Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 517

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 517

8 minuten leestijd

Bulletin van de Wetenschapswinkel van de Vrije Universiteit

95-1

Handboek bestrijdings middelen vult Maat Jaarlijks worden in Nederland tussen de veertig- en vijftigduizend ton bestrijdingsmiddelen gebruikt. Tot nu toe was er geen goed en volledig overzicht van de gevolgen van die middelen. Met het verschijnen van het Handboek Bestrijdingsmiddelen is daar verandering in gekomen. Het was druk woensdag 22 maart m het Haagse perscentrum Nieuwspoort. Ruim 1 50 voorlichters, gemeente-ambtenaren en milieu-activisten waren naar de uitreiking gekomen van het eerste Handboek Bestrijdingsmiddelen; gebruili. en milieu-ef-

fecten. Het boek werd overhandigd aan de voorzitter van de commissie gewasbescherming van het Landbouwschap, J. Panman. Het handboek voorziet In een hiaat. Nooit eerder zijn de milieurisico's, werkingsduur, giftigheid en afbreek-

baarheid van alle 250 in Nederland toegestane bestrijdingsmiddelen zo overzichtelijk en toegankelijk gepresenteerd. "Dat komt in de eerste plaats doordat die gegevens tot voor kort -januari 1991 - niet openbaar waren", vertelt vu-biologe drs J.P. van Rijn, eerste auteur van het boek. "Die situatie is gelukkig verleden tijd." Openbaarheid alleen was echter nog niet voldoende, zo oordeelde het ministerie van VROM bij de start van het project. "Om werkelijke openheid te creëren moesten de gegevens ook toegankelijk worden gepresenteerd", zegt Van Rijn. Het ministerie van VROM klopte aan bij

de Wetenschapswinkel van de vu met de vraag of zij de toegankelijkheid wil vergroten. Die accepteerde het aanbod en vroeg naast Van Rijn ook de oecotoxicoloog prof.dr N. van Straalen en wetenschapspopularisator d r j . Willems van de faculteit Biologie om mee te werken aan de produktie. "Uitgangspuntvan het handboek vormen de zogenaamde milieufiches, met de gegevens uit het milieu-onderzoek van het College Toelating Bestrijdingsmiddelen (CTB)", licht Van Rijn haar werk toe. Ze is er zich van bewust dat met deze fiches nog niet alle risico's in kaart zijn gebracht. "Ik hoop dat de ontbrekende gegevens de komende tijd zullen worden aangevuld en in vergelijkbare vorm ter beschikking zullen komen. Op deze manier hoop ik dat ons boek zal leiden tot nog meer openheid over de milieugegevens en de afwegingen van het CTB, zodat de toelating en het gebruik van bestrijdingsmiddelen meer dan nu een vraagstuk wordt waar de hele maatschappij over meebeslist: boeren, consumenten, milieu-organisaties, wetenschap, bedrijfsleven en beleid." De ontvanger van het eerste exemplaar van het Handboek, J. Panman, toonde zich verheugd met de publikatie. "Uitgaven zoals deze zijn van belang om de kennis van bestrijdingsmiddelen te verspreiden", zei hij in Den Haag. "Vooral het naslaggedeelte van het handboek is bijzonder waardevol", meende Panman. Maar ook het eerste, algemene deel van het boek vindt hij belangrijk. (PB)

Het handboek Is in handelseditie verschenen a 99,50 gulden, ISBN 90-5383-1 77-0

De Wetenschapswinkel De W e t e n s c h a p s w i n k e l bem i d d e l t t u s s e n organisaties die v r a g e n h e b b e n en s t u d e n t e n o f o n d e r z o e k e r s die deze m e t o n d e r z o e k w i l l e n b e a n t w o o r d e n . Wanneer u met een v r a a g bij de Wetenschapswinkel komt, dan zullen w i j b i n n e n de Universit e i t i e m a n d z o e k e n die u w v r a a g kan b e a n t w o o r d e n . De Wetenschapswinkel werkt vooral voor groeperingen die o n d e r z o e k niet z e l f k u n nen b e t a l e n . V o o r w a a r d e hierbij is dat de resultaten v a n o n d e r z o e k niet v o o r commerciële doeleinden worden gebruikt. Heeft u een v r a a g o f p r o bleem, of wilt u gewoon meer w e t e n o v e r de Wetens c h a p s w i n k e l , aarzel dan niet o m c o n t a c t m e t ons o p te n e m e n . T e l . (020) 4445666 De W e t e n s c h a p s w i n k e l m a a k t o n d e r d e e l uit v a n de d i e n s t V o o r l i c h t i n g en Externe B e t r e k k i n g e n v a n de V U .

