Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 374

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 374

7 minuten leestijd

AD VALVAS 8 FEBRUARI 1996

PAGINA 16

Als een bonbon

Moe word ik ervan. Doodmoe. Al dat gezwatel over cultuur begint me zo langzamerhand de keel uit te hangen. Ik wil geen boeken lezen om op feestjes interessant te kunnen meepraten, ik wU geen theatervoorstellingen bezoeken die je 'gezien moet hebben', ik hoef niet per se een omvangrijke klassieke cd-collectie alleen om mijn visite te kunnen imponeren. Ik wil van kunst genieten zoals je van bonbons geniet; langzaam, aandachtig, stilletjes en alleen als je er zelf echt zin in hebt. Opgedrongen kunst (bij de TROS

Hospita Alice van der Kooye: 'Totaal verschillende culturen kunnen heel goed samenleven als ze maar duidelijk zijn tegen elkaar'

Bram de Hollander

^Ze moeten de tikken in de gaten houden' 4^

Bart Brandsma

Alice van der Kooye is 'een gezelschapsmens' en dus was het wel even wennen toen haar beide zoons de deur uit gin^ai. De een ging psychologie studeren, de ander nam zijn intrek bij een vriendin m Engeland. Het werd stil in het appartement in Diemen-Zuid. 'Dat beviel me wel. Ik kan echt genieten van het alleen zijn, maar toen een kennis me vroeg of er iemand tijdelijk bij mij kon komen wonen, heb ik ja gezegd.' Het was immers maar voor eventjes, om iemand uit de brand te helpen. Het zou haar eerste huurder worden; Gosse, een echte Gronmger. En nu heeft ze dan Judith. Voor het eerst een

meisje. "Met jongens ga je natuurlijk niet in je slipje de gang op, ook niet als het al laat en donker is. Nu met Judith is dat niet zo'n probleem meer en dat is eigenlijk wel prettig. Eerst was ik wat angstig voor een meisje in huis. Ik dacht aan zo'n bijdehand type met misschien wel jongens achter zich aan. Maar dat was meer de angst voor het onbekende, omdat ik zelf alleen twee zoons heb grootgebracht." Voor het blijven slapen van vriendinnetjes of vriendjes maakt het geen verschil. Dat wil ze niet. "Dat mochten mijn eigen jongens ook niet. Ze flikten het wel, daar niet van, maar ik juich het niet toe." Diemen-Zuid. De Tarwekamp, in de Akkerlandbuurt. In het appartement op één hoog, maar met balkon en een buitentrap naar een voor Amsterdamse begrippen grote tum, heeft Alice van der Kooye een kamer drie bij vier - voor kostgang(st)ers.

Gemeubileerd met een lekker bed, een grote zwarte klerenkast met paskamerspiegel, een bureautje en een wandmeubel om wat persoonlijke spulletjes in te bewaren. Voor ƒ400,verhuurt ze deze kamer, "met gebruik van alle faciliteiten. Dat is niet veel." Mevrouw van der Kooye wil wel vooraf weten wie ze m huis haalt. "Ik wil vooral een indicatie van de achtergrond van iemand. Als de ouders langs komen, vraag ik ook hun mening. Dan hoor je wat meer: niet alleen 'Ze is heel lief, maar ook 'Ze kan zo af en toe ook lastig zijn'. Ik sluit altijd af met 'U hoort nog van mij'. Het is een soort sollicitatiegesprek." "Al door de telefoon zeg ik: 'U hoort misschien wel aan mijn accent dat ik een buitenlandse ben.' De moeder van Judith vond het niet zo prettig dat ik dat zei, omdat het voor haar niet uitmaakte; buitenlands of niet-buitenlands. Maar voor mij maakt het wel uit. Je komt uit heel verschillende culturen en daar moet je meteen duidelijk over zijn. Totaal verschillende culturen kunnen heel goed samenleven als ze maar duidelijk zijn tegen elkaar; je moet meteen afspraken maken en zeggen wat je wel en niet wilt. Ik ben bijvoorbeeld erg gesteld op respect. Dat heeft met mijn achtergrond te maken. Mijn kinderen spreken me met u aan. Dat hoeven de studenten niet te doen, maar een bepaalde afstand vmd ik gepast. En krachttermen, daar moeten ze met mee aankomen."

