Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 43

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 43

9 minuten leestijd

PAGINA 7

ADVALVAS 8 SEPTEMBER 1 9 9 4

Gelijke kansen voor docenten en wetenschappers

f

Hakkelende docenten komen er niet meer in bij de VU Begenadigde docenten zijn zeldzaam maar worden toch alé stiefkind behandeld aan de universiteit. Hun carrièremogelijkheden zijn slechter dan die van uitblinkende wetenschappers. Aan de vu gaat dat binnenkort veranderen. Goede lesgevers kunnen dan opklimmen tot de rang van universitair hoofddocent. En misschien zal binnen vijf jaar zelfs de status van hoogleraar bereikbaar zijn. "Dat is een logische ontwikkeling voor een universiteit die zich profileert met goed onderwijs", vindt rector magnificus prof. dr E. Boeker. Liesbeth Klumper " G a geen onderwijs geven w a n t d a n m a a k je nooit m e e r c a r r i è r e " , a d v i seert drs W . K n i p p e n b e r g , v o o r z i t t e r van de universiteitsraad v a n d e T e c h n i s c h e universiteit Delft zijn ^m Nederlandse universiteiten is onderwijs geven inderdaad met erg populair. Dnekwart van de wetenschappers doet liever onderzoek, zo bleek uit een onlangs gehouden enquête onder veertienhonderd Nederlandse hoogleraren en universitair docenten. En het zal er niet beter op worden nu de regeringsplannen bekend zijn. Het wetenschappelijk onderzoek wordt gespaard, maar op onderwijs moeten de universiteiten samen tweehonderd miljoen inleveren. Het paarse kabinet slaat de v u tot 1998 aan voor zestien miljoen gulden, dat is ruim vijftien procent van het totale onderwijsbudget van de universiteit. Voor een instelling die goed onderwijs hoog in het vaandel heeft is het een klap. "Toch moeten we de kwaliteit van ons onderwijs overemd houden", zegt rector magnificus prof.dr E. Boeker. "En dat kan door intensivering van het onderwijs en door nog eens kritisch te kijken naar de specifieke problemen van docenten birmen de v u . "

Publikaties Het grootste probleem van enthousiaste lesgevers zijn de beperkte carrière-mogelijkheden. Een wetenschappelijk medewerker wordt nou eenmaal beoordeeld op basis van onderzoeksresultaten, van publikaties in belangrijke vaktijdschriften. Of zo iemand hakkelend voor de groep staat en studenten niet kan inspireren, telt niet mee bij beoordelingsgesprekken. Terwijl de mensen die zalen vol studenten weten te boeien en veel energie steken in voorbereiding en doceren, weinig terug zien voor h u n inspanningen. Dat was minister Ritzen ook al opgevallen. Hl) lanceerde in januari 1993 een idee: de universiteiten moesten voor-

taan uitblinkende docenten salarisverhoging geven. Het was een loze kreet want geld voor de extra beloning van de docenten had hij niet. Dat moesten de universiteiten zelf maar bij elkaar scharrelen. Ook Boeker vindt dat goede docenten extra beloning verdienen. Maar hij wijst op zijn beurt naar een lager echelon: de faculteiten. Extra geld kan de universiteit er niet voor geven, de faculteiten moeten het zelf betalen. T o c h ziet Boeker wel wat financiële ruimte, hij denkt in de richting van een prestatieloon. "Bij een beloning voor goede docenten hoort ook een straf voor slechte. Zulke mensen bevorder je niet, of geef je geen periodieken meer. D e vanzelfsprekendheid van die jaarlijkse salarisstap moet er af maar het levert geld op dat je dan weer kunt gebruiken om de goeie docenten extra te belonen", aldus Boeker.

