Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 176

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 176

9 minuten leestijd

AD VALVAS 7 NOVEMBER

PAGINA 8

Ideële natuurverenlging Nivan al meer dan zeventig jaar vitaal

ief, links en lastig, is de titel van een boekje dat in 1994 verL scheen ter gelegenheid van het ze-

ventigjarig bestaan van het Nederlandse Instituut voor Volksontwikkeling en Natuurvriendenwerk, beter bekend als het Nivon. Fanatieke wandelaars kennen de vereniging vooral door de lange-afstandroutes die het Nivon heeft uitgezet, de zestien natuurvriendenhuizen en de kampeerterreinen. IVlaar de vereniging telt ook meer dan honderd plaatselijke afdelingen die allerlei cursussen, lezingen en bijeenkomsten organiseren. Ook landelijk doet het Nivon meer dan alleen gezellige reizen organiseren. Zo zijn er allerlei seminars en congressen die vaak plaatsvinden aan de hand van boekjes die verschijnen in de reeks Cultuurcrisis en vernieuwing. Deel zeven in de serie gaat bijvoorbeeld over individualisering, solidariteit en de verzorgingsstaat. "Het Nivon is aan de ene kant bij veel mensen onbekend en aan de andere juist overal aanwezig. De meeste mensen kennen de vereniging alleen omdat ze er zelf mee in aanraking zijn geweest", 2egt Bernadette Dogge. Ze is voorlichtster bij het Nivon en nauw betrokken geweest bij een onderzoek dat de Wetenschapswinkel van de vu heeft gedaan onder een deel van de bijna veertigduizend Nivonleden. "Elke driejaar houdt het Nivon een congres om het beleid voor de komende jaren vast te stellen. Het bestuur wide op het congres van afgelopen september beslagen ten ijs komen", legt Dogge de aanleiding voor het onderzoek uit. "Het gaat er bij het Nivon net zo aan toe als bij veel andere organisaties. Veel mensen menen namens 'de leden' te kunnen zeggen dat iets wel of niet deugt binnen de club als ze dat van Pietje of Mientje gehoord hebben. Er bestaat altijd het gevaar dat incidentele individuele ervaringen ten onrechte worden veralgemeniseerd." De vereniging is volgens Dogge erg blij met het onderzoek. "Een geschenk uit de hemel", zou de

voorzitter van het Nivon, oud vustudent en vooraanstaand politicus van Groen Links Marius Ernsting, het rapport hebben genoemd. "Het belang is dat er nu een wetenschappelijke onderbouwing ligt voor allerlei opinies over wat onze leden wel en niet zouden willen met de organisatie, aldus Dogge. "We hebben een vrij groot verloop. Als we beter kunnen inspelen op bestaande behoeften kunnen we misschien meer leden binnen boord houden." Het Nivon werd in 1924 opgericht onder de naam Instituut voor Arbeidersontwikkeling en was nauw gelieerd aan de sociaaldemocratische beweging. "Bij de ombouw van het kapitalisme tot socialisme

zal zich ook de geestelijke inhoud van de mens wijzigen. Deze doorbrekende cultuur te bevorderen zal een belangrijk deel onzer taak zijn", schreef Koos Vorrink, een van de oprichters. In 1954 veranderde de naam van het Instituut in Nivon. "Het wordt toch niet weer alleen een artikel over de geschiedenis hè?' roept Dogge vertwijfeld. "Het^ Nivon probeert een moderne organisatie te zijn die midden in deze tijd en wereld staat, maar journalisten zijn meestal alleen geïnteresseerd in de nostalgie van het verleden." Uit het onderzoek blijkt dat de meerderheid van de leden het met de voorlichtster eens is. Bijna driekwart van de geïnterviewde leden noemt het Nivon 'modern en vernieuwend'. Slechts 19 procent vindt het een geitenwollensokkenvereniging. Dogge geeft toe dat het verleden belangrijk is voor de problemen waar het Nivon nu mee te maken heeft. "Het is net als bij allerlei andere verenigingen die hun identiteit ontlenen aan de periode van verzuiling. Het ledenbestand vergrijst en er moeten nieuwe doelstelling en activiteiten komen om de club levensvatbaar te houden." Die vergrijzing blijkt ook uit het onderzoek dat is verricht onder