voorjaar

n H ^

Hoogbegaafde leerlingen lopen vaak vast in het onderwijs Vijfdejaars student orthopedagogiek, Mereï Massee, deed op een Amsterdamse basisschool onderzoek naar de problemen die hoogbegaafde kinderen kunnen ondervinden. Het onderzoek werd gedaan op verzoek van Joke van der Meer, moeder van een hoogbegaafd kind. "Aanvankelijk merkten wij niet dat onze negenjarige zoon Tammo hoogbegaafd is", vertelt Joke van der Meer, voormalig student geschiedenis aan de vu. "We hebben maar één kind dus er viel niets te vergelijken." Op driejarige leeftijd had Tammo al belangstelling voor letters. Op zijn vierde kon hij schrijven en rekenen. "Wij lachten erom. Je realiseert je niet dat kinderen van zijn leeftijd een andere belangstelling hebben." Op de kleuterschool werd Tammo niet serieus genomen. Een voorbeeld. "De j u f vroeg wat een telegram was. Tammo stak voorzichtig zijn vingertje op. 'Iets met puntjes en streepjes', zei hij aarzelend. 'Nee hoor', antwoordde zijn juf, 'iets met bloemetjes aan de buitenkant datje opstuurt als iemand gaat trouwen'." Tammo deed op zijn zesde jaar een test waaruit bleek dat hij hoogbegaafd is. Toen werd een aantal zaken duidelijk. "Je snapt waarom hij anders reageert, zoveel grappige opmerkingen maakt en erg naar volwassenen toetrekt. Zo'n rage als de Turtles? Dat vond hij niks. In tegen-

stelling tot zijn leeftijdsgenoten." Afhankelijk van de definitie van hoogbegaafdheid, zitten er in elke klas gemiddeld een tot drie meerbegaafden, vertelt Van der Meer. "Het probleem is dat leerkrachten hen meestal niet herkennen. Intelligente kinderen die op een school veel individuele aandacht krijgen, zullen prima functioneren. Maar is dat niet het geval, dan doen sommige meerbegaafden niet meer mee in de les. Anderen hebben gedragsproblemen en zijn onhandelbaar. Want het onderwijs sluit met aan bij hun behoeften. Gevolg kan zijn dat sommigen van hen het advies krijgen naar een Lom-school te gaan."

Onderprestatie In het basisonderwijs wordt, dankzij het project Weer Samen Naar School, aandacht besteed aan kinderen die afwijken van het gemiddelde niveau. Het gaat meestal om kinderen die niet mee kunnen komen in de les. Zij krijgen bijvoorbeeld remedial teaching. Van der Meer vindt dat er ook extra begeleiding moet komen

om onderprestatie bij hoogbegaafde kinderen tegen te gaan. "Dit is vooralsnog een vergeten groep." Zij stapte vorig jaar mei naar de Wetenschapswinkel van de vu met de vraag of de winkel onderzoek wilde doen naar de beste pedagogisch didactische benadering om onderprestatie bij hoogbegaafde leerlingen te voorkomen. De Wetenschapswinkel accepteerde haar onderzoeksaanvraag. Er werden twee adviseurs aangetrokken van de Psychologisch Adviespraktijk Begaafden Utrecht (PABU). Bij het Platform Hoogbegaafden werd, in het kader van Weer Samen Naar School, subsidie aangevraagd om het voortraject op een school uit te voeren. Vijfdejaars student orthopedagogiek, Merei Massee, ging van september tot en met december aan de slag op een Amsterdamse basisschool.

Bibliotheek "Ik heb een analyse gemaakt van de leraren, het lesmateriaal en de leerlingen", vertelt Massee. "Voor hoogbegaafden IS het belangrijk dat leerkrachten hen zoveel mogelijk individueel aanspreken. Verder is het voor intelligente kinderen onder andere essentieel dat er een schoolbibliotheek IS, en dat er woordenboeken aanwezig zijn. Dat er in de les koppelingen met andere vakgebieden worden gemaakt en dat zij zelfstandig kunnen werken, creatief kunnen

zijn en zelf oplossingen bedenken." Massee nam intelligentietesten af bij de scholieren en vergeleek ze met schoolvorderingstoetsen. "We hebben het aantal hoogbegaafde kinderen opgespoord. Het lesmateriaal is in kaart gebracht en we weten of de leerkrachten er mee uit de voeten kunnen." De analyses uit het voortraject kunnen worden gebruikt door meerdere scholen. Massee maakt in samenwerking met de Wetenschapswinkel een algemene brochure over de bevindingen. "Deze is bedoeld voor ouders van hoogbegaafde leerlingen en hun leerkrachten. Met de brochure in de hand kunnen zij kijken of de school voldoende mogelijkheden biedt aan hoogbegaafde scholieren." Over een halfjaar kan het project beginnen. Dan wordt er gekeken hoe er in een gewone klas onderwijs kan worden gegeven aan meerbegaafde kinderen. Het resultaat moet overdraagbaar zijn aan andere scholen. (CvB)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994

Ad Valvas | 638 Pagina's

Ad Valvas 1994-1995 - pagina 517

Bekijk de hele uitgave van maandag 15 augustus 1994

Ad Valvas | 638 Pagina's