Ad Valvas 1992-1993 - pagina 499
PAGINA 5
AD VALVAS 24 MEI 1993
'In eerste levensjaar geen aanwijzingen voor blijvende achterstand' Bewegingswetenschappers: geen zorgen om veel te vroeg geboren gezonde baby's
Het is ondankbaar werk, het verzorgen van pasgeboren baby's. De zuigeling reageert op zoete woordjes slechts met een lege blik in de ruimte. Dat verandert na een week of acht, dan verschijnt het eerste bewuste glimlachje. Ouders van veel te vroeg geboren kinderen moeten veel langer op deze mijlpaal wachten. Hoe staat het met de ontwikkeling van de rest van de motoriek bij deze veel te vroeg geboren hummels? Lopen ze de achterstand ooit nog in? Aan de vu loopt bij de faculteit bewegingswetenschappen al enige tijd een uniek onderzoek naar de ontwikkeling van de motoriek van veel te vroeg geboren baby's.
^•üf
Liesbeth Klumper Zijn accent verraadt dat hij uit Enge land komt en tijdens liet gesprek zal hij af en toe even moeten zoeken naar het Nederlandse equivalent voor het Engel se woord dat hij kennelijk al in gedach ten heeft. In de jaren zestig woonde professor Brian Hopkins in Manchester waar hij gymnastiekleraar was. Hij raakte uitgekeken op het lesgeven en besloot psychologie te gaan studeren. Een onderzoek voor de universiteit van Manchester bracht hem naar Gronin gen waar hij een maand verbleef en er prompt een baan aangeboden kreeg. Het gezin Hopkins verhuisde in 1975 naar Nederland 'voor vijfjaar'. In 1986 kwam Hopkins bij de vu en het ziet er met naar uit dat hi) ooit nog weten schappelijk werk zal verrichten voor een Engelse universiteit. Hopkins doceert weer en vooral de massale eerstejaars colleges, die hij in het Nederlands geeft, vmdt hij nog steeds een opgave. "Wij zijn de enigen die op deze manier onderzoek doen naar de ontwikkeling van de bewegingscoördinatie bij veel te vroeg geboren baby's," vertelt hij trots. Twee aio's zijn inmiddels gepromo veerd, zij bekeken de effecten dat het relatief korte verblijf in de baarmoeder op de ontwikkeling van houding en be weging van de baby heeft. Drie anderen onderzoeken nu de ontwikkeling van de ooghand coördinatie en die van de beenbewegingen. De resultaten daarvan zijn pas over drie jaar te verwachten.
Hersenbloeding Uit de Verenigde Staten kwamen ver ontrustende cijfers over de ontwikkeling van te vroeg geboren zuigelingen. Maar liefst dertig procent van hen zou blij vende schade hebben opgelopen. "De selectiecriteria van de Amerikanen waren niet streng genoeg", oordeelt Hopkins. "Zij hebben kinderen met al lerlei soorten afwijkingen in hun onder zoeksgroep opgenomen. Wij hebben dat anders aangepakt. Onze baby's waren weliswaar te vroeg geboren en hadden soms een groeiachterstand maar verder hadden ze geen ernstige af wijkingen." Baby's die een hersenbloeding kregen, en dat zijn er nogal wat onder de te vroeg geborenen, nam Hopkins niet in de onderzoeksgroep op. Samen met gy naecologen, kinderartsen en kmderneu
met problemen maar als groep zien wij geen groot verschil met de kinderen die de veertig weken in de baarmoeder vol maakten. We kunnen rustig stellen dat er m het eerste levensjaar geen tekenen zijn die wijzen op blijvende achters tand."
