Ad Valvas 1996-1997 - pagina 349
AO VALVAS 6 FEBRUARI
1997
jrjejtjeje^^vfffyfXf'^,r^J.r^^,^rjf?fy^^^-^^-^\y_^vf-,ir4c^^
PAGINA 5
'Horden mogen geen struikelblokken zijn' Studeerbaarheid moet onderwijs kwaliteitsimpuls geven De komende weken gaat de Stuurgroep Onderwijskwaliteit van de VU zich buigen over ruim negentig voorstellen die faculteiten en diensten hebben ingediend om het onderwijs studeerbaarder te maken. Jasper Schouten mag als secretaris van de stuurgroep het proces in goede banen te leiden. "We willen niet alleen struikelblokken opheffen, maar ook de kwaliteit verbeteren", zegt hij. Dirk de Hoog "De rode draad door de voorstellen om het onderwijs aan de v u te verbeteren IS natuurlijk het verhogen van de studeerbaarheid van de programma's. Daarvoor stelt de minister tenslotte het geld beschikbaar", vertelt Jasper Schouten. Vorig jaar zat hij nog voor de progressieve studenten in de universiteitsraad, nu is hij secretaris van de Stuurgroep Onderwijskwaliteit van de vu, die ter waarde van zo'n twaalf miljoen gulden plannen mag selecteren om het onderwijs te verbeteren. Het IS de bedoeling dat deze voorstellen worden betaald uit het Studeerbaarheidsfonds van minister Ritzen. Schouten wijst erop dat wat de minister wil, past in het bestaande beleid van de Vrije Universiteit. "De studeerbaarheidsplannen sluiten nauw aan bi) het al jaren functionerende eigen beleid, zoals bijvoorbeeld verwoord IS in de notitie Noblesse Oblige. De vu Streeft ernaar dat studenten op een goede manier binnen de door de minister gestelde termijnen kunnen afstuderen. Dat betekent dus in één jaar de propedeuse halen en in drie )aar het doctoraal. En de vu wil boeiend, hoogwaardig onderwijs." Op de beeldspaak dat het onderwijs langzaam maar zeker verandert van een hordenloop in een glijbaan, wil Schouten wel even verder filosoferen. ''Je moet weten wat je studenten leren wilt. Wil je ze leren glijden of leren hordenlopen? Op zich heb ik niets tegen een hordenloop. Het gaat erom dat )e daar dan een keuze voor maakt. Als )e daarvoor kiest heb ik ook niets tegen een glijbaan, mits die maar lekker lang en goed glad is zonder splinters. Waar het om gaat is dat het onderwijs geen race over struikelblokken IS, waar het in het verleden soms op leek. Bi) sommige programma's kon )e aan de hand van de roosters al aantonen dat studenten de temponorm niet zouden halen, als die toen had bestaan. D a n ging het vooral om zaken als verschillende bijvakken op hetzelfde tijdstip, slechte tentamenplanning en veel tijdverspilling bij bijvoorbeeld de stage en de scriptie. Die problemen zijn in mijn ogen aan de vu nu voor een groot deel opgelost. Er IS natuurlijk cie afgelopen jaren best veel gedaan."
