Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 658

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 658

9 minuten leestijd

AD VALVAS 20 JUNI 1996

PAGINA 16

De sauzen van Calvijn

'We verlangen terug naar het eten dat onze moeders voor ons kookten'

Bram de Hollander

'Zes graden onder nul...' •itiC.ti\"i-. uk Hfi Vil LiC^rOoki'Tf,

' te Wompefi, wat zijn kmkeiffen en ho -=*! met ds? iïihöer

Marianne Hoek van Diike "We hopen dat we geen stomme dingen zeggen, want we zijn heel erg zenuwachtig", beginnen ze giebelend. Areti Sismomidou (22) en Athina Panatsi (23) moeten direct na het interview een take home-tentamen inleveren. En dat is erg spannend. Allebei studeren ze rechten aan de Aristotle University of Thessaloniki in Griekenland. Toen ze voor vier maan-

TE GAST den naar Amsterdam kwamen, kenden ze elkaar nauwelijks. Dat is inmiddels veranderd. "We kunnen het heel goed met elkaar vinden. We zijn een soort moeder voor elkaar", zwijmelt Areti. De dames illustreren dit direct met een boel kusjes in de lucht en gewapper met oogwimpers. Waarna ze zichzelf tot de orde roepen en tot het gesprek terugkeren. "We delen met z'n drieën een appartement in het centrum van Amsterdam", vertelt Areti. "We kwamen hier namelijk met z'n drieën aan en in het hospitium hadden ze nog maar twee kamers. Dat vonden we niet eerlijk, we wilden per se bij elkaar blijven." Ze vinden het niet erg om buiten het hospitium te wonen. "We wonen op loopafstand van het centrum," vertelt A,thina, "dus we hoeven nooit de nachtbus te nemen als we uit zijn geweest. En voor de feesten in het hospitium worden we toch wel uitgenodigd." Dat ze op de grens van het red light district wonen was voor hen en hun ouders wel even schrikken, maar in de praktijk blijkt het mee te vallen. "Het is niet gevaarhjk hier. We worden niet lastig gevallen op straat", verzekert Athina. Aan de fiets hebben ze zich nog niet gewaagd, al hebben ze gehoord dat het geweldig is om Amsterdam op de fiets te bekijken. "Ik denk er nog steeds over om er eentje te kopen, al zijn we hier nog maar drie weken", vertelt Areti.

In Thessaloniki woont Areti bij haar ouders en huurt Athina een appartement. Haar ouders wonen te ver van de universiteit. "In Griekenland werkt de universiteit heel anders", vertelt Areti. "Je doet toelatingsexamen en als je dat haalt, heb je het recht om te gaan studeren. Je betaalt geen collegegeld en de boeken zijn gratis. Dat betekent wel dat de universiteit arm is. De gebouwen zien er lang niet zo mooi uit als het vu-gebouw." In Griekenland is het lesprogramma in twee semesters per jaar verdeeld. Dat bevalt hen beter dan het trimester dat ze hier gevolgd hebben. "We kregen in het Erasmusprogramma veel minder college", vergelijkt Athina. "Per cursus maar vier lessen. In Griekenland heb je meer tijd om vertrouwd te raken met de stof. Maar misschien is het bij de Nederlandse programma's beter geregeld." "De verhouding ouders-studenten is ook heel anders", gaat ze verder. "In Griekenland betalen je ouders alle kosten die je maakt. Veel studenten blijven dan ook thuis wonen tot ze werk vinden of trouwen. Maar je kunt wel alleen gaan wonen als je dat wilt." Werken naast je studie is niet zo gebruikelijk in Griekenland. Hun verblijf in Nederland wordt grotendeels door hun ouders gefinancierd. De universiteit draagt voor vier maanden twee-

