Ad Valvas 1993-1994 - pagina 545
AD V A L V A S 16 JUNI 1994
PAGINA 9
Studeren in Bosnië Studentenstad Tuzla is al bijna twee jaar geïsoleerd van de buitenwereld ^^êtéiüurPÊ^ Jl mi ''ïmiiS, iïSïKii: I?:':•
Yannick du Pont
"Look mister", zegt Monkey, terwijl hij zichzelf met zijn stiletto diep in zijn hand snijdt. Lachend kijkt hij me aan, terwijl ik verbaasd naar zijn bebloede hand staar. Het is hem weer gelukt mijn aandacht te trekken. Monkey (13) is een vluchteling uit het gebied van de rivier de Drina, een van de meest be ruchte streken in de buurt van Tuzla, waar het BosnischServische leger een grote 'zuivering' heeft uitgevoerd. Hij is een van de meer dan 100.000 gevluchte moslims in de buurt die het geluk heb ben gehad de zuiveringen te overleven. Alleen al in de Tuzlaregio worden op dit moment 200.000 mensen vermist. "Mister, mister, you fuck my sister; ten Deutschmark!" gaat hij verder. "Je moet ze gewoon negeren", zegt Leyla (26), mijn gids en tolk. Snel lopen we door. Leyla, een vierdejaars studente mijnbouw aan de universiteit van Tuzla, woont met haar ouders en zusje al haar hele leven lang in Tuzla. Twee jaar geleden, bij het uitbreken van de oorlog, was ze verloofd met een jongen uit Sarajevo. Ze zouden waar schijnlijk gaan trouwen. Leyla was net met hem op skivakantie gegaan toen hij werd opgeroepen om te vechten aan het front bij Sarajevo. Hij was een van de eerste gesneuvelde soldaten. Haar leven was in één klap verwoest. We zijn op weg naar de eerste lagere school voor vluchtelingen, 'M ouse' ge naamd. Ik heb van een Nederlandse school brieven meegekregen voor de kinderen van deze school. "Doberdan!" zegt Leyla ineens en loopt naar een jon gen van een jaar of 27 die achter een houten tafeltje zit. Op het tafeltje staan oude colaflessen gevuld met zelfge maakte slivovitsj (Bosnische pruimen brandy). De jongen blijkt een reeds af gestudeerde collega van Leyla te zijn, die met zijn ingenieurstitel weinig kan beginnen. "Hij zit hier elke dag, dat is zijn enige manier om te overleven. Werk is erg schaars dezer dagen", legt ze later uit.
Vluchtelingen Eenmaal aangekomen bij de school is het eerste dat opvalt dat veel klasloka len zijn bewoond. Een groot deel van de scholen in de stad is gedurende de oorlog ontruimd, zodat er vluchtelingen in kunnen worden ondergebracht. We
gaan naar de kamei van de rector, die ons verheugd ontvangt. Snel worden alle docenten bij elkaar geroepen voor een overleg met ons. De school biedt op het moment onderwijs aan ongeveer 700 gevluchte kinderen, die les knjgen van een docentenkorps dat eveneens uit vluchtelingen bestaat. "Deze kinderen hebben alles verloren wat er maar te verliezen valt", vertelt een docent me. Veel van hen zijn wees geworden of hun vader zit aan het front of m een concentratiekamp. "Hun ver leden is vernietigd, hun heden is een hel en een toekomst hebben ze niet." Als ik de brieven van de Nederlandse kinderen aan hem laat zien, is hij erg blij. "Voor onze kinderen is het erg be langrijk om te weten dat er andere kin deren van hun bestaan weten en aan hen denken." De kinderen zelf zijn helemaal door het dolle heen als we de brieven gaan uitde len. Ze kunnen de tekst dan wel niet lezen, want die is nog niet vertaald, maar de bijgevoegde foto's en plak plaatjes zorgen al voor een groot feest. Als ik me verontschuldig dat ik geen concrete hulp kan bieden aan de school, zegt de docent "Dat hoeft van ons ook niet, alleen al deze brieven be tekenen erg veel voor de kinderen."
