Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1992-1993 - pagina 242

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1992-1993 - pagina 242

9 minuten leestijd

I AD VALVAS 10 DECEMBER 1992

PAGINA 8 I

Van wereldverbeteraar tot dienstverlener Wetenschapswinkel: 'Allerlei organisaties hebben de weg naar de universiteit gevonden' Onlangs vierde de Weten­ schapswinkel van de vu haar tienjarig bestaan. Ooit opgericht om de wereld te verbeteren en het kritisch bewustzijn van de weten­ schap te vergroten, heeft ze zich ontwikkeld tot een professionele dienstverle­ ner. De medewerkers van ^ de winkel vinden niet dat ze daardoor hun bestaans­ recht hebben verloren.

Jan­Jaap Heij

Een tweetal decennia geleden vonden studenten dat het universitaire onder­ wijs en onderzoek meer maatschappelij­ ke relevantie moest krijgen. De weten­ schappers in hun ivoren toren moesten zich meer bezig houden met vraagstuk­ ken als armoede, discriminatie en mi­ lieuvervuiling. Studenten zouden in hun onderwijs meer moeten leren over de samenleving buiten de universiteit. Van de vele initiatieven die de studen­ ten namen om dit ideaal te verwezenlij­ ken ­ studieverenigingen, leesclubjes en eindeloze plenaire vergaderingen met het wetenschappelijke personeel ­ heb­ ben alleen de zogenaamde weten­ schapswinkels de tand des tijds door­ staan. De bedoeling van deze winkels, waarvan de eerste aan het eind van de jaren zeventig aan de Universiteit van Amsterdam werd opgezet, was tweele­ dig, aldus drs. H.B. Teng, coordinator van de centrale wetenschapswinkel van de vu. "Organisaties die normaal ge­ sproken geen toegang hadden tot de universiteit, zoals de vakbeweging en de milieubeweging, moesten meer gaan profiteren van de bijdrage die de weten­ schap aan hun maatschappij­kritische activiteiten kan leveren. Bovendien hadden de wetenschapswinkels een in­ terne functie. Wetenschappers en stu­ denten zouden zich door het werk van de winkels meer bevsoist moeten wor­ den van maatschappelijke vraagstuk­ ken." Aan de vu toonden in den beginne de scheikunde­ en biologiefaculteit zich

Het voorstel van minister Ritzen om 'rijke' ouders aan de basisbeurs van hun studerende kinderen te laten bijdragen, is helemaal niet zo nieuw als het lijkt. Ritzen had zo'n systeem liefst al eerder ingevoerd. Maar tot nog toe drukte een erfenis uit de jaren '60 nog te veel een stempel op de discussie over de studiefinanciering.

Pieter Eve ein

Het CDA-kamerlid Lansink voorspelde het al, in het voorjaar van 1990: de studiefinanciering wordt onbetaalbaar als minister Ritzen de massale toestroom van studenten niet kan stoppen. De basisbeurs moet dan fors omlaag. De lagere inkomens zou je vervolgens een aanvullende beurs moeten geven, terwijl de studenten uit de hogere en middeninkomens weer meer afhankelijk van hun ouders worden. Tweeëneenhalf jaar later is het zover. Het Hoger Onderwijs Voor Velen - belangnjk objectiefvan minister Ritzen - maakt zijn naam waar. Tegelijkertijd is het geld op. Ritzen stelt voor om de basisbeurs

enthousiast over deze doelstellingen: zij kregen als eerste een eigen, facultaire wetenschapswinkel. In 1982 volgde de oprichting van een centrale weten­ schapswinkel, die de faculteiten zonder eigen winkel moest gaan bedienen en de activiteiten van de 'onderafdelingen' moest gaan coördineren. Later volgde nog de oprichting van wetenschapswin­ kels aan de medische en de economi­ sche faculteit.

Criteria Om het 'externe' doel ­ een toegankelij­ ker wetenschap ­ te realiseren, bemid­ delen de wetenschapswinkels tussen non­profit organisaties uit de regio en onderzoekers; de winkels doen in prin­ cipe zelf geen onderzoek. Als de onder­ zoeksvraag van een organisatie aan een aantal criteria voldoet ­ ze moet bij­ voorbeeld een hoger belang hebben dan dat van de organisatie zelf ­, dan zoekt de wetenschapswinkels (doorgaans) studenten of (soms) wetenschappers die het onderzoek uitvoeren. Dit onder­ zoek is in principe gratis en openbaar. De resultaten worden door de winkels in overleg met de klant middels een eigen krant, boeken, symposia en pers­ berichten in de samenleving verspreid. De centrale wmkel accepteert per jaar dertig a veertig aanvragen, aldus mede­ werkster drs. J. de Bruin. De onderwer­ pen lopen sterk uiteen. "Een flink deel ligt op gebied van vrouwen, het milieu of ouderen. We hebben ons enigszins in die onderwerpen gespecialiseerd, we laten daar ook in toenemende mate langdurig onderzoek naar uitvoeren. We krijgen daarnaast veel vragen van het tjrpe 'is er m Buitenveldett behoefte aan tienerhulpverlening?', marktonder­ zoek voor bijvoorbeeld hulpverleners." Deze dienstverlenende taak, de externe doelstelling van de wetenschapswinkels, is volgens Teng een succes geworden. "Allerlei organisaties de vroeger de uni­ versiteit niet binnenkwamen, hebben de weg nu wel gevonden, ook al omdat ze tegenwoordig buiten ons om direct met hun vragen op vakgroepen afstappen. De wetenschap is toegankelijker gewor­ den." Ook het verspreiden van de resultaten loopt aardig. Het onderzoek haalt af en toe de krant en een symposium naar aanleiding van onderzoeksprojecten op het gebied van milieu, medio oktober, werd druk bezocht. De publiciteit wordt serieus aangepakt, aldus De Bruin. "We hebben geleerd dat publici­ teit geen vies woord is. Door aandacht te vragen voor het onderzoek maak je meer kans om onderwerpen op de poli­

