Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 200

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 200

1 minuut leestijd

AD VALVAS 9 NOVEMBER 19sl

PAGINA 20

Toverkol

Peter Wolters - AVC/VU

Hendriekje Bosma: 'Ik houd veel zwart-witte schilderijen, zeefdrukken en etsen over'

Therapie voor depressieve kamers

. ^.':vs-i>^.A !^.''<%-^s.^.:x-^^.'ü?J>. •^.•\.v^>»^^,.^-t.%^-^^-^^A'^.:fi^.

Elsbeth Vernout

"Ik heb zo'n grote grijze 'muur in mijn kamer", vertelt Eveline ter Beek, werkzaam bij de dienst personeelszaken van de vu, als ze de Interne Kunstuitleen in de kelder van het hoofdgebouw binnenstapt. Deze ochtend heeft ze uitgetrokken om haar 'depressieve kamer' een facelift te geven. "Dit is toch heerlijk", zegt ze, terwijl ze de uitgestalde schilderijen in zich opneemt. "Ik kon niet wachten tot

I

Het

' territorium mmm ^ H i ^ ^

^ s a N^B MMN

ik iets uit mocht zoeken. De kamer waar ik werk is zo donker. Niemand heeft er ooit iets aan gedaan." De kunstuideen aan de vu, werkplek van kunsthistorica Hendriekje Bosma (46), IS aanvankelijk zeer rustig op deze maandagmorgen. In de loop van de ochtend druppelen wat meer mensen binnen die een schilderij komen lenen of terugbrengen. Voor in het langgerekte depot heeft Bosma haar kantoor, in het achterste deel van de ruimte staan schildenjen op rekken gerangschikt. Elke eerste maandag van de maand stelt Bosma de Interne Kunstuitleen open voor bezoekers, maar het grootste deel van haar tijd besteedt ze aan het organiseren van tentoonstellingen in het Exposorium. De collectie van de kunstuitleen bestaat uit zo'n zeventienhonderd werken, ongeveer vijfhonderd daarvan zijn eigendom van de vu. De overige kunstwerken heeft de vu in bruikleen van de Rijksdienst Beeldende Kunst en de gemeente Amsterdam. "Kleur is er altijd het eerste uit", vertelt Bosma. "Veel mensen op de vu hebben behoefte aan fleurigheid op hun kamer. Gevolg daarvan is dat het kleurige werk niet rouleert. Ik houd veel zwart-witte schilderijen, zeefdrukken en etsen over." Bosma bruist van de plannen voor de kunstuitleen. Zo wil ze m de toekomst samenwerken met het Historisch Documentatie Centrum (HDC), zodat

meubels, schilderijen en prenten uit het vu-verleden ook uitgeleend kunnen worden. "Veel objecten en schilderijen die met de geschiedenis van de vu te maken hebben, staan nu m de opslag van het HDC onder een dikke laag stof. Het lijkt me heel aardig om die in de collectie van de kunstuideen te hebben, al is de praktische uitvoering hiervan moeilijk." Ook maakt Bosma in 1996 een start met het invoeren van een nieuw uitleensysteem, waarbij het naar alle waarschijnlijkheid mogelijk is met de lenerspas van de UB ook schilderijen te lenen. "Drie jaar terug werkten we hier nog met een kaartensysteem om de schilderijen te registreren. Ik heb inmiddels de gegevens van de kunstwerken in de computer gezet, maar het uitleensysteem kan veel efficiënter. Met een druk op de knop moet het in de toekomst mogelijk zijn te zien wie een kunstwerk heeft geleend en op welke kamer het zich bevindt." Het nieuwe uitleensysteem is hard nodig: in september 1993 kwam aan het licht dat het beheer van kunst op de vu te wensen overlaat. Uit het jaarverslag over 1991-1992 bleek dat meer dan dertig procent van de kunstwerken op de vu-campus spoorloos was verdwenen. Dagblad De Telegraaf haakte op het nieuws in door het een 'massale kunstroof te noemen.

