Ad Valvas 1994-1995 - pagina 223
*Misscliien dat er meer gegieclieid wordt' Coen van Basten Frans, Psychologie en Pedagogiek heten 'meidenstudies' te zijn. Voor de docenten maakt het echter weinig uit of er mannen of vrouwen voor hen zitten. "Je zorgt gewoon dat iedereen aan de beurt komt."
'Al die meiden. Dat is de studie voor mij' Coen van Basten Als kind wilde hij cowboy worden. Eigenlijk nog steeds wel. Twee jaar geleden bezocht hij allerlei open dagen om erachter te komen welke studie bij hem paste. Op de open dag van de faculteit psychologie van de v u werd het Roel Verburg (20) plotsklaps duidelijk. "Overal liepen meiden rond. Ik keek eens om me heen en dacht 'Dit is de studie voor mij'. En You can quote me on that." Verburg, die deze voorlichtingsdag twee jaar geleden overigens bezocht met zijn huidige vriendin, moet toegeven dat zijn keus niet alleen gebaseerd is op de aanwezigheid van het vrouwelijk schoon. "Op die dag werden veel interessante dingen verteld", herinnert hi) zich. "Bijvoorbeeld over een split brain en het menselijk geheugen. Die functieleerkant van de menselijke hersenen vind ik boeiend." De paar jongens die hij aantrof, waren van het type langharig en alternatief. "Maar in dat soort kringen placht ik me ook te begeven", merkt Verburg droogjes op. Zijn haar, nu tot iets boven de schouders, was tot voor kort nog lang. Van zijn nagels kun je dat niet zeggen. Menig vrouw kan jaloers zijn op de lengte van zijn 'gitaarkrabbers'. Verburg is tevreden over zijn studiekeuze. "Ik volg de vakken met veel plezier. Sommige colleges zijn fantastisch. Dan worden er dingen verteld waarvan ik denk
'Dit is geniaal!' Ik heb haast de neiging om te gaan klappen. Neem de experimenten van Sperling, bijvoorbeeld. Deze man toonde nieuwe informatie aan over het geheugen van de mens. Hij deed dat door middel van letterreeksen. Te gek." Verburg is met name geïnteresseerd in psychonomie, alles wat met de hersenen te maken heeft. Minder leuk vindt hij arbeids- en organisatiepsychologie. Met de meiden waardoor hij dagelijks omringd wordt, kan hij prima opschieten. Ze weten dat hij een vriendin heeft, dus vallen ze hem niet al te veel lastig. Had Verburg anders meer sjans gehad? Een peinzende blik. "Dat verwacht ik wel", luidt zijn antwoord zelfverzekerd. En helaas is 'vreemd gaan' er niet bij, verzucht hij. "De sociale controle is te groot." Maar even later vertelt hij op serieuze toon dat hij zoiets toch nóóit zou doen.
Slimmer Dat zijn vriendin ook psychologie studeert, daar doet hij zijn voordeel mee. "Zij houdt alle aantekeningen bij, van statistiek bijvoorbeeld", vertelt Verburg met een grote grijns op zijn gezicht. "Dat is wel makkelijk. Dan kan zij me in anderhalf uur tijd de tentamenstof van een kwart jaar uitleggen." Zitten ze niet vaak samen gezellig te kletsen in de collegebanken? "Dat valt wel mee", verklaart Verburg. "Zij gaat vaker dan ik. En als ik kom, ben ik meestal laat. Dus kunnen we niet naast elkaar zitten." Zijn vriendin is duidelijk punctueler dan hij. "Zij herinnert
me aan tentamens. Anders vergeet ik ze." Verburg denkt dat veel jongens niet voor psychologie kiezen, omdat zij een studie willen doen waarmee ze in ieder geval een baan kunnen krijgen. "Het heersende idee is toch dat jongens later de kost moeten verdienen. Dan moeten ze de juiste studie doen. Informatica of zo. Meisjes gaan meer op hun gevoel af. Zo van: 'Wat vind ik leuk'. Zij zijn minder gericht op een baan. Dat vind ik veel slimmer." "Niet je belangstelling volgen, is toch dom", roept Verburg uit. "Een vervelende studie en vervolgens een vervelende baan. Nee, dat is niks voor mij." Wat wil hij dan in de toekomst? "Nog steeds cowboy worden", grinnikt hij. "Ach ik weet het nog niet. Misschien iets in de psychonomierichting." Hij kijkt even lachend voor zich uit. Verklaart dan: "Ik zie mezelf als iemand die later wordt onderhouden door z'n vrouw. Overdag speel ik gitaar, samen met andere werkloze psychologen. Kratje pils erbij." Maar voorlopig is hij nog wel even aan de vu gebonden. "Het klinkt gek, maar ik vind het vu-gebouw leuk. Alles zit lekker bij elkaar: boekenwinkel, postkantoor." Verburg is lid van de faculteitsvereniging VSPVU. En hij schrijft voor het faculteitsblad Tram. Dat hij het in zijn artikelen heeft over seks, drugs en rock roll, moge geen verbazing wekken.
"Frans is altijd al een meidenstudie geweest", vertelt Marjolein van Tooren, studiebegeleider en docent Frans. Twee jongens tussen dertig meisjes is normaal. "Dat er weinig jongens zijn, maakt niets uit tijdens de colleges", meent Van Tooren. Collega Rutger Meier, studie-adviseur bij Pedagogiek en Psychologie, is het daarmee eens. "De studieproblemen van jongens zijn dezelfde als de moeilijkheden die meiden ondervinden." Van Tooren vraagt zich af waarom het andere geslacht nauwelijks geïnteresseerd is in de Franse taal. "Het is een raadsel. Dat was het al toen ik hier studeerde in 1979. Toen waren er ook zeer weinig jongens. De verhouding is nooh fifty-fifty geweest." Voor een deel verklaart ze dat met het feit dat Frans het imago heeft een softe studie te zijn. Bij Engels is dat niet het geval. Daar is de verhouding jongensmeisjes gelijk. "Op de middelbare school kiezen jongens eerder voor de bèta-kant. Frans is dan het eerste vak dat sneuvelt." Een klas vol meiden en twee jongens ervaart ze niet als een probleem. "Misschien dat er meer gegiecheld wordt. Maar dat is de puberteit, zullen we maar zeggen." In de colleges behandelt Van Tooren jongens niet anders dan meiden. "Als docent zorg je dat iedereen aan de beurt komt. Dat er nauwelijks jongens aanwezig zijn, leidt niet tot andere onderwijssituaties." Dat er bij Psychologie en Pedagogiek veel minder jongens dan meisjes studeren, dat heeft volgens Meier alles met het beroepsbeeld te maken. "Bij pedagogiek denken jongens dat zij zich exclusief met kinderen gaan bezighouden. Dat beeld, dat bestaat bij aankomende studenten, klopt niet met de werkelijkheid. Pedagogen houden zich namelijk meer bezig met de opvoeders van kinderen dan met de kinderen zelf. Momenteel studeren er bij Psychologie 43 mannelijke en 156 vrouwelijke eerstejaars. Voor Pedagogiek zijn dat er respectievelijk 11 en 91. Volgens Meier was deze verhouding zo'n twintig jaar geleden nog half-half. Als studie-adviseur komt Meier geen andere problemen tegen bij meisjes of jongens. "Misschien, maar nu speculeer ik, laten meisjes zich tijdens hun studie eerder beïnvloeden door relationele problemen." Jongens hebben volgens hem meer moeite met discipline. "Zij moeten zich ertoe zetten om te studeren."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994
Ad Valvas | 638 Pagina's