Ad Valvas 1993-1994 - pagina 415
ADVALVAS 14 APRIL 1994
PAGINA 7
PERSON EELS KATERN 'Decentraal beleid dat meer inspeelt op de markt'
Riskante werksituaties in kaart gebraclit
Personeelszaken schetst ideeën over toekomst personeelsmanagement De nota bevat een groot aantal suggesties, variërend van een verdere profesEen meer decentraal personeelsma- sionalisering van de werving en selectie nagement: dat is de belangrijkste van sollicitanten tot het registreren van ontwikkeling die de dienst perso- allochtonen die in dienst komen en een neelszaken de komende jaren hoopt inventarisatie van de nevenwerkzaamheden van het wetenschappelijk persote bewerkstelligen. "De leiding van neel. Al deze voorstellen zullen met fafaculteiten en diensten moet er van culteitsbesturen- en secretarissen, de doordrongen raken dat personeels- leiding van diensten en met de universimanagement op decentraal niveau teits- en ondernemingsraad besproken goed is voor de organisatie en dat er worden. ook geld mee te verdienen valt", Jonker noemt wijzigingen in de honoaldus C. Jonker, hoofd personeels- rering als een van de belangrijkste sugzaken van de vu. De dienst wil gesties: de arbeidsmarkt moet bij het bedaarnaast onder meer een sterkere palen van het salaris een grotere rol gaan relatie tussen het salaris van werk- spelen. "Het is iedereen duidelijk dat de nemers en de arbeidsmarkt en meer positie van bij voorbeeld filosofen en scheikundigen op de arbeidsmarkt loon naar werken. nogal verschilt. Toch gelden dezelfde schalen voor alle wetenschappers, met In de nota Hoofdlijnen personeelsma- uitzondering van de medici. Dat vind ik nagement 1994-1995 zet de dienst haar te starre structuur: er moet ruimte zijn ideeën over het universitaire personeels- voor verschillen in beloning, zodat het beleid in de komende jaren uiteen. "Het makkelijker wordt om schaars talent aan is een discussiestuk", zet Jonker de be- te trekken. Daar zou wat mij betreft een doeling van de nota uiteen. "We willen gestructureerd beleid voor ontwikkeld met de nota reacties oproepen uit de mogen worden." universiteit over de ontwikkelingen die Hetzelfde geldt voor verschillen in bewenselijk zijn op het gebied van perso- loning tussen goed en minder goed presneelsmanagement. Pas daarna zullen we terend personeel. Jonker: "Ook langs onze ideeën in een definitief stuk aan het die lijn is het systeem van honorering college aanbieden." volgens mij te star. We maken in het saJan-Jaap Heil
laris onvoldoende onderscheid tussen mensen die excellent presteren en mensen die onder de maat presteren. Ik vind dat niet juist: ik zie niet in waarom personeel dat goed presteert niet een keer wat extra zou kunnen krijgen, en waarom iemand die achterblijft niet een periodieke salarisverhoging onthouden kan worden."
Vrijheid Zeker zo belangrijk als de inhoudelijke voorstellen uit de nota vindt Jonker echter de cultuuromslag die onder leidinggevenden vereist is om goed in te kunnen spelen op de veranderde positie van de universiteit. "De vu hoeft in haar personeelsbeleid niet meer te leunen op allerlei overheidsregels. We hebben een grote mate van vrijheid in het personeelsbeleid. Voor de invulling van die vnjheid is het echter vereist dat de leiding op decentraal niveau, bijvoorbeeld een faculteitsbestuur, er van doordrongen raakt dat ze meer moet doen dan alleen de sturing van het primaire proces van onderzoek en onderwijs. Het decentrale niveau moet een geïntegreerde aanpak van het onderwijs en onderzoek en het personeelsbeleid, maar ook financieel management, ontwikkelen. Dat gebeun nu nog te weinig." H. Urbanus, hoofd personeelsbegelei-
ding en mede-auteur van de nota, vult aan: "Een faculteit bijvoorbeeld zou een eigen mix moeten maken van onderwijsen onderzoeksbeleid, personeelsbeleid en financieel beleid. Een groeiende faculteit zal meer aandacht hebben voor werving en selectie, een krimpende meer voor uitstroombeleid. Het is dus niet zo dat iedereen alle elementen uit onze nota in zijn beleid moet betrekken. Men moet er alleen wel over na gaan denken, en wat ons betreft ook een plan van aanpak opstellen. Ook dat is nu nog niet gebruikelijk." Personeelszaken zelf zal in dit gedecentraliseerde beleid vooral een faciliterende rol gaan spelen. Jonker: "We zullen meer stimuleren dat onze personeelsfunctionarissen faculteiten assisteren bij het personeelsbeleid; voor een deel gebeurt dat nu al. Ook zal Personeelszaken meer zaken als trainingen en cursussen voor personeelsmanagement gaan verzorgen. Verder krijgen we denk ik door de grotere verantwoordelijkheid van het decentrale management een meer evaluerende en spiegelende taak. Leidinggevenden krijgen een grotere rol in het beleid, maar ze zullen zich vermoedelijk ook meer moeten binden aan het realiseren van resultaten."
