Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 219

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 219

4 minuten leestijd

AD VALVAS 23 NOVEMBER 1995

PAGINA 3

Universitair contractweric Icomt langzaam op orde Frank Steenkamp

De universiteiten lijken het tijdperk af te sluiten waarin onderzoekers tegen afbraakprijzen h u n diensten aanbieden aan derden. Een landelijke werkgroep heeft een systeem ontwikkeld dat zicht biedt op de werkelijke kosten van onderzoeksprojecten. Sommige geldschieters zijn nu al bereid om realistischer prijzen te betalen. Toch duurt het nog wel even voordat de wild-westpraktijken helemaal uitgestorven zijn. Het werd tijd dat de universiteiten zich zakelijker gaan opstellen bij samenwerking met derden. Al in 1988 stelde de Algemene Rekenkamer vast dat de universiteiten veel te lage prijzen rekenden voor externe dienstverlening. De instellingen beloofden toen beterschap. Maar begin dit jaar constateerde de Rekenkamer dat bij het werk voor derden nog steeds roofbouw wordt gepleegd op de reguliere middelen voor onderwijs en onderzoek. Buitenstaanders hebben vaak moeite om dat te begrijpen. Waarom hebben de ondernemende onderzoekers niet vanaf het begin him diensten aangeboden tegen realistische prijzen? Het ant-

Rechten bestaat 115 jaar

woord is dat het 'kostenbewustzijn' van de wetenschapper per traditie laag is. Of, minder diplomatiek: men vond het niet erg om met extern geld de eigen onderzoeksgroep uit te bouwen, ten koste van algemene voorzieningen van faculteit of universiteit. "Op projectniveau worden vaak schijnwinsten geboekt", schreef de contractresearch-specialist van de TtJ Delft, ir G. Bohlander, kort geleden in het vsNU-blad Academia. De kosten worden vaak ongemerkt elders gedeponeerd. Voor gebruik van gebouwen, apparatuur, ondersteunend personeel en andere voorzieningen wordt vaak nauwelijks betaald. Het gevolg is volgens Bohlander een "sluipende uitholling" waardoor de universiteiten als het zo doorgaat ook voor opdrachtgevers straks "geen aantrekkelijke marktpartij" meer zijn. De universiteitsbesturen hebben wel aarzelende pogingen gedaan om hun leven te beteren. Zo heeft vrijwel iedere universiteit nu een handleidmg voor contacten met derden. En er bestaat al jaren een vsNU-werkgroep 'tarieven derde geldstroom'. Maar het nieuwe rapport van de Rekenkamer heeft bewezen dat de uitverkoop doorgaat. Onderzoekers vinden nog steeds

manieren om met hun contractwerk te parasiteren op allerlei voorzieningen. Decaan prof.dr K.B. Koster van de sociale faculteit in Groningen zei op een vsNU-studiemiddag over de derde geldstroom dat zijn faculteit jarenlang trots was op twee grote instituten voor verkeerskundig en onderwijskundig onderzoek. Ze leken praktisch selfsupporting. Totdat de inkomsten sterk daalden. Dat kwam deels door externe concurrentie, maar deels bleken de instituten zelf hun werk te verplaatsen naar stichtingen, om de verplichte bijdrage aan facultaire kosten te ontlopen. Als klap op de vuurpijl bleek dat een van de instituten al drie jaar verborgen verliezen leed. De faculteit van Koster zat met de kosten van overbodig geworden personeel. En met het dilemma dat als men alle kosten alsnog ging doorberekenen, tenminste een van de instituten direct failliet zou zijn. In Groningen zijn de teugels nu aangehaald om te voorkomen dat onderzoekers met de winst weglopen en hun verliezen op de faculteit afwentelen. Maar dat blijft moeilijk, zo bleek uit het relaas van Koster. En zijn faculteit is niet uniek. Veel groter is nog het aantal facultei-

ten dat zich domweg niet bewust is van de werkelijke kosten van hun onderzoeksprojecten. Om die grote groep onwetenden te bekeren, heeft de vsNU-werkgroep, onder leiding van Bohlander, de afgelopen jaren gewerkt aan een kostenmodel, dat voor iedereen duidelijk moet maken welke kosten je allemaal bij je onderzoek hoort mee te tellen. Van de vaak vergeten gebouwen en apparatuur, via ondersteunende diensten en bibliotheek tot de afdeling die de 'contacten met derden' moet coördineren. "Het kan niet meer tegen marginale kosten", is daarom het motto van de landelijke werkgroep. En op de VSNUstudiemiddag presenteerde voorzitter Bohlander resultaten van het nu bijna uitgerijpte kostenmodel. Daarmee kunnen facultaire beheerders hun onderzoeksleiders meer 'kostenbewust' maken, wat tot realistische begrotingen moet leiden. Net zo belangrijk is dat een goed beeld van onderzoekskosten helpt om grote financiers over te halen tot het betalen van realistischer prijzen. Vroeger vonden zowel bedrijven als overheden het normaal om alleen de 'marginale' kosten van die ene extra aio te vergoeden. Nu wordt er slag

Scheikunde viert vitaal 65ste verjaardag

De rechtenfaculteit bestaat 115 jaar. Dat wordt vrijdagmiddag 24 november gevierd met een congres.