Smeermiddel Schouten legt uit dat de stuurgroep waar hi) secretaris van is, dan ook een positieve draai wil geven aan het begrip studeerbaarheid. "De commissie-Wijnen, die in opdracht van de minister de plannen moet beoordelen, beschrijft studeerbaarheid in negatieve termen, namelijk het wegnemen van struikelblokken. Het gevaar bestaat echter dat door de strenge eisen die de minister aan studenten stelt en de bezuinigingen op de universiteiten, de verleiding groot is het niveau van de opleidingen te verlagen. D a t willen we voorkomen door te streven naar een kwaliteitsimpuls voor het onderwijs, bijvoorbeeld door invoering van activerend en opdrachtgestuurd onderwiis. Oftewel: maak het onderwijs wat vorm en inhoud betreft zo boeiend dat studenten als vanzelf aan het studeren gaan. Dat is ook een opvatting van studeerbaarheid, die zeker niet ten koste van het niveau hoeft te gaan. De stuurgroep heeft de volgende vijf thema's bedacht waarbmnen de voorstellen moeten passen; actief studeren doceren, studiebegeleiding, kwaliteitszorg, informatie en communicatietechnologie en personeelsbeleid professionalisering. Schouten: "Sommige voorstellen kun je smeermiddelen noemen. Zoals bijvoorbeeld het kwaliteitshandboek dat we willen
opstellen en waarin een checklist komt te staan van punten die opleidingen in orde moeten hebben. Daarbij gaat het om zaken als nakijktermijnen voor tentamens of het opstellen van scriptiecontracten. Studiebegeleiding is ook zo'n middel. Er komt bijvoorbeeld een voorstel om de studiebegeleiders beter te gaan scholen. Maar we willen niet alleen smeerolie toedienen, maar ook de machinerie zelf op sommige punten reviseren en moderniseren." Wat dat betreft verwacht de stuurgroep veel van activerend onderwijs. "In Maastricht, maar ook aan de vu is al de nodige ervaring opgedaan met onderwijsvormen waarbij studenten zelf actief bezig zijn. Opdrachtgestuurd onderwijs noemen we dat tegenwoordig. We pleiten er niet voor om al het onderwijs in die vorm te gieten, maar het kan voor verschillende onderdelen een heel goed alternatief zijn, dat prima kan bestaan naast bijvoorbeeld een hoorcollege. Sommige faculteiten zijn al zover dat ze concrete voorstellen voor opdrachtgestuurd onderwijs konden indienen. D a t gaat om zo'n twintig plannen. Elders staat het nog in de kinderschoenen. Daarom willen we op centraal niveau de mogelijkheid bieden dat docenten zich laten scholen in deze didactische vormen en ervoor zorgen dat zij de ruimte, tijd en geld krijgen om h u n onderwijs te vernieuwen. Want daar wringt vaak de schoen. Individuele docenten willen vaak wel, maar door tijdsdruk komen ze er niet aan toe. Het opzetten van een nieuwe cursus is nu eenmaal een flinke investering. Je moet eerst een heleboel doen voordat je er de vruchten van kan plukken." D e stuurgroep wil ook dat er meer aandacht komt voor de onderwijskundige kwaliteiten van het personeel. Niet alleen van docenten, maar bijvoorbeeld ook van aio's en student-
lllustratie: Aad Meijer
assistenten. Belangrijke middelen daarbij zijn scholing en begeleiding. "Vaak bestaat nog het beeld dat een docent die een didactische cursus volgt een slechte docent is die nog moet leren college geven. Van dat idee moeten we af. Het zijn juist de beste docenten die zich laten bijscholen", aldus Schouten. Een ander idee om het niveau van docenten op te krikken is het invoeren van intervisie, waarbij collega's eikaars onderwijs beoordelen en bespreken. Rechten wil hiermee gaan experimenteren. Nagenoeg alle voorstellen voor de verbetering van het onderwijs zijn kleinschalige projecten op de verschillende faculteiten. T o c h is Schouten niet
bang dat de onderwijsvernieuwing een bonte lappendeken van eenmalige ideetjes wordt die geen structureel vervolg krijgen. "We hebben er bewust voor gekozen om voorstellen vanaf de basis te laten ontwikkelen. Als er bij de uitvoerders geen draagvlak is, komen ze toch niet van de grond. Je kunt niet centraal voorschrijven dat docenten bijvoorbeeld computers moeten gebruiken bij h u n colleges. Maar de voorstellen moeten wel binnen de vijf centrale thema's passen. Plannen die er buiten vallen, keuren we af. Bovendien zijn er heel veel voorstellen die nu op één of een paar faculteiten van start gaan, maar waar later faculteiten bij kunnen aan-
haken of die ze in aangepaste vorm kunnen overnemen. Dat geldt bijvoorbeeld voor de training van mentoren die van start gaat. Maar ook voor het expertisecentrum voor computerondersteunend onderwijs." Schouten wijst erop dat de faculteiten die nu niet met plannen zijn gekomen, in de toekomst toch nog geld kunnen krijgen, bijvoorbeeld via het onderwijskwaliteitsfonds, waar de komende tijd een miljoen gulden per jaar in zit. "Bovendien heeft de universiteitsraad vorig jaar acht miljoen gulden gereserveerd voor onderwijsvernieuwing. Het is natuurlijk wel aan het college om met voorstellen voor de besteding van dat geld te komen."