Granaatsplinters Ik had al een voorstelling van Tuzla voordat ik er naar toe ging. Een van de dingen die ik verwachtte aan te treffen, waren in puin geschoten huizen. Deze ontbreken echter in het straatbeeld. Veel meer dan littekens in het asfalt en gaten in het pleisterwerk van de gebou wen is er niet terug te vinden. "Het ve nijn zit in de meer dan duizend splin ters die van de granaat afkomen", ver telt Leyla. Die zijn ongeveer 70C en snijden overal doorheen. Het vreemde is dat je op tien meter van de inslag on gedeerd kan blijven, en je op honderd meter afstand dodelijk kan worden ge troffen." Op mijn vraag of ze aan het gevaar van de granaten gewend is geraakt, ant woordt ze ontkennend: "Terwijl ik hier zo met je door de stad wandel, zoek ik voortdurend naar plaatsen waar ik dek king kan zoeken." Op 1 mei, de nationale feestdag, hoor ik drie granaten inslaan. Enkele kleine meisjes die om me heen staan, drukken hun handpalmen tegen hun oren en be
Studenten in Tuzla: de colleges gaan gewoon door, ondanks het sombere toekomstperspectief
ginnen te huilen. Het zal de enige keer zijn tijdens mijn veertien dagen in Bos nië dat ik granaten hoor vallen. De aan val kostte het leven aan een 20jarig meisje en verwondde haar drie vrien den. De volgende dag gaan we op bezoek in een studentenhuis, waar twaalf studen ten me opwachten rond een kan koffie en een reep chocolade, een echte luxe die er alleen is voor speciale gasten. De kamer waarin we zitten heeft ongeveer de grootte van een gemiddelde studen tenkamer. In de kamer staan drie bed den. Op de boekenplanken die tegen de muur zijn opgehangen staan een hand jevol boeken, een half pakje meel, wat suiker en een flesje olie. Voordat ik naar binnen ga, moet ik eerst mijn schoenen uittrekken. Drie Engels sprekende studenten horen mij uit over mijn mdrukken van Tuzla en over het leven in Nederland. "Nieuws is erg belangrijk voor ons. De afgelopen twee jaar zijn we volkomen geïsoleerd geweest van het buitenland. Sindsdien hebben we nauwelijks ie mand van buiten gesproken", vertelt Leyla. Als ik zeg dat het wel erg krap is om met drie mensen op zo'n klein ka mertje te slapen, moet ze lachen. "In deze kamer slapen acht mensen en dat IS geen uitzondermg." De andere twee studentenhuizen zijn nu in gebruik als opvangcentra, waardoor iedereen bij el kaar moest kruipen. De universiteit draait ondanks de oor log gewoon door. De meeste studier ichtingen zijn technisch: scheikunde.
elektrotechniek, mechanica, mijnbouw en geologie. Daarnaast wordt er ook medicijnen, economie en filosofie gege ven. De economische faculteit bestaat pas sinds twee jaar. De complete facul teit is vanuit Brcko naar Tuzla ver huisd, omdat het BosnischServische leger deze stad dreigde in te nemen. De universiteit van Tuzla is in 1976 ge sticht, met als hoofddoel de industrie in de regio te ondersteunen. Zo staat er een elektriciteitscentrale in Tuzla en is er veel mijnbouw in de regio. Het aan tal studenten is in de afgelopen twee jaar gedaald. Door de oorlog zijn veel van hen naar het buitenland gevlucht, maar er zijn er nog zo'n 5.000 over, die gewoon doorgaan met studeren.