Zichtbare output De bestuurders van de v u maken ernst met het plan om goede docenten een steuntje in de rug te geven. D e carrièremogelijkheden worden ruimer en sollicitanten die niet kunnen aantonen dat zij goed les kunnen geven, worden niet meer aangenomen. "Moet je mensen die absoluut geen les kunnen geven nog aanstellen?" vraagt Boeker zich af. "Wij gaan nieuwelingen steeds meer selecteren op onderwijskwaliteiten. H o e prachtig him onderzoek ook is, het is niet meer het enige dat telt." "Daarnaast trekken we de carrièrekansen voor onderzoekers en docenten gelijk. Zodat mensen die goed lesgeven op kunnen klimmen tot universitair hoofddocent. Die promotie gaan we beoordelen op basis van zichtbare output, precies zoals dat bij wetenschappers gebeurt." Zo'n onderwijskei moet bijvoorbeeld een leerboek hebben geschreven waar de vakbroeders enthousiast over waren en dat dus ook elders wordt gebruikt. Publikatie van een artikel over vakdidactiek in een belangrijk tijdschrift telt ook mee, net als voordrachten bij congressen. En natuurlijk weegt het oor-

Prof. dr E. Boeker: 'Goede docenten verdienen een extra beloning' deel zwaar van de landelijke visitatiecommissies die het onderwijs kritisch hebben bekeken. Volgend jaar zal de rang van universitair hoofddocent (tJHD) open staan voor leerkrachten. D e dienst Personeelszaken is vrijwel klaar met het opstellen van de nieuwe beoordelüigsnormen. D e universiteiten van Utrecht en Groningen zijn ook bezig de carrièremogelijkheden voor topdocenten te verruimen. "Bij ons kunnen medewerkers opteren voor een onderwijs-baan of voor een combinatie van wetenschap en onderwijs", vertelt dr Vermeulen, hoofd van de afdeling beleid en planning van de Utrechtse instelling. "Wij verwachten dat in studentluwe faculteiten de combinatie-variant populair zal zijn. Maar bij faculteiten met veel studenten zullen er meer mensen voor uitsluitend onderwijs kiezen. Voor die laatste groep hebben wij de doorstroommogelijkheden verbeterd. Ook medewerkers die alleen maar onderwijs geven kurmen straks in salarisschaal veertien of vijftien terechtkomen, waar nu alleen nog goede onderzoekers in zitten. Zo hoeven goede universitaire docenten zich geen zorgen meer te maken over h u n onderzoeksprestaties." O m in aanmerking te komen voor die doorstroming moeten de docenten wel

een opleiding volgen die maximaal twee jaar zal duren. Volgende maand start de eerste cursus voor medewerkers van de Utrechtse letterenfaculteit. "Die cursus moet je zien als 'begeleid leren op de werkplek'. D e duur zal voor iedereen anders zijn, goede docenten gaan er sneller doorheen dan mensen die minder didactische vaardigheden hebben."

Vakbonden Voor de vu ziet Boeker niet zoveel in een dergelijke verplichte cursus. "Die werken meestal averechts want mensen gaan dan ongemotiveerd naar zo'n cursus toe. Er zijn andere mechanismen om mensen te motiveren, binnen de v u kunnen mensen terecht bij het Onderwijs adviesbureau voor bijscholingscursussen." Iedereen die na 1 januari 1995 wordt aangenomen in Utrecht, valt in de veranderde rechtspositie. In de loop van het volgend jaar worden ook de huidige personeelsleden in de nieuwe functiestructuur ondergebracht. D e vakbonden zijn inmiddels in grote lijnen akkoord met de plannen om uitmuntende docenten meer toekomst te bieden. Vermeulen: "De hoogleraar-status is voorlopig niet haalbaar, daar zijn we heel voorzichtig mee. Maar het zal er in de toekomst wel van komen. Al vind ik

AVCAU

dat je mensen die hoogleraar worden nooit op grond van onderwijsprestaties alléén moet selecteren. Zo iemand moet toch ooit wel dik in het onderzoek hebben gezeten."

Status Bij het college van bestuur van de v u wijzen nog niet alle neuzen dezelfde kant op als het gaat om hoogleraarsbenoemingen voor onderwijscoryfeeën. "Er bestaat nog geen consensus over", zegt Boeker netjes. Maar zijn persoonlijke mening wil hij wel kwijt. "Het is logisch dat h e t er in de toekomst aan komt. Zulke mensen moeten straks binnen de faculteiten intensief gaan samenwerken met wetenschappers, met toppers op het gebied van onderzoek, allemaal hoogleraren. Wil je een gelijkwaardige positie creëren dan moet je dat ook tot uiting brengen in de status van zo'n onderwijsmanager. Al is het alleen maar om het gezag, de uitstraling van een dergelijke functie. Maar het zal nog wel een jaar of vijf duren voor de eerste onderwijs-hoogleraar er komt."

