Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 533

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 533

9 minuten leestijd

PAGINA 5

AD VALVAS 11 MEI 1995

Neurobioloog Joosse blikt terug op 44 jaar en een miljoen slakken Na 44 jaar aan de vu verbonden te zijn, neemt prof.dr J. Joosse, bijzonder hoogleraar in de vergelijkende neurobiologie, dinsdag 16 mei afscheid van de universiteit. Jarenlang deed hij onderzoek met slakken bij de vakgroep organismale dierkunde van de faculteit biologie. Desondanks gaat zijn voorkeur toch naar kippen uit.

-.C"--.

:Jt » 1 f-' »

-V. '\ '.,^^^

'*t* *

^

'

ƒ - ^ ^ . . -» -. ^U' %^"f-^ r^----?-^^ >^-^'.'?f^~^^

i

-A-««ljlti

\

jiÉi

^ % . '/./AtaSl.jïi ; : : . : ; : : . " . . • " T * ; - ' 1—:: .:;,'-.

Ji^^^

>'< t,

..:'.

.•,i'|lt-.\V. :"1

: ; ..I::*.'"»'.'.'',';­

.

. .:; V '•'.i'i^.fm ' .l'.'-l'Vi'iililffifiÉ

Peter Wolters - AVC/VU

'Ik houd niet van slakken maar wel van kippen'

Coen van Basten

Eigenlijk neemt Joosse (64) afscheid van twee functies. Drie jaar geleden ging hij namelijk als hoogleraar dier­ kunde al met de VUT. Geen reden voor een feestje, want hij zou nog dne jaar als bijzonder hoogleraar aan de vu ver­ bonden blijven. "Ze kregen mij niet weg", merkt Joosse lachend op. Maar nu is zijn tijd dan gekomen. "Ik heb er niet de pest in hoor, dat ik wegga", verzekert hij. "Ik ben per slot van rekening al dne jaar aan het afkic­ ken, sinds ik hier in mijn hoedanigheid als hoogleraar dierkunde vertrok. En dat afkicken gaat me goed af. Als bij­ zonder hoogleraar heb ik geleidelijk mijn onderzoek overgedragen aan mijn opvolger. Ik ben me steeds minder gaan bemoeien met de zaken. Natuur­ lijk blijf ik altijd geïnteresseerd in het slakkenonderzoek, dat wel." Nu knjgt hij meer tijd voor zijn grote hobby: kippen. Thuis in Nederhorst den Berg, waar Joosse en z'n vrouw wonen, houdt hij wel twintig kippen. "Gisteren hadden we nog acht eitjes", glimlacht hij. Als kleine jongen al was Joosse verzot op kippen. Hij kweekte allerlei rassen en nam de kakelende beestjes mee naar tentoonstellingen. Hij wilde kippendeskundige worden. "Destijds was er in Nederland één baan beschikbaar als consulent voor pluim­ veeteelt. Die baan wilde ik hebben."

Privé­onderwijs In 1951 ging Joosse biologie aan de vu studeren. "Ik behoorde tot een van de drie biologiestudenten die de vu rijk was. De studie werd net opgericht. Een student viel af en dus bleven er twee over, waaronder ik. Ik heb dus privé­ onderwijs genoten." Binnen een jaar werd Joosse assistent bij prof dr Lever. Hij deed onderzoek naar schildklierhormonen in kippen. "Dat vond ik natuurlijk fantastisch. Je moet weten dat ik ook altijd erg geïnte­ resseerd ben geweest in hormonen. De combinatie van kip en hormoon was dus perfect. Lever kon bij mij geen kwaad meer doen." Na een aantal jaren werd er een breder onderzoeksprogramma opgezet naar neurosecretie bi) lagere diersoorten (hormoonafgifte door de hersenen).

