Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 561

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 561

9 minuten leestijd

AD VALVAS g MEI 1996

PAGINA 7

B a a n in

zicht

Merendeel studenten rechten, economie en FPP heeft binnen een half jaar werk onontbeerlijk. Nog eens eenvijfde meent dat voor zijn functie wel een academische studie nodig is, maar niet per se economie. Van de biologen met een baan werkt ongeveer tien procent op een lager dan academisch niveau. Dat geldt voor ongeveer eenderde van de psychologen en pedagogen. De meeste economen vinden een baan in de zakelijke dienstverlening, met name het bank- en verzekeringswezen. Van de ex-rechtenstudenten heeft bijna de helft een juridisch beroep gevonden als advocaat, notaris of bij de rechterlijke macht. Ruim een kwart werd juridisch medewerker. De meerderheid van de biologen werd aio of oio. Afgestudeerde biologen doen overigens minder vaak onderzoek dan de afgestudeerden van 1985 tot 1993 en hebben minder vaak een beleidsbaan. Daarentegen werken veel meer biologen dan in het verleden als docent. De meerderheid van de psychologen kwam in de zakelijke en commerciële hulpverlening en de geestelijke gezondheidszorg terecht, de helft van de pedagogen in het HBO, middelbaar en wetenschappelijk onderwijs. Scheikundigen belanden over het algemeen in het bedrijfsleven.

studenten economie, rechten en studenten psychologie en pedagogiek aan de VU hoeven niet te jvanhopen over hun kansen de arbeidsmarkt, zo .,^en recente enquêtes )nder oud-studenten uit: meer dan driekwart heeft binnen een half jaar na afstuderen een baan, meestal ook nog op academisch niveau. Enquêtes onder de afgestudeerden van andere faculteiten volgen.

Frieda Pruim Worden afgestudeerde studenten en masse werkloos, belanden zij voornamelijk in de wetenschap of gebruiken zij hun diploma in groten getale om op een hoge functie terecht te komen in het bedrijfsleven? Het is om verschillende redenen interessant om te weten waar studenten na hun studie belanden. Gegevens over de loopbaan van afgestudeerden kunnen studenten een beeld geven van hun kansen op de arbeidsmarkt. Verder kunnen de huidige studerenden baat hebben bij de ervaringen van alumni (oud-studenten) op een specifieke werkplek. En de universiteit kan eenmaal gelokaliseerde afgestudeerden ertoe aansporen op hun werk stageplaatsen te creëren voor de huidige studenten. Om aan al die behoeften tegemoet te komen, heeft de vu in 1994 een alumnibureau in het leven geroepen, dat de registratie van afgestudeerden voor de verschillende faculteiten verzorgt. Drs Wim Heersink, die dit bureau bemant, heeft op dit moment achttienduizend alumni in zijn bestand. Zij ontvangen allemaal Revue, het tijdschrift voor afgestudeerden. In dat blad zit elke keer een antwoordkaart, waarop zij kunnen invullen in wat voor functie zij werkzaam zijn. Die moeite hebben inmiddels circa 3500 mensen genomen. Daarnaast heeft een aantal faculteiten gegevens over de loopbaan van hun ex-studenten aan het alumnibureau verstrekt, zodat nu van ongeveer vijfduizend afgestudeerden bekend is in welk beroep ze momenteel werkzaam zijn. Het merendeel van deze vijfduizend (70 procent) heeft een baan gevonden m de niet-commerciële dienstverlenmg. Vooral het wetenschappelijk en voortgezet onderwijs, ziekenhuizen en overheidsbestuur zijn in deze categorie goed vertegenwoordigd. Verder kwam ruim eenvijfde van de alumni terecht m de zakelijke dienstverlening. Het gaat vooral om banen bij advocatenkantoren, notariskantoren, computerservicebureaus en adviesbureaus.

