Ad Valvas 1994-1995 - pagina 584
PAGINA 6
ADVALVAS 8 JUNI 1995
Overdag werken, 's avonds denken Filosofiestudenten bezoeken zusterfaculteit in St.-Petersburg Zestien studenten filosofie en zes stafleden bezochten vorige maand de Russische 'St.-Petersburgschool of religion and philosophy'. De VU ondersteunt deze school in het voormalige Leningrad die vier jaar geleden is opgericht. Olaf Dekkers, eerstejaars filosofie, heeft een leerzame excursie achter de rug. "De filosofie heeft daar zeventig jaar stilgestaan."
Coen van Basten
Na de val van de muur is er meer openheid gekomen m Rusland, vertelt Paul van Oosten, secretaris van de theologische en filosofische faculteit van de vu. "Vandaar dat de St.Petersburgschool of religion en filosofie opgericht kon worden." Filosofen van de vu gingen onlangs bij deze Russische zusterfaculteit op bezoek. "De filosofische faculteit in St.-Petersburg is een initiatief van de leden van de academie voor wetenschap in St.Petersburg", vertelt Paul van Oosten. "Onze hoogleraar systematische wijsbegeerte, Theo de Boer, heeft tijdens zijn uvA-periode al contacten gelegd met de school. Toen hij aan de vu kwam werken, heeft hi) dit voortgezet. Ook leden van het college van bestuur. Brinkman en Donner, hebben een bezoekje gebracht aan de St.-Petersburgschool." De school is interessant omdat deze op soortgelijke grondslag is gebaseerd als de vu. Namelijk 'vrij van kerk en staat'. Dat is een van de redenen waarom de vu de school financieel ondersteunt. Van Oosten: "De excursie van de studenten betekent een intensivering van de band met St.-Petersburg." Dekkers was een van de zestien studenten die naar St.-Petersburg meegingen. "Toen we daar op het vliegveld van St.Petersburg aankwamen, zei een jongen dat alle vooroordelen die je hebt tegen het land direct bevestigd werden. En dat was waar. Het vliegveld was grauw en ongezellig. Maimen in imiform
Sinds het eind van de Koude Oorlog is het straatbeeld in St.Petersburg niet veel veranderd
Sander Griffioen
keken strak voor zich uit. Voegen op een norse toon naar ons paspoort en vervolgens werden we gesommeerd door te lopen."
Familiebezoek Dekkers was nog nooit in Rusland geweest. "Ik vond het heel spannend om dingen als de Hermitage (het grote Russische museum) te zien. In mijn eentje zou ik niet naar de Sovjet-Unie zijn gegaan, maar het is ideaal om met een groep te gaan. We deden dingen die je als toerist niet doet." Russische families bezoeken bijvoorbeeld. "We reden met een bus naar de buitenwijken van St.-Petersburg. "Dat was wel even schrikken", herinnert Dekkers zich. "Allemaal vervallen woonkazernes en er groeit niets. Nog geen grassprietje. Er heerst een treurige stemming." Dekkers ging met een Russische jongen van de school mee naar huis. "Ik kwam die huiskamer binnen en er stonden twee hele grote televisietoestellen. On-
danks dat het midden op de dag was, zaten de gordijnen dicht." Dat wekte even bevreemding. Maar Dekkers kan niet uit over de gastvrijheid waarmee hij verwelkomd werd. "Er stond allerlei eten op tafel. Onder meer kalkoen. Waarschijnlijk hadden ze hun maandloon in die maaltijd geïnvesteerd. Ik kon merken dat ze niet gewend waren om westerse gasten te ontvangen. Ze schaamden zich voor htm huis. Ze excuseerden zich constant. Ook voor hun volk. 'De Russen hebben dan wel de fascisten verslagen in de Tweede Wereldoorlog, maar wat wij nu doen in Tsjetsjenië is minstens net zo erg', zeiden ze." Overdag was er voor de vu-studenten en die van de St.-Petersburgschool een cultureel en filosofisch programma geregeld, 's Avonds waren er discussies tussen de Nederlandse en de Russische studenten. Laatstgenoemde groep studeert in de avonduren. Overdag werken zij. "Het zijn mensen die al een techni-
sche studie achter de rug hebben en nu filosofie willen studeren", aldus Van Oosten. "Ze zijn erg serieus bezig met hun studie en werken er keihard voor. Ze citeren moeiteloos gedichten en andere werken. Helaas beschikken ze niet over veel materiaal, boeken en zo."