VU en ziekenhuis stimuleren carpoolen Betere voorzieningen voor fietsers Een gezamenlijke werkgroep van de universiteit en het ziekenhuis stelt voor om het carpoolen van werknemers te stimuleren, betere voorzieningen voor fietsers aan te leggen en de kosten van het parkeren van auto's op de campus nog eens onder de loep te nemen. Zo hoopt de werkgroep het gebruik van de auto voor het woon-werkverkeer van het universitaire en ziekenhuispersoneel flink terug te dringen.
AD VALVAS PERSONEELSKATERN Het personeelskatern verschijnt maandelijks als bijlage in Ad Valvas Redactie: Ben Rogmans {hoofdredacteur, tel 548 6930), Jan-Jaap Heij (tel 548 4330), Ben Koster {vormgeving, tel 548 3087), Harmke van Rossen, Anne Pek {redactie-assistenten) Redactiecommissie: Mevr dr T.J Biewenga {On dernemingsraad), drs P G Heemskerk {Ondernemingsraad), mevr. drs. P.T.Th Ketelaars (Perso neelszaken) Produlttie: Drukkerij Dijkman, Amsterdam int.Standaard Serie Nummer: 0166 0098
De tram is een goed alternatief voor de auto
Hij vermoedt dat het met deze maatregelen mogelijk is om de traditionele problemen die automobilisten met carpooling hebben te overwinnen. "Het personeel wil best, dat blijkt uit het vooronderzoek. Vaak is het voor mensen echter gewoon lastig om te carpoolen. Met name in het ziekenhuis beginnen en eindigen veel diensten op verschillende tijden. Dat carpoolt wat lastig: medepassagiers moeten lang op je wachten." Voor fietsers stelt de werkgroep voor om betere voorzieningen aan te leggen: douches en meer en veiliger fietsenstallingen. Dit zou drie procent minder autogebruik op kunnen leveren. Stimulering van het gebruik van openbaar vervoer, door bij voorbeeld buslijnen in de buurt van de campus door te trekken, kan op korte termijn eveneens drie procent minder autokilometers tot gevolg hebben. Op langere termijn kan deze laatste re-
D e dienst veiligheid en milieu (DVM) en de bedrijfsgezondheidsdienst BGD zijn samen met Personeelszaken bezig om zogenaamde risico-inventarisaties uit te voeren. Bij alle faculteiten en diensten van de universiteit zullen voor eind 1994 de mogelijke risico's op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn geanalyseerd worden. De risico-inventarisaties zijn een uitvloeisel van de nieuwe arbeidsomstandigheden (Arbo)-wet, die per 31 maart officieel van kracht is geworden. De vu heeft daardoor de verplichting gekregen om voor de hele universiteit risico-inventarisaties te maken en te rapporteren aan de arbeidsinspectie. De inventarisaties dienen echter niet alleen om de inspectie een plezier te doen, aldus bedrijfsverpleegkundige R. van Walt van Praag van de BGD, die meewerkt aan de inventarisaties. "Ze zijn voor een belangrijk deel ook een vorm van bewustmaking. Het moet doordringen dat de arbeidsomstandigheden belangrijk zijn, dat het normaal is om dat op de agenda te hebben staan." In de inventarisaties zullen allerlei arbo-aspecten aan de orde komen, aldus Ingrid Hutten, namens DVM betrokken bij de inventarisaties. "Op het gebied van veiligheid kijken we met de betrokken afdelingen naar het gebruik van gevaarlijke chemische en biologische stoffen, maar ook naar bijvoorbeeld loshangende kabels. Voor het welzijn van het personeel is onder meer het klimaat in de kamers en de ergoiiomie van het meubilair belangrijk. Al die zaken zijn uiteraard ook van belang voor de gezondheid van het personeel."