B r e d e basis

Illustratie. Berend Vonk

hebben we beroepsgidsen van bijvoorbeeld advocaten en notarissen nagezocht, waardoor de meeste afgestudeerden logischerwijs in die beroepsgroepen werden gevonden. Dat levert over het algemeen een te gunstig beeld op. Wat de jongere lichtingen betreft geeft de enquête wel een redelijk beeld, omdat veel gegevens die we van hen hebben nog klopten of te achterhalen waren." Economie en FPP slaagden erin een wat representatievere groep aan het woord te laten. De enquête van Economie dateert van december 1995, die van FPP moet nog worden uitgewerkt. FPP benaderde studenten die in de afgelopen veertig jaar afstudeerden, terwijl Economie zich beperkte tot afgestudeerden in de laatste tien jaar. De enquêtes van de beroepsverenigingen zijn nog bescheidener van opzet:

Muziek "De mensen die de kaart hebben ingevuld, vormen een beperkte groep die het leuk vindt om contact te houden met de universiteit en meestal ook wel werk heeft", relativeert Heersink de representativiteit van deze gegevens. Die hoopt hij onder meer te verbeteren via een enquête die de komende drie jaar wordt gehouden onder alle alumni van wie de vu adresgegevens heeft in het kader van het project 'Baan in zicht'. Enkele faculteiten hebben hierop alvast een voorschotje genomen. "Wij zijn voor de muziek uitgelopen", zegt Astrid Eijkelestam, secretaris van de rechtenfaculteit. Economie en de Faculteit Psychologie en Pedagogiek (FPP) volgden, terwijl Biologie en Scheikunde hun beroepsverenigingen lieten uitzoeken hoe het ervoor staat met de arbeidsmarktperspectieven van hun afgestudeerden. "De onderzochte groep is niet representatief', zegt Eijkelestam over de eind 1994 gehouden enquête onder ex-rechtenstudenten die tussen 1946 en 1995 afstudeerden. "Om aan adressen te komen

'Bijna de helft van de psychologen en pedagogen heeft tijdens de studie al een haan'

zij beperken zich tot een jaar. Het responspercentage lag bij alle faculteiten tussen de 30 en 45 procent. De arbeidsmarktpositie van vu-economen is redelijk goed. Van de ondervraagde afgestudeerden is ruim vijf procent werkzoekend. De werkloosheid is geconcentreerd in de groep die tussen 1993 en 1995 is afgestudeerd: ruim acht procent. Ook bij rechten bevinden zich onder de recent afgestudeerden de meeste werklozen, bijna tien procent, terwijl het werkloosheidspercentage onder het totale aantal rechtenalumni slechts een kleine

drie procent bedraagt. Studenten psychologie en pedagogiek hoeven zich evenmin echt zorgen te maken: slechts 5,5 procent is op zoek naar werk. Bijna de helft van de psychologen en pedagogen heeft zelfs al tijdens de studie een baan. Binnen een half jaar na afstuderen vindt nog eens eenderde werk. Ook het gros van de economen (88 procent) en juristen (75 procent) vindt binnen een half jaar na afstuderen een baan.

een advertentie een baan; 28 procent via een open sollicitatie. Voor rechtenstudenten zijn deze percentages respectievelijk 38 en 20 procent. Biologen zijn voornamelijk aangewezen op advertenties in de krant. Een kwart van de economen en biologen en eenderde van de juristen kreeg een baan aangeboden of werd gevraagd te solliciteren.

'Boterzacht' Het percentage biologen met werk ligt aanzienlijk lager: slechts tweederde van de afgestudeerden tussen augustus 1993 en augustus 1994 had een jaar later werk gevonden, zo blijkt uit onderzoek van het Nederlands Instituut voor Biologie. Onderwijscoördinator Herman Hillebrand van Biologie noemt dit percentage echter "boterzacht", want voor deze enquête zijn slechts 33 afgestudeerden van de vu ondervraagd. Het landelijk percentage ligt overigens nog lager: 62 procent. Biologen die afstudeerden in de periode '93/'94 hadden meer moeite een baan te vinden dan hun voorgangers in de afgelopen acht jaar. De Koninklijke Nederlandse Chemische Vereniging (KNCV) vraagt scheikundestudenten om binnen drie maanden na afstuderen een enquête in te vullen. In 1995 voldeed het merendeel van de studenten, 24 in getal, aan dat verzoek. Van hen zochten er negen werk, acht volgden een tweede-faseopleiding en drie hadden een baan gevonden in het bedrijfsleven. Deze percentages komen aardig overeen met het landelijke beeld: ruim eenderde van alle in 1995 afgestudeerde scheikundestudenten was vlak na de studie werkzoekend, ruim eenderde volgde een tweede-faseopleiding en 15 procent had een baan in het bedrijfsleven gevonden. De meeste afgestudeerden vonden een baan door te reageren op een advertentie, maar ook open sollicitaties werden vaak beloond. Bijna dertig procent van de economen vond via

