Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1993-1994 - pagina 305

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1993-1994 - pagina 305

9 minuten leestijd

AD VALVAS 10 FEBRUARI 1994

akan-

PAGINA 5

'Doceren is een ambacht' Hoorcolleges soms overbodig: rol van de universitair docent gaat veranderen Te vaak wordt de kwaliteit van het onderwijs mede beoordeeld op basis van het aantal contacturen tussen docenten en studenten. Vroeger was er op universiteiten sprake van een leermeestergezelverhouding. IVIet een instroom van 600 eerstejaars is die niet meer te handhaven. De komende jaren zal de rol van de docent daarom drastisch veranderen. Hij wordt meer de bestuurder van het leerproces dan de aandrager van informatie. Het onderwijsadviesbureau van de VU volgt en begeleidt die ontwikkeling.

Ws

'w'

',ts*^

Florence Pijpers-Drenth: 'Je mag studenten hun tijd niet laten verdoen met uitzoeken wat die docent nou precies bedoelt." Nico Boink - AVC/VU

Ben Rogmans Een paar weken geleden haalde de Technische Universiteit in Delft de voorpagina's van de landelijke kranten met het nieuws dat studenten voortaan hun docenten gingen beoordelen, en dat een negatief oordeel zou kunnen leiden tot ontslag. Het verhaaltje was een beetje aangedikt, maar in essentie klopte het. Het was alleen geen nieuws, want het systeem in Delft is grotendeels een kopie van wat er op de vu al jaren gebeurt. Florence Pijpers-Drenth, hoofd van het onderwijsadviesbureau (OAB) herinnert zich nog het enthousiasme van de Delftse ambtenaar toen hij de vu-vragenlijsten zag. "Ik geloof alleen dat het niet helemaal correct in de krant heeft gestaan. Het lijkt me nogal duur worden om elke docent die een onvoldoende krijgt op wachtgeld te zetten. Maar ook op de vu spelen de oordelen van studenten al enkele jaren mee bij de be-

oordeling van docenten. D e gegevens liggen bij de faculteiten, dus het is onzin als zij ze niet zouden gebruiken bij functionerings- en beoordelingsgesprekken. Alleen zullen wij ze nooit naar Personeelszaken sturen." D e kwaliteit van het onderwijs staat in de belangstelling. Analoog aan de commissies die het wetenschappelijk onderzoek beoordelen, zijn een paar jaar geleden de visitatiecommissies voor het onderwijs aan de slag gegaan. Verder is het collegegeld de afgelopen jaren verhoogd en voelen studenten de hete adem van studieleningen, tempobeurzen en een kwakkelende arbeidsmarkt in de nek. Ze hebben meer redenen dan ooit om waar voor hun geld te eisen.

Nietje erdoor, klaar! Volgens Pijpers is de belangrijkste ontwikkeling in het wetenschappelijk onderwijs de veranderende positie van de docent: "Het onderwijs moet onafhankelijker worden van de persoon van de

docent. Hij moet niet meer de aandrager in het leerproces zijn, maar meer de bestuurder daarvan. Dat legt een grote verantwoordelijkheid bij de studenten." "Een groot deel van de informatie die docenten nu op hoorcolleges naar voren brengen, is voor de studenten ook elders te vinden. Delen van het curriculum kunnen bijvoorbeeld door de computer worden overgenomen. Met speciale soft-ware kunnen docenten prachtige cursussen ontwerpen. Ze moeten daar natuurlijk wel de tijd voor krijgen. De snelheid waarmee dat soort ontwikkelingen gaat, is afhankelijk van het enthousiasme bij individuen en van de faciliteiten die ze krijgen." "En de laatste tijd is er veel belangstelling voor de ontwikkeling van toetssystemen en databanken met vragen, zodat de studenten zichzelf kunnen toetsen. Tijdens de colleges zal het accent meer gaan liggen op de aanvullende informatie. Ze vormen niet meer de hoofdschotel in het onderwijsproces."

