Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 244

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 244

7 minuten leestijd

AD VALVAS 5 DECEMBER 1996

PAGINA 6

'De roman is het spiegelbeeld van een toneeltekst' Studenten spelen 'Naar de vuurtoren' van Virginia Woolf Het Studium Generale organiseert dit najaar een serie lezingen over 'Het raadsel van man en vrouw'. Op 10 december staat een theaterbewerking van Virginia Woolfs 'To the Lighthouse' op het programma. Yolande Jansen en Corrien van de Meent vertaalden de roman naar het toneel.

'X-'ir^

i,%i:^ ^ \ * <^ ^^v^-^^^>i'«^^'^x*,'i^^^y^>^

i.

Cultuur

Dick Roodenburg

Zowel Jane Austen (1775-1817) als Virginia Woolf (1882-1941) staan momenteel zeer in de belangstelling. Diverse verfilmingen van Austenromans draaien in de bioscopen en een recente Woolf-biografie was snel uitverkocht. Beide schrijfsters hebben gemeen dat ze in hun werk een subtiel beeld schetsen van de man-vrouwverhoudingen in hun tijd. De huidige belangstelling doet vermoeden dat hun beschrijvingen weinig aan actualiteit hebben ingeboet. "De feitelijke situatie is natuurlijk veranderd", zegt Yolande Jansen, die een theaterbewerking maakte van Woolfs roman To the Lighthouse. "Dat vrouwen niet kunnen schilderen of schrijven, daar kun je tegenwoordig niet meer mee aan komen. Maar de verhoudingen blijven herkenbaar. Mrs. Ramsey, het hoofdpersonage in To the Lighthouse, richt zich sterk op de anderen. Het beeld van de moeder die het iedereen naar de zin wil maken, geldt nog steeds." De keuze voor een roman van Virginia Woolf ontstond volgens Jansen min of meer toevallig. "Toen ik begon met de organisatie van de lezingencyclus, was ik net To the Lighthouse aan het lezen. In het boek stonden zoveel prachtige dingen dat ik dacht: hier zou je een toneelstuk van moeten maken. Omdat het Studium Generale

Het inkorten gaat soms ten Roste van de subtiliteit van de verhoudmgen tussen de personages. Daarbij komt dat in de roman gedachten een grote rol spelen. Eigenlijk is To the Lighthouse het spiegelbeeld van een toneeltekst. Maar daarvoor heeft de regisseuse volgens mij heel mooie oplossingen bedacht." Corrien van de Meent reageert nuchter op de haar toegezwaaide lof. "Ik ben niet iemand die gauw denkt: dat kan niet. Ideeën krijg ik door de tekst heel nauwkeurig te lezen, soms ander-

Een scène uit 'Naar de vuurtoren' van Virginia Woolf.

vijftig jaar bestaat, bestond de mogelijkheid om iets extra's te doen." Jansen is medewerkster van het Bezinningscentrum van de vu, een van de deelnemers aan het Studium Generale. Eerder schreef zij het scenario voor Achilles en het Zebrapad, dat verfilmd werd door Paula van der Oest. "Ik wilde schnjver worden, maar kwam er toen achter dat ik gesproken tekst veel interessanter vind. Dit is mijn eerste toneelstuk. Dat moet het publiek wel bedenken: voor mij is het nieuw en de meeste spelers hebben ook geen ervaring. Het liep een beetje uit de hand. Ineens staan we in die grote aula." To the Lighthouse vertelt de geschiedenis van de familie Ramsey. In de auto-

ritaire Mr. Ramsey en de verzorgende Mrs. Ramsey zijn de ouders van Virginia Woolf te herkennen. Het eerste deel speelt zich af tijdens een vakantie op het eiland Skye. Het zoontje van zes wil naar de vuurtoren, maar dat is vanwege het weer niet mogelijk. De manier waarop de vader en de moeder daarop reageren, laat zien hoe zij verschillen m hun omgang met anderen. Deel twee van de roman beschrijft vooral het vakantiehuis. In de tien jaar die verstrijken sterft Airs. Ramsey. In deel drie is de familie, zonder de moeder, weer terug op het eiland. De vader gaat met zijn nu zestienjarige zoon en een dochter naar de vuurto-

