Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1992-1993 - pagina 467

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1992-1993 - pagina 467

10 minuten leestijd

ADVALVAS 29 APRIL 1993

PAGINA 7

Beoefenaars van de wetenschap; zakkenrollers en valsemunters? Prof.dr. P.J.D. Drenth Misschien, zo eindigt V an Kolfschooten zijn boek Vake vooruitgang; Bedrog in de Nederlandse wetenschap, zal de reactie op de hier verzamelde incidenten even lauw zijn als de reactie van de vaderlandse wetenschap op de affaire­Buck, en ver­ dwijnt dit boek spoedig tussen de stapels Academisch Wereldtijdschnft (het over­ bodige drukwerk uit een van Willem Elsschots romans. Om de beginnen ben ik van mening dat de reactie van de wetenschappelijke we­ reld op de affaire Buck allesbehalve lauw IS geweest. Binnen en buiten de campus van de TH Eindhoven is er zeer uitvoerig gepraat, overlegd, gediscussieerd en ge­ ruzied, de wetenschappelijke camère van Buck is gebroken. Bovendien zijn er bestuurlijke en juridische maatregelen genomen en wetenschappelijke beoorde­ lingscommissies hebben zich over de zaak uitgesproken. In wetenschappelijke knngen Ujkt zich een consensus te heb­ ben ontwikkeld, dat het meest laakbare in Bucks handelwijze is geweest, dat hij, gedreven door hoop, ambitie of een te groot zelfvertrouwen, te weinig ruimte heeft gecreëerd of toegestaan om zijn theorie te falsificeren. Overigens, een wetenschappelijk gezien ernstige fout, maar geen bedrog. Afgezien hiervan lijkt mij de wat vrees­ achtige verwachting ten aanzien van de aandacht voor en het effect van het boek van V an Kolfschooten ook op zichzelf onnodig pessimistisch. Ten eerste wijzen de voortekenen beslist anders uit: V oor­ publikaties m de NRC, aandacht in radio­ rubrieken en Nova, besprekingen in dag­, week­ en universiteitsbladen een start die een gewone publicerende wetenschappelijk onderzoeker zou doen watertanden. V ervolgens mogen ook de stijl en de inhoud van de presentatie er zijn. Goed schrijvend en smeuïg casuï­ stiek opdienend, maar met uitdrukkelij­ ke vermijding van de op de loer liggende gevaren van riooljoumalistiek neemt Van Kolfschooten ons aan de hand door het struikgewas van de Nederlandse we­ tenschappelijke kruimeldiefstallen, over­ schnjverij en pseudologia fantastica. Veel van de verhalen heb je, als je lang meeloopt in de wetenschap, al wel eens gehoord. V eel is ook nieuw.

Ad l^a/vas­redacteur Frank van Kolfschooten schreef een boek over bedrog in de Nederlandse wetenschap. De bundel is lovend besproken in dagbladen en Van Kolfschooten heeft voor televisie en radio uitgebreid verteld over de handel en wandel van wetenschappers die het met de weergave van feiten niet zo nauw nemen. Prof.dr. Drenth bespreekt het boek voor de vu­gemeenschap.

proeven, eenzijdig in plaats van tweezij­ dig toetsen, te rooskleurig interpreteren) naar echte oplichterij. Het aangeven van grenzen tussen niet of wel laakbaar is ook niet altijd gemakkelijk. Dit is wel­ licht ook een van de redenen van terug­ houding van 'de' wetenschap in het rap­ porteren en het nemen van maatregelen met betrekking tot dit soort dubieuze praktijken. Nog moeilijker wordt het markeren van deze grenzen in het geval van plagiaat. Ook dit wordt met het lezen van de 'caiei' duidelijk. Het subtiele verschil tussen samenvatten en commentariëren, of tussen citeren en parafraseren, of tus­ sen ideeën pikken en zich laten inspire­ ren, de moeilijkheid van het exact vast­ stellen van de ongine van ideeën, of van de precieze bijdrage van de verschillende onderzoeksteam­leden, al deze zaken geven aan dat ook hier laakbaarheid niet altijd zonneklaar is. Men zou na­ tuurlijk uit het feit dat hier een groot grijs gebied ligt de gevolgtrekking kun­ nen maken dat men maar beter het ze­ kere voor het onzekere kan nemen, en moet trachten uit de gevarenzone te bhj­ ven. Beter te zorgvuldig dan te nalatig. Blijft nog wel het probleem dat men soms niet eens weet dat men plagieert, dat men zich niet realiseert dat een ge­ dachte of een formulering die men lang heeft gekoesterd eigenlijk van iemand anders afkomstig is. Een ieder die eerlijk is, moet bekennen wel eens aan een der­ gelijke cryptomnesie ten prooi gevallen te zijn. Tussen haken zij opgemerkt dat plagi­ aat, anders dan fraude, op zichzelf niet schadelijk is voor de wetenschap. In feite is wellicht het omgekeerde waar. De plagiator brengt een (meestal goede) vondst, idee of formulering nog eens een