volwassen leden. De gemiddelde leeftijd van de leden is 50 jaar, wat niet vreemd is omdat sommige mensen al vanaf de oprichting, nu 73 jaar geleden, lid zijn. Van de volwassenen is een kwart ouder dan 65 en slechts 8 procent tussen de 18 en 35 jaar. Dogge noemt het opvallend dat veel leden hoog opgeleid zijn (34 procent HBO en 1 3 procent WO) en navenante inkomens hebben. 35 procent van d^ leden verdient meer dan 3000 gulden netto per maand. "Een van onze doelstellingen is altijd geweest goedkope vaicantiemogelijkheden te bieden, want arbeiders hadden geen geld natuurlijk. Op grond van dit rapport kun je je afvragen of dat nog zo hard nodig is", aldus Dogge. Overigens zegt de overgrote meerderheid van de leden (87 procent) "goedkope activiteiten en reizen zeer belangrijk te vinden". Toch zien de Nivonleden de vereniging niet alleen als een reisvereniging. Politiek-culturele activiteiten vindt 60 procent zeer belangrijk en de algemene doelstelling van het nastreven van een menswaardige, duurzame en diverse samenleving heeft de steun van 95 procent van de leden. Overigens neemt het Nivon die diversiteit van de samenleving heel

serieus. Er lopen ver-schillende projecten om de participatie van allochtonen binnen de vereniging te vergroten. "We zijn nog steeds met name een witte organisatie", erkent Dogge. "Daar willen we graag iets aan doen. Niet zozeer omdat we nieuwe zieltjes moeten winnen, maar omdat de vereniging een niet-racistische en multiculturele samenleving een warm hart toedraagt. Bovendien horen veel allochtone Nederlanders wat maatschappelijke positie betreft tot onze traditionele doelgroep". Het Nivon heeft de wetenschapswinkel van de vu gevraagd ook naar dit onderwerp onderzoek te doen. Binnenkort verschijnt een rapport waarin verslag wordt gedaan van een literatuurstudie naar vrijetijdsbesteding van Turkse, Ma rokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse migranten in Nederland en waarin een samenvatting staat van interviews met sleutelfiguren uit de migrantenwereld. De eerste resultaten zijn niet gunstig voor het Nivon. Natuurbeleving lijkt in geen van de groepen een rol van belang te spelen. Het buiten zijn wel, maar georganiseerde aandacht voor de schoonheid van de natuur is er met of nauwelijks", aldus het conceptrapport. Ook staat in de samenvatting dat allochtonen het Nivon niet kennen en dat de activiteiten hoogdrempelig zijn. Bovendien zijn volgens de literatuur bij de vrijetijdsbesteding van allochtonen sociale contacten met familie en landgenoten erg belangrijk, vooral bij mensen afkomstig uit landen rond de Middelbare Zee. Bovendien spelen culturele factoren eeo rol. Zo zei een Marokkaanse vrouw tegen de onderzoekers "ik wil graag zwemmen, maar niet in een openbaar zwembad met vreemden om me heen." Sommige migranten lijken wel interesse te hebben in sociaal-culturele activiteiten zoals plaatselijke Nivon afdelingen die organiseren. Toch heeft het Nivon al met enig succes de deur naar migranten opengezet. Niet alleen is er een cursus interculturele samenwerking' voor kaderleden gestart, maar er zijn ook al een paar geslaagde ontmoetingsdagen georganiseerd in het natuurvriendenhuis De Banjaert te Wijk aan Zee. Het verenigingsblad Toorts doet er uitgebreid verslag van met veel foto's, onder de titel "Op weg naar een kleurrijker Nivon." Cleo Diesveld, Nivon-lid in 1996. Feiten en meningen. Winston Hofmeester en Nynke van Zorge, Multi-cultureel Nivon