^töA/l,

t»")^

duizend gulden bij. Aangezien ze beiden inmiddels een telefoonrekening van negenhonderd gulden hebben, is dat lang niet voldoende. In tegenstelling tot veel andere buitenlandse studenten hebben ze beiden geen moeite met het leggen van contacten met Nederlandse studenten. "Boven ons woont een Nederlandse jongen met wie we veel optrekken. We hebben in het begin contact met hem gezocht, om te vragen of hij ons wegwijs wilde maken in Amsterdam. Inmiddels is hij een soort huisgenoot geworden", vertelt Athina. "Hij zit de hele dag bij ons - niet 's nachts natuurlijk - en we kijken samen televisie en zo. Dat is heel leuk." En passant steken de dames er wat Nederlands van op en leert hij Grieks. "Op de universiteit komen we ook veel Nederlandse studenten tegen. Die zijn heel aardig en behulpzaam", vult Areti aan. "En natuurlijk de studenten van vuniverse. We proberen aan zoveel mogelijk van hun activiteiten deel te nemen. Het leukste was de excursie naar Brussel. Brussel is zó mooi. En de reis was goed georganiseerd. Door Ali, volgens mij." Glimlachjes vliegen over tafel naar deze inmiddels aangeschoven vuniverser. "We hebben alle studenten ontmoet die we konden ontmoeten", concludeert Areti. Met als vervelend bijverschijnsel dat ze slecht eten, volgens Athina. "We verlangen terug naar het eten dat onze moeders voor ons kookten. Hier hebben we het zo druk met studeren, Amsterdam bekijken en mensen ontmoeten, dat we bijna alleen maar patat met mayonaise en ander junkfood eten. Dat is niet goed voor onze maag." Ze genieten allebei erg van de vele

^

«

oude gebouwen in Amsterdam. Een opmerkelijke uitspraak voor twee studentes uit het land van de klassieken. "In Griekenland heb je eigenlijk alleen maar monumenten die heel oud zijn en moderne gebouwen, uit deze eeuw," legt Athina uit. "Een paar gebouwen uit de periode er tussenin zijn nu herbouwd. Daar ben ik blij om, want ze laten iets zien van de atmosfeer en de geschiedenis van een stad." Areti vult aan: "Je moet je realiseren dat Griekenland heel lang door de Turken bezet is geweest. We hebben veel oorlogen gehad. Toen waren er ook geen universiteiten, want we hadden alleen maar soldaten nodig." Wanneer de Turkse bezetting eindigde, weten ze probleemloos uit hun hoofd. "1821", klinkt het in koor. Hun aankomst in Amsterdam afgelopen maart vonden ze letterlijk een koude kermis. "Het was zes graden onder nul!", zegt Athina met grote ogen. "Dat is een temperatuur die we in Griekenland nog nooit hadden gevoeld. Daar wordt het eens in de drie jaar wel eens een dagje min vier. Toen we hoorden hoe koud het in januari is geweest, waren we blij dat we pas in het vooriaar zijn gekomen. Anders hadden we Nederland vast gehaat." Dat is nu niet het geval. Ze weten zeker dat ze alles van Amsterdam zullen missen als ze teruggaan. "De sfeer, de kleurigheid van de stad, Ali, nog meer mensen hier, het alleen wonen", somt Areti op. In Griekenland willen ze snel afstuderen. Ze zitten al in hun vijfde jaar, terwijl er maar vier jaar staat voor rechten. Athina wil daarna advocaat worden. Areti vindt het reisbureau van haar ouders ook heel leuk om in te werken. Maar dat is van later zorg. Nu eerst het tentamen inleveren!

