Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 187

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 187

7 minuten leestijd

14 NOVEMBER 1996 nr. 1 1 %' Filosoof/theoloog ^ Drees schrijft een ^ wetenschappelijk scheppingsverhaal

WEEKBLAD

VAN

DE

VRIJE

Koerdisch filmfestival: de camera in de rol van een geweer

UNIVERSITEIT

^ f

Kledingadvies voor vrouwen: 'Het doet er weinig toe wat je

zegt'

Steeds meer vwo'ers lijken het hbo boven de universiteit te verkiezen Speekseiduo: 'Spugen in een potje: het heeft iets vies, klefs'

Kwart salarissen VU-personeel komt uit derde geldstroom

De faculteit bewegingswetenschappen jubileert: 25 jaar onderzoek naar het menselijk bewegen (Zie pagina's 8 en 9)

Sidney vervuurt - AVC/VU

loofd restaurant aan de kant gezet let hoofd van de restauratieve penst van de vu, J.L. den Boer, is liet betaald verlof gestuurd na problemen rond de reorganisatie van het restaurant. Den Boer heeft een advocaat in de arm genomen. "Ik ben nog steeds hoofd van de dienst", zegt hij stellig. Volgens mr. J. Donner van het college van bestuur zijn beide partijen het inmiddels volledig eens geworden over het vertrek. "Er is geen sprake meer van een conflict", aldus Donner, die er aan toevoegt dat niemand

er belang bij heeft de positie van Den Boer verder te beschadigen. Den Boer zegt desgevraagd echter dat er "helemaal geen overeenstemming" bestaat. "Mijn advocaat is nog druk in onderhandeling." Den Boer, die zo'n drie jaar geleden werd binnengehaald om vooral het restaurant van het Hoofdgebouw te vernieuwen, kreeg problemen met de leiding van de Gebouwendienst omdat hij onvoldoende in staat zou zijn leiding te geven aan de reorganisatie van de dienst, die het college van bestuur in gang heeft gezet.

Voor deze reorganisatie is een extern bureau om advies gevraagd. De doelstelling is dat de dienst na de reorganisatie in 1998 kostendekkend kan draaien, wat een besparing van vijf ton per jaar betekent. Daarnaast is ook nog een investering van bijna anderhalf miljoen gulden nodig om het restaurant en de keuken te verbouwen. Dit zou de gebouwendienst uit eigen middelen moeten voorschieten. Bij een vergadering van de commissie financiën en bouwzaken van de universiteit liet het college van

bestuur weten dat "door de managementproblemen bij het restauratief bednjf de reorganisatie niet achter op het schema is komen te liggen". Bij medewerkers van het restaurant is onrust ontstaan door de onduidelijkheid over de positie van Den Boer. Zij beklagen zich erover dat zij onvoldoende op de hoogte worden gehouden van de verwikkelingen rond hun baas en de voortgang van de reorganisatie. (DdH)

Vrije Universiteit nog steeds sterlc regiogebonden De Vrije Universiteit is er de afgelopen jaren in geslaagd om iets meer studenten te trekken van buiten de eigen regio. In 1982 was het aandeel eerstejaars van direct om de hoek 60 procent, twaalf jaar 'ater is dat gedaald tot 45 procent. Alle grote, algemene universiteiten blijken nog steeds sterk aangewezen op de regio. Zowel de Vrije Universiteit als de Universiteit van Amsterdam, de Leidse en de Rotterdamse universiteit halen tweederde van hun studenten uit het eigen onderwijsge-

bied plus twee aangrenzende gebieden, zo blijkt uit een overzicht dat het CBS deze week publiceert. Opvallende uitzondering is de Universiteit Utrecht, die maar eenderde van de studenten van dichtbij haalt. Ook de gespecialiseerde universiteiten werven in een wijdere omgeving. Dat geldt vooral voor Wagenmgen, dat van Fnesland tot Den Helder en Vlissingen haar studenten werft. De drie technische universiteiten beperken zich al meer tot de eigen omgeving. Twente haalt zijn studenten nog het meest van ver.

maar dat ligt vanwege de afgelegen ligging ook voor de hand. Dat de concurrentie om de student landelijk gezien toch wat toeneemt, blijkt uit het feit dat alle universiteiten hun regiobinding de laatste twaalf jaar wisten te verminderen. Bij de grote instellmgen geldt dat vooral voor Utrecht. Deze universiteit haalt nog maar 19 procent van haar eerstejaars uit de onderwijsregio 'Utrecht en omstreken', tegen 28 procent in 1982. Van de algemene instellingen heeft de groei-universiteit in Maastricht

de meeste vooruitgang geboekt in het werven buiten de eigen regio. In 1982 was nog bijna 60 procent van alle eerstejaars afkomstig uit zuidelijk Limburg. Dat aandeel is nu nog maar ruim een kwart. Wel blijft de werving nog vooral op het zuiden gericht: de provincies Brabant en Limburg zijn samen goed voor 65 procent van de Maastrichtse eerstejaars. Uit Friesland werft men bijvoorbeeld maar 1 procent van zijn studenten; Utrecht haalt daar 4 procent van haar instroom vandaan. (FS, HOP)