P e n en p a p i e r De universiteit draait steeds moeiza mer. Veel apparatuur is versleten en re serveonderdelen zijn niet te verkrijgen. Papier en pennen zijn ook al vrijwel nergens te vinden. Nieuws over de ont wikkelingen in de vakgebieden over de afgelopen twee jaar ontbreekt volledig, terwijl veel professoren zijn gevlucht. De overgebleven docenten verdienen 2 DM per maand, net genoeg voor een kilo meel. De situatie van de studenten is nog slechter. De afgelopen twee jaar hebben de meesten van hen van geen enkele in stantie hulp ontvangen, omdat ze geen vluchteling zijn. Vrijwel alle hulpgoede ren die de stad bereiken, zijn bedoeld voor de vluchtelingen. Dat dit kwaad bloed zet onder de eigen bevolking zal duidelijk zijn. Behalve de mspanning die de studenten zich al moeten leveren getroosten om te overleven, moet het mannelijke gedeel te ook nog vechten aan het front. Het collegejaar is zelfs zo ingedeeld dat het berekend is op hun militaire dienst. Dit, gevoegd bij het dalende niveau van het onderwijs, maakt het toekomstper spectief voor de universiteit bijzonder somber. "De komende drie generaties zijn volledig verloren voor wat betreft onderwijs", vertelt een professor me emotioneel. "Dit zal funest zijn voor onze industrie, die afhankelijk is van de kennis die we hier ontwikkelen." Aan het eind van mijn elfdaagse bezoek word ik voor de lunch uitgenodigd door Leyla's ouders. Na een overvloedige maaltijd, waarvan ik weet dat ze die ei genlijk niet kunnen betalen, trekt de vader zijn zelfgemaakte vat met slivo vitsj open. "Het was de bedoeling deze alleen te openen als Leyla zou trouwen, maar dit is ook een grote gebeurtenis".
zegt de vader. Hij wil een gesprek aan knopen over de politiek achter de oor log, maar Leyla weigert zijn verhaal te vertalen. "Na twee jaar oorlog hebben veel mensen hun buik vol van politiek, ik heb geen zin meer om er over te pra ten."
Volkstuintjes Waar ze het wel over wil hebben, is de humanitaire hulp van sommige hulpor ganisaties zoals Merhamet. "Wij zijn of ficieel moslim, maar krijgen niets van Merhamet", zegt Leyla. "Alleen als je lid bent van de moslimpartij, krijg je hulp. Hetzelfde geldt voor Kroaten die hulp willen knjgen van Cantas. Die moeten lid zijn van de Kroatische par tij." Leyla's familie weigert lid te wor den van de SDA, de moslimpartij van Izetbegovic. "Tuzla is er voor alle be volkingsgroepen, niet alleen voor mos lims, Kroaten of Serviërs." Op dit moment is Tuzla nog steeds be kend om zijn multiemische identiteit. Kroaten, M oslims en Serviërs wonen zonder grote problemen met elkaar samen. Veel inwoners, vooral jongeren, voelen zich helemaal met verbonden met een bepaalde groep en velen heb ben 'gemengde' ouders. Het Bosnische leger bestaat nog steeds uit alle bevolkingsgroepen. "Iedereen die in deze stad woont, heeft in theorie én praktijk dezelfde rechten en plich ten", vertelt Leyla's vader. "Laten we hopen dat de verkiezingen in september veel goeds zullen brengen voor iedereen hier en dat de multiemische geest van onze stad bewaard blijft." Voordat ik met het konvooi vertrek, wil Leyla me nog even het stedelijke park laten zien. De bomen in het park, dat gelegen is op een heuvel die uitkijkt over de hele stad, zijn inmiddels bijna allemaal gekapt. De houten latten van de bankjes die her en der staan, zijn ook verdwenen, waarschijnlijk zijn ze opgestookt gedurende de laatste winter. Als we boven op de heuvel staan kijkt Leyla triest uit over de stad. "M oet je al die heuvels zien! Die waren vroeger ook allemaal dicht begroeid met bomen. Nu IS alles weg." Op de plaats van de bomen heeft de noodlijdende bevolking van Tuzla on telbare volkstuintjes aangelegd. student Yannick du Pont is voorzitter van de stichting Jongeren Solidair met voormalig Joegoslavië
Naar aanleiding van liet bezoek aan de universiteit van Tuzla zal de stichting Jongeren solidair met voormalig Joegoslavië vier projecten starten. Er is een studentenfonds in het leven geroepen waarmee voedsel en medicijnen voor studenten in Tuzla zxillen worden gekocht. Er zal geprobeerd worden materiële hulp zoals literatuur te sturen en is er een onderzoek gestart naar de mogelijkheid van samenwerking met Nederlandse universiteiten. Bovendien krijgt een delegatie van de universiteit van Tuzla een uitnodiging om half september naar Neder land te komen. Studentenhuis in Tuzla: met z'n achten op een kamer
Foto's Yannick du Pont
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 16 augustus 1993
Ad Valvas | 552 Pagina's