Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1993-1994 - pagina 113

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1993-1994 - pagina 113

10 minuten leestijd

I D V A L V A S 14 OKTOBER 1993

19931

PAGINA 5

>e baroktuin als etalage van ambities ^rchitectuurhistoricus Erik de Jong promoveert op oude Nederlandse tuinen

ij tuinen denken we legenwoordig vooral aan en plek waar planten en omen zich zo vrij mogelijk unnen ontplooien. Voor de eometrische tuinen van e zeventiende en achtiende eeuw kunnen we aarom maar weinig nthousiasme opbrengen, at dat ten onrechte is, ewijst architectuuristoricus Erik de Jong in ijn proefschrift over ederlandse tuinen tussen 1650 en 1 7 4 0 . Barokuinen vormen een ijzonder rijke bron voor ideeënhistorisch onderzoek.

buitenplaats verwerft hij het recht op zitting in de Staten van Utrecht. Ook mag hij zich voortaan Heer van H e e m ­ stede noemen. Een belangrijke moment in de carrière van deze jongeheer, die zich als zovele niet­adellijke patriciërs graag met een klinkende titel tooit. Maar de heer van Heemstede wil meer. Hij heeft politieke ambities. En om die ambities waar te maken is het in het Utrecht van na 1672 raadzaam geen enkele reden tot twijfel aan je oranjege­ zindheid te geven. Van Velthuysen blijkt een getalenteerd image builder . Hij weet wat een heer van stand moet doen om zich in stadhou­ derlijke kringen positief te onderschei­ den. Het 250 meter brede en 1200 meter diepe terrein rond zijn ridderhofstede wordt volgens de laatste mode omge­ vormd tot een indrukwekkend samen­ stel van hooggeschoren bomenlanen en geometrische bloemperken, van vijvers, fonteinen en cascaden, van latwerkgale­

rijen en ­zitkabinetten. Verder laat Van Velthuysen een wildbaan met herten, een oranjerie met exotische bomen en een spectaculaire schelpengrot aanleg­ gen.

Borstbeelden Standbeelden, rijk gedecoreerde vazen en marmeren bustes completeren het geheel. Vooral die marmeren bustes zijn opmerkelijk. Terwijl zijn collega­ patriciërs voor hun buitens borstbeel­ den van Romeinse heersers laten ver­ vaardigen, plaatst Van Velthuysen por­ tretbustes van Willem de Zwijger, Prins Maurits, Frederik Hendrik en Willem II in zijn tuin, daarmee de Oranjes tot moderne 'exempla virtutis' verheffend. Een vorm van politieke propaganda die in hofkringen niet ongewoon, maar daarbuiten bepaald ongebruikelijk is. Behalve in meteen te identificeren borstbeelden laat Van Velthuysen zijn orangisme ook in een emblematische fontein verstenen. De slangenwurgende

Hercules in een van de waterbekkens van Heemstede verwijst de goede ver­ staander naar Willem III. Sinds zijn in­ ternationale successen (in 1678 dwong hij Lodewijk XIV tot de Vrede van Nij­ megen, in 1689 maakte de Glonous Re­ volution hem tot koning van Engeland) laat Willem zich in zijn tuinen rond Het Loo en Honselaarsdijk immers graag met de antieke held vergelijken. De stadhouder­koning heeft deze ico­ nografie overigens weer afgekeken van Lodewijk XIV, die zich in Versailles al langer als Hercules Gallicus laat verheer­ lijken. D e boodschap is duidelijk; Wil­ lem III kan zich meten met de Zonne­ koning. En de heer van Heemstede be­ aamt dat gretig met zijn fontein. Een patriciër verwijst in zijn tuin naar de tuin van zijn landsheer. Deze speelt op zijn beurt leentjebuur bij de tuinen van Europa's toonaangevende heerser. De heren beconcurreren elkaar met exotische gewassen, met ingenieuze wa­ terwerken en met klassieke allegorieën.

/ Anne Pek

vj

Zomer 1672. D e Fransen komen bi) Lobith ons land binnen. D e Zeeuwen worden door de Engelse vloot onder schot gehouden en 'Bommenberend', bisschop van Munster, richt zijn kanon­ nen op Deventer. Gelderland, Overijs­ sel en Utrecht achten verzet tegen de opmarcherende troepen van Lodewijk fCIV zinloos en gooien de poorten 'ppen. Alleen door de waterlinie in wer­ king te stellen, weet Holland zich nog te redden. De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden overleeft het 'Rampjaar', maar de schade is enorm. Vooral onder het gewone volk is de ontreddering groot. Veel burgers zijn lit hun huizen verdreven en de inunda­ tie heeft duizenden boeren van h u n )0gst beroofd. Maar ook in regenten­ ingen vallen klappen. D e noodsitu­ itie heeft een einde gemaakt aan het kadhouderloze tijdperk; Willem III "krijgt de macht in handen en vervangt de bestuurders van de gewesten die zich al te gemakkelijk naar de Fransen hadden geschikt door nieuwe, oranjege­ zinde bestuurders. Oranjegezindheid jvordt daarmee een belangrijke voor­ waarde voor een ambtelijke carrière.