keer extra onder de aandacht van het publiek. Misschien zouden deze zonder de plagiator zelfs niet eens bekend ge­ worden zijn. In dit verband is het ook te begnjpen dat in de Middeleeuwen leer­ lingen van grote leermeesters hun ge­ dachten zonder schroom publiceerden onder de naam van hun leermeester en zelf volstrekt in de schaduw bleven staan.

Kritiek Er is ook wel kritiek mogelijk op bepaal­ de conclusies of vooronderstellingen in het boek. In de eerste plaats lijkt me het voorgestelde middel tegen wetenschap­ pelijk bedrog, het terugdringen van het totale aantal beoefenaars van de weten­ schap, erger dan de kwaal. Je hebt nu eenmaal duizenden voetballers nodig om een Cruyff of een Bergkamp voort te brengen. Datzelfde geldt mutatis mutandis voor het terugdringen van aantallen publika­ ties. Daar komt bij dat de hoge percen­ tages ongeciteerde publikaties minder verontrustend zijn dan wordt gesugge­ reerd. Ongeciteerd wil bepaald niet zeg­ gen ongelezen, en dat geldt zeker voor vele geesteswetenschappen. Ook 'salami­wetenschap' en zogenaam­ de dubbelpublikaties kan ik niet abso­ luut verwerpelijk vinden. Het komt veel voor dat men gevraagd wordt voor een iets ander gehoor of lezerspubliek een bepaald onderzoek of een gedeelte hier­ uit nog eens naar voren te brengen. Ook het in gedeelten publiceren van onder­ zoeksresultaten kan, zeker bij zich snel ontwikkelende wetenschappen, gewenst of zelfs noodzaak zijn. Daar moet de ci­ tatieteller of de onderzoek­visitator dan maar doorheen kijken. Een belangrijker punt vind ik echter de

suggestie van de auteur dat de terughou­ dendheid van onderzoekers en universi­ teitsbestuurders om aan zijn fraude­en­ quête mee te doen, uitgelegd moet wor­ den als een tendens dit soort zaken onder het karpet te willen vegen en niet serieus te willen nemen. Ik denk dat dit een onjuiste conclusie is. (Ik zeg dit met enige vnjmoedigheid na zelf op die en­ quête wel te hebben gereageerd met ver­ melding van een geval waarin een overi­ gens niet aan een universiteit verbonden auteur zonder bronvermelding enige bladzijden uit een scnptie van één van mijn studenten in zijn boek had overge­ nomen) . In de eerste plaats was niet duidelijk wat precies met de gegevens zou worden ge­ daan, hoe ze zouden worden verwerkt, of er controle en terugrapportage zou zijn, etc. In sociaal­wetenschappelijk on­ derzoek weten we inmiddels dat kennis van en invloed op dit soort randvoor­ waarden wezenlijk zijn voor deelname. In de tweede plaats ging het om een en­ quête die niet was opgezet door een on­ derzoeker met eventueel een weten­ schappelijke coach of begeleidingscom­ missie, maar door een journalist. Met alle respect voor dit vak kan men van een faculteits­ of universiteitsbestuurder dan toch geen uitbundige openhartig­ heid over een zo gevoelige en zorgvul­ digheid eisende matene verwachten. Velen hebben in eerdere contacten met de schrijvende journalistiek wel eens hun vingers gebrand. Ik denk ook niet dat een soortgelijke vraag gericht aan huisartsen, rechters of apothekers veel enthousiaste response zal oplevei;en.