Het Nieuws van de Dag klopte het nieuws op tot een 'stelselmatige verduistering van kimst door het personeel'. Bosma zette twee stagiaires in om de vermiste schilderijen, totaal zo'n vijfhonderd exemplaren met een waarde van ruim een miljoen op te sporen. "Die stagiaires hebben het hele gebouw doorzocht. In veel gevallen hing een schilderij al vijftien jaar op dezelfde plek, maar was de oorspronkelijke lener verhuisd. Daarom wist niemand meer van wie het werk nou eigenlijk was. De speurders kregen verhalen te horen in de trant van: 'Ik heb dit doek al vijfentwintig jaar en als ik met pensioen ga, dan neem ik het mee'", vertelt Bosma. Door de zoekactie is slechts een klein percentage van de kunstwerken teruggevonden. Hoeveel schilderijen precies weer terecht zijn, kan Bosma nog niet overzien. Ze verwacht niet dat het Rijk en de Gemeente een schadeclaim indienen voor de vermiste werken, omdat "het problematisch is nu nog terug te komen op kunst die in de jaren zestig en zeventig is uitgeleend". Evenmin denkt ze dat de vu actie zal ondernemen om de toenmalige leners, die op bruikleenformulieren geregistreerd zijn, nu nog verantwoordelijk te stellen voor de vermiste kimst. "We kijken liever naar de toekomst, dan dat we achteraf nog sancties gaan bedenken om mensen aansprakelijk te stellen", aldus Bosma. Bosma denkt dat de publiciteit rond de verdwenen kunst een mentaliteitsverandering in gang heeft gezet op de universiteit. "Mensen zijn zich nu meer bewust van de waarde van kunst. Alle leners hebben een brief gekregen waar in staat dat ze persoonlijk aansprakelijk zijn voor het schilderij dat ze in bruikleen hebben. Maar waterdicht wordt het lenerssysteem nooit. Als een medewerker verhuist, gaat het schilderij vaak mee. Het kunstwerk staat op de

^z onAer\\andeV«nj^n zijn W -.-maar zaUeliiu

\u^ersals secfèi^s-^enerdat

•JsU-

rj

i

te horen. Wat de NCRV ons

verkeerde plaats geregistreerd als dit niet aan ons wordt gemeld." In het depot wordt Bosma's aandacht getrokken door medewerkster Personeelszaken Ter Beek. Ze is nog steeds op zoek naar een fleurige wandvulling. Keurend kijkt ze van een afstandje naar een aantal doeken, die ze heeft uitgestald op de grond. "Ik zou deze niet samen aan één wand hangen", adviseert Bosma. Als een geroutineerd galeriehoudster pakt ze een ander werk uit de rekken: het toont witte uitstulpingen in een ritmisch patroon, tegen een crème achtergrond. "Het is een heel mooi en simpel werk", zegt Bosma. Ter Beek is nog niet meteen overtuigd. Niet iedere lener denkt zo lang na over een gepast schilderij aan de muur. Student geschiedenis Jaap Lont komt bijna rennend de kunstuitleen binnen, levert een schilderij in en gaat meteen door naar de rekken vol kunst. Hij zoekt een werk voor de kamer van faculteitsvereniging Merlijn en moet rekening houden met de smaak van zijn studiegenoten. Lang aarzelt hij niet. "Deze neem ik", zegt hij resoluut terwijl hij een kleurig schilderij uit het rek vist. Na de registratie gaat hij weer, nog net op tijd voor college. Intussen heeft Ter Beek haar keuze gemaakt. Ze heeft niet één, maar drie schilderijen uitgezocht voor haar grote grijze muur en nog een klein exemplaar voor de achterwand. Bosma vindt ze mooi bij elkaar staan. "Zo met die roze en paarse tinten." Samen kijken ze nog eens tevreden naar de werken, voordat Ter Beek ze op een kar laadt. "Het is afschuwelijk voor de kunstenaars om te horen", geeft ze toe, "maar deze kleuren passen het beste bij de bekleding van mijn stoel."

