Ad Valvas 1996-1997 - pagina 498
AD VALVAS 10 APRIL 1997
PAGINA 16
Natuurlijk gif
Nico Rienks: 'Het is lieei belangrijl< dat de universiteit je steunt.'
Bram de Hollander
'Van maart tot oktober deed ik niets aan mijn studie' Oe VÜ bren^ niet de minsten êm aarde voort. Ad \felvas maakt een rondgang tangs beroemdheden die ooit gesehooJd werden op de Vrije Universiteit. Deze weete Nioo Rieni<$ (35). Hij werd tijdens en na z'n studie bewegingswetenschappen Olympisch en werelditampioen roeien. IVIarianne Hoek van Dijke Terugkijkend zou hij de vu typeren als een degelijke universiteit waar alles goed georganiseerd is. "Als ik op de UVA college had, verdwaalde ik altijd. Op het vu-terrein zat je in ieder geval binnen een straal van een kilometer goed." Maar Nico Rienks (35) waardeert vooral de steun die hij steeds ondervonden heeft bij het combineren van zijn studie bewegingswetenschappen met het roeien. "Ik heb nooit iets
Geslaagd negatiefs meegemaakt, terwijl ik zulke verhalen van andere sporters wel hoor. Het is heel belangrijk dat de imiversiteit, docenten en medestudenten je steunen. Veel mensen zitten toch erg in hun eigen hokje: alleen hun studie telt, de rest bestaat niet en intellectuele vermogens gaan boven sportieve prestaties. Dat vind ik niet goed." Na twee keer uitgeloot te zijn voor geneeskunde en na in dienst te zijn geweest, besloot Nico m 1988 bewegingswetenschappen te gaan studeren aan de vu. "En omdat ik als junior al naar de wereldkampioenschappen was geweest, kwamen alle roeivereningingen van Amsterdam bij mij leuren. Okeanos bood aan dat ik op hun kosten een boot mocht laten bouwen. Toen heb ik voor hen gekozen. Pas later hoorde ik dat ze de roeivereniging van de vu waren." Hij bewaart goede herinneringen aan de feesten aan het begin van het trainmgsseizoen. De rest van het seizoen waren alcohol, roken en laat opblijven verboden. "We hebben wel eens een piano van de tribune van de Bosbaan gegooid. Eigenlijk helemaal niet leuk, maar ik herinner het me nog wel." Hij won gouden medailles tijdens de Olympische Spelen van 1988 m Korea en vorig jaar in Atlanta. In Barcelona werd het in 1992 brons. Daarnaast won hij in 1991 goud op de wereld-
kampioenschappen en roeide hij in '89, '94 en '95 naar zilver. "Dat was het eigenlijk wel, tenminste wat de wereldkampioenschappen betreft", beëmdigt hij nuchter z'n opsomming. Een overwinning die veel stof deed opwaaien was die van de Varsity in 1989 door het niet-corporale Okeanos: een 'knorrenclub'. "De Varsity is een landelijke wedstrijd met aanzien in het corporale roeiwereldje. Toen we wonnen, was een aantal mensen daar niet blij mee. In Amsterdam werd een feest voor ons georganiseerd. Daar kwamen de studentencorpsen van Amsterdam, Rotterdam en Utrecht, een paar honderd mensen. De politie stond buiten voor het geval het uit de hand zou lopen, maar ik ben het feest niet eens binnengegaan. Ze zeiden dat het olie op het vuur zou zijn wanneer ik daar als 'topknor' zou verschijnen. We hebben m een klein cafeetje in Amsterdam onze medaUles gekregen en zelf maar een biertje op het succes gedronken. Maar Okeanos staat nu wel op het lijstje van winnende verenigmgen." Nico heeft bijna negen jaar over z'n studie gedaan, waarvan hij in totaal twee jaar in het buitenland verbleef voor het roeien. Verder trainde hij gemiddeld vier uur per dag, ook in het weekend. Uiteindelijk een heel normaal studietempo, al was z'n ritme mmder gebruikelijk. "Vanaf maart deed ik eigenlijk niets meer aan m'n studie. In september waren de wereldkampioenschappen en van oktober tot maart haalde ik de tentamens waar anderen een jaar over deden. Het is goed gegaan, er is nooit een uitzondermg voor me gemaakt. Ik vond het leuk en hield het vol. Onder meer omdat medestudenten me hielpen, dictaten voor me regelden, en zo." Ook heeft hij nog steeds een aantal vrienden uit die tijd. "Sporten is eenzaam. Je hebt geen tijd om gezellig bij mensen gaan eten, bijvoorbeeld. En het is keihard, want als jij wint, verliezen de anderen. Vrienden zijn dan erg belangrijk." Een ander gevolg van z'n drukke bestaan was dat hij er een geordend huishouden op nahield. Wonend met nog een andere student kookte hij elke avond netjes z'n aardappelen, groente en vlees. "Ik kwam