De wetenschapswinkel bestaat tien jaar en gaf daarom een boek uit met als thema: hoe krijgen we de consument zover dat hij zijn milieu-idealisme in daden omzet? Foto Klaas Koppe, HH

tieke agenda te krijgen. Dat is in het be­ lang van de organisaties die het onder­ zoek uit laten voeren." De serieuze aanpak is ook zichtbaar in de kwaliteit van het gepresenteerde werk. Het naar aanleiding van het tien­ jarig bestaan van de vu­wetenschaps­ winkel verschenen boek Milieudaden, dat mgaat op de vraag hoe de consu­ ment zover te krijgen dat hij zijn mi­ lieu­idealisme in daden omzet, voldoet absoluut niet aan traditionele vooroor­ delen over kritische wetenschap. Het boek ziet er goed uit, leest lekker weg en verzandt niet in incrowd­debatten.

Tijdgebrek De wetenschapswinkel is kortom in tien jaar een moderne, professionele, dienst­ verlenende instantie geworden. Een vi­ sitekaartje voor de universiteit. De vraag rijst of de winkel daarmee niet te ver van de oorspronkelijke bedoeling is afgedwaald. Succesvolle dienstverlening is mooi, maar is de winkel niet verwor­ den tot een goedkoop bemiddelingsbu­ reau voor organisaties, zoals de milieu­

beweging, die zo groot en rijk zijn dat ze de diensten niet meer nodig hebben? De medewerkers vinden van niet. "Er zijn nog steeds veel kleine clubjes, vaak niet eens in het bezit van een eigen ruimte, die de wetenschapswinkel hard nodig hebben. Het onderzoek dat we voor de grotere en rijkere organisaties laten doen, betreft bovendien vaak lange­termijnonderzoeken over bijvoor­ beeld het terugdringen van het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Daar komen die organisaties zelf niet aan toe", aldus De Bruin. De toenemende aandacht voor dienst­ verlening heeft er wel toe geleid'dat de tweede doelstelling, een groter maat­ schappij­kritisch bewustzijn onder we­ tenschappers en studenten, een beetje uit beeld is verdwenen. De centrale we­ tenschapswinkel steekt er wel enige energie in ­ de winkel beheert een uni­ versitair onderzoekspotje en verzorgt cursussen 'wetenschap en praktijk' voor studenten ­ maar te weinig om tegen de heersende cultuur van tijdgebrek en geld verdienen op te kunnen boksen.

Koppelen beurzen aan inkomen ouders is socialistisch stokpaardje voortaan te koppelen aan het inkomen van de ouders, als die een behoorlijk salaris verdienen. Maar Ritzens oplossing verschilt van die van Lansink. De CDA-er voorspelde wat nu het standpunt is van de PVDA-

fractie: geef alle studenten op den duur een lage basisbeurs (niveau kinderbijslag), en vul die vervolgens aan met een aanvullende beurs, die afhangt van het ouderlijk inkomen. Ritzen gaat nog verder. De rijkste ouders moeten zo meteen de gehele studiefinancienng van hun kinderen gaan betalen.

Pappot Het plan van Ritzen heeft tot veel verbaasde reacties geleid. Was hij niet de minister die studenten als zelfstandige, volwassen mensen beschouwt, die niet afhankelijk mogen zijn van hun ouders? Het antwoord is: nee. Inderdaad, studenten horen volgens Ritzen niet meer bij moeders pappot. Daarmee hoeft nog niet elke student een even grote basisbeurs te krijgen. Want in feite is dat een denivellerende maatregel, die in het voordeel is van kinderen van weigestelden. Zij kunnen voor extra geld bij hun ouders aankloppen. Wie dat niet kan, moet geld lenen. De minister zei het nog eens nadrukke-

lijk in februari 1991, toen hij net een reeks ingrijpende bezuinigingsvoorstellen aan de Kamer had gedaan (de beruchte 'heroriëntering'). "Ik heb grote vraagtekens gezet bij de ouderonafhankelijke basisbeurs. Ik had verder willen gaan over de relatie tussen ouderlijk inkomen en studiefinanciering." Hij beperkte zich toen tot bevriezing van de basisbeurs, waardoor die relatiefin belang daalde ten opzichte van de aanvul-

