Ad Valvas 1996-1997 - pagina 317
ADVALVAS 23 JANUARI 1997
PAGINA 1 1
PERSONEELSKATERN
'!aeen ongezondere mensen dan op andere universiteiten' Hoog verzuim te danken aan betrouwbare registratie De VU had in 1995 van alle universiteiten het hoogste ziel<teverzuim, vooral omdat wetenschappers nogal eens een dagje thuis bleven. De bedrijfsgezondheidsdienst maakt zich echter geen zorgen. Het nieuwe beleid, waarbij de werkeenheid zelf voor de kosten van langdurig zieken moet opdraaien, is dan ook niet in eerste instantie gericht op het terugdringen van het verzuim, maar op het vermin-deren van de bureaucratie. Peter Boerman De vu kwam er niet best af bij de ziekteverzuimcijfers die onlangs voor het eerst voor alle universiteiten teza men verschenen in het wopirapport over 1995, dat personeelsinformatie over het wetenschappelijk onderwijs bevat. Bij het nietwetenschappelijk personeel viel de schade mee met een verzuimpercentage van 5,3 procent, vergeleken met een gemiddeld ver zuim op alle universiteiten van 5,6 procent. Dat is vooral te danken aan het feit dat 56,5 procent van alle niet wp'ers op de v u in 1995 nooit ziek was (tegen landelijk 42,1 procent). Bij de wetenschappers was de score daar entegen dramatisch. Met een percen tage van 4,4 procent was de vu wetenschapper gemiddeld bijna twee keer zo vaak ziek als zijn collega in den lande (gemiddeld 2,3 procent). Maar liefst 41,3 procent van alle vu onderzoekers bleef volgens de cijfers minstens een dag in bed, tegen lande lijk 30,7 procent. Uitzonderlijk lang is de vuweten schapper gemiddeld overigens niet ziek. Met 18,7 dagen komt hij maar net boven het landelijk gemiddelde van 17,8 uit. De nietwetenschappers doen het op de v u met gemiddeld 18,1 dagen wel beter. Maar het ziek teverzuim blijft hoog in vergelijking met de cijfers in enkele andere secto ren. Bij Defensie duurt een gemiddel de ziekte 11,4 dagen, bij de gemeen ten 13,5 dagen. Volgens bedrijfsarts M. van Til, hoofd van de bedrijfsge zondheidsdienst, geven de ziektever
Illustratie. Berend Vonk
„ oHs ziEmvEKzum-misTRAmsYSTm is GWOON TE BBTKOOWBMV,,, zuimgetallen echter geen aanleiding tot paniek. "Dit soort cijfers zijn altijd heel moeilijk vergelijkbaar. We heb ben echt geen slechter verzuimbeleid dan andere universiteiten, daar ben ik van overtuigd. Dat weet ik goed genoeg uit mijn contacten met colle ga's. En we hebben ook echt geen ongezondere bevolking. Grote ver schillen zijn dus onwaarschijnlijk. Mijn eerste verklaring is dan ook: er wordt hier betrouwbaarder geregi streerd." Kan het niet zo zijn dat de vugebouwen ongezonder zijn? "Ik moet je teleurstellen", zegt Van Til lachend. "Dat hebben we wel onder zocht. En het blijkt wel dat mensen hier vaak klagen over het klimaat, maar ze melden zich er zelden ziek door." Hij geeft toe dat het lastig is om het ziekteverzuim van weten schappelijk personeel te registreren. "Het werk kent een grote vrijheids graad. Je hebt vaak je eigen verant woordelijkheid. Maar ik durf er wel mijn hand voor in het vuur te steken