"Ik kom uit Suriname, van Hindoestaanse afkomst. Opgevoed door mijn oma en ook nog eens volbloed katholiek. Ik heb waarden en normen die gelukkig wel overeenkomen met die van de moeder van Judith. Ook zij heeft bij de nonnen gezeten en weet bij wijze van spreken wat het is om door de nonnen gedwongen te worden om met rechts te schrijven. Het is goed om het over die dingen te hebben. We hebben samen afgesproken om contact te houden over Judith. Ze is dan wel zeventien en heel volwassen, maar toch is het goed om contact te houden." "We hebben de afspraak dat als er iemand op bezoek komt, de ander zich terugtrekt." Zelf ontvangt Alice van der Kooye door de week niet al te veel bezoek. "Dat wilde ik ook niet voor mijn eigen kinderen; zo tegen tien uur 's avonds moet het rustig zijn. In het weekend leef ik me dan wel uit."

"Ik heb bewust gekozen voor Nederlandse mensen in huis. In Surinaamse kringen kent iedereen elkaar, dichtbij of veraf, via een verre neef of hoe dan ook. Het is een kleine gemeenschap. En ik hecht aan mijn privacy. Daarom heb ik ook voor Nederlanders gekozen." "Ik ben denk ik een van de weinige hospita's die zo gastvrij is," Ze kookt regelmatig samen met Judith, lekker met Surinaamse trassi. Dat ruik je door het hele huis. Dat vindt Judith niet erg. Ze wil altijd alles proberen. Omdat Judiths opa Indonesisch was, weet ze ook dat luchtjes juist een goed teken zijn. "Hoe stinkerder, hoe lekkerder." Mevrouw van der Kooye: "In principe koken ze voor zichzelf, maar vooral de jongens die ik heb gehad, hebben vaak meer met mij meegegeten dan dat ze zelf kookten. Dat gaat haast vanzelf.

Toen ik van de zomer aan het diëten was en ik zag dat een van de jongens al vier avonden aan de Brinta zat, heb ik er toch weer wat aan gedaan." Dus kwam er een biefstuk op tafel, met rauwkost en groente. Misschien is dat wel eens als bemoeienis opgevat, denkt ze nu. "Ik denk daar de laatste tijd aan. Vooral omdat ik van beide jongens nooit meer iets heb gehoord. Geen kaartje, mets! Dat knaagt een beetje. Misschien ben ik met afstandelijk genoeg geweest, ga je dan denken." "Waar ik moeite mee heb, is het bellen. Ze moeten de tikken in de gaten houden." Door schade en schande wijs geworden. "Ik ben een keer met een 06-telefoonrekening blijven zitten van ƒ298,-. U begrijpt wel waaraan. Ik heb bij de PTT de nummers opgevraagd, omdat het volgens de huurder - een vu-student overigens - een fout moest zijn geweest van de administratie van de PTT. Hij ontkende het van alle kanten. Toen ik belde met een van die nummers kreeg ik een dame aan de lijn die bereid was om over seks te praten. Dat is me toen toch zwaar tegengevallen." Soms zitten ze samen te studeren Judith en mevrouw Van der Kooye. Kopje thee erbij, voeten op tafel of languit op de bank. "Je moet je thuis kunnen voelen", zegt de hospita. "Ik hoop volgende week mijn examen maatschappelijk werk te halen en het komt wel eens voor dat we beiden zitten te leren. Dat kan heel gezellig zijn. Ik breng haar ook wel naar school, zeker nu het in de winter zo koud is. En als ze zich verslapen heeft, dan mag ze meteen op mijn kamerdeur bonken. Dan breng ik haar. Dat is flexibel, en dat moet ook, anders wordt het al snel onleefbaar."