Bram de Hollander

Het hele boek door speelt schilderes Lily Briscoe de rol van observerende buitenstaander. De suggestie dat Briscoe het alter ego van de schrijfster is, wijst Jansen van de hand. "In haar romans verwerkte Virginia Woolf in alle personages iets van zichzelf Ze zegt ook niet: zó zijn vrouwen en zó zijn mannen. Zelf kan ik me zo nu en dan wel m Mrs. Ramsey herkennen. Ik hoop dat dat ook in het toneelstuk overkomt." Hoe bewerk je een roman van bijna tweehonderd bladzijden tot een toneelstuk van nog geen vijftig bladzijden? "Dat heb ik wel onderschat", bekent Jansen. "Ik heb er ruim twaalf weken ontzettend hard aan gewerkt.

half uur per bladzijde. Bij iedere zin kijk ik of ik er een voorstelling bij kan maken." Van de Meent denkt dat ze er in geslaagd is de onervaren studenten aan het spelen te krijgen. "Ik heb een speltechniek ontwikkeld, 'personage onder vuur', waarmee de spelers zich in hun rol kunnen inleven. Een groep van elf mensen is wel vrij groot. De spelers doen het voor hun lol, dus je wilt dat iedereen ook steeds lol heeft." De samenwerking tussen schrijfster en regisseuse verliep vlekkeloos. "Yolande vergeet wel eens iets. In een scène worden opeens rokken opgetrokken. Dan denk ik: hadden ze rokken aan? Van die praktische dingen. We hadden weinig problemen omdat we allebei nauwgezet de roman volgen." Dat resulteerde in een toneelstuk van maar liefst anderhalf uur. "Ik probeerde wel personages weg te schrijven, maar die bleken later toch weer belangrijk. Het gezin Ramsey heeft m de toneelbewerking minder kinderen. Corrien en ik bespreken nog of de dinerscène ingekort moet worden. Zelf heb ik niet het idee dat het stuk ergens inzakt. Als het maar goed wordt gespeeld." Toneelgroep Zilt speelt Naar de vuurtoren op dinsdag 10 december om 20 30 uur in de Aula van de VU, toegang gratis Donderdag 12 december om 16 00 uur houdt dr M E Rudnik in IA 05 een lezing over Virginia Woolf

H E T PRACTICTJJVl

'Als de tank met helium omvalt, ben je er geweest' Aan de VU doen studenten hun wijsheid niet alleen uit boeken op. Behalve colleges kennen de meeste opleidingen practica. Een serie over leren in de praktijk. Deze week: experimenteren met wisselstroom, helium en de truc met de zwevende aspirine. E sbeth Vernout

Het rijk der natuurkundigen is m twee kampen verdeeld: de theoretici en de experimentatoren. Verdiepen de theoretici zich het liefst in ondoorgrondelijke formules, de liefhebbers van het experiment zijn dol op knutselen met weerstanden, magneetvelden en gevaarlijke stoffen als helium of vloeibare stikstof. Coördinator drs. Jaap Buning van de practica bij Natuurkunde ziet vaak al snel welke richting studenten op willen. "Sommige studenten zijn heel ondernemend, terwijl anderen eerst eens rustig over een proef willen nadenken. Die moet je er echt toe aanzetten om aan de slag te gaan. Er bestaat een gezonde spanning tussen de theoreticus en de expenmentator, maar ze hebben elkaar nodig om verder te komen." Vandaag komen vooral de knutselaars aan hun trekken bij de verschillende experimenten die eerste- en derdejaars natuurkundestudenten moeten uitvoeren. De in totaal 28 eerstejaars die acht uur practicum per week hebb.en, werken in duo's de verschillende proefopstellingen af. Max Baak en Marijn Davidse zitten in het practicumlokaal verscholen achter een

