Ad Valvas 1995-1996 - pagina 206
Kunst volgens de IVIazda-norm Arjanne van der Spek exposeert draadbeelden en dozen in exposorium Om haar beelden te kunnen maken moet Arjanne van der Spek "in een bepaalde staat zijn en dan toe slaan". Dat heeft de afgelopen anderhalf jaar geleid tot een aantal draadbeelden voor, op of in dozen, die tot het einde van het jaar in het exposorium zijn te zien. Bij de opening van deze expositie werd de kun stenares maandag geïnterviewd door vormgever Martin Visser, die een grote fan van haar is. Frieda Pruim Aan het eind van het interview met Martin Visser citeert Arjanne van der Spek instemmend een zeventiende eeuws leerboek voor schilders van Karel van Mander: "Iedereen kan gezichten leren tekenen, maar voor haren, struweel (gebladerte, red.) en draperieën moet je echt talent hebben. Daar zit de geest in." De draadbeelden die ze het afgelopen anderhalf jaar heeft gemaakt, zijn met haren of gebla derte vergelijkbaar, vindt de kunstena res. "Die vormen zijn zo onvast, die kun je niet zomaar maken", legt ze de volgende dag uit. "Daarvoor moet je in een bepaalde staat zijn en dan toe slaan." Het belangrijkste compliment dat een bezoeker van de tentoonstelling haar kan geven, is dat hij de beelden begrijpt, maar tegelijkertijd nog nooit zoiets gezien heeft. Dat laatste zal voor veel mensen gelden. In het exposori um zijn een aantal grote en kleine draadbeelden van cement, aluminium, papiermaché en staal te zien die voor, op of in dozen zijn geplaatst en titels hebben als Uur, L ittle room. Piece (of). Bibelots, De mouw en Nabeeld. Toch is wat de bezoeker ziet, volgens Van der Spek, 'vrij helder'. "Als je nooit kunst ziet, zijn mijn beelden mis schien moeilijk te snappen, maar men sen die meer zien, zien heel goed wat er staat. Het is wat het is. Er zit bij voorbeeld opzettelijke symmetrie in, gekleurde plekken die naar licht ver wijzen en beelden die oprijzen in som mige draadconstructies. Dat is al heel wat."
.s,:"^
,
Volgens Martin Visser staat er geen enkele doos verkeerd op de tentoon stelling in het exposorium, "Vanochtend stond er eentje ver keerd", reageert Van der Spek. "Die heb ik op het laatste moment weer goed gezet." Hoe weet ze waar welk kunstwerk in een bepaalde ruimte moet komen te staan? "Soms loop ik een paar dagen met mijn kunstwerken te slepen", vertelt ze, "maar deze ruimte liet zich goed inrichten omdat hij lang en smal is. Ik heb enkele beel den weggedraaid van de ingang en andere frontaal naar de ingang toege
<-'
C \
'-'i
.
>' ,
^•
*t>*..
1'. ; ' if, ,*~: > ">','
ft. ,• 9-
1
• ' V ' j .
':i '"*¥MJ^P^W'
SKf*. .;.;><!?
'Zo'n beeld klapt als het ware om een leeg centrum open' keerd. Dat heeft een soort vanzelfspre kendheid die wel goed is." Arjanne van der Spek (1958) volgde haar opleidingaan de Koninklijke Academie voor kunst en vormgeving in 's Hertogenbosch en rondde die af aan de Ateliers 63 in Haarlem. Ze exposeerde dit jaar in Antwerpen en Wenen. In Nederland was haar werk onder meer te zien in het Haags Gemeentemuseum en het Centraal Museum in Utrecht. Van der Spek houdt van naïeve kunst en vindt haar eigen werk "op een bepaalde manier" ook wel tot die categorie behoren. "Het is naïef om een kunstwerk te maken dat niet meteen in een bepaal de stroming past", legt ze uit. "Bovendien is het naïef om op je 37ste nog zo verbaasd te zijn over vorm en
Terwijl politici roepen om stelsel herziening en studeerbaarheid, roe men universiteiten de kwaliteit van het eigen onderwijs. Maar wat vin den studenten nu eigenlijk zélf van hun studie? In deze serie leggen recent afgestudeerden hun studie op de weegschaal. Deze week drs Agnes Gilles (25) over godgeleerdheid.
"Theologie kies je niet zomaar, zeker niet in deze tijd. Predikant is een bijzonder beroep. Je oefent het 24 uur per dag uit, want het werk raakt jezelf enorm. Je kunt het niet even van je afzetten of zo. De meeste jongeren die ik venel dat ik theologie heb gestudeerd, reageren met: jij, word jij dominee? Echt zo van: dat doe je in deze tijd niet meer. Maar ik vind het een geweldig beroep. Vooral toen ik stage liep, dacht ik: nou moet ik opschieten met m'n studie, want nu wil ik echt aan het werk. Het intrigeerde me om veel met mensen om te gaan en dat in naam van de kerk en van God. Dus niet zomaar voor jezelf, maar mensen weer een stukje op weg helpen. Ik vind het ook prachtig om zoveel verschillende din gen te doen: catechese, diensten, pas
.y-
3
kleur dat je er zoveel energie in stopt." Twaalf van haar werken zijn afgedrukt in de catalogus Ongelijksoortigheden. De foto's worden voorafgegaan door vier teksten. Na een inleiding van de con servator van het Haags Gemeente museum, Franz Kaiser, volgt een ver haal van Connie Palmen over dwang neurosen, van bioloog Tijs Goldsmidt over de tekening in huiden yan dieren en van de architect WiUem Heesen over verkeersknooppunten. Van der Spek vroeg hen over deze the ma's te schrijven, omdat die associa ties oproepen met haar kunstwerken. Volgens van der Spek zoekt een beeld houwer er altijd naar om 'op een zo slim mogelijke manier ruimte te maken'. "In dit geval ging dat ontzet tend goed", vertelt ze, "want door die
'Jij, word jij dominee?'