'Economen kijken met genoegen terug op het schrijven van werkstukken en hun scriptie'

Studenten die ondanks de goede vooruitzichten moeite hebben met het vinden van werk, kunnen terecht bij Eleonore Vos, sinds februari coördinator van het project 'Baan in zicht'. Zij houdt zich onder meer bezig met 'individuele loopbaanbegeleiding'. "Iemand die bijvoorbeeld biologie studeert en na zijn studie beleidswerk wil doen, kan bij mij langskomen", vertelt ze. "Ik vraag dan waarom hij dat wil, wat hij al op dat gebied heeft gedaan en of hij al bij de beroepsvereniging van biologen is geweest. Ik kan hem eventueel in contact brengen met een bioloog uit het bestand van Wim Heersink die als beleidsmedewerker werkt. Voor zo'n student heeft dat een dubbele betekenis: hij komt meer te weten over het werk èn hij doet contacten op voor als het zover is." Maar liefst driekwart van de afgestudeerde rechtenstudenten heeft een functie die volgens henzelf een juridische opleiding vereist. Tweevijfde van de economen vindt voor zijn functie een universitaire opleiding economie

Terugkijkend op de studie vindt het overgrote merendeel van de rechtenstudenten, economen, psychologen en pedagogen de training in mondelinge vaardigheden op de universiteit onder de maat. De rechten- en economiestudenten vinden bovendien de mogelijkheden om stage te lopen, de studiebegeleiding en de training van schriftelijke vaardigheden onvoldoende. In het algemeen zijn deze studies te weinig praktijkgericht. "Voorbereiding op en begeleiding vanuit de universiteit op de toekomstige werkkring ontbreekt vrijwel geheel", schrijft een afgestudeerde rechtenstudent. "Hier lijkt me een taak voor de faculteit te liggen." Een aantal economiestudenten is bovendien slecht te spreken over de massale hoorcolleges. "Colleges geven in kleinere groepen zal de betrokkenheid sterk vergroten", aldus een execonomiestudent. "Dit zal discussies beter mogelijk maken en de mondelinge vaardigheden beter stimuleren." De economen kijken vooral met genoegen terug op het schrijven van werkstukken en hun scriptie en op de stageperiode. Zij vonden de opleiding goed gestructureerd, met een goede organisatie en een overzichtelijk programma. De juristen, psychologen en pedagogen zijn zeer tevreden over de hoeveelheid kennis die ze hebben opgedaan. De juristen vinden bovendien dat de rechtenstudie aan de vu een brede basis biedt en dat er tijdens de studie voldoende aandacht wordt besteed aan het leren analyseren van juridische problemen. Scriptie, stage en bestuurswerk buiten de faculteit hebben - in afnemende volgorde - een belangrijke rol gespeeld bij de aanstelling in hun eerste functie. De meerderheid van de psychogen en pedagogen heeft naar eigen zeggen geleerd onderzoek op te zetten en uit te voeren en heeft praktische vaardigheden opgedaan, zoals gesprekstechnieken en diagnostiek. Jan van Gastel, onderwijscoördinator bij FPP, tekent bij deze uitspraken aan dat het antwoord dat studenten geven vaak samenhangt met de mate waarin ze datgene wat ze hebben geleerd kunnen toepassen in hun beroep. Verder kunnen ze volgens hem wel aangeven dat ze gebrek aan bepaalde vaardigheden hebben, maar het is de vraag in hoeverre dat aan de opleiding te vnjten is. "Maar als uit enquêtes van verschillende faculteiten blijkt dat studenten onvoldoende worden getraind in mondelinge vaardigheden, dan moet dat zeker serieus worden genomen", aldus Van Gastel. "Dan moet daar in de studie meer aandacht aan worden besteed."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 561

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's