Slag om de arm
NICO Boink, AVC/VU
rologen van het vtJziekenhuis selec teerde hij op het oog gezonde kinderen, die misschien wat klein waren maar waar verder niks mis mee was. Een normale zwangerschap duurt zo'n veertig weken, de baby's die Hopkins bekeek, zagen al na 27 tot 34 weken het levenslicht. De jongsten van 27 weken waren net levensvatbaar. De onderzoe kers volgden de motorische ontwikke ling bij 35 te vroeg geboren baby's. Deze groep bestond weer uit twee sub groepen. De ene groep zuigelingen kwam weliswaar veel te vroeg ter we reld maar het geboortegewicht was voor die korte zwangerschapsduur normaal. Voor de tweede groep zag het er wat minder florissant uit. Deze baby's he pen in de baarmoeder een groeiachters tand op, het gewicht was niet wat het moest zijn en na gemiddeld 32 weken
Niet iedereen weet het, maar ik ben L imburger èn onderzoeker: je zou denken de ideale combi natie voor een geval van fraude en toch is Ad Fafoasredacteur Frank van Kolfschooten nog niet bij me langs geweest. Vreemd. Hij is im mers zo bezig met frauderende wetenschappers. In afwachting van zijn komst heb ik mezelf vast aan een gewetensonderzoek onderworpen: ben ik eigenlijk wel te vertrouwen? Het antwoord is natuurlijk nee. In gedachten heb ik mijn onderzoek wel al tien maal fabuleus afgerond, met waanzinnig opzienbarende resul taten en wereldschokkende nieuwe feiten. Die komen niet uit mijn onderzoek, die verzin ik na tuurlijk zelf. Mijn onderzoek heeft daarvoor te weinig fantasie. Dus, als ik links en rechts wat manipuleer, hier en daar wat oogstrelende ver fraaiingen aanbreng, zou ik dan niet een veel mooier resultaat in handen hebben? De gedachte is verleidelijk. Als ik eraan denk hoeveel citaten ik nog moet verifiëren, hoeveel gegevens ik nog moet natrekken, hoeveel getal letjes ik nog moet narekenen... Zet daar tegen af het aantal lezers van mijn proefschrift, ver minder dat nog eens met het aantal nauwgezet te lezers en trek daar nog eens de argwanende, hyperwantrouwende muggezifters van af: voor
zwangerschap wekten artsen de beval ling op. Een verblijf op de intensive care van een kraamafdeling is immers een betere start dan eentje met een ge brekkige aanvoer van voedingsstoffen en zuurstof in het moederlichaam. Als controlegroep gebruikten Hopkins en zijn medeonderzoekers 21 baby's die keurig op tijd geboren werden.
Fixeren Ouders van die veel te vroeg geboren kinderen hoeven zich geen grote zorgen te maken, zo leert het onderzoek. In het begin is de motoriek van die hummels niet zo goed als die van de voldragen kinderen maar ze halen de achterstand razendsnel in. "Om de verschillende groepen met elkaar te kunnen vergelij ken, werken we met het begrip 'gecorri geerde leeftijd'," legt Hopkins uit. "We
Margot van Mulken
Wie m a a k t m e wat? wie doe ik het eigenlijk? Stel, van de vijftig cita ten trek ik er tien niet na. Wie zal weten dat een citaat niet op pagina 30 maar op 95 staat? Wie windt zich op bij het ontdekken dat een fre quentie niet 359 maar 358 hoog is? Nou? Wie maakt me wat? En als ik nu eens een wed strijd uitschrijf: vijftig gulden beloning voor de degene die de tien fouten ontdekt. L ijkt me heel aardig: automatisch verhoog ik het aantal meti culeuze lezers van mijn proefschrift en met de winnaar gooi ik het wel op een accoordje: ik be
gaan uit van de oorspronkelijk uitgere kende bevaldatum en niet van de feite lijke datum. Als ik het bijvoorbeeld heb over een leeftijd van dne maanden, dan gaat het over het tijdstip van drie maan den na de datum waarop het kind ge boren had moéten worden. Die te vroeg geborenen zijn dus in feite ouder." Het blijkt dat er bij een (gecorrigeerde) leeftijd van twee tot drie maanden een grote verandering plaatsvindt. De baby's krijgen dan controle over de nekspieren zodat het hoofd niet meer alle kanten opzwiebert en zij de ogen ergens op kunnen fixeren. Hopkins: "De meeste kleintjes die te vroeg ter wereld kwamen, hadden de achterstand weggewerkt tegen de tijd dat ze een ge comgeerde leeftijd hadden van vier è vijf maanden. Er kan een enkeling zijn