Archief

Nivon

Thuiszorg bevalt opvallend goed oor de vergrijzing zijn steeds D meer mensen aangewezen op thuiszorg: vormen van hulpverle-

ning die patiënten in staat stellen zo lang en zo onafhankelijk mogelijk in hun eigen omgeving te verblijven. De aanbieders van thuiszorg proberen het zorgaanbod zo goed mogelijk af te stemmen op de wensen en behoeften van de consumenten. Een belangrijke rol bij het achterhalen van die wensen spelen de Regionale Patiënten/Consumenten Platforms (RPCP), die actief zijn in elk van de 27 zorgregio's waarin Nederland is opgedeeld. Twee van deze RPCP's - Amstelland en de Meerlanden' en 'Gooi en Vechtstreek' - riepen de hulp van de Wetenschapswinkel van de VU in voor een onderzoek naar de meningen van langdurige gebruikers van thuiszorg. Student-onderzoekers Monique Bremers en Eric Smilde gingen aan de slag om de bestaande situatie te evalueren en

Gebruikers van thuiszorg zijn over het aBgemeen tevreden over de kwaliteit van de zorg die zij krijgen. Dit stelden stagiaires Veronique Bremers en Eric Smilde vast bij een onderzoek in de zorgregio's Amstelland en de Meerlanden' en 'Gooi en Vechtstreek'. eventuele knelpunten vast te stellen. Ze probeerden boven tafel te krijgen welke voorzieningen chronisch zieken eigenlijk wensen. Voor het onderzoek in de Gooi en Vechtstreek werden 420 schriftelijke enquêtes verspreid onder chronisch zieken, waarvan er 220 werden teruggestuurd. Bijna tweederde van de respondenten bleek goed tot zeer goed te spreken over de thuisverzorging, terwijl een derde die in elk geval ruim voldoende vond. Slechts een heel klein percentage (vijf procent) was

ontevreden. Ook over de kwaliteit van de thuisbezorgde maaltijden was men te spreken. Er waren echter ook knelpunten, die allemaal waren terug te voeren op behoefte aan regelmaat. De respondenten bleken veel waarde te hechten aan vaste hulp op vaste tijdstippen. Verder bleken jongere chronisch zieken relatief vaker ontevreden. De onderzoekers betwijfelen daarom of de thuisverzorging wel voldoende is toegesneden op deze groep. Bij het onderzoek in Amstelland en

de Meerlanden werden mondelinge interviews afgenomen. Ook hier bleken de ondervraagden tevreden tot zeer tevreden over de geboden zorg, getuige positieve uitspraken als "Het geeft toch een brok gezelligheid en ik ben blij met alles wat de hulp voor me doet" en "Ik kan het goed vinden met de dames. Ik ben blij dat ze er zijn". Wel waren er klachten over de flexibiliteit van de huishoudelijke hulpverlening via alpha-hulp en gezinszorg. De taken die deze hulpen mogen uitvoeren zijn aan strakke regels gebonden, en dat vindt men wel eens lastig. Eén ondervraagde zei bijvoorbeeld: "Ze mogen dit niet, ze mogen dat niet, ze mogen met eens op hun knieën de keuken dweilen en dat doen ze ook niet. Zo blijft het werk onder de maat." Een in beide regio's voorkomende klacht bleek het ontbreken van hulp voor de tuin via de thuiszorg. De onderzoekers stelden door middel van een literatuurstudie vast

dat hun bevindingen overeenkwamen met eerder onderzoek in andere zorgregio's. Het onderzoek van Bremers en Smilde werd uitgevoerd in het kader van een groter project van het samenwerkingsverband van de Noordhollandse Regionale Patiënten/Consumenten Platforms. Hun resultaten zullen worden verwerkt in de zogenaamde zorgvisie over de thuiszorg die de PRCP's ontwikkelen om samen met zorgaanbieders, zorgverzekeraars en overheden in de eigen regio te onderhandelen. Veronique Bremers en Ene Smilde: Zoals het klokje thuis tikt... Onderzoek naar waardering en behoeften van langdurige gebruikers van thuiszorg.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 176

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's