Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 455

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 455

9 minuten leestijd

ADVALVAS 3 0 MAART 1 9 9 5

PAGINA I S

'Een voet verstuiken kan al fataal zijn' Netwerkbeheerder maakt zich op voor Himalaya-expeditie "Heel beneden komen, is voor ons het belangrijkste", meent alpinist Peter Valkenburg. Volgende maand begint de netwerkbeheerder van de dienst coördinatie computer-aangelegenheden van de VU, aan de eerste Nederlandse beklimming van de 6858 meter hoge Ama Dablam in de Himalaya. "Ik kan me niet voorstellen dat ik in de komende tien jaar zou stoppen met klimmen." Peter Boerman Al bijna vijftien jaar zit Peter Valkenburg (32) jaarlijks zo'n twee a drie maanden m de Alpen. Hoger dan 4800 meter kwam hij echter nog niet. Daar hoopt hij volgende maand verandering Hl te brengen, als hij in een kleine expeditie van vier man een poging zal doen de bijna zevenduizend meter hoge Ama Dablam te bedwingen. "Het is natuurlijk al vaker gezegd: maar de benaming 'mooiste berg van de wereld' is bij deze top wel heel erg toepasselijk", vertelt hij enthousiast. Valkenburg hoorde van een bevriende uvA-student over de Nepalese expedine. En dat leek hem wel wat. "Aanvankelijk wilde onze expeditiegids een route klimmen die zeker drie keer per jaar begaan wordt. Daarvoor kon hij echter te weinig klanten krijgen, ook al had hij al een permit, een toestemmingsbewijs. T o e n ontstond het plan via een nieuwe, nog met eerder gevolgde route te klimmen, over de zogenaamde westnoord-west-graat. " De klimmers zullen 19 april voor in totaal zes weken vertrekken. "We gaan in de meest rustige penode, vóór de moesson begmt, dus hopelijk zit het weer mee." De eerste zeven tot tien dagen na de vlucht worden onder meer gebruikt om dragers te regelen. Daarna begint de echte beklimming. Het basiskamp, het punt tot waar de vier door dragers vergezeld worden.

komt op zo'n 4500 meter te liggen. Dan volgen nog achthonderd meter rotsklimmen, twee kilometer graatbeklimming en nog eens zo'n achthonderd meter naar de top. "Dat zal waarschijnlijk het zwaarste deel worden. Boven ligt veel ijs, dus zullen we veel ijzer met ons mee moeten slepen." De poging om de top te bereiken zal, als alles goed gaat, zo'n vijf dagen van

de reis in beslag nemen; drie dagen naar boven en twee naar beneden. Valkenburg verwacht dat de beklimming van de spits dag en nacht zal verschillen van de hem vertrouwde Alpentoppen. "Vooral logistiek is het heel anders. Alpenbeklimmingen zijn zo kort dat je altijd wel bmnen een dag terug kunt zijn op de basis. Hier zul je veel meer mee moeten slepen. En je moet bijvoorbeeld een sneeuwhol graven, waar je de nacht m kunt doorbrengen." Ook de veiligheid verschilt nogal. "In de Alpen is het reddingswezen goed ontwikkeld. Hier zijn de veiligheidsmarges veel kleiner. Een voet verstuiken kan al fataal zijn, omdat een helicopter niet hoger dan het basiskamp kan komen." De totale begroting van de reis, zestig mille, is grotendeels met sponsors bij-

eengesprokkeld. Ook de KNAV, de N e derlandse alpinistenbond, en de verkoop van t-shirts droegen h u n steentje bij. Daardoor konden de kosten per persoon tot zo'n vijfduizend gulden beperkt worden. "Eén van de redenen waarom ik aan de vu werk is dat de arbeidsvoorwaarden hier zo goed zijn dat ik lang weg kan om te klimmen", vertelt hij lachend. Klimmen is voor Valkenburg "absoluut een grote passie. Ik kan me niet voorstellen dat er de eerste tien jaar iets langskomt, waardoor ik zou stoppen met klimmen." De fascinatie voor hoge bergen begon al m de vakanties met zijn ouders. Langzamerhand zocht hij steeds gevaarlijker terrem op. In Oostenrijk volgde hij een cursus en op zijn zeventiende werd het klimmen echt serieus. N u is hij zelf leider van een klimcursus m N e derland. "Hier kun je alleen op klimmuren terecht, maar daar kun je het wel goed op leren." D e vier avonturiers hebben tot nog toe weinig samen getraind. "Alleen vorige maand in de buurt van de M a t t e r h o m . " T o c h verwacht Valkenburg onderling geen problemen. " T o e n we begonnen, zijn we eerst eens rondom de tafel gaan zitten om te kijken wat de intentie is van de trip. Het bleek al vnj snel dat we op één lijn zaten. We zijn alle vier niet van die toppenjagers. Het gaat ons meer om de weg er naartoe. Het belangrijkste is heel beneden komen, dan komt lol hebben, en pas als laatste komt het bereiken van de top." "De meest ervaren klimmers missen allemaal wel een paar vingers of tenen vanwege de kou. Het kan daar boven dan ook min dertig zijn. E n dan vergeet ik nog de wind chiU factor, de kou zoals je hem voelt. Daar kan ik je aardige horror-verhalen over vertellen. Ik kom liever met al mijn vingers beneden."