Inhaabnanoeuvre Dekkers vult aan: "De filosofie heeft daar zeventig jaar stil gestaan. De filosofie stond altijd in dienst van de staat. En de staatsideologie was die van het Leninisme. Nu, na de val van het IJzeren Gordijn, zie je dat deze mensen bezig zijn de Russische wortels van de filosofie te herontdekken. Het is een soort inhaalmanoeuvre." "Ze zijn erg bezig met hun eigen identiteit", knikt Van Oosten. "En met wat ze kunnen bereiken. Met het communisme hebben ze niets bereikt, zeggen ze zelf. Onder Gorbatsjov en Jeltsin is dat zo mogelijk nog minder. De religieuze belangstelling is erg groot. De St.-
Petersburgschool probeert hier richting aan te geven." Het diploma van de school wordt niet erkend door de staat. Deze erkent alleen diploma's van staatsuniversiteiten. "Momenteel schieten er allerlei scholen als paddestoelen uit de grond", verklaart Van Oosten. Deze wildgroei maakt het er niet makkelijker op voor onze zusterfaculteit. Daarom moet zij door middel van buitenlandse contac- , ten erkenning zien te krijgen." Niet alleen Dekkers heeft veel geleerd van de excursie. Van Oosten ook. "Er heerst grote instabiliteit in de SovjetUnie. Men houdt er altijd rekening mee dat initiatieven zoals deze school door een eventuele dictatuur weer de grond in worden geboord."
Beurs voor promovendi: belediging voor jonge onderzoekers 'Zestig uur per w^eek presteren en wie gaat er met de eer strijken?' Aio's - assistent in opleiding - worden op het ogenblik beschouwd als werknemers. Maar de vu speelt met de gedachte om hen voortaan de status van 'student' te verlenen. Om de promovendus van een beurs te laten leven, is echter een slecht plan, vindt Floris van Overveld van de progressieve studentenfractie PKV. F ons van Overveld
De vu overweegt invoering beurzen voor promovendi. Dit in navolging van andere universiteiten. Op zich is dit een wat curieus gedrag van ons college van bestuur, omdat zij zich normaliter liefst zo min mogelijk van andere universiteiten aantrekt. Saillant voorbeeld hiervan is het standpimt van ons CVB tijdens de discussie over collegegeldverhoging eind 1994. Maar goed, alles schijnt terdege afgewogen te zijn, dus we moeten aio's voortaan maar beurzen geven in plaats van een dienstverband. Bovendien blijkt dat een beurzenstelsel allerlei voordelen biedt: met name de grotere flexibiliteit wordt geroemd. Dit riekt mijns inziens sterk naar het achteraf goedpraten van bezuinigingen. Het is overduidelijk dat het hele beursalenstelsel alleen wordt ingevoerd om
de uit de pan rijzende wachtgelden in te dammen. Dit vraagt om een klein stukje uitleg: aio's hebben een aanstelling van vier jaar, waarna ze recht hebben op een uitkering m de vorm van wachtgeld als ze werkloos zijn. Tot een paar jaar geleden werd het wachtgeld door het ministene betaald. Daarom was er bij veel vakgroepen een beleid om de promovendi vier volle jaren onderzoek te laten doen, waarna ze m de periode dat ze wachtgeld kregen het proefschrift konden schrijven. Dit ging goed, totdat het ministerie besloot de wachtgeldlasten door te berekenen naar de universiteiten of faculteiten. Op vakgroepsniveau is er niets in het beleid veranderd, maar de derhalve onvermijdelijk hoge wachtgeldlasten zijn nu wel ineens v0Or de rekening van universiteiten en faculteiten. Dit loopt