"Niemand dacht dat hersenen hormo­ nen zouden kunnen maken. Het was een heel nieuw vraagstuk waar wij in 1957 mee begonnen." Het proefdier waar Lever en Joosse mee gmgen wer­ ken was de poelslak. De hersenen van een slak zijn klein. Ze bevatten twintigduizend zenuwcellen, terwijl het aantal cellen van het mense­ lijk brein in de miljarden loopt. Het ze­ nuwsysteem van de poelslak is niet al­ leen eenvoudig en overzichtelijk, de hersencellen zijn ook een factor of tien groter dan die van zoogdieren. De her­ senen zijn doorzichtig. Je kunt de ze­ nuwcellen zo zien liggen. Door de grootte ervan zijn deze cellen zeer toe­ gankelijk voor tal van experimenten. "De hersenen van de poelslak bleken inderdaad hormonen te produceren", vertelt Joosse. "Zodoende konden we hersenonderzoek gaan doen. Mijn eer­ ste promotie was op het gebied van slakkenhersenen en hormonen. Deze hormonen worden neuropeptiden ge­ noemd, eiwitten. Neuropeptiden wer­ ken niet alleen als hormonen maar ook als neurotransmitter, dat wil zeggen als boodschapper tussen zenuwcellen on­ derling. Zij beïnvloeden het gedrag van de slak. Er zijn bijvoorbeeld neuropept­ iden die de eileg reguleren èn het eileg­ gedrag." Een aantal neuropeptiden vertoont sterke verwantschap met peptiden van gewervelde dieren. "Dus met mensen", verklaart Joosse. "Want mensen zijn ge­ wervelde dieren. De slak heeft insuline­ achtige hormonen en nog een aantal andere hormonen die evolutionair ver­ want zijn aan de hormonen van de mens." Dat is de werkgroep van Joosse te weten gekomen door het gebruik van moleculair biologische­ technieken (DNA­onderzoek) smds 1984.

AUes "We hebben werkelijk alles aan de slak onderzocht om te bepalen welke hor­ monen wat doen. En een slak heeft ook echt alles", zegt Joosse enthousiast en hij begint in snel tempo onderdelen van de poelslak op te dreunen. "Hart, nie­ ren, maag, darmen, huid, evenwichts­ organen, smaak, tast. De slak heeft alles, alleen anders dan wij. Het is een dier." de Volkskrant schreef in 1988 een arti­

kel over Joosse en zijn onderzoek. Een alinea luidt als volgt: "Kijk eens wat een lieve oogjes", zegt Joosse teder, ter­ wijl hij op twee miniscule zwarte punt­ jes op de kop van een poelslak wijst. "Die heb ik er ook wel eens afgeknipt, maar dat moet je niet verder vertellen, ledere keer als ik zo'n dier zijn kop af­ knijp, doet het me weer pijn." Dat meende hij echt. "Een slak is een prachtig organisme. Het is jammer om zoiets te verwoesten." Ondanks zijn op­ rechte gevoelens worden er in het labo­ ratonum van de vu jaarlijks 60.000 slakken 'doorgedraaid'. "Binnenkort

Een van de eerste biologiestudenten van de VU neemt als hoogleraar en eredoctor afscheid van VU

wordt de miljoenste slak gebruikt voor onderzoek", weet Joosse. "Aan de hand van wat grafieken en tabellen heb ik een calculatie gemaakt waaruit dit blijkt. Veel hè?" "Het voordeel van de slak als proefdier is dat niemand bezwaar maakt tegen experimenten op dit beest. "M aar," verklaart hij, "ik vind dat je elk dier met respect moet behandelen. En een slak is een hoog ontwikkeld organisme." "Tegenwoordig mag je ook niet zomaar een boom meer omhakken. En terecht. Je moet niet onachtzaam omgaan met de natuur. Eigenlijk zou men landelijk moeten registreren hoeveel lagere die­ ren, slakken, insekten, wormen ge­ bruikt worden voor onderzoek. Omdat het publiek dan te weten komt dat er veel nuttig onderzoek gedaan kan wor­ den met dieren waar niemand anti­vivi­ sectiegevoelens bij krijgt." Joosse kijkt ernstig. "Ik denk dat er veel kattenliefhebbers gewoon een slak

doodtrappen als ze deze in hun tuin te­ genkomen. Dat hoort niet, dat mag niet."