Nieuwsanalyse lende beurs en de lening, en dus meer ouderafhankelijk werd. In feite zijn de jongste, nivellerende voorstellen van Ritzen dus helemaal niet zo verrassend. In 1991 waren ze alleen politiek niet haalbaar. Dat was vijf jaar eerder ook al het geval, toen de huidige Wet Studiefinancienng (WSF) voor 18-jarigen en ouder werd ingevoerd. Die wet was een produkt van CDA-minister Deetman. Doelstellingen

waren toegankelijkheid en zelfstandigheid. Dat laatste was een mooie gedachte uit de jaren '60: het streven naar een absolute gelijkheid van studenten. In 1964 werd allereerst een eind gemaakt aan de regel dat slechts bijzonder begaafde kinderen uit arme milieus een beurs konden krijgen. Voortaan was het criterium een voldoende vooropleiding. Vervolgens moesten de overige studenten, die tot dan toe geen beurs kregen, onafhankelijk worden. Hun ouders kregen immers een drievoudige kinderbijslag en fiscale kinderaftrek, maar wat daarvan naar kindlief werd doorgeschoven was nog maar de vraag. Studenten moesten als volwassen mensen worden behandeld. Er moest een nieuw beurzenstelsel komen dat èn die zelfstandigheid zou regelen èn de toegankelijkheid van het hoger onderwijs, zo werd bepleit.

Ideaal De ideale oplossing was een systeem waarin iedereen een beurs kon krijgen en deze kon aanvullen met een lening, die pas na de studie rentedragend zou worden. Zover is het nooit gekomen. Ook Deetman zag af dit ideaal. Hij voerde wel een algemene basisbeurs in. Maar lenen voor iedereen vond hij te duur. Hij kwam met het voorstel dat al-

De winkel overweegt daarom wat meer aandacht aan het onderwijs van studen­ ten te gaan besteden. "Je zou bijvoor­ beeld de huidige werkwijze van de win­ kel om kunnen draaien. In plaats van te wachten op vragen van organisaties zouden we aan docenten kunnen vra­ gen of die een werkcollege aan onder­ zoek willen besteden. Wij zoeken daar dan in ons netwerk een interessant on­ derzoek bij", legt drs. Y.M. van der Meijs, werkzaam bij zowel de centrale­ als de economiewinkel uit. Ook op dit terrein is de winkel namelijk nog steeds nodig, vinden de medewer­ kers. De Bruin: "De universiteit leidt nog steeds mensen op die weinig tot niets weten van de samenleving. Het is soms echt schrijnend om te zien: juris­ ten die niet eens weten hoe de vakbe­ weging in elkaar zit. Die kennis kunnen ze bij de wetenschapswinkel op­ doen." Miiieudaden Uitgeverij Jan van Arkel, Utrecht, 1992 ISBN 90 6224 285 5 ƒ29 50 Meer infornnatie bij de Wetenschapswinkel VU, 020-5486931

leen kinderen uit<ds lagere inkomens konden gaan lenen. Als de rente na enige jaren zou binnenkomen, konden ook de overige studenten gaan lenen. Zolang moesten die nog thuis aankloppen. Ze kregen wel alvast een heel behoorlijke basisbeurs. Een kamermeerderheid van CDA en WD kon zich daar wel in vinden. Dit nieuwe systeem was namelijk toch voordeliger voor de midden- en hogere inkomens dan het oude. De PVDA was

tegen. De belastingbetaler - vaak zonder studerende kinderen - betaalde de studie van mensen die het al goed genoeg hadden. De hoeveelheid rente waar Deetman op hoopte kwam er nooit, en geld is er nu nog veel minder. Dat biedt Ritzen de kans om de terughoudendheid van zijn heroriëntering te laten varen. Het hoger onderwijs beschermen - dat wil hij best. Maar basis- en voortgezet onderwijs zijn voor sociaal-democraten belangrijker. In het hoger onderwijs mag eerder en meer worden gesnoeid, en dan m de eerste plaats bij de hogere inkomens. Dat is in tijden van financiële krapte een hoger principe dan een zo groot mogelijke onafhankelijkheid. Daarmee is Ritzen er uiteraard nog niet. Wat gebeurt er met de studenten waarvan de ouders niets of te weinig willen bijdragen? Nu is het al zo dat slechts 28 procent van de studenten precies krijgt waar ze recht op hebben. Evenveel krijgen zelfs helemaal niets. Die kunnen bij hem gaan lenen. Officieel is dat nog niet bekend, maar zijn partijgenote Tineke Netelenbos bevestigt dit. En zo maakt Ritzen de ongelijkheid tussen 'rijk' en 'arm' weer wat kleiner. (HOP) U

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1992

Ad Valvas | 554 Pagina's

Ad Valvas 1992-1993 - pagina 242

Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1992

Ad Valvas | 554 Pagina's