Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 321

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 321

9 minuten leestijd

ADVALVAS 2 3 JANUARI 1 9 9 7

PAGINA 1 3

'De meest creatieve en baanbrekende ideeën zijn afkomstig van studenten' Decaan scheikunde Somsen zet streep onder werk aan VU Bijna een halve eeuw heeft scheikundige prof.dr. Gus Somsen (64) op de VU doorgebracht. Als bestuurder slaagde hij erin het hoofd van de scheikundefaculteit boven water t e houden. Zonder t e hoeven zeggen: "Sorry, ik kan niets besluiten, eerst moet ik de zaak terugkoppelen." Onlangs vertrok hij.

In 1949 kwam Gus Somsen als chemiestudent voor het eerst op de vu. In een gebouw aan de D e Lairessestraat, waar het altijd stonk naar chemicaliën. "Het was zo'n typische lucht, alles stonk als je er geweest was: je kleren, je haar." Somsen sprong daarom een gat in de lucht toen de scheikundigen in 1980 naar Buitenveldert trokken, waar de ventilatie veel beter is en brandbare stoffen in plaats