Ondanks zijn jarenlange onderzoek met slakken heeft Joosse zijn hart niet ver­ pand aan deze diertjes. "Ik houd niet van slakken." Waarom niet? "Omdat ik van kippen houd." Hij moet lachen. "Ik vmd slakken interessant maar niet leuk. Ik denk niet dat je contact met ze kunt krijgen. Als ik 'tok, tok, tok, tok', roep, komen al m'n kippetjes op me af M aar ik kan honderd keer tok tegen een slak zeggen en dan komt 'ie nog niet." Het unieke van het vu­laboratorium vmdt Joosse het feit dat alle werkgroe­ pen samen werken aan één proefdier. "Dat vereist een gemeenschappelijke interesse en verdraagzaamheid. Er is al zoveel ruzie in de wereld van het onder­ zoek. Bij ons is er hoogst zelden ruzie. Daar ben ik heel gelukkig mee. Bij ons IS er een bijzonder sfeer en benadering bij het onderzoek. Daarom ben ik hier altijd gebleven, ondanks het feit dat ik diverse malen gevraagd ben om bij an­ dere universiteiten te komen werken." "Eigenlijk ben ik altijd in de watten ge­ legd", biecht Joosse op. "Voor ik iets kon wenseuj werd het mij al aangebo­ den. "Hulpassistent, een promotie­ plaats, het lectoraat, het hoogleraar­ schap en het bijzonder hoogleraar­ schap, het IS me allemaal aangeboden. Ik ben een verwend nest", grinnikt hij. "Kennelijk heb ik me zo gedragen dat men het nodig vond om het me aan te bieden."

Keuken Ook de universiteit van Lille verleende dierkimdige Joosse twee jaar geleden een eredoctoraat vanwege zijn grote verdiensten op het terrein van de verge­ lijkende endocrinologie en moleculaire neurobiologie van lagere diersoorten. Jaar in jaar uit gaf Joosse colleges aan studenten. "Altijd met plezier", roept hij. "Het belangrijkste van college geven is studenten interesseren voor onderzoek en ermee bezig zijn. Ze moe­ ten kijken m de keuken, terwijl er ge­ kookt wordt. Studenten moeten op­ groeien in het lab, want veel van hen verdwijnen naar banen waar ze vaak geen onderzoek meer doen. Maar dan weten ze wel uit ervaring hoe moeilijk het is om betrouwbare resultaten te

krijgen. En dat onderzoek geen blik met resultaten is dat je even open­ trekt." Zijn vrouw werkte tot vier jaar geleden ook aan de vu als hoogleraar dieroeco­ logie. "Zij is gespecialiseerd in bode­ monderzoek en werkt met springstaar­ ten en pissebedden. Ik ken haar net zo­ lang als dat ik mijn slakken ken." Hij lacht weer. "We hebben ons in 1957 verloofd. Toen startte het slakkenon­ derzoek." Het echtpaar Joosse heeft geen kmderen. "We kunnen ons volle­ dig op elkaar concentreren. We zijn nu ruim 35 jaar getrouwd en we hebben nooit onenigheid gehad. Dat is toch heel bijzonder, nietwaar?" Het zijn allebei echte dierenliefhebbers. Ze hebben niet alleen twintig kippen, ze verzorgen ook nog eens zestien scha­ pen en zo'n twintig konijnen. "Belgi­ sche hazen. Dat zijn konijnen in de vorm van een haas. Nee, wij vervelen ons nooit." Na zijn afscheid stort Joosse zich op zijn dieren en op de restauratie van zijn huis, een monumentaal pand van drie­ honderd jaar oud. Verder blijft hij nog in diverse besturen actief. Zo is hij voorzitter van het bestuur van de 'insti­ tuten levenswetenschappen' van de Ko­ ninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen en van het Teylerini­ tiatief dat prijzen uitreikt voor milieu­ technologie. "Uiteraard blijf ik geïnteresseerd in het onderzoek met poelslakken. M isschien is het een utopie, maar voorlopig zal ik iedere maandag om half elf naar de werkbespreking van de vakgroep komen. Even mensen gedag zeggen. En een blikje op de slakken werpen." Eet hij deze slijmerige, ongewervelde dier­ tjes eigenlijk? "M ijn vrouw en ik zijn dol op wijngaardslakken", beaamt hij knikkend. En kip? "Kip eet ik ook. Soms slacht ik een van mijn eigen kip­ pen, maar die eet ik niet altijd op hoor. Die geef ik soms weg."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994

Ad Valvas | 638 Pagina's

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 533

Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994

Ad Valvas | 638 Pagina's