Ad Valvas 1996-1997 - pagina 173
AD VAtVAS 7 NOVEMBER 1996
PAGINA 7
Inhoud: Dienstweigeren in de 19de eeuw
Nivon al zeventig jaar vitaal
Voorlichters willen kleurrijker werken
96-2
-v^l»;--^
Zonder zelfkennis geen sponsor
najaar.
Co
Er komt nog al wat 1 kijken bij het vinden van een goede sponsor. Kennis van zaken is van belang om het niet af te leggen tegen andere I geldzoekers. In opdracht van het VUt orkest maakte ! economiestudent Arjan jvan Greuningen een stappenplan om een I sponsor binnen te halen.
n
u de subsidiekraan van de overheid alleen maar verder wordt N dichtgedraaid, hebben steeds meer
culturele instellingen en sportclubs moeite het hoofd boven water te houden. Voor veel clubs kan alleen sponsoring nog uitkomst bieden. Echt gemakkelijk is die weg niet. De vijver met sponsors is klem, en het aantal instellingen dat erin vist groot. Dat ondervond bijvoorbeeld ook het VU-orkest, toen vorig jaar een sponsor opstapte en een nieuwe niet zo makkelijk bleek te vinden. De orkestleden klopten daarop aan bij de Economiewinkel van de VU. "Binnen het orkest was niet zoveel kennis over hoe je aan sponsors i moest komen", vertelt Julia Loonen, I samen met Arie Duindam vorig jaar 1 bestuurslid van het orkest en initiaI tiefnemer van de opdracht. "We ! vroegen daarom in eerste instantie I aan de Wetenschapswinkel of ze I geen student wisten die, bijvoorbeeld als stage, voor ons een sponj sor kon gaan zoeken." Die vraag l paste echter niet in het beleid van I de Economiewinkel, die alleen opI drachten aanneemt die ook voor meerdere instellingen interessant [kunnen zijn.
Si Bram de Hollander
Zo ontstond het idee te laten onderzoeken watje als culturele instelling moet doen om aan sponsors te komen. Economiestudent Arjan van Greuningen toog aan het werk. In zijn inleiding legt hij uit waarom het aanvankelijke idee van het VU-orkest om door een stagiair een sponsor te laten binnenhalen, fout was. Het bestuur moet zelfde verantwoordelijkheid nemen, stelt hij: "Sponsoring is meestal een overeenkomst voor bepaalde tijd, dus in de toekomst moet men weer een nieuwe sponsor zoeken. Door het proces in eigen hand te houden, krijgt men binnen de instelling zelf die ervaring en blijft men niet afhankelijk van derden."
Grote bedrijven ontvangen wekelijks tussen de dertig en veertig sponsoraanvragen, weet Van Greuningen te melden. Een bedrijf als Philips vindt iedere week zelfs tot honderd sponsorvragen m de bus. Wil je succes hebben, dan moetje dus niet alleen veel tijd investeren en veel brieven schrijven, maar ook even nadenken wie je een brief schrijft en op welk moment. Wie, omdat met elk bedrijf past bij jouw instelling. Op welk moment, omdat de meeste bedrijven hun budget aan het eind van het jaar verdelen voor het jaar daarop. Het is dus zaak op tijd een voorstel in te dienen. Maar er is nog iets heel belangrijks waarover nagedacht moet
estanten van verschillende bestrijdingsmiddelen komen R vaak gecombineerd voor in het
Alfred ileVifeerd
CombinatietoxiGologie van best rij ding SMi^d^^^ I en
milieu, m drinkwater en soms zelfs in voedsel. De giftigheid van zo'n combinatie valt vaak hoger uit dan een simpele optelsom van de giftigheid van de afzonderlijke middelen. Dat komt onder andere omdat sommige bestrijdingsmiddelen de natuurlijke verdediging van mensen en dieren tegen giftige stoffen aantasten. En dat kan extreme gevoeligheid voor andere bestrijdingsmiddelen veroorzaken. In dit boek wordt het mechanisme van de toxicologie van veel voorkomende combinaties van bestrijdingsmiddelen beschreven. Tevens komen de risico's voor mens, dier en milieu aan bod. Het is vooral bedoeld voor milieu-, landbouw- en consumentenorganisaties, lokale overheden en waterschappen. De Wetenschapswinkel onderzocht de milieu- en gezondheidseffecten van combinaties van landbouwbestrijdingsmiddelen m opdracht van de Stichting Natuurverrijking.
worden: de tegenprestatie. "Als je bedrijven niets te bieden hebt, kun je het wel vergeten", aldus Van Greuningen. "Sponsoring is wat anders dan doneren." De laatstejaars economiestudent geeft aan het eind van zijn werkstuk een stappenplan voor het verwerven van een sponsor, bestaande uit vier fasen: de voorbereiding, de benadering, de uitvoering en de nazorg en evaluatie. De voorbereidingsfase lijkt de meest intensieve. Er moet een verantwoordelijke voor de sponsoring worden aangewezen en de instelling moet worden beschreven. Daar komen nogal wat punten bij kijken: de organisatie, de doelstelling en het imago van het koor, en de doelgroepen. Zowel de leden als de bezoekers van een culturele instelling zijn voor een sponsor van belang. "Je moet eerst jezelf goed kennen, voordatje anderen benadert", vertelt Van Greuningen. "Dan pas kan een sponsor beoordelen of jij voor hem interessant bent." In de voorbereiding moet ook een begroting worden gemaakt, waarvan ongeveer twintig procent moet bestaan uit sponsorgelden. De volgende fasen lijken eenvoudiger: sponsors moeten aangeschreven worden en er moeten sponsorpakketten komen met verschillende tegenprestaties voor verschillende prijzen. Daarna volgt nog een uitvoeringsplan. "Het belangrijkste is eigenlijk, dat er een goede samenwerking tussen u en de sponsor ontstaat", stelt Van Greuningen in die fase. Of zijn stappenplan in de praktijk ook werkt, weet hij niet. Het is nog niet getest. Het VU-orkest, voor wie het in eerste aanleg geschreven is, heeft nog geen tijd gehad het uit te voeren. "Het rapport is nog niet zo lang uit", aldus Van Greuningen. "Het nieuwe bestuur is ook pas anderhalve maand actief, en het vinden van een sponsor duurt toch minstens drie maanden." Het oude bestuur is m ieder geval wel tevreden met de manier waarop hun vraag is beantwoord. "Hij heeft het zeer zorgvuldig gedaan", aldus Loonen, die het huidige bestuur op dit moment assisteert bij het sponsor zoeken. "Als we nog eens zo'n vraag hebben, zullen we ook zeker terugkomen bij de Economiewinkel."
•^a**-!. ^ . ML
De Wetenschapswinkel De Wetenschapswinkel bemiddelt tussen organisaties die vragen hebben en studenten of onderzoekers die deze met onderzoek willen beantwoorden. Wanneer u met een vraag bij de Wetenschapswinkel komt, dan zullen wij binnen de universiteit iemand zoeken die uw vraag kan beantwoorden. De Wetenschapswinkel werkt vooral voor groeperingen die onderzoek niet volledig zelf kunnen betalen. Voorwaarde hierbij is dat de resultaten van onderzoek niet voor commerciële doeleinden worden gebruikt. Heeft u een vraag of . probleem, of wilt u gewoon meer weten over de Wetenschapswinkel, aarzel dan niet om contact met ons op te nemen. Tel. (020) 444 5666. De Wetenschapswinkel maakt onderdeel uit van de dienst Voorlichting en Externe Betrekkingen van de VU.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996
Ad Valvas | 674 Pagina's