Ad Valvas 1994-1995 - pagina 156
Extra aandacht voor migranten hij onderzoeii De Wetenschapswinkel van de Vrije Universiteit wil de komende jaren extra aandacht besteden aan vragen die bij organisaties van migranten leven. Petra van Mechelen is daarvoor als projectmedewerkster aangetrokken. Ze vertelt in het kort over de noodzaak en de inhoud van het project.
"Tot nu toe hebben we bij de Wetenschapswinkel relatief weinig vragen binnen gekregen vanuit de migrantenwereld. En als er al vragen binnenkwamen, kwamen die vaak ook nog vanuit oorspronkelijk Nederlandse organisaties, zoals een wijkcentrum dat meer voor allochtonen wilde gaan doen. We denken dat bij de eigen organisaties van migranten zelf best vragen leven, maar dat ze de weg naar de Wetenschapswinkel niet kennen. Daarom dit stimulermgspreject. De Wetenschapswinkel gaat twee jaar actief de migrantenorgani-
saties in de regio benaderen. We hopen dat daarna de" drempel weggenomen is en migranten vanzelf met vragen naar de VU komen", legt Van Mechelen de bedoeling van het project uit. De eerste stap is mmiddels uitgevoerd. Ruim driehonderd organisaties van en voor migranten, maar ook algemene instellingen die zich bezighouden met migranten m de regio kregen een enquête in de bus over eventuele behoefte aan ondersteuning door de Wetenschapswinkel. Voor een deel kwam Van Mechelen aan de adressen door haar vorige baan bij het instituut voor Zorg en Welzijn in Utrecht waar ze ook onderzoek deed voor migrantengroepen. Daarnaast hebben ook enkele grotere migrantenorganisaties in de regio hun medewerking verleend door adressen van hun contacten te verstrekken. Ze noemt de reacties op de enquête tot nu toe positief. "Er kwamen veel brieven terug. Van kleine zelforganisaties tot grote steunfunctie-instellingen, zoals het Nederlands Centrum voor Buitenlanders. En allerlei groepen waren vertegenwoordigd, van Koerden tot en met Pakistanen, maar ook Turken, Marokkanen en Surinamers."
Rechtspositie
Migranten kennen de weg naar de Wetenschapswinkel nog niet
Sociale clausules: redding of ondergang? Is het o p n e m e n v a n sociale clausules in internationale handelsovereenkomsten een b e l e m m e r i n g v a n de v r i j h a n d e l o f een b e m o e i e n i s waar de o n t w i k k e l i n g s l a n d e n helemaal niet o p z i t t e n te wachten? Dat was de inzet v a n een s y m p o s i u m d a t d i t Jaar d o o r de W e t e n s c h a p s w i n k e l Economie w e r d g e o r g a n i s e e r d in s a m e n w e r k i n g m e t de Landelijke India W e r k g r o e p en het Int e r n a t i o n a l r e s t r u c t u r i n g e d u c a t i o n netw o r k Europe (IRENE). Stel: Nederland wil internationaal handelen met Costa Rica. In het contract dat beide partners hiervoor opmaken, laat Nederland opnemen dat Costa Rica een aantal minimumvoorwaarden moet stellen aan de arbeidsomstandigheden in het land. Anders worden er geen zaken gedaan. Op het oog een lovenswaardig initiatief. Maar de werkelijkheid is wat complexer. Voor de individuele werknemer lijken sociale clausules niets dan voordelen te hebben. Het werk wordt er nagenoeg altijd prettiger op. Het probleem doet zich meestal voor op macro-niveau. Tegenstanders van sociale clausules voeren aan dat onvoorwaardelijke vrijhandel uiteindelijk iedereen ten goede zal komen. 'Geen regels' is voor hen de beste regel. Bovendien wordt het opnemen van sociale clausules vaak gezien als neo-kolonialisme: een nieuwe vorm van bemoeienis met de soevereiniteit van die landen. Sommige landen voelen zich door sociale clausules op de vingers gekeken. Andere nadelen van sociale clausules zijn mogelijk protectionisme en het feit dat de druk om ze op te nemen gepaard kan gaan met sancties en boycots die zowel sociaal als economisch contra-produktief zullen zijn. Er valt ook wel iets te zeggen vóór het opne-