Taakverdeling
Jan-Jaap Heij
De maatregelen zijn onderdeel van een vervoerplan dat de werkgroep vorige maand presenteerde. "We hebben op basis van een eerder onderzoek naar de mogelijkheden voor het verminderen van het autogebruik bekeken welke maatregelen haalbaar en betaalbaar zijn", aldus H. Lassing, beleidsadviseur van de dienst personele zaken van het ziekenhuis en voorzitter van de werkgroep. "iVlet name op het gebied van carpoolen zien we kansen. Carpoolmaatregelen kunnen het autogebruik met zeven procent omlaag brengen", aldus Lassing. "We stellen voor dat de universiteit en het ziekenhuis samen een vervoerscoördinator aanstellen, die de carpools moet organiseren en bekendheid moet geven aan de mogelijkheid van carpooling. Deze coördinator komt te werken in het ziekenhuis. Verder willen we dat er een routeplanningspakket wordt aangeschaft en dat de instellingen parkeerruimte vrij gaan houden voor carpoolers."
JAARGANG 1 , NUMMER 3
ductie nog veel groter worden, aldus Lassing. "Met het opzetten van aparte snel- en shutüediensten voor werknemers bereik je veel meer, evenals met het aan iedereen verschaffen van een ovkaart. Aparte lijnen stuiten echter op verzet van de vervoermaatschappijen waar we mee gepraat hebben. Die zien er te weinig brood in. Een ov-kaart voor iedereen is buitengewoon duur: dat kost ettelijke miljoenen. Dat is iets voor de verre toekomst."
Positief Onderdeel van het plan is verder een nog niet ingevulde - herziening van de parkeerkosten. Lassing: "Het stadsdeel Buitenveldert gaat het parkeren in de buurt van de campus duurder maken. Dat kan het aangrijpingspunt zijn om ook het parkeren op de campus duurder te maken. Dat stimuleert het gebruik van andere vervoermiddelen. We moe-
Brann de Hollander
ten echter wel voorzichtig zijn met het duurder maken van het parkeren. Met name bi) werknemers van het ziekenhuis, die vaker dan universitair personeel echt zijn aangewezen op de auto, bestaat er veel weerstand tegen." De eerste reacties op het vervoersplan zijn positief. Bij de presentatie reageerden collegelid J. Dormer van de universiteit en bestuurslid Th. Halma van het ziekenhuis instemmend op de ideeën van de werkgroep. De GR van de vu, die eind vorige maand over het vervoersplan sprak, stond er eveneens positief tegenover. De OR wilde echter wel een aantal zaken toegelicht hebben alvorens akkoord te gaan met het plan, onder meer over de mogelijkheden van een OV-kaart en van lease-fietsen. Deze maand praat de raad verder over het vervoersplan.
De twee diensten hebben een taakverdehng gemaakt. Daardoor kan sneller gewerkt worden. Bovendien verschilt de expertise van de twee diensten, DVM concentreert zich daarom op de bèta-faculteiten en -diensten, waar de veiligheidsrisico's het grootst zijn. Op dit moment lopen inventarisaties bij Scheikunde en bij Geneeskunde en Bewegingswetenschappen. De BGD concentreert zich op de alfaen gamma-faculteiten en de diensten waar zij het meest van afweet. Op dit moment inventariseert de BOD bij de dienst voorlichting en externe betrekkingen en bij Theologie; ze begint binnenkort bij Letteren en Rechten. Inventarisaties bij de faculteit biologie en de dienst financieel-economische zaken zijn al klaar. De biologen zijn wel over hun inventarisatie te spreken, aldus faculteitssecretaris J.G. van der Zee: "Ik heb het concept net gekregen, dus ik kan nog niet beoordelen of het iets opgeleverd heeft, maar ik ga er van uit dat dat het geval is. Ik vind een inventarisatie in deze vorm een prima idee: ze levert concrete aandachtpunten op voor het beperken van de arbeidsrisico's voor het personeel en de milieu-risico's. Het proces kost wat tijd, maar dat is het wel waard." De ervaringen van de diensten die de inventarisatie uitvoeren zijn vooralsnog eveneens gunstig. De faculteiten werken netjes mee, aldus Hutten van DVM. "Een inventarisatie kost weliswaar veel tijd, maar slechte werkomstandigheden geven veel ergernis. Faculteiten willen daarom zelf ook graag weten hoe het nu precies is met de arbeidsomstandigheden. Bovendien bestaat de hoop dat als eindelijk op papier staat wat de problemen zijn, er geld beschikbaar komt om die problemen op te lossen." DVM, die bij de meer risicovolle bètafaculteiten inventariseert, is op een aantal onacceptabele situaties gestuit, aldus diensthoofd W. van Alphen. Hij vindt het echter niet verstandig om die op dit moment openbaar te maken. In de inventarisaties van de BOD zijn vooralsnog geen grote problemen boven water gekomen, aldus Van Walt van Praag. "Er is hier en daar wel wat aan de hand, maar het betreft geen ernstige misstanden. Het gaat meer om bijvoorbeeld slechte stoelen en dergelijke."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 16 augustus 1993
Ad Valvas | 552 Pagina's