'De plannen moeten direct aan studenten ten goede komen' De plannen zijn speciaal bedoeld om studeren voor hen aantrekkelijker te maken. Toch zijn studenten niet onverdeeld gelukkig met het dikke pak voorstellen dat ze deze week ter beoordeling kregen. "De VU heeft een beetje te veel de houding van wel het geld willen, maar de minister niet willen laten meekijken of het goed besteed wordt." "Of ik uiteindelijk de hele oogst aan plannen om het onderwijs aan de vu te verbeteren een voldoende geef? Dat moet je me over een maand nog maar eens vragen", stelt Paul van Grieken. "Daar is het nu nog te vroeg voor. Ik heb van veel voorstellen de concrete uitwerking nog niet gezien. En daar hangt voor een deel mijn eindoordeel vanaf." Behalve dat hij voor de progressieve studentenkiesvereniging PKV in de universiteitsraad zit, is Van Grieken ook één van de twee studentleden in de Stuurgroep Onderwijskwaliteit van de vu. Die groep moet de komende weken de bijna honderd voorstellen schiften die gedaan zijn om de studieprogramma's beter en studeerbaarder te maken. " N u gaat het echte werk van de stuurgroep beginnen", aldus Van Grieken. Hij vindt dat de voorgestelde verbeteringen echt een directe verbetering van het onderwijs moeten inhouden en geen loze
beloften mogen zijn. "De minister stelt het geld beschikbaar, omdat studenten meer collegegeld moeten betalen. Het geld is ook direct bedoeld om aan de studenten ten goede te laten komen. Maar de v u heeft een beetje de houding van wel het geld binnen willen halen, maar de minister niet willen laten meekijken of het ook volgens zijn bedoelingen besteed wordt." Van Grieken vindt bijvoorbeeld dat het geld niet bestemd moet worden voor analyses van problemen. "Dat had allang gedaan moeten worden. Een knelpunteninventarisatie had eigenlijk het uitgangspunt moeten zijn voor de besteding van het geld. N u heb ik de indruk dat er toch weer geld gevraagd wordt voor zulke inventarisaties, zoals voor een handboek voor kwaliteitszorg." Over de gekozen vijf thema's is Van Grieken wel tevreden. "Ik zou niet zo snel andere kunnen bedenken. Sommige onderwerpen zijn bijna klassiek, zoals dat bij het personeelsbeleid meer aandacht komt voor de onderwijstaken van de docenten. Dat ligt heel gevoelig. Het gaat voortdurend om het spanningsveld tussen de belangen van studenten en de arbeidspositie van het personeel. Maar het is goed dat daar nu meer aandacht voor komt." Over het feit dat met name de faculteiten zijn gevraagd voorstellen te ontwikkelen is Van Grieken ambivalent. "Ik zie best in dat er op de werkvloer draagvlak voor de plarmen moet bestaan en dat je de plannen niet centraal kunt opleggen. Maar als ik zie dat bij elk thema telkens maar een paar faculteiten met een voorstel komen, vind ik het ambitieniveau daar wel laag. Bij onderwerpen als 'active-
rend onderwijs' of 'informatietechnologie' bijvoorbeeld zou je verwachten dat alle vijftien faculteiten daar enthousiast op inspringen, al was het alleen maar met de vraag om hulp om ideeën te ontwikkelen. Maar dat gebeurt nauwelijks. Mijn eigen faculteit bijvoorbeeld. Psychologie en Pedagogiek, heeft geloof ik slechts één voorstel ingediend, namelijk om het mentorensysteem te evalueren. Dat vind ik onder de maat. Zulke faculteiten zouden centraal tot meer activiteit aangezet moeten worden." Een ander bezwaar van Van Grieken is dat studenten pas nu, in de eindfase, een oordeel over de plannen wordt gevraagd. "Wij hadden voorgesteld om studenten al in het begin te benaderen om mee te denken, om plannen te initiëren en verder te ontwikkelen. Dat was bijvoorbeeld een mooie taak voor het studentenplatform geweest. N u krijgen we een dik pak voorstellen onder onze neus waar we ja of nee tegen kunnen zeggen." D e tegenwerping dat studenten op de faculteiten hebben kunnen meepraten, maakt weinig indruk op Van Grieken. "Hier en daar zal dat best gebeurd zijn, maar zeker niet over de hele linie. Daar is de mentaliteit op de vu niet naar, studenten worden maar al te vaak als lastige pottenkijkers gezien. Gelukkig zijn er ook positieve gesprekken geweest met mensen die de plannen moesten opstellen. Die reageerden soms heel enthousiast op onze inbreng, dus misschien wordt het ooit toch nog eens normaal aan de vu dat studenten gevraagd wordt van het begin af aan mee te denken." (DdH)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996
Ad Valvas | 674 Pagina's