-x <r

Met een kinderdag in het laboratorium, een congres en een reunistenfeest heeft de vu-faculteit scheikunde vorige week woensdag en donderdag haar 6 5 verjaardag gevierd. Het was ook een afscheidsbijeenkomst: sprekers op het congres waren vier hoogleraren die binnenkort met emeritaat gaan. De faculteit is bezig met een verjongingskuur om vitaal de volgende eeuw in te kunnen gaan. Van de huidige twaalf hoogleraren zuilen er eind 1 9 9 7 zes vertrokken zijn. in het nieuwe leerstoelenplan is slechts voorzien in een viertal opvolgers, die gedeeltelijk ook een nieuwe leeropdracht krijgen. De benoemingen zullen in nauw overleg met de zusterfaculteit van de UVA plaatsvinden.

Maar op het lustrum was niet alleen aandacht voor de vertrekkende generatie. Voor de tweede keer organiseerde de faculteit een middag waarop kinderen tussen de vijf en twaalf jaar proefjes in het laboratorium konden doen onder begeleiding van als clown verklede studenten. Zo'n tachtig kinderen kwamen op bezoek om onder andere de zuurgraad van hun limonade te meten. Het kinderlab was zo'n succes dat de faculteit overweegt er middelbare scholen mee af te gaan reizen. Want het is niet de vei^rijzing die de faculteit bedreigt, maar het gebrek aan verjonging. Alle scheikundefaculteiten in het land kampen namelijk met een sterk dalende instroom van nieuwe studenten. (DdH) Peter Wolters - AVC/VU

Collecties musea komen door toeval tot stand Frreda Pruim

Wat Nederlandse musea aan buitenlandse kunst tonen, is in grote mate afhankelijk van het toeval. Dat zei prof dr R. de Leeuw, directeur van het Van Goghmuseum, maandag 20 november in zijn oratie bij het aanvaarden van de bijzondere leerstoel voor de geschiedenis van het verzamelen en museumbeleid in de negentiende en twintigstste eeuw. "Wat onze kunstmusea tonen, is het resultaat van een hoogst wisselvallig en verre van rechtiijnig proces, waarin met de grillige schikgodinnen 'Mode Toeval' aan het stuur - voortdurend verschuivingen plaatsvinden en accenten wisselend worden gelegd", aldus De Leeuw. Van een verzamelbeleid is

volgens hem nauwelijks sprake. Wat de musea aankopen is afhankelijk van de smaak van verzamelaars - "een van de belangrijkste aanvoerlinies voor de musea" - de goedgevigheid van particulieren en de persoonlijke voorkeuren en kwaliteiten van directeuren en conservatoren van musea. Om die reden is er nauwelijks sprake van continuïteit binnen één museum. Dat geldt nog minder voor het totaal van Nederlandse musea. "Om de schaarse beschikbare middelen voor de verwerving van kunst doelgerichter te kunnen inzetten en de neuzen van de museumdirecties één kant op te krijgen" heeft de overheid onlangs de term 'Collectie Nederland' geïntroduceerd. Daarbij benadrukte zij dat verzamelen in essentie selecteren is. "Enigszins gechargeerd was de implicatie: verbe-

Hormonen beïnvloeden bevruchting planten Het bevruchtingsproces van bloeiende planten is te beïnvloeden met menselijke hormonen als testosteron, oestrogeen en progesteron. D a t blijkt uit het proefschrift waar de bioloog B. IJlstra vandaag (donderdag 23 november) op promoveert.

OOf i •-

De jundische faculteit is qua studentental een van de grote faculteiten van de vu. Op dit moment studeren bijna 1500 studenten rechten. Dat was in de beginjaren van de faculteit wel anders. Zo schreef zich het eerste jaar dat de faculteit bestond geen enkele student in. Pas in het tweede cursusjaar (1881-1882) werden twee studenten binnengehaald. Die overigens geen van beide de eindstreep haalden. Een van hen studeerde behalve rechten ook godgeleerdheid aan de vu, maar bereikte naar eigen zeggen met geen van beide studies "die rijpheid, die voor een vooraantreden in den strijd van het leven eisch is". In totaal schreven zich de eerste 25 jaar van de rechtenstudie 91 studenten in. Twee derde stopte halverwege. Wat dat betreft is de situatie nu iets verbeterd. Uit een onlangs verschenen zelfstudierapport van de faculteit blijkt dat minder dan de helft van de rechtenstudenten afhaakt. Om 13.30 uur houdt decaan prof.mr A. Soeteman vrijdag in de aula van het hoofdgebouw een welkomstwoord, waarna in het gebouw van wis- en natuurkunde wordt gediscussieerd over onderwerpen op het gebied van onder meer auteursrecht, Europees recht en vreemdelingenrecht. (MZ)