Het onderwijsadviesbureau houdt zich in toenemende mate bezig met de kwaliteit van de toetsing. Pijpers: "Het is soms echt onethisch wat daar gebeurt. Toetsen worden vaak pas op het laatste moment in elkaar gezet. Soms door verschillende docenten, die allemaal wat mogen vragen. Nietje erdoor, klaar! Er zijn studenten die een jaar vertraging oplopen doordat ze een slecht gemaakt tentamen niet halen."

Ambacht "Tegelijkertijd zijn er maar heel weinig docenten die zo nu en dan eens een toets door ons laten analyseren. Er wordt veel over geklaagd. N o u is het niet zo dat alle klachten van studenten terecht zijn, maar in de praktijk blijkt wel dat ze in hun oordeel heel goed afstand kunnen nemen van h u n eigen prestatie. Gemiddeld genomen zijn de betere studenten minstens zo kritisch als de slechte." Een andere belangrijke ontwikkeling in

'Daar heb je Eric weer met z'n wereldwinkel'

het wetenschappelijk onderwijs is volgens Pijpers de toenemende aandacht voor de didactische kwaliteiten van de docenten. "We kunnen het ons niet meer veroorloven om docenten door schade en schande wijs te laten worden. Helaas wordt het onderwijzen in wetenschappelijke kringen nog niet als een ambacht gezien, een ambacht waarvoor sommigen talent hebben, en dat door anderen door middel van nascholing geleerd zal moeten worden." "Er zijn nog steeds docenten die het een pre vinden dat ze moeilijk les geven: ze zeggen dat ze er dan tenminste zeker van zijn dat ze alleen de slimme studenten overhouden. Ik vind dat je de studenten niet mag vragen h u n tijd te verdoen met uitzoeken wat die docent nou precies bedoelt." "Een voorwaarde voor die ontwikkelingen is dat het onderwijs veel strakker wordt gepland dan nu het geval is. Veel docenten doen daar een beetje moeilijk over. Ze zijn bang dat ze hun vrijheid kwijtraken en bijvoorbeeld niet meer naar een congres in het buitenland kunnen gaan. Het tegendeel is echter waar: naarmate de persoon van de docent meer wordt losgekoppeld van het onderwijs, kan een college of andere onderwijsactiviteit makkelijker door een andere persoon worden overgenomen." "De studenten zullen steeds meer eisen gaan stellen aan het onderwijs. Programma-fouten zullen minder makkelijk worden geaccepteerd. Vroeger hoorde je ze niet als er zo nu en dan eens een gat van veertien dagen in het onderwijsprogramma zat. Dat zou je denk ik nu niet meer kunnen doen. Ze pikken het niet meer als op de universiteit de zaken een beetje rommelig lopen. Ik denk ook dat de inbreng van de studenten in de vakgroepen en faculteit heel groot is. En zo'n notitie van de SRVU over de studentenbegeleiding is ook een teken aan de wand: het was een paar jaar geleden ondenkbaar dat de studenten met zo'n goed én degelijk verhaal zouden komen."

Ook het personeel dat dagelijks achter de schermen werkt, is essentieel voor de VU. Wie zijn deze mensen en wat doen ze eigenlijk? De wereldwinkelier.

' V -v

ft

Wereldwinkelier Eric Gubbels: 'De verkoop verdubbelt elk jaar. Dat geeft een goed gevoel'