vaak op Uilenstede, maar daar vond ik het een zootje met de afwas van een week nog op het aanrecht. Dat was niets voor mij. Ik had maar een uurtje om te koken en te eten. Dat lukt niet in die troep." Had hij zelf al genoeg discipline om zo te sporten of leerde het sporten hem de discipline om zo te leven? "Het is een kip-en-eikwestie", peinst Nico. "Ik zeg dat ik de discipline al had. Als je dan bevestiging krijgt, versterkt dat je doelgerichtheid natuurlijk wel. In dat opzicht is sport makkelijk. Het doel is heel duidelijk en het is gelukt of niet gelukt. Een medaille heb je of heb je niet. In het dagelijks leven ligt dat veel moeilijker. Plezier in je leven of gelukkig zijn, dat vul je in op een schaal, het is veel vager." Maar Nico is niet totaal gedisciplineerd. "Tentamens leerde ik altijd pas in de laatste twee dagen en nu werk ik nog steeds het beste onder druk." Na z'n afstuderen begon hij in 1991 met
een arts van de vu een Arbo-dienst, waar inmiddels dertien mensen werken. Met de vu heeft hij vooral nog contact via z'n levenslange lidmaatschap van de Asvu, gekregen nadat hij er een jaar als beleidsmedewerker had gewerkt en, vooruit, ook vanwege het roeien. "Ik ga er nog wel eens kijken. En vorig jaar trainden we er drie keer per week 's ochtends van zeven tot negen. Studenten worden toch pas om elf uur wakker." Nico roeit dit jaar nog maar twee keer m de week. "Ik heb inmiddels een zoontje en dat vergt ook de nodige aandacht. Ik mis het roeien wel. Stel dat ze bij de Olympische Spelen m Sidney weer goud wmnen met de heren acht, dan ben ik toch wel jaloers. Het is voorlopig leuk om te denken dat we een unicum waren. Natuurlijk is het goed als dat een vervolg krijgt, maar ik heb toch liever dat ze zilver halen."
"Niet Greenpeace maar de moderne chemie redt dagelijks honderdduizenden mensen het leven", is één van de uitspraken waarmee een groep geleerden in Natuur €f techniek stevig uithaalt naar sommige milieuactivisten. Het maandblad stelde aan de Stichting HAN een katern beschikbaar om te reageren op recent wetenschappelijk nieuws. HAN staat voor Heidelberg Appeal Nederland en daarachter gaat een groep wetenschappers schuil die in 1992 een verklaring heeft opgesteld. Daarin staat onder meer dat beleidsmakers zich op het gebied van milieu tegenwoordig te vaak laten beïnvloeden door pseudo-wetenschappelijke argumenten en onjuiste informatie. Volgens het manifest is het "onvermijdelijk dat belangrijke menselijke activiteiten worden uitgevoerd in de nabijheid van gevaarlijke stoffen. Vooruitgang en ontwikkeling houden altijd risico's in, maar die risico's zijn beheersbaar en worden eerder kleiner dan groter." Eén van de Nederlandse initiatielhemers van het appeal is de vu-hoogleraar farmacochemie Aalt Bast. Voor de bijlage van Natuur Techniek stelde hij een menu samen van voedselproducten met daarbij de vermelding welke schadelijke stoffen er van nature in voorkomen. Zo zit er arsenicum in aardappelen en het zeer giftige hydrazine in champignons. "Ons lichaam is uitstekend in staat al deze stoffen te verwijderen. Zolang het er maar niet te veel worden", schrijft de hoogleraar. "Merkwaardig toch dat we ons vaak druk maken over een residu - als dat al te vinden is - aan bestrijdingsmiddelen in ons voedsel terwijl er een veelvoud (ja, zelfs tienduizend keer zoveel) aan giftige stoffen van nature in ons voedsel voorkomt." Een ander lid van de groep, prof.dr. Rob Meloen, betoogt dat de overheid zover doorgeslagen is met het stellen van milieunormen dat voor bijvoorbeeld het halen van de maximum toelaatbare zinkconcentratie grote delen van de natuur als gifbelten moeten worden aangemerkt. Oftewel: "Volgens de Nederlandse overheid deugt de natuur niet."
SONNET Theodor Holman BSE op de B B Q Is eten lust, ziek is ons lustobject. In Nederland is weer een koe ontdekt met weggevreten hersens in de kop. Zijn ziekte vreet mijn brein straks ook nog op. De varkenshersens zijn met pest doorspekt. Verzieken zo ons knorrend intellect. Al ons weten raakt op den duur vergeten, want, staan wij niet aan't eind der voedselketen? Een wezen zo vervuild: wie lust ons nog? We zijn alleen; niemand die van ons houdt. We zijn slechts te genieten door bedrog. We worden straks een wezen dat herkauwt. Vol pest en BSE: een ratjetoe. Hoe luidt straks het oordeel over ons? "Boe!"
BLADLUIS
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996
Ad Valvas | 674 Pagina's