H u n tuinen zijn meer dan een aange­ naam wandelpark; niets wat er staat is zonder betekenis. D e tuin als een theatr um politicum, een etalage van de eigen ambities. Voor de twintigste­eeuwse tuinliefhebber is deze houding onbegrijpelijk. Virtuoos ge­ vormsnoeide bomen, pijnlijk precies ge­ wiede perken; we vinden het artificieel en akelig. D a t de hedendaagse parken, vormgegeven vanuit de behoefte aan 'oorspronkelijke' natuur, net zo kunst­ matig zijn als de geometrische tuinen van driehonderd jaar geleden, en dat ons ideaalbeeld van een tuin evenzeer cultuurbepaald is als het barokke ide­ aalbeeld, beseffen we zelden. T o c h is er in Nederland de laatste jaren sprake van een groeiende waardering voor de tuinen van de zeventiende en achttiende eeuw. Dat blijkt onder ande­ re uit de restauratie, begin jaren tachtig, van Het Loo. Niet alleen het paleis werd van zijn negentiende­eeuwse aan­ was ontdaan; ook de tuin, in 1807 tot landschapspark omgevormd, werd te­ ruggebracht naar de oorspronkelijke staat. Opgravingen en gedetailleerde bestudering van oude prenten maakten deze reconstructie mogelijk. Het resul­ taat was een openbaring. Van de talloze geometrische tuinen die de zeventien­ de­eeuwse Nederlandse welvaart had voortgebracht, was namelijk weinig meer overgebleven dan een grote hoe­ veelheid gravures en beschnjvingen. N u kon men voor het eerst weer door een zeventiende­eeuwse Nederlandse tuin wandelen.

Propaganda

^Buitenplaats

Detail van een koper­ gravure van de tuinaanleg van Heemstede

ï n 1680 koopt Diederick van Velthuy­ sen, telg uit een vooraanstaand Utrechts regentengeslacht, de oude rid­ Iderhofstede Heemstede onder Jutphaas. Met de aankoop van deze

Dat aan al die vormenpracht ook een bepaalde ideeënwereld ten grondslag lag, bleef bij deze reconstructie onder­ belicht. Het is de verdienste van Erik de Jong, docent architectuurgeschiede­ nis aan de vu, dat de inhoudelijke bete­ kenis van Het Loo nu alle aandacht krijgt. In Natuur en kunst. Neder landse tuin­ en landschapsarchitectuur 1650 ­ 1740, het proefschrift waarop hij on­ langs in Groningen promoveerde, wordt uitvoerig ingegaan op de politie­ ke propaganda die Willem III met Het Loo bedreef. Ook Heemstede wordt minutieus ontleed. Verder besteedt D e Jong uitgebreid aandacht aan de godsdienstige en we­ tenschappelijke betekenis die anderen in hun tuinen legden. Daarmee geeft hij een fascinerende inkijk in de mentaliteit van onze verre voorouders en bestrijdt hij het twintigste­eeuwse onbegrip voor die 'onnatuurlijke' baroktuinen. D e rijk geïllustreerde handelsuitgave van het proefschrift is dan ook een must voor ie­ dereen die zich voor de Nederlandse cultuur van de late zeventiende en vroege achttiende eeuw interesseert.

De Jong, Enk. Natuur en kunst Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur 1650 -1740 Amsterdam, 1993 ISBN 90 6868 045 5 54,50 gulden.