AóiUr de schermen

NICO Boink-AVC/VU

I r s?"»». Coen van Basten "Mijn medestudenten vinden het wel grappig dat ik in de wereldwinkel sta", vertelt zevendejaars rechtenstudent Eric Gubbels (25). Plotsklaps herinnert hij zich een voorval dat dit illustreert. "Bij het afscheid van een professor had iedereen bloemen meegenomen. Ik had niks bij me. T o e n ben ik snel een pak koffie in de winkel gaan halen. D e hele zaal lag blauw. 'Daar heb je de koffieboer weer', riepen ze. Maar. vervolgens praatte de professor wel tien minuten over mijn koffie. En over hoe belangrijk solidariteit voor studenten is." Samen met een andere jongen coördineert Gubbels de wereldwinkel, waar vijftien vrijwilligers werken. "Ik zet me op deze manier in voor de Derde W e reld. Het is goed om iets voor armen te

doen. Je moet niet alleen met jezelf bezig zijn op deze aardbol." D e eerste wereldwinkel opende 25 jaar geleden in Breukelen zijn deuren. Het was het begin van eerlijke handel met ontwikkelingslanden tegen rechtvaardige prijzen. Een groot succes is de Max Havelaar-kofïie. Gubbels: "Alle cacaoen koffiebonen zijn rechtstreeks ingekocht bij organisaties van kleine boeren. Zij krijgen een toeslag op de wereldmarktprijs omdat ze nog een achterstand hebben in te lopen. Bovendien kunnen de boerenorganisaties zestig procent van de inkoopprijs al ontvangen voordat de oogst begint, zodat ze geen schulden hoeven te maken bij woekeraars." D e geschiedenis van de wereldwinkel begint in Limburg. Daar legde een aantal paters contacten met boeren in ont-

wikkelingslanden. Die producenten kregen vaak een te lage prijs voor hun produkten. Tussenhandelaars streken het geld op. D e boeren accepteerden uit geldgebrek iedere prijs. D e paters gingen daarom de produkten van de boeren zelf importeren. In Nederland werden zij voor een eerlijke prijs verkocht. Nederland telt zo'n vierhonderd wereldwinkels. De Vrije Universiteit is de enige universiteit met zo'n winkel. Begin jaren zeventig is deze opgericht. Vijf keer per week is de vu-winkel voor de ingang van de mensa open. Tussen de middag en maandagavond. "Er wordt veel gekocht bij ons", verklaart Gubbels. "Zowel door studenten als medewerkers. We verkopen van alles. Koffie, thee, wijn, honing, chocolade en kringlooppapier. En cadeautjes,

kunstnijverheidsprodukten zoals kandelaartjes, T-shirts, oorbellen en andere snuisterijen. Al deze spullen worden bij de S.O.s. Wereldhandel ingekocht." "Hier aan de v u timmeren we behoorlijk aan de weg. We zorgen dat de winkel in de publiciteit komt te staan. Dat doen we door verspreiding van folders en kofïieschenkacties. We boren een nieuwe klantenkring aan. We hebben onlangs de centrale goederenvoorziening, onder het Wis- en Natuurkundegebouw, benaderd of ze spullen willen verkopen. Koffie, thee, suiker en zo." Menigeen denkt bij een wereldwinkel aan een soort geitewoUen-sokkenwinkeltje. "Vroeger was dat ook zo", vertelt Gubbels. "Lange haren, dikke baarden. Maar dat imago is verleden tijd. Wereldwinkels, van vandaag zijn professioneel en commercieel. Winsten

worden in de winkel geïnvesteerd. Niet in projecten in de Derde Wereld. Het gaat er immers om dat de boer een eerlijke prijs voor zijn produkt heeft gekregen." "Het is leuk dat de omzet van de vuwinkel als een pijl omhoog gaat", meent Gubbels. "Elk jaar verkopen we het dubbele. Dat geeft een goed gevoel. Ook is het grappig als een klant je een compliment maakt over je kennis van wereldwinkels. Zo van 'Goh, wat weet je veel van die handel'." Als Gubbels klaar is met zijn rechtenstudie zet hij wellicht zelf ergens in het land een wereldwinkel op. "Met dit werk blijf ik absoluut doorgaan", verklaart hij vastberaden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 16 augustus 1993

Ad Valvas | 552 Pagina's

Ad Valvas 1993-1994 - pagina 305

Bekijk de hele uitgave van maandag 16 augustus 1993

Ad Valvas | 552 Pagina's