Lymfeklieren vaker gespaard bij borstkankeroperaties ^ V i j borstkankeroperaties hoeven BSde lymfeklieren minder vaak te I Iworden verwijderd. Hierdoor kunnen complicaties als schouderMachten en pijn, vochtopeenhoPuig en gevoelsstoomissen in de arm worden voorkomen. - Dit zei prof.dr. S. Meijer in de rede die hij hield bij de aanvaarding van

de leerstoel chirurgische oncologie. Bij veel vrouwen met borstkanker hoeft nog maar één lymfeklier te worden weggehaald. Tot voor kort namen artsen voor de zekerheid alle lymfeklieren weg, omdat borstkanker zich via de lymfevaten kan verspreiden naar deze klieren. Achteraf gezien blijkt deze ingreep in ruim de helft van de gevallen ormodig, omdat

er geen tumorweefsel in de klieren wordt aangetroffen. Een nieuwe techniek, ontwikkeld door het vu-ziekenhuis m samenwerking met een Amerikaans centrum, kan onnodige verwijdering voorkomen. Een borsttumor blijkt in eerste instantie niet uit te zaaien naar alle lymfeklieren, maar alleen naar één lymfeklier, de schildwachtklier.

Door alleen deze klier te verwijderen en te onderzoeken op tumorweefsel, kan de arts vaststellen of de andere lymfeklieren kunnen blijven zitten. Deze strategie zal jaarlijks veel vrouwen met borstkanker onnodig letsel besparen (in Nederland zo'n 4000) en levert een kostenbesparing op van naar schatting dertig miljoen gulden. (FvK)

Ruim een kwart van het vupersoneel (26 procent) wordt betaald uit de derde geldstroom. Het landelijk gemiddelde ligt op 27 procent. Dit blijkt uit gegevens van de Universiteit Utrecht, die vorige week een symposium hield over de toekomst van de derde geldstroom. Die term slaat op al het geld dat niet via de reguliere overheidsbijdrage (eerste geldstroom) of via onderzoekfinancier NWO (tweede geldstroom) binnenkomt. Met de cijfers in de hand stelden de Utrechters vast dat hun instelling het qua hoeveelheid contractresearch beter doet dan andere grote, algemene universiteiten. De verschillen zijn echter klein. Opvallender is dat Utrecht als enige niet-technische universiteit forse contracten met bedrijven weet te sluiten. Bij de universiteiten werd in 1994 gemiddeld 27 procent van het wetenschappelijk personeel betaald uit de derde geldstroom. Wageningen is met 44 procent de absolute topper. Nummer twee is Twente, dat precies eenderde van zijn geld van derden ontvangt. Bij alle andere universiteiten ligt het percentage derde geldstroom tussen de twintig en dertig. Tilburg scoort het laagst met 21 procent. De kans op externe inkomsten blijkt vooral bepaald te worden door de vakgebieden waarin een universiteit actief is. Zo wordt in de landbouwsector 44 procent en in het medisch onderzoek 41 procent van de wetenschappers uit de derde geldstroom betaald. Alfa's en juristen scoren maar 9 procent. Technici en gamma's zitten op het landelijk gemiddelde. De medici danken hun rijkdom vooral aan de nationale overheid (40 procent) en aan non-profitorganisaties zoals collectebusfondsen (32 procent). Alleen bij de technische universiteiten spelen bedrijven een grote rol als financier: ze zijn er goed voor 47 procent van de derde geldstroom. Bij alle universiteiten samen dragen de bedrijven maar 19 procent bij. Dat IS maar iets meer dan de bijdrage van internationale overheden zoals de Europese Unie. Het bedrijfsleven speelt nog steeds een heel bescheiden rol bij de fïnanciermg van onderwijs en onderzoek. Ook het imiversitaire opdrachtwerk is voor meer dan de helft afkomstig van overheden. De bedrijven betalen samen slechts 19 procent van de ruim een miljard die de 'derde geldstroom' nu beslaat. Dat aandeel is nog wat kleiner dan vijf jaar geleden. (FS, HOP)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 187

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's