geleverd om met 'integrale' kosten te mogen rekenen - inclusief projectleiding, ondersteuning, huisvesting, apparatuur en andere overhead. En dat verschil is fors: de totale jaarkosten per onderzoeker zijn gemiddeld 350.000 gulden. De eerste oogst is al binnengehaald. De grote medische 'collectebusfondsen' gingen al in '94 akkoord met het principe van integrale kosten; over aansluiting van andere fondsen wordt nu onderhandeld. Ook het directoraat DGis van minister Pronk betaalt nu, als eerste overheidsinstantie, realistische prijzen. In mei ging Economische Zaken ermee akkoord dat ook in de innovatieprogramma's (lop's) de regel van integrale kosten ging gelden. En ook bij de EG staan de universiteiten langzamerhand sterker. Voor elk van die fmanciers betekent het vergeleken met de gouden tijden van weleer dat er voor hetzelfde bedrag veel minder onderzoek gedaan wordt. Maar langzaam dringt het besef door dat de bonanza van 'onderzoek voor een prikkie' voorbij is.

ter eerst de gemiddelde kwaliteit door afstoting van het minderwaardige, streef vervolgens naar aanvulling door ruil en herverkaveling met andere musea en ga pas tot aankoop over als het echt niet anders lukt", aldus De Leeuw. De bijzonder hoogleraar pleit daarentegen niet alleen voor selectie, maar ook voor groei. Daar hangt een prijskaartje aan, dat hoger uitvalt dan de 2,3 miljoen gulden die de overheid momenteel uittrekt voor de aankopen van alle rijksmusea tezamen. Dat bedrag is sinds 1982 bevroren en is volgens De Leeuw nauwelijks meer dan wat de stad Amsterdam in het Stedelijk Museum alleen investeert. Voor zover de overheid aankopen stimuleert, betreft het alleen de verwerving van Nederlandse, eigentijdse beel-

dende kunst, waardoor overrepresentatie van deze kunst dreigt. "Het is te hopen dat de bestemming van de fondsen op den duur kan worden opgerekt en zowel oudere als niet-Nederlandse kunst binnen de criteria kunnen vallen." De Leeuw riep in zijn oratie collegamuseumdirecteuren op, zeker van musea waar al aanzetten tot internationale collecties aanwezig zijn maar waar om wat voor reden dan ook het internationaal verzamelen werd gestopt, "het moratorium tegen buitenlandse kunst op te heffen en de draad weer op te pakken".

Het overgrote deel van de bloeiende planten heeft zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen in de bloem. Zelfbevruchtingen zijn niet wenselijk, want die leiden uiteindelijk tot inteelt, tot slechter zaad. IJlstra onderzocht hoe in een veld met één plantesoort kruisbestuiving kan worden gestimuleerd, om zodoende een sterkere plant te krijgen. "Eén procent beter zaad betekent wereldwijd al snel een paar miljard gulden meer opbrengst", verduidelijkt IJlstra het commercieel belang van zijn onderzoek. Menselijke hormonen blijken de groei te bevorderen van de poUenbuis, die uit de stuifmeelkorrel groeit en ervoor zorgt dat zaad- en eicel kunnen versmelten. Binnen zeer korte tijd worden onder invloed van die hormonen extreem lange pollenbuizen gevormd, ontdekte IJlstra. Toch is het niet raadzaam boeren voortaan het land op de sturen om testosteron, oestrogeen en progesteron over hun akkers uit te strooien. IJlstra: "Let wel: het gaat om hormonen. Die ga je niet op een veld met planten spuiten. Het zou slecht zijn als wij op grote schaal met die stoffen in aanraking kwamen." IJlstra vindt de opwinding over juist dit onderzoeksresultaat ietwat overdreven. "Een cel is een cel. Tussen een cel van een mens en een cel van een plant is echt niet zoveel verschil." Zelf hecht de onderzoeker meer waarde aan zijn ontdekking dat bepaalde bloempigmenten gebruikt kunnen worden bij het produceren van superieur zaad, dat tot stand komt door de planten van twee inteeltlijnen te combineren. (MZ)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1995-1996 - pagina 219

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1995

Ad Valvas | 674 Pagina's