuwen komen op de lezer anno 1992 onwaarachtig, meestal zelfs slijmerig over, maar daar om zijn ze natuurlijk juist enig om te lezen. D e pedagoog die in 1881 meisjes vergeleek met 'Lelie en rozeknoppen' zou daverend uitgelachen worden door het hedendaagse Madonnapubliek. Bo vengenoemd versje komt uit een speci aal meisjest'jdschrift. Een splitsing naar sekse ontstond aan het eind van de negentiende eeuw van uit de gedachte dat jongens en meisjes verschillend benaderd moesten worden vanwege hun verschillende toekomstige plaats in de maatschappij. Maar er was ook een splitsing naar stand: bladen die zich op 'beschaafdere' kinderen richtten, waren vaak duurder of schreven voor meisjes meer over
"Aio's vu behoren tot de toptwee" kopte Ad Val vas. Dat is typisch vu: We behoren niet tot de topeen, niet tot de topdrie, nee, de vu behoort tot de toptwee. De top2! Dat is het weer net niet. Het blijft hikken. En waarmee haalden we de top2? Met het rende ment Aio's. Jawel, de v u scoort hoog waar het gaat om Aio's vasthouden. Bravo! Wat betekent dit? Dat vuAio's te stom zijn om een beter be taalde baan te krijgen? Inderdaad. Want het gaat niet om de kwaliteit van het onder zoek, nee, het gaat om de aantallen Aio's die blij ven en braaf doen wat ze opgedragen is: promove ren. vuAio's verdienen niet beter. Jammer dat Aio's zo slecht te herkennen zijn, anders hadden ze mooi op de tram gepast: onder het kopje 'scha pen'. Want de vu, zo leert de tram, gaat met haar tijd ftiee. Sterker nog, ze laat zich zelfs door haar vra gen! (Dat gaat heel ver: deze tijd hoeft maar met haar vingers te knippen, en de vu past haar roos ters aan: het academisch kwartier bestaat hier niet
algemene ontwikkeling dan over koken en andere huishoudelijke akkefietjes. Een meisje uit de beter stand hoefde ten slotte niet zelf het huishouden doen, maar moest wel in staat zijn als gastvrouw een zinnig praatje te maken. Rond de eeuwwisseling klonken er wel iswaar dappere maar zwakke emancipa tiegeluiden in de meisjestijdschriften door, maar die verdwenen na de invoe ring van het vrouwenkiesrecht. 'k Had eens in st ilt e kwaad gedaan en was vol angst naar bed gegaan; maar t oen ik 't zeggen wilde aan Moe was het te laat, de deur ging t oe... Oudere 'fijn' opgevoede lezers zullen afhankelijk van hun jeugdherinneringen met plezier of walging de hoofdstukken over christelijke jeugdbladen of gewe tensvorming lezen. Een constante sub tiele maar soms ook botte hersenspoe ling betreffende de gruwelijke gevolgen van ondeugdzaamheid stroomde over de hopelijk bevattelijke lezertjes heen. D e moraal, en de manier waarop deze gepresenteerd werd, was meestal zeer eenvoudig. Het ging via zwartwit ver haaltjes rond een vrome en een losban dige broer, of een ijverig en een lui vriendinnetje om gehoorzaamheid aan de ouders en aan God.
IVIargot van iVlulkeii
Scha-pen meer. D e tijd hoeft maar een tonnetje rood te staan, en de vu zet haar hoogleraren in de ijskast. Deze tijd hoeft zich maar even te vervelen, en de nonostudies schieten als paddestoelen uit de vu.) De vu mag dan wel haar roze neonverlichting van de gevel hebben gehaald, de manier waarop onze Alma Mater zich verkoopt aan de tijd geeft
Prachtig, maar nu bijna niet meer in voelbaar zijn de 'exempelen' die halver wege de vorige eeuw uit de mode raak ten. Verhalen over kinderen die blijkens het vermelden van geboorte en sterfda ta echt geleefd hadden en wier geloof een voorbeeld moest zijn. Ondanks ern stig li)den en jeugdig sterven, bleven zij zich als zuivere christenmensjes gedra gen. D e uitgevers schuwden beeldende beschrijvingen en illustraties van uitge teerde kopjes niet. Rinklend met een handvol geld, is hij t uk op winst. Arme Jood! uw goud versmelt , stelt teleur op 't minst
Schokkend Een openbaring en enigszins schokkend is het te lezen met welke oordelen en vooroordelen ten aanzien van de afwij kende medemens ons voorgeslacht werd opgevoed. Het bovengenoemde gedicht, dat duidelijk maakt dat de joden veroordeeld zijn omdat zij blind en ongelovig de Messias vermoord heb ben, gaat verder met de vermaning dat men 'de Jood' niet uit moet schelden, maar voor hem moet bidden, hem het woord van God = Jezus brengen. Zi geuners, woonwagenbewoners en ker mis en circuslui worden nog negatiever
haar toch iets van een moderne callgirl. Of eigen lijk: van een goedkoop playback groepje. De tijd zingt een deuntje en de vu beweegt net iets te langzaam haar lipjes mee. Goed voor een tweede prijs bij Henny Huisman. Het is maar aan welke wedstrijd je wilt meedoen. N u heb ik op school geleerd dat je twee soorten tijd hebt. De tijd van het geld en de tijd van de kerk. De tijd van de kerk heerste in de Middeleeu wen, de tijd van het geld geldt smds de reformatie. De tijd van het geld heeft een prijs, de tijd van de kerk heeft een duur. In de tijd van het geld gaat het om kwantiteit, in de tijd van de kerk om kwali teit. In de tijd van het geld is iets na vier jaar af en in de tijd van de kerk is iets pas af als het af is. Ik ben een melancholica, dat weet ik; alles was al tijd beter in de Middeleeuwen. Je zat erin en je wist het niet. Niet wanneer het begon en niet wanneer het afliep. Je was onschuldig. Als je tijd gekomen was, dan stond er een man voor de deur. Met een zeis. Dan was het afgelopen en dan begon het pas: het tijdelijke werd ingeruild voor de eeuwigheid.
En een voorschot op de tijd nemen was uit den boze, kwam neer op woeker. Je mocht je toekomst met belenen. Tijd was van God, daar bleef je met je vingers van af. Tijd mocht niet verkocht wor den, en zeker niet voor vier jaar verhuurd. Ik heb heimwee naar de tijd van de kerk. We had den nooit uit de Middeleeuwen moeten stappen. Denken was nog niet altijd doen, de klok tikte niet maar sloeg en tijd was altijd. Maar deze tijd vraagt om een Vrije Universiteit, en dat mag heel bijzonder heten. De eeuwigheid bestaat niet meer, de man heeft zijn zeis verkocht aan de polikliniek en de tijd is aapnootmiezerig geworden. Nee, mijn proefschrift is nog niet af. Natuurlijk niet. Wat ben ik toch een schaap. Ik kom net iets te langzaam over de dam en weet nog steeds niet in welke wedstrijd ik eigenlijk mee doe. Maar het leven zit vol tweede prijzen. Misschien dat het nog ergens lukt. Margot van Mulken was van mei 1988 tot juli 1992 Aio bij de sectie trans van de vu, op het ogenblik werkt zij bij dezelfde sectie als toege voegd docent
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1992
Ad Valvas | 554 Pagina's