'Je bent net een topsporter' "Een briljant onderzoeker die tegelijkertijd ook nog goed onderwijs geeft, is een ideaalbeeld. Zo iemand bestaat eigenlijk niet", zegt dr W. Smits. Hij doceert internationale economische betrekkingen en handelstheorieën bij Economie. Smits doet geen onderzoek meer, met toestemming van zijn hoogleraar wijdt hij zich uitsluitend aan het onderwijs. Zijn studenten dragen hem op handen, hij scoort in h u n beoordelingen telkens weer een acht.

Dr W. Smits: zijn studenten dragen hem op handen

Peter Wolters, AVC/VU

Smits werkt deze maand 25 jaar bij de vu. "Ik ben eigen kweek", meldt hij zelf. "Ik ben hier afgestudeerd, kreeg een promotiebeurs en was binnen vier jaar gepromoveerd." In het begin van de jaren zeventig deed hij de helft van de tijd onderzoek en de rest besteedde hij aan onderwijs. Gaandeweg is hij steeds meer onderwijs gaan geven, hoewel hij zelf zegt absoluut geen natuurtalent te zijn. "Ik was als de dood om voor de klas te staan. En nog steeds heb ik elk jaar ergens in augustus de nachtmerrie dat ik onvoorbereid voor een groep studenten sta. Maar het lesgeven ging me steeds beter af en ik kan nu ook goed inspelen op de sfeer in de groep." De groepen waar Smits voor staat be-

staan soms uit driehonderd studenten. "Ik vind het heel bevredigend om voor zo'n gehoor een verhaal te houden dat goed in elkaar zit zodat de groep niet onrustig wordt. Het mooiste is als je hier en daar oogjes ziet oplichten, zo van 'aha'. Ik stel me weleens voor dat mijn kinderen in de zaal zitten. Twee uur een saai verhaal aan moeten horen, dat zou toch vreselijk voor ze zijn?" Hij steekt dan ook veel energie in de voorbereiding van zijn colleges, hoewel hij al jaren voor de jongerejaars vrijwel dezelfde stof doceert. In het doctoraalprogramma zit meer variatie. Aan elk uur college gaan altijd twee a drie uur voorbereiding vooraf. Daarnaast loopt hij aan het begin van het studiejaar het hele collegedictaat door en werkt het zo nodig bij. "Voor ik op moet, komt er niet veel uit mijn handen want dan ben ik er al mee bezig. En na afloop ben ik leeg. Soms voel ik me net een topsporter, totaal gericht op die ene inspannmg." Smits besteedt 60 tot 70 procent van zijn werktijd aan onderwijs. Aan bestuur en beheer gaat 10 procent op, maar dat is in de praktijk meer omdat hij in de drukke examencommissie zit. Officieel is er 20 procent beschikbaar voor onderzoek, maar Smits komt er

niet meer aan toe. Met instemming van zijn hoogleraar heeft hij dat deel van zijn taken dan ook voorlopig laten schieten. De status van onderwijsgevenden is laag binnen de uiiiversiteit. Onderzoek is hetgene dat telt. "Binnen de universitaire wereld staat onderwijs geven niet erg hoog genoteerd", geeft Smits toe. "Of je carrière maakt, hangt af van je onderzoekprestaties, kijk maar naar de criteria die Personeelszaken daarvoor hanteert. Universitair hoofddocent kun je alleen maar worden als je een grote wetenschappelijke output hebt. E n dat steekt wel eens. Uitemdelijk verdient de universiteit in eerste instantie geld door onderwijsproduktie. Niemand is ongevoelig voor status, maar gelukkig mteresseert het me niet zo wat anderen van het verloop van mijn carrière vinden. Opmerkingen als: 'Goh jongen, wat heb jij een pokkenbaan' hoor ik vrijwel nooit. En gelukkig maar, want zoiets bemvloedt je houding natuurlijk wel." (LK)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994

Ad Valvas | 638 Pagina's

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 43

Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994

Ad Valvas | 638 Pagina's