^U^,

We hadden de hele avond al met elkaar gepraat, dus zetten we de televisie aan tegen sluitingstijd van het net. Om eens een ander te horen. De NCRV, altijd goed voor een milde, nachtelijke vermaning, had een bekend kinderboekenschrijfster uitgenodigd om haar visie op een psalm te geven. Althans dat vermoeden wè, want tegen de tijd dat de aftiteling in beeld kwam, lazen we dat ze over psalm 102 gesproken had. Wat ze gezegd had, was ons geheel ontgaan doordat we het zo druk hadden met het bespreken van haar uiterlijk. Ze schrijft erg leuke boeken die terecht vele prijzen gewonnen hebben. Maar als je die leest, zie je haar hoofd er niet bij. Gelukkig, want anders las je niet verder, zoveel is er aan dat gezicht geknutseld, geverfd en gehangen! Om te beginnen een bril die ontworpen is door iemand die brilledragers haat. Het vrouwelijk equivalent van de wangen bedekkende Lee Towersbril, die ook Harry Mulisch nog lelijker maakt dan hij al is. Daarnaast twee grote hangoorbellen, een enorme zwarte strik op het hoofd en voorts het haar in een kleur bieterood die favoriet is bij grijsharige hippies. Alles wat natuurlijk is aan een menselijk uiterlijk was weggemoffeld. Maar ook de handen mochten flink meedoen. We gingen ringen tellen en waren tot negentien gekomen toen de aftiteling begon, zonder dus een woord van haar praatje eigenlijk mee had willen delen via deze mevrouw, weten we dus niet. Maar wel dat een oude, nog zeer geldige wet in de reclame vidl dat 'the medium the message' is. Psalm 102 is voor ons blijvend geiQlustreerd met het plaatje van een soort goedaardige toverkol. SELMA SCHEPEL

Bomen "Als je morgen aankondigt dat de helft ' van alle Nederlandse kunstmusea weg moet, dan krijg je een revolutie. Maar als je zegt dat de helft van alle soorten verdwijnt, zal dat niet gebeuren." De natuur wordt ondergewaardeerd, zegt mierenkenner prof dr E. O Wilson in een interview met het krantje Bionieuws, het nieuwsmedium voor blowetenschappen - technologie. En dat | terwijl de mens zich eigenlijk alleen echt thuisvoelt in de natuur. De voorliefde voor de natuur is inherent menselijk, zegt Wilson, want deze 'biofilia' is het gevolg van de menselijke evolutie. Onze hersenen zijn | gevormd in en afgestemd op de natuur En daarmee is de spirituele verbondenheid van mens en natuur gewoon een feit. "Het is een onontdekt | wetenschapsgebied dat ligt te wachten om onderzocht te worden. Je kunt op dit gebied carrière maken, zeker als je psycholoog bent. En misschien dat we dan over een tijdje een volgende belangrijke vraag kimnen oplossen: wat | gebeurt er met de menselijke geest als een essentieel gedeelte van de humane evolutionaire ervaring wordt verkleind of zelfs uitgewist?" Wat gebeurt er, kortom, als wij losgerukt worden uit de natuur? ' Roel van Duijn probeerde al vijfentwintig jaar geleden een antwoord op deze vraag te formuleren. Hij stelde dat 1 we meer contact met de natuur zouden [ moeten zoeken. Onlangs heeft prinses Irene de exercitie van Van Duijn nog eens dimnetjes overgedaan. Ook haar boek is vooral op hoongelach onthaald. Irene praat met bomen en dat werkt nogal op de lachspieren van de dames en heren recensenten. Zij begrijpen Irene niet en vatten dan ook niet waarom haar boek zo snel een cultstatus heeft weten te verwerven. Wilson | begrijpt dat wel. "Biofilia, ofwel liefde voor de natuur, is een van onze belangrijkste gedragingen. Het is een fundamenteel kenmerk van de mensheid." BLADLUIS I

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 200

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's