loof een etentje, ik beloof zijn schandaleuze ver leden met aan Frank van Kolfschooten door te spelen, ik beloof dat ik mijn oom bij de L im burgse maffia niet zal inschakelen. Moet luk ken. Bovendien, stel nou eens dat over vijftig jaar, een werkloze aio of iemand anders die zonodig coüte que coüte bij de wetenschap wil, per on geluk, in de UB van een of andere regionale uni versiteit mijn werkje tegenkomt en dan o grote gelukzaligheid tot de ontdekking komt dat er maar liefst tien onnauwkeurigheden in staan. Dat is toch heerlijk. Zo iemand heeft meteen stof tot schrijven. Persoonlijk vind ik dat de huidige generatie we tenschappers veel te weinig rekening houdt met de club die na hen komt. Heel egoïstisch. Als ik eraan denk wat een kick ik kreeg toen ik be merkte dat mijn wereldberoemde voorganger die vijftig jaar geleden mijn vierkante centime tertje beschoffelde, in zijn Magnum Opus op pagina 319 een slordigheid over het hoofd had gezien het is namelijk zo dat c3202 niet op 9327 maar op 9696 ophoudt. Echt waar! Ik heb om mijn eurekagevoel te temperen wel tien ererondjes door de gangen gehold, ik heb mijn kop even onder de koude kraan moeten houden
Het brengt Hopkins tot de uitspraak dat de hersenen kennelijk gespaard blij ven als er sprake is van een slechte toe voer van voeding en zuurstof in de baarmoeder. Andere organen als de lever of de nieren zullen het dus met minder moeten doen maar of er daar door afwijkingen ontstaan, hebben de bewegingswetenschappers niet onder zocht. Zij hebben zich uitsluitend ge richt op de ontwikkeling van de moto riek en daarvoor zijn de hersenen van essentieel belang. "Zestig procent van de beschikbare zuurstof gaat naar de hersenen van de foetus. Als de doorbloeding van de baarmoeder niet goed verloopt, dan kun je aannemen dat de hersenen daar meteen de dupe van worden, maar ken nelijk is dat niet zo. Aan de motoriek kun je namelijk zien of de hersenen goed functioneren. Is de ontwikkeling van het bewegen verstoord, dan is er waarschijnlijk een hersenstoomis. Maar wij hebben gevonden dat de ontwikke ling van de motoriek uiteindelijk rede lijk normaal is. De hersenen krijgen dus genoeg zuurstof en dat zal wel ten koste gaan van andere organen als nieren en lever." De hoogleraar bewegingswetenschap pen houdt echter een slag om de arm. Het onderzoek wijst dan wel uit dat te vroeg geboren baby's de ontwikkelings achterstand wegwerken, garanties voor de toekomst geeft het niet. Hopkins: "Het kan heel goed zijn dat er later toch stoornissen opduiken. Als deze kinderen naar de basisschool gaan en moeten leren schrijven en tekenen, kunnen zich alsnog problemen voor doen. Wij hebben er nu geen aanwijzin gen voor maar ik sluit dat niet uit." Het liefst zou Hopkins de onderzochte baby's dan ook volgen tot op de basis school en zo mogelijk nog langer. Alle gevolgen van het korte verblijf in de baarmoeder zouden dan boven water komen maar of hij ooit de kans krijgt dat onderzoek uit te voeren, is de vraag. "Geld ...", zegt hij slechts.
om mijn opwinding te temperen, want 'hoezee, hoezee!': de gigant had zich vergist. En niet zo'n klein beetje: 9327 in plaats van 9696. Nou, nou, nou, nou, nou, nou. Ik heb nog uren daar na mijn collega's ziek gemaakt door met veront waardiging te spreken over de naïeve manier van wetenschapsbeoefening in vroeger tijden. Ik heb twee dagen lang geen pen op papier gekre gen. Ik zag mijn proefschrift weer helemaal zit ten. Ik zou de wereld wel eens even vertellen hoe het werkelijk zat. En dat euforische gevoel zou ik mijn nakome lingen onthouden? Dat is toch al te zelfzuchtig. Dus, als ik nou gewoon al die citaatjes laat zit ten, in plaats daarvan een bioscoopje pik, is dat niet veel beter? Hoogstwaarschijnlijk wel. En dan zit ik maandagochtend achter mijn compu tertje en dan kijk ik al die berekeningen nog eens door. En dan bekruipt mij een beklem mend gevoel: "Klopt dat eigenlijk wel?", "Is dat wel correct, wat daar staat?" En acuut gieren de zenuwen door mijn keel en sla ik verwoed aan het narekenen. Tot twee keer toe. Tot drie keer toe. Want ik durf niet. Ik ben daar veel te bescheten voor. Ik ben als de dood voor de oppositie. En voor Frank van Kolfschooten. Maar waar blijftie?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1992
Ad Valvas | 554 Pagina's