dat we hier betrouwbaar registreren, ook bij het wetenschappelijk perso neel. Alleen op de kortdurende ziek ten, van een of een paar dagen, kun nen we moeilijk de vinger leggen." In december kwam in de universiteits raad het idee aan de orde om de bud getten voor langdurig zieken te decen traliseren. N u draait de universiteit als geheel nog op voor de kosten van mensen die langer dan twee maanden ziek zijn. Volgens het nieuwe voorstel moet de faculteit of dienst die kosten voortaan zelf opbrengen. Van Til ont kent niet dat de afdelingen door dit voorstel nog eens extra geprikkeld worden het verzuim laag te houden. Maar dat is volgens hem niet de belangrijkste reden om de regels te veranderen. N u de vuadministraties een nieuw computersysteem (het SAP) gebruiken, scheelt het vooral een hoop administratieve rompslomp. "N atuur lijk speelt de gedachte dat iedereen z'n eigen broek moet ophouden ook hier mee, maar het idee van de decen
tralisatie spruit vooral voort uit de gedachte dat voor de huidige regels te veel overbodig werk moet worden ver zet." D e universiteitsraad nam het voorstel niet zonder slag of stoot aan. D e stu dentenfractie en de fractie van het nietwetenschappelijk personeel had den forse kritiek. Zij uitten de vrees dat bij sollicitaties nog strenger op iemands gezondheid gelet gaat wor den, dat zwangere vrouwen geen kans meer maken om aangenomen te wor den en dat het je in de toekomst bijna verboden wordt om ziek te zijn. Ook voorzagen zij problemen voor de klei nere eenheden. Als daar iemand ziek is, betekent dat meteen een forse aan slag op het budget. Van Til erkent dat. "Als ik hier plotseling met twee zieke bedrijfsartsen zit, sta ik ook voor een gigantisch probleem." Dat kan worden opgelost door als afdeling een interne verzekering af te sluiten. Voor de kleine diensten is dat aantrekkelijk, maar ook grotere dien
sten als de Gebouwendienst en de bibliotheek blijken hier interesse voor te hebben. Dat zijn namelijk de twee diensten met het hoogste verzuim: werknemers van de Gebouwendienst zijn gemiddeld bijna 10 procent van h u n tijd ziek, medewerkers van de bibliotheek bijna 7 procent. Voor deze afdelingen is het gunstig om zich te verzekeren omdat de premie is geba seerd op het gemiddelde verzuim van 5 procent op de vu. "Het geld dat de verzekering uitkeert hangt namelijk niet samen met het ziekteverzuim waarmee een bepaalde afdeling te kampen heeft, maar met wat een dienst totaal aan haar personeel kwijt is", legt Van Til uit. "Het gevolg is dat de kleine diensten die zich verze keren, meebetalen aan het verzuim van de grote. Over de manier waarop dat moet is echter nog geen besluit gevallen." In eerste instantie werd een uitzonde ring gemaakt voor de kosten die zwangerschap met zich meebrengen, omdat zwangere vrouwen anders min der kans zouden kunnen hebben om aangenomen te worden. Het college van bestuur heeft echter toch besloten dat de eenheden, de faculteiten en diensten, ook de kosten van zwanger schapsverlof zelf moeten betalen. "Vanwege de bureaucratie als je het anders zou doen", aldus Van Til, die denkt dat het met de discriminatie wel mee zal vallen. "Anders zouden wij niet zoveel zwangere vrouwen op de aanstellingskeuring krijgen." O m het ziekteverzuim verder terug te dringen, zijn de Gebouwendienst en de bibliotheek op dit moment wel bezig met een cursus verzuimbeleid voor leidinggevenden. Bij de Gebou wendienst loopt deze cursus al, de bibliotheek volgt in maart. Volgens Van Til blijft het daar voorlopig waar schijnlijk bij. "De diensten bij wie we nu de cursus verzorgen, zijn er erg enthousiast over. Voor faculteiten is het, denk ik, minder urgent." Het eerste succes is inmiddels binnen: in 1996 kende de v u als geheel een verzuim van 4 procent, de weten schappers van 2,9 en de Gebouwen dienst van 7,5 procent.