indrukwekkende hoeveelheid draadjes, knopjes en apparaten. "Dit is een wisselspanningsgenerator en daar staat de oscilloscoop", wijst Marijn. Het kost de eerstejaars student moeite de voor een leek mgewikkelde materie zonder vaktermen uit te leggen. Niet voor niets moeten de eerstejaars studenten de experimenten in koppels uitvoeren. "Het is belangrijk dat studenten met elkaar samenwerken om hun communicatieve vaardigheden te f^V vergroten", meent Buning. "Natuurkundigen staan niet echt bekend om hun goede presentaties. Het is steeds belangrijker, ook voor dit vak, dat je goed uit je woor"~' den kunt komen. De helft van onze studenten wordt aio. Zij moeten vaak een praatje houden. Daarom krijgen tweedejaars een cursus mondeling presenteren als onderdeel van het practicum." De derdejaars studenten, die een paar lokalen verderop aan een experiment

Practicumbegeleider Jeroen Huijbregts: 'Dit experiment Is best gevaarlljl<.'

werken, zijn al gewend dat weinig mensen snappen waar ze mee bezig zijn. De uitleg van Cécile Delsing bij haar opstelling is dan ook goed te volgen. Ze wijst op een enorme tank, die in verbinding staat met een zilverkleurige buis en apparaatjes waarop cijfers geheimzinnig flikkeren. "Hier zit vloeibaar helium in. Dat is een heel koude vloeistof, min 273 graden Celsius. Het helium pompen we in die ring daar, en dan meten we bij welke temperatuur het metalen deeltje dat er in zit supergeleidend is." Na een korte stilte: "En supergeleidend is dus als het materiaal geen weerstand heeft." Het expenment met helium, waarmee Cécile en medestudent Stefan Luxembourg nu al twee weken bezig zijn, nadert het hoogtepunt. Aio Jeroen Huijbregts, die de proef begeleidt, blijft dicht in de buurt om ongelukken

te voorkomen. "Dit experiment is best gevaarlijk. Als de tank met vloeibare helium omvalt in een kleine ruimte, ben je er geweest. Die tank staat op wieltjes, dat is best wankel. Laatst kieperde hij al bijna om." Het zijn geen bemoedigende woorden voor Stefan, die op de opstelling moet klimmen om een stalen buis uit de tank te halen. Met handschoenen aan tilt hij de staaf geconcentreerd omhoog. Dan ontsnapt met een sissend geluid een grote wolk waterdamp uit de tank. Jeroen knikt Stefan, die toch wat benauwd kijkt, bemoedigend toe. Als Stefan weer beneden staat, is het tijd voor ontspanning. "We kennen ook nog een goocheltruc", zegt de natuurkundige geheimzinnig. Aio Jeroen is al weg om de nodige attributen voor de 'truc met de zwevende aspirine' op te halen. Men neme: een

Peter Wolters - AVC/VU

Staafje van plexiglas met magneetjes erop, een stukje supergeleidend materiaal ter grootte van een aspirine en vloeibare stikstof in een plastic bekertje. Aan Stefan wederom de eer om het expenment uit te voeren. Hij doet een aantal pogingen, maar het lukt het hem met de 'aspirine' aan het zweven te krijgen. Jeroen neemt het van hem over. Voorzichtig giet hij de ijskoude vloeistof op de magneetjes waar het supergeleidend deeltje op rust. En zie daar: het zweeft een halve centimeter in de lucht. Wat is het geheim achter dit staaltje van natuurkundig goochelen? "Het supergeleidend deeltje laat geen magneetveld in het binnenste toe", legt Stefan uit, terwijl hij onzeker in de richting van de aio kijkt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 244

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's