men van sociale clausules. Door dergelijke clausules kan de situatie voor mensen die onder miserabele arbeidsomstandigheden werken er behoorlijk op vooruit gaan. Voorstanders, zoals de International conference of free trade union (ICFTU), betogen dat oneerlijke arbeidspraktijken steeds belangrijker worden in de competitie tussen landen voor de vergroting van hun exportmarkten. Daarom, menen zij, moeten minimum arbeidsvoorwaarden aan handelsovereenkomsten zoals de CATT worden gekoppeld. Dan is uiteindelijk iedereen beter af. Op het m mei onder de titel 'Condition or cooperation? Trade, aid and minimum labour standards' door de Economiewinkel in de vu georganiseerde symposium passeerden alle voors en tegens van de clausules nog eens uitvoerig de revue. Ongeveer honderd deelnemers, onder meer afkomstig uit India en Indonesië, bogen zich over het onderwerp. Conclusie van de tweedaagse was dat aan het stellen van arbeidsvoorwaarden zelf ook de nodige voorwaarden moeten worden verbonden. Of liever: het verbeteren van de arbeidsvoorwaarden van elke werknemer, waar ook ter wereld, is een loffelijk streven. Maar er zal goed over nagedacht moeten worden of nieuwe regels niet eerder belemmerend werken dan bevrijdend.
Nico Boink - AVC/VU
Veel vragen leven op het gebied van arbeid, bij voorbeeld evaluatie van de resultaten van het positieve actiebeleid van de overheid, effectmeting van toeleidingstrajecten en onderzoek naar de toekomstige arbeidsmarkt voor allochtonen in de gezondheidszorg. Een ander thema dat naar voren kwam is de zorg voor oudere migranten in Nederland. Momenteel ligt er een aanvraag voor onderzoek naar de zelfredzaamheid van Turkse ouderen, met de bedoeling gerichte voorlichting te kunnen geven over de hulpvragen die in de toekomst van deze groep te verwachten zijn. Ook met een instelling voor sociaal-cultureel werk m Purmerend is Van Mechelen druk bezig een vraag uit te werken naar de mogelijkheden van intercultureel werk. Het voorlichtingsproject Deffirkwent en Samenleving wil graag ex-gedetineerde Marokkanen inzetten bij de voorlivhting aan Ma-
rokkaanse jongeren. Zij moeten daarvoor echter eerst weten hoe men in de Marokkaanse gemeenschap tegen ex-gedetineerde landgenoten aankijkt. Naast de behandeling van binnenkomende vragen is het ook de bedoeling een aantal discussiebijeenkomsten te houden rond bepaalde thema's, zoals werkgelegenheid of de positie van oudere migranten. "We willen kijken of bepaalde vragen bij meerdere groepen spelen. Dan kunnen we de krachten bundelen en een breder, eventueel gesubsidieerd onderzoeksproject opzetten met meerdere invalshoeken", licht Van Mechelen de bedoeling van de discussiebijeenkomsten toe. Meestal doen studenten onderzoek voor de vragen die binnenkomen, vaak als stage of als scriptie-onderwerp. Maar soms werkt de Wetenschapswinkel ook als intermediair om betaalde onderzoeksprojecten van de grond te krijgen. "We vinden kwaliteit een belangrijke maatstaf voor het te verrichten onderzoek. Dus we wijzen de aanvrager erop dat een onderwerp misschien te diepgaand is om door een student te laten doen en dat het goed zou zijn er een ervaren onderzoeker op te zetten. Eventueel in combinatie met studenten voor kleine deelonderzoeken. Dan bekijken we de financiële mogelijkheden." Overigens bestrijdt Petra dat het werk van studenten per definitie van minder niveau zou zijn. "De meeste vragen zijn prima te beantwoorden door een derde- of vierdejaars student." De Vrije Universiteit heeft volgens Van Mechelen een aantal echte specialisaties in huis voor onderzoek met migranten. Ze denkt daarbij vooral aan de faculteit sociaal-culturele wetenschappen met de studierichtingen Etnische studies en Cultuur Organisatie en Management en Sociale Gerontologie. Maar ook bij andere faculteiten is specifieke deskundigheid aanwezig, zoals bij psychologie en pedagogiek, rechten en economie.