Kunstgeschiedenis per kilo Peter Boerman Snelle rekenaars die ook eens aan de kunstgeschiedenis wilden ruiken zagen Ivorig jaar h u n kans schoon. Voor Islechts één tientje bood de bekende Iboekenclub ECI het dikke naslagwerk I Wereldgeschiedenis van de kunst van IH.W. Janson aan, onder voorwaarde Idat )e een jaar lid blijft en ieder kwar­ Itaal iets koopt. Wie het boek gewoon in Ide winkel koopt, is bijna tweehonderd igulden kwijt. D u s de vier verplichte af­ Inames haalde je er daarna wel uit. fVoor eerstejaars studenten kunstge­ ischiedenis staat de oorspronkelijke En­ Igelse editie op de literatuurlijst, getiteld IHistory of art. Deze versie is weliswaar «beduidend goedkoper, maar kost toch jnog altijd honderdtien gulden. Maar je Ikriigt wel waar voor je geld. Het boek Stelt 858 pagina's, heeft een luxe cover |en weegt op de kop af 3416 gram. "Kunstboeken zijn in de regel duur", jvertelt mw drs A . C . T . Groot, verbon­ Iden aan de vakgroep kunstgeschiede­ |nis, "Dat IS een beetje het nadeel van

onze studie. Er staan in het boek van Janson meer dan 1100 illustraties. Bijna de helft daarvan is in fuU­color. Dat maakt zo'n boek extra duur. Daar komt nog eens bij dat het boek gebon­ den is. Maar dat verlengt natuurlijk wel de levensduur van zo'n naslagwerk." In de eerste weken van hun studie krij­ gen de studenten een algemene inlei­ ding in de kunstgeschiedenis. Daarvoor moeten ze Janson in hoofdlijnen bestu­ deren. Als ze deze periode achter de rug hebben, gaan ze het boek op een andere manier gebruiken en moeten ze bepaalde onderwerpen grondiger bestu­ deren. Ook onder bijvakstudenten is de 'Jans­ on­cursus' populair. "We hebben bij­ voorbeeld veel economie­ of genees­ kundestudenten erbij zitten. Die volgen eigenlijk alleen het oriënterende gedeel­ te. Die kopen het boek ook meestal niet, maar lenen het in de bibliotheek." Inmiddels is van Janson in 1991 de vierde editie verschenen, bijna dertig jaar na de eerste versie. T o e n H.W. Janson zelf in 1982 overleed, nam zijn

Elke studierichting kent handboeken die jaar na jaar op de boekenlijst staan. Waarom gebruiken de docenten ze, wat staat erin en wat vinden de studenten van deze verplichte kost?

Het HAND boek Deze week het handboek History of art voor studenten kunstgeschiedenis.

zoon Anthony F . Janson de revisie en uitbreiding van het boek over. Groot is erg te spreken over het hand­ boek en prijst vooral de illustraties. "Ik dweep niet met Janson, maar het is tot nog toe een van de betere handboeken. Daarover bestaat binnen onze vakgroep duidelijk consensus. Het uiterlijk van het boek is elke editie aantrekkelijker geworden door de illustraties. D e uitge­ ver heeft fototechnisch echt zijn best gedaan. De kleurenpagina's staan nu ook tussen de tekst, en dat studeert een stuk gemakkelijker. Bovendien zijn veel detailfoto's van kunstwerken uit de vo­ rige edities nu gefotografeerd in hun ruimtelijke context, in een gebouw bij­ voorbeeld." Ook inhoudelijk is het boek drastisch gereviseerd. Met name de laatste de­ cennia kwamen er in eerdere edities wat al te bekaaid vanaf. N u dat verbe­ terd is, heeft het boek nog maar weinig concurrentie. Groot: "Dat we het boek in het Engels voorschrijven verruimt de keuzemogelijkheden wel een beetje, maar dan nog zijn er met veel altema=^;U

tieven. Engels is in de kunstgeschiede­ nis nu wel min of meer de gezagheb­ bende taal. Dat is ook de reden waar­ om we onze studenten het boek in het Engels laten lezen: in het vervolg van hun studie zullen ze ook in deze taal verder moeten kunnen. Buitenlandse studenten adviseren we wel vaak de Nederlandstalige versie te kopen. En studenten die meer dan normale pro­ blemen met het Engels hebben, raden we aan de twee versies naast elkaar te lezen. Daar steken ze het meest van op. Er wordt wel eens gevraagd om een wat handzamer, minder dik handboek, weet Groot. Maar dat zal bij deze richting niet meevallen. "In de propaedeuse telt vaak toch de kwantiteit. Studenten moeten leren kijken, maar ook leren lezen en schrijven. Ze zullen door de confrontatie met Janson wel verrast zijn, maar ik denk dat het voor nie­ mand een belemmering kan zijn om zich verder in de kunstgeschiedenis te verdiepen." _ .

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 16 augustus 1993

Ad Valvas | 552 Pagina's

Ad Valvas 1993-1994 - pagina 113

Bekijk de hele uitgave van maandag 16 augustus 1993

Ad Valvas | 552 Pagina's