Peter Valkenburg: 'ik kom liever met al mijn vingers beneden' Archief Peter Valkenburg

Het verschil tussen een maori en een Vespa Dick Roodenburg 'Caro diario' van de Italiaanse regisseur Nanni Moretti en 'Once were warriors' van zijn Nieuw-Zeelandse collega Lee Tamahori beleefden emd januari tijdens het Filmfestival te Rotterdam him Nederlandse première. Deze week draaien de films op Uilenstede en dat is dan meteen ook de enige overeenkomst tussen beide. Moretti beschrijft m zijn 'dagboek' vooral alledaagse gebeurtenissen, die hij met droge humor becommentarieert. Tamahori schuwt het spektakel niet en zijn beelden van de hedendaagse maori-knjgers neigen zelfs naar exotisme. 'Caro diario' bestaat uit drie delen. In 'Op mijn Vespa' neemt Moretti de toeschouwer achterop zijn scooter mee voor een n t door diverse buitenwijken van een zomers, dus rustig Rome. D e regisseur ontpopt zich als een laconiek

verteller, die van zijn stad houdt, maar het liefst een buitenstaander blijft. Met swmgende raï-muziek op de geluidsband krijgen we fraaie huizen te zien. Zo nu en dan stapt Moretti af om met bewoners te praten of om even mee te zingen in een salsa-band. Daarnaast gaat het eerste deel van het dagboek over film. Moretti komt Jermifer Beals tegen - 'wie is die gek?', vraagt haar begeleider - en vertelt haar dat de film 'Flashdance' zijn leven veranderde. Naar aanleiding van positieve kritieken gaat hij naar 'Henry, portrait of a serial killer', om walgend buiten te komen. In een gefantaseerde scène laat Moretti de huilende criticus bekennen dat hij onzin uitkraamde. 'Op mijn Vespa' eindigt met een soort bedevaart naar de plek waar Pasolini vermoord werd. Een commentaarloos en daardoor des te indringender eerbetoon aan de Italiaanse dichter en regisseur. In 'Eilanden' bezoekt Moretti met

vriend Gerardo eilanden voor de Italiaanse kust. Gerardo keek jarenlang geen televisie, hij las Ulysses van James Joyce. Eenmaal buiten zijn studeerkamer wordt hij meteen soap-verslaafd. Op Stromboh - het verlaten vulkaaneiland waarop zich de gelijknamige film van Rossellini afspeelt - stuurt Gerardo zijn vriend naar een groepje Amerikaanse toeristen op de volgende heuveltop, om te vragen naar de komende ontwikkelingen in 'The bold and the beautiful'. Ook erg komisch is het eiland waar elk gezm slechts één - vreselijk verwend - kind heeft. D e jeugd ter-

roriseert het telefoonverkeer door op te nemen en verhaaltjes of diergeluiden te eisen voor ze him ouders aan de lijn roepen. Op een gegeven moment zie je een pleintje met telefooncellen vol wanhopig blatende, loeiende en hinnikende volwassenen. 'Dokters' is het derde deel. We volgen Moretti op zijn gang langs allerlei dokters. Hij heeft last van jeuk, zou allergisch zijn en krijgt van de verschillende artsen een indrukwekkende hoeveelheid middeltjes voorgeschreven. Vergeefs, want het blijkt om een - gelukkig goedaardige - vorm van lymfe-kanker te

gaan. Moretti suggereert dat de doktoren met h u n specialismen ten opzichte van elkaar even geïsoleerd zijn als de eilanden in het vorige deel.

Maori's 'Once were warriors' opent met een lieftallig landschap, dat als de camera naar achteren gaat een reclamebord langs een snelweg door een vervallen voorstad blijkt te zijn. D r o o m en werkelijkheid in één beeld gevangen. De snoeiharde geluidsband en de personages die in beeld komen, wekken de indruk dat het verhaal zich net zo goed in

f-

Snoeiharde film van Lee Tamahori: een verscheurde maori-familie op zoek naar de roots

de New Yorkse Bronx of in een Amerikaans Indianen-reservaat kon afspelen. Tegen deze achtergrond ontwikkelt zich het drama van Beth, Jake en h u n vijf kinderen, een maori-gezin in een arme voorstad van Auckland, de grootste stad van Nieuw Zeeland. Beth en Jake zijn al achttien jaar getrouwd en hebben een relatie waarin geweld en liefde rauw in elkaar overlopen. Jake brengt het grootste deel van zijn tijd in het café door, waar hij drinkt en veel op de vuist gaat. Beth vecht vooral voor haar gezin, dat ze kost wat kost bij elkaar wil houden. Regelmatig wordt Beth door Jake in elkaar geslagen - alle lof voor de grimeermedewerkers maar zij blijft van hem houden. In de loop van de film dreigt het gezm toch uit elkaar te vallen. De oudste zoon sluit zich aan bij een bende die op een uiterlijke manier, met indrukwekkende tatoeages, de traditie van de maori-krijgers voortzet. Een jongere zoon wordt uit de ouderlijke macht ontzet en komt in een internaat terecht waar een leraar hem de meer innerlijke aspecten van de maori-filosofie onderwijst. Als tijdens een feestje Grace, de mooie en veelbelovende dochter, door een van de vrienden van Jake verkracht wordt, is voor Beth de maat vol. Ze besluit terug te gaan naar haar geboortegrond. D e boodschap van regisseur Tamahori is vrij eenvoudig: vergeet je roots niet. Het moet gezegd dat hij die boodschap er letterlijk en figuurlijk flink mramt. 'Caro diario' is een aangename kijkervaring waar je even - om precies te zijn de 96 minuten die de film duurt - heel gelukkig van wordt en waar je nog maanden later glimlachend aan terug denkt. 'Once were warriors' mtimideert de toeschouwer en maakt indruk, zowel door de geluidsband en de beelden, als door het verhaal. Caro Diario draait op donderdag 6 en Once were warn ors op vrijdag 7 apnl in RImhuis Uilenstede (filmzaal AGO, Uilenstede 396) De voorstellingen beginnen om 20 00 uur Informatie 020-4445100

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994

Ad Valvas | 638 Pagina's

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 455

Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994

Ad Valvas | 638 Pagina's