Zwanezang voor zwembad Zwanenburg? Het z w e m b a d In het aan A m s t e r d a m g r e n z e n d e Z w a n e n b u r g heeft het m o e i lijk. De bezoekersaantallen z i j n in de dert i g Jaar v a n z i j n bestaan t e r u g g e l o p e n v a n 2 0 0 d u i z e n d in het eerste Jaar t o t 2 0 d u i z e n d in 1 9 9 3 . Bovendien w i l de gemeente H a a r l e m m e r m e e r het Jaarlijkse e x p l o i t a t i e t e k o r t v a n t w e e t o n niet meer b e t a l e n . Een u i t b r e i d i n g t o t k u u r b a d kan het z w e m b a d m o g e l i j k r e d d e n . De concurrentie tussen de zwembaden in de Randstad is moordend. De subtropische zwemparadijzen schieten als paddestoelen uit de grond. Het zwembad Zwanenburg, gebouwd in 1962, kan met twee grote baden en een peuterbadje niet op tegen lange, bochtige glijbanen, bubbelbaden en knuffelmuren. Sinds de opening van 'combi-bad' Het Spectrum in het nabijgelegen Hoofddorp heeft de gemeente bovendien te kennen gegeven de geldkraan voor zwembad Zwanenburg spoedig te willen draaien. Ook is het materiaal van zwembad Zwanenburg danig verouderd. Het bad voldoet niet meer aan de wet Hygiene en Veiligheid zwemgelegenheden. De gemeente Haarlemmermeer wilde het zwembad aanvankelijk sluiten, maar dat ging een actiegroep in de dorpskern van Zwanenburg te ver. De actiegroep, bestaande uit de dorpsvereniging, zwemclub De Swaenen en de stichting Collusie, een non-profitcentrum voor werkgelegenheidsprojecten, sociale vernieuwing, en milieuzorg, dacht dat het mogelijk moest zijn van zwembad Zwanenburg een milieuvriendelijk, energiezuinig en kostendekkend zwembad te maken. De stichting Collusie stapte vervolgens naar de Wetenschapswinkel van de Vrije universiteit om dit plan te laten onderzoeken.
Vijftien studenten milieuwetenschappen onderzochten de voor- en nadelen van de omvorming van het ouderwetse zwembad tot 'kuurbad'. Hun conclusie was dat van de drie baden er het beste één kan worden omgebouwd tot kuurbad. Met dit idee op zak klopte de stichting Collusie vervolgens bij de Economiewinkel van de vu aan. Deze benaderde Marco Schouten, een afstuderende bedrijfseconomiestudent, met de vraag of hij de plannen vanuit bedrijfseconomisch oogpunt tegen het licht zou willen houden. In juni verscheen zijn rapport Zwanezang voor zwembad Zwanenburg? Eén van de opvallendste aanbevelingen in dit rapport is Schoutens voorstel de toegangswegen naarhet zwembad Zwanenburg te vergroten. Verder wil hij het voortaan als 'Het Swaenenmeer' door het leven laten gaan. "Een nieuwe naam bij een nieuw zwembad schept duidelijkheid", zo motiveert hij deze keuze. "Bovendien geeft de verwijzing naar het ballet het nieuwe zwembad een imago van een zekere klasse en schoonheid, die goed aansluit bij het imago van een kuurbad."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994
Ad Valvas | 638 Pagina's