-

L

1 (•ff»

De tijd van Grote Vuren is weer aangebroken. Vleesetend Nederland voelt bijna afgestorven genen jeuken: "Ha, fijn! We kunnen weer roosteren en grillen." De ban op onbeschaafd gaat ritueel in rook op: even is eten niet meer zonder risico. | Onze tanden mogen ongare bieflap- ] pen aan stukken scheuren, onze kiezen mogen drooggeworden stukken , ui van lange degens happen, handen mogen kippepoten breken, - vingers • moeten zich beroeten, bloed moet onder nagels kruipen, lippen drui- | pen van het vet. Gevoed door branI dende verlangens naar de smaak van Salmonella, naar door te slikken splI inters bot, naar houtskoolkanker, of I naar oorlog met de buren, spelen we ' oertoestanden na. (Zie Freud: ThaI natos, doodsdrift, de wil tot zelfver1 lies enzo.) Het is bon-ton om daar de draak mee te steken. "Het systeem van binnenuit uithollen" blijft i voor slimmerikken de grootst denk- ' bare lol. Ze slaan geen uitnodiging ' af, maar storten zich op iedere barbecue-fuif demonstratief in de rauwkostruif Solidair met dode koeien ' die al uren in hun marinade wachten op post-crematieve consumptie, i Boven openbarstende saucijsjes bespreken ze vrolijk hongersnoden en lepelen er een pittig propagandasausje overheen: "Als we minder i vlees... Maar graan... Voldoende voedsel voor de hele wereld... Sojabonen... Afrika." (Wie in Afrika is geweest, weet hoe ze daar op westerse vegetariërs reageren: vlees weigeren is hèt teken van een gebrek aan logica. Heb je geld om je aan slachtvee te buiten te gaan, ga je een beetje zielig maiskolfies afknagen! Over armoede gesproken...). Stik maar in intellectueel ressentiment. Mij mag je gedurende de zomermaanden van vleesfeest naar vleesfeest slepen, tot ik bol sta van de cholesterol. Viesdoen met vellen en lellen maakt gelukkig. Lekker niet stilstaan bij gezond en hygiënisch, maar je creatieve libido volgen en stukjes rauw varken aan stokjes rijgen, - mmm. Daarom stel ik voor dat de mensa een excessief erotisch kookparadijs wordt. Kost minder personeel, pannen en pruttelinstallaties èn roept een halt toe aan ongebreidelde vervreemding van de levenslust. Connotatietje bij "Good old" filosoof Marcuse: deze tijd vraagt om een groter rooster-vrijheid. DÉSANNE VAN BREDERODE

Begrijpen 'Waarom is er iets in plaats van niets?', zegt in een interview Willem B. Drees, medewerker bij het Bezinningscentrum van de vu en deeltijdhoogleraar voor natuur- en techniekfilosofie in Twente. Hij komt aan het woord in het blad Wetenschap, cultuur en samenleving, het vroegere vu-Magazine. Drees studeerde theoretische natuurkunde, promoveerde als theoloog en vorig jaar voegde hij daar ook nog de titel van doctor in de filosofie aan toe. Hij schrijft boeken met titels als Heelal, mens en God en Religion, Science and Naturalism. "Ik houd me met zo'n beetje alles tegelijk bezig", zegt hij dan ook. Maar zijn belangrijkste werkterrein is toch, in goede vu-traditie, de verhouding tussen geloof en wetenschap. "Boedelscheiding vind ik een nuttige eerste benadering. Het is zinnig te bedenken dat in het geloof en m de wetenschap heel verschillende vragen aan de orde zijn", zegt Drees. Maar daarmee zet hij religie niet overboord. "Zelfs de meest complete natuurwetenschappelijke theorie van de werkelijkheid blijft een beschrijving en geeft geen antwoord op de vraag waarom die werkelijkheid er is en zich gedraagt zoals zij zich gedraagt." En daar is plaats voor bezinning. "De vraag hoe te leven is dus bij uitstek een vraag die aan de geloofskant thuishoort. En toch kun je ook die vraag niet beantwoorden zonder daarbij een reëel beeld van de werkelijkheid voor ogen te hebben. Dat wereldbeeld is echter voortdurend aan verandering onderhevig." Gevraagd naar zijn drijfveer antwoordt Drees: "Heel simpel: de wereld willen begrijpen. Pure nieuwsgierigheid dus." BLADLUIS

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 658

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's