'We moeten vaak iets meer uitleggen' we niet echt binnen de faculteit. We lopen ook nogal eens aan tegen de bureaucratie van de universiteit. Je merkt soms dat je dingen langer van tevoren moet regelen dan je eigenlijk zou willen. Iets wat heel simpel lijkt, blijkt op een of andere manier vaak heel moeilijk." "Omdat we zo'n apart onderdeel zijn, moeten we ook vaak iets meer uitleggen", vult Leeman aan. Beiden roemen de veelzijdigheid en^ zelfstandigheid als belangrijkste plus punten van h u n baan. "Je zit hier als enige aanspreekpunt voor de oplei ding", vertelt Van der Zanden. "Dus
In de meeste hotels bestaat kamer dertien niet. De VU is minder bijgelovig. Ad Valvas onthult wie er schuilgaan achter dit geheimzinnige kamernummer. Deze maand: Michèle Leeman en Margriet van der Zanden van kamer 2A-13. Peter Boerman Margriet van der Zanden en Michèle Leeman zijn heel toevallig bij elkaar op de kamer beland. Leeman stond een tijdje voor de klas op een basis school, werd daarna stewardess bij Martinair en belandde via een cursus managementassistentie uiteindelijk op de vu. Van der Zanden studeerde geschiedenis, maar kwam via het bibliotheekwezen en "via via" in een administratieve functie terecht. "Maar mijn hart ligt nog steeds bij de geschiedenis", verklapt ze. Nu bestieren ze ieder in hun eentje het secretariaat van een van de vijf postdoctorale opleidingen bij Econo mie: Van der Zanden dat van de opleiding tot EDPauditor, Leeman dat van de opleiding managementconsul tant. Ze zitten nu een jaar tegenover elkaar. "In principe doen wij alles wat er komt kijken bij de praktische orga nisatie van die opleidingen", vertelt Leeman, die een jaar langer dan haar collega op kamer dertien huist. "We doen de studentenadministratie, de werving van cursisten, de studievoort gangscontrole, we regelen zalen en conferentieoorden en zorgen voor de contacten met de cursisten en de docenten." Het valt op dat beiden het niet over studenten' hebben, maar steeds 'cur sisten' zeggen. "Dat is er in de loop der tijd een beetje ingeslopen", ver
Margriet van der Zan den en Michèle Leeman: 'We lopen n ogal eens aan tegen de bureaucratie van de universiteit.' Peter Woiters AVC/VU
klaart Van der Zanden, die twee jaar als vakgroepsecretaresse bij Economie werkte alvorens ze bij Leeman op de kamer kwam. "Dat ligt ook aan h u n leeftijd, denk ik. Bij ons zijn de cursis ten rond de dertig. Dan heb je niet echt meer het beeld van studenten." "Bij ons zijn ze zelfs rond de 3 5 " , vult Leeman aan. "Het is bij ons ook een toelatingseis dat je drie tot vijf jaar werkervaring hebt. Alleen voor de basisopleiding van drie maanden vol
staat een tot twee jaar ervanng. De twee vinden het prettig om samen de ruime kamer te delen. "N iet alleen voor de gezelligheid", aldus Van der Zanden, "maar ook omdat je wat kunt leren van elkaar als je min of meer hetzelfde werk doet. Je kunt makkelijk dingen uitwisselen." Leeman: "Door dat onze opleidingen postdoctoraal zijn, komen we anderssoortige proble men tegen dan bij gewoon doctoraal onderwijs. De hoogleraren komen hier
voornamelijk om les te geven. De uni versiteit is niet h u n enige werkplek. Ze werken over het algemeen ook nog eens in het bedrijfsleven." Voelen ze zich wel thuis op de v u als vertegenwoordigers van een opleiding die zich zeker voor Leeman vooral daarbuiten afspeelt? "We worden inderdaad nogal eens beschouwd als apart onderdeel", aldus Van der Zan den. "We doen hier alles zelf en bedruipen onszelf. In die zin passen
moet je meestal zelf de oplossingen bedenken. Daarin ben je hier behoor lijk vrij. En ik ben dan in het vakge bied wel niet afgestudeerd, van de zaken eromheen ben ik het beste op de hoogte." Minder leuk vindt Van der Zanden, behalve de bureaucratie, het "leuren met dingen". "Mensen vragen of ze bereid zijn dingen voor je te doen stel ik altijd zo lang mogelijk uit. Hoewel het achteraf bijna altijd blijkt mee te vallen." D e werkdruk ervaren beiden met als een groot pro bleem. "Het is nu toevallig erg druk, omdat er nu net twee cursussen beginnen", aldus Leeman. "Maar als je goed kunt plannen, valt daar best een mouw aan te passen."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996
Ad Valvas | 674 Pagina's