Deense model Ten derde kan een en ander ook juri­ disch wel eens niet zonder gevolgen blij­

ven. De kans op een aanklacht wegens smaad of laster is niet denkbeeldig. Anonimiteit is daarbij niet altijd een be­ scherming. Uiteindelijk moest ook V in­ ken voor de rechter toegeven dat hij en Reil, de pseudonieme schrijver van de aanklacht tegen Geyl, een en dezelfde persoon waren. Wederom, bij de enquê­ te was niet duidelijk of de juridische zorgvuldigheid voldoende gewaarborgd was. Met andere woorden, we mogen niet concluderen dat de wetenschap zélf niet bereid is haar praktijken tegen het licht te houden, en dat ze niet verontrust zou zijn. Ook kunnen we uit het onderzoek niet afleiden dat bedrog en dubieuze praktijken in de wetenschap wijd ver­ breid dan wel zelden voorkomend zou­ den zijn. Het boek heeft door de presen­ tatie van feitelijke incidenten wel laten zien dat het voorkomt, en daarin ligt zijn signalerende waarde. T o t slot nog dit: Het boek spreekt over nadere reglementenng, sancties, infor­ manten, fraude­onderzoekscommissies etc. Prima. Ik denk dat we daarbij veel van het Deense model kunnen leren. Maar een ding moge duidelijk zijn. Evenals de grote meerderheid van het Nederlandse volk zich onthoudt van diefstal niet vanwege de kans gepakt te worden, maar omdat haar geweten dat verbiedt, zo laat het gros van de beoefe­ naars van wetenschap zich niet weer­ houden van frauduleuze praktijken en gesjoemel met gegevens vanwege angst voor detectie of sancties, maar eenvou­ digweg omdat hun wetenschappelijk ge­ weten, normbesef en verantwoordelijk­ heid hen daarvan weerhouden. Zij be­ seffen dat concessies ten aanzien van de wetenschappelijke integriteit uiteindelijk zullen leiden tot destructie van de we­ tenschap.

Van Kolfschooten, Frank Valse vooruitgang Bedrog in de Nederlandse wetenschap Amsterdam, L J Veen, 1993 ISBN 902 540 1465 Hfl 29,50 Prof dr P J D Drenth is hoogleraar bedrijfspsychologie en psychodiagnostiek aan de VU en president van de Ko­ ninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen

Seksuele escapades Aan het hoofdstuk over plagiaat geeft de auteur een motto van Hofland mee, die zich heeft afgevraagd: Waarom wil ie­ mand die plagiaat ontdekt dit bekend maken? Is het drang naar rechtvaardig­ heid? Wraaklust misschien? Hang naar het spelen van een grote rol? Of gewoon wat iedere jager drijft: de onbedwingba­ re lust tot schieten? We kuimen de vraag van Hofland ook nog even doortrekken: Waarom lezen de (en mijn voorspelling is vele) mensen, en vooral collega's be­ oefenaren van de wetenschap, dit soort onthullingen, zij het met eenzelfde soort gene als waarmee men van de seksuele escapades van het Britse koninklijk huis, of de mafFioze avonturen van de club van Andreotti kennis neemt? Is het kin­ nesinne? Is het een soort zelfrechtvaardi­ ging ("Ik mag dan niet veel publiceren, maar ik doe het in elk geval wel eer­ lijk")? Zit er toch een zweem van be­ wondering in de besmuikte glimlach over de wetenschappehjke schelmenstre­ ken van Stolk en Schadee? Of is het ge­ woon graag wild uit de lucht zien vallen, vooral als het hoog vliegt? D e psycholo­ gie van de onthuller en de lezer is mis­ schien wel even interessant als die van de plagiator.

Laakbaar Het boek maakt of citeert overigens tus­ sen de bedrijven door heldere en nuttige onderscheidingen, bijvoorbeeld dat tus­ sen plagiaat en fraude, en binnen dit laatste begrip dat tussen met opzet voor de gek houden (m.i. geen geval van fraude), t n m m e n (in een gewenste rich­ ting afronden, hier en daar bijkmppen van stukjes waarnemingen), 'cooking' (selectief gebruiken van waarnemingen, wegverklaren van uitbijters) en zonder meer vervalsen (verzinnen van gegevens, rapporteren over onderzoek dat niet ver­ richt is). Bij deze onderscheidingen bin­ nen de categorie 'fraude' zien we al dat er sprake is van een vloeiende overgang van wetenschappelijk betwistbare of on­ elegante procedures (te kleine steek­

Illustratie Aad Meijer

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1992

Ad Valvas | 554 Pagina's

Ad Valvas 1992-1993 - pagina 467

Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1992

Ad Valvas | 554 Pagina's