Frieda Pruim
4 ".
Peter Wolters AVC/VU
dozen verdubbelt alles gewoon, zonder dat je er iets aan hoeft te doen. Plus dat die dozen na de tentoonstelling gewoon weer gevuld worden. Het bleek ineens allemaal te kloppen, zoals dat wel vaker gaat. Dan zit je ergens tegenaan te hikken en ineens gaat het vanzelf." Met verdubbeling heeft de kunstenares altijd gewerkt. "Ik heb veel beelden gemaakt die uit twee delen bestaan, waarbij het ene deel net iets afwijkt van het andere. Zo'n beeld klapt als het ware om een leeg centnmi open. Dat is bij deze draadbeelden ook zo, want de dozen vertegenwoordigen een deel van het beeld dat erin past." Voordat Van der Spek aan een kunst werk begint, weet ze in grote lijnen wat ze gaat maken. "Ik ben nu bij
voorbeeld op een tentoonstelling in Den Bosch een vier meter hoog beeld in elkaar aan het lassen. Ik weet onge veer hoe het eruit gaat zien, waar het over gaat, maar er komt vast nog van alles bij dat ik nu nog niet kan zeggen. Het wordt het grootste beeld dat ik ooit binnen heb gemaakt. Een beeld moet, in stukken, nog net in mijn auto passen, zodat ik het naar de verzinken) kan brengen. Mijn Mazda is op dit moment de norm voor de omvang van mijn werk."
Sommige studenten trokken zich wei nig van het systeem aan en gingen gewoon door met wat zij interessant vonden. Het gevolg was wel dat ze op een gegeven moment ontzettend ach terliepen. Ik zou daarvan in paniek raken, want ik ben iemand die altijd keurig doet wat me opgedragen wordt.
zou zijn om zoiets ook te organiseren op de 'VU. Na mijn stage in Badhoevedorp ben ik gevraagd om daar twee dagen per week het jeugdwerk op te komen zet ten en af en toe te preken. Dat is ont zettend leuk. Daarnaast solliciteer ik en kom ik een beetje bij van zeven jaar studie voordat ik mij in het predikants werk stort. Ik vind het heerlijk dat ik nu gewoon in mijn eigen tempo de boeken kan lezen die ik fijn vind om te lezen. De dwang erachter, ik ben blij dat ik die kwijt ben. Die dwang heb ik in m'n studie heel sterk ervaren. Af en toe dacht ik echt: ik kan niet meer. Niet zozeer dat ik de studie niet leuk vond, maar de dwang erachter van: nu moet je wéér een tenta men gaan leren. Dat is wel eens te veel geweest."
De tentoonstelling Dozen beelden van Arjanne van der Spek is tot 30 december te zien m het exposori um. Openingstijden: maandag t/m vrijdag 10.0020 OO uun zaterdag 10.0016.00 uur. De catalogus 'Ongelijksoortigheden' is voor 25 gulden te koop bij de VUboekhandel.
(>?f§ji\
Theologe Agnes Gilles: 'Je kunt het niet even van je afzetten of zo' Bram de Hollander
toraat. En daarnaast het bestuur van zo'n kerk. Het is zo veelzijdig!
KLAAR
AF Ik ben aan de vu gaan studeren omdat Groningen te ver weg was, Utrecht was te veel gereformeerde bond en in Leiden vond ik de sfeer niet zo leuk. Dan blijft Amsterdam over. Aan de UVA stroomde er dat jaar één student met mij in en aan de vu achttien, dus de keuze was vrij snel gemaakt. Als ik
opnieuw zou moeten kiezen, zou het weer de vu worden. De studie hier is vrij open, je wordt niet in een bepaal de denkrichting geduwd. Je hoort allerlei meningen en kan dan zelf je keuze maken. Mijn eerste moduul was godsdienstfi losofie. Ik had nog nooit gefilosofeerd, dus het was voor mij abracadabra. Ik wist niet waar het over ging. Dat krijg je dan zes weken en vervolgens moet je er tentamen in doen: van Aristoteles tot Heidegger, begin er maar eens aan. Dat is gewoon niet slim. Je moet kun nen beginnen met wat je aankunt. Een inleiding in het Oude of Nieuwe Testament, ja, daar kun je nog wel wat mee. Het modulensysteem vond ik niet plezierig, want je word gedwon gen om constant maar kleine hapjes te doen. Dat is heel jammer. Dan weet je in welke boeken je iets kunt vinden, maar daar houdt het mee op.
Tijdens je studie krijg je enorm veel op je bord dat je ook geestelijk moet ver werken. Als je iets leest, vraag je je meteen af: hoe sta ik daar tegenover? Je kunt geen afstand bewaren tot de stof. In veel colleges is er wel wat tijd om vragen te stellen, maar te weinig om je de stof echt eigen te maken. In Utrecht hebben ze disputen, waar stu denten preken houden die in de groep worden besproken. Daar zitten ook docenten bij. In zo'n preek zit natuur lijk enorm veel van je eigen denkbeel den. Ik denk dat het de moeite waard
5
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995
Ad Valvas | 674 Pagina's