clf€te<i<iY^kooiri£- -

-

<

^

zelfs 'Kunst. Omdat het moet') wordt zinloze kunst. Tenminste, als je ervan uitgaat dat juist kunst een bevmstzijnsverruimend karakter kan hebben. Wie iets met zich wil laten gebeuren, moet daarvoor de tijd kunnen nemen. Dat is één. Ten tweede m.oet je de mogelijkheid worden gegund om niet direct een oordeel klaar te hebben. Natuurlijk zal je nooit helemaal 'leeg' naar kunst kunnen kijken; natuurlijk neem je een steeds voller wordende rugzak aan voorkennis mee. Maar je zou toch verwachten dat die extra ballast eerder je pas vertraagt, terwijl de kunstconsumptie in dezelfde soort rat race Ujkt te zijn beland als de naar vtdnst hunkerende bedrijfscultuur. Kunst is een artikel waarmee je je kunt onderscheiden: aan je smaak wordt steeds meer afgeleid 'waar je staat'. Hoe meer 'bij' je bent, hoe veiliger je positie temidden van andere hoger opgeleide medemensen. Hoe scherper je oordeel over alle over je heen spoelende kunstuitingen, hoe meer er ook op andere gebieden naar je geluisterd wordt. De makkelijkste manier om diepziiuüg en betrokken over te komen, is wanneer je met enige regelmaat de recencies uit je hoofd leert. Je spreekt ze uit met een 'Goh, ivéét je dat nog niet?'toontje in je stem en jawel, succes verzekerd. Je moet er alleen wel een bewustzijnsvernauwing voor riskeren. DÉSANNE VAN BREDERODE

Mensenrechten Mensenrechten heten universeel te zijn, maar zijn dat eigenlijk niet. Ze bestaan pas enkele eeuwen en veel Derde-Wereldlanden bekijken ze nog steeds met argwaan. "De westerse ideeën over mensenrechten zijn ten onrechte universeel gemaakt", zegt de Nigeriaan Chudi Ukpabi in CuU. Cul! IS een blad voor cultureel-antropologen dat op de UVA wordt gemaakt, maar sinds kort ook op de vu wordt verspreid. De westerse mensenrechten slaan niet aan in Afrika, zegt Ukpabi, omdat Afrikaanse samenlevingen nu eenmaal anders in elkaar steken dan westerse. Het Westen kan wel hameren op mensenen andere rechten van het individu, maar 'de Afrikaanse maatschappij is gebaseerd op waarden van het collectief. En dat botst. In Cul! wordt ook het Chinese standpunt inzake mensenrechten uitgelegd. China beroept zich op 'het recht om het met eens te zijn met het concept van mensenrechten'. Het Westen legt veel nadruk op de politieke rechten van het individu, meldt China Daily bijvoorbeeld, maar gaat daarbij volledig voorbij aan China's 'economische rechten'. "Het recht op bestaan en ontwikkeling zelf wordt geheel ontkend." Wat mensenrechten van doen hebben met de economische ontwikkeling in China, blijft onduidelijk. Cul! emdigt met een Robert Crumbachtige strip over Jomanda en Emile Ratelband. Ook hun ideeën blijken niet universeel. 'Sta op, invalide. De goddelijke wereld wil dat je opstaat', roept Jomanda tegen een man in een rolstoel. De gehandicapte antwoordt: 'Maar ik kan juist niet opstaan! Daarom ben ik invalide, begnjpt u wel?' Emile Ratelband schendt vervolgens de mensenrechten door een harde 'Tsjakka' met de punt van zijn schoen uit te delen. Maar ook dat mag met baten. BLADLUIS

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 374

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's