soms op tot ettelijke miljoenen per faculteit per jaar. Het zijn dan ook juist die faculteiten waar de kosten de pan uitrijzen, die verzocht hebben om de invoering van een beursalenstelsel op de vu. Het bestuur van de faculteit scheiktmde loopt hierbij voorop: zij wil bij wijze van experiment voor de vu promovendi beurzen geven. Vrijwilhge vivisectie dus. Uit bovenstaande blijkt dat de voornaamste reden om van stelsel te veranderen simpelweg bezuinigen is. En het
aanvoeren van allerlei andere redenen zoals flexibiliteit lijkt sterk op het spreekwoordelijke handen wassen in onschuld. Maar wat is er dan zo erg aan het hele beurzenstelsel voor promovendi? Welnu: • Een beurs biedt in tegenstelling tot een aanstelling geen enkele rechtszekerheid. Een aio bouwt nu gedurende haar/zijn aanstelling een arbeidsverleden op, met pensioenrechten etc. Dit alles verdwijnt bij de invoer van beurzen.
• Aio's geven nu onderwijs als onderdeel van hun aanstellmg. Dit onderwijs is op sommige faculteiten een substantieel deel van het totaal. Dit zal wegvallen en vraag is wie het over zal nemen. • Iedereen weet uit ervaring dat de hoogte van beurzen sterk onderhevig is aan een neerwaartse trend. • Er gaan geruchten dat de hoogte van de beurs afhankelijk wordt van de discipline waarin de aio's werkzaam zijn: bèta's krijgen dan waarschijnlijk meer dan alfa's. • De generatie mensen die met het beurzenstelsel geconfronteerd zal worden, is precies die generatie studenten die nu al jarenlang de dupe is van allerlei nadelige aanpassingen van het studiefmancieringsstelsel: deze generatie blijft dus gepakt worden. Zo zijn er nog wel een paar tegenargumenten te verzinnen. Zo wordt er van de mensen verwacht dat ze ongeveer zestig uur in de week wetenschappelijk op hoog niveau presteren (en wie gaat er met de eer strijken...) voor een beurs van nog geen tweeduizend gulden per maand. Dit vind ik een regelrechte belediging van jonge onderzoekers en als er iets een brain dram naar buitenland en bedrijfsleven stimuleert, is het dit wel. Het lijkt mij beter dat de wijze dames en heren htm creativiteit maar
eens onder het stof vandaan halen om te kijken of er in het bestaande stelsel niet meer flexibiliteit kan worden ingebouwd. Dat er iets moet gebeuren is duidelijk. Het lijkt me logisch dat de vakgroepen eerst eens geprikkeld worden om mensen in vier jaar (dus inclusief proefschrift) te laten promoveren. Dergelijke prikkels zijn nog nauwelijks in het beleid doorgedrongen en ze zouden de wachtgeldlasten aanzienlijk kunnen reduceren. Zeker in combinatie met goede begeleiding van promovendi bij hun onderzoek en bij het zoeken van een baan. Aan deze dingen schort het nu ook nog al eens. Nu lijkt alles een beetje op Ritzeniaans beleid: nieuwe maatregelen aflsondigen, terwijl het effect van de oude nog niet duidelijk zichtbaar is. Enfin, ik hoop dat de besluitvorming hieromtrent nu eens niet door de pecunia (of het relatieve gebrek daaraan) wordt beïnvloed, maar wel door respect voor de inzet van jonge onderzoekers. Flons van Overveld is lid van de Progressieve KiesVer eniging (PKV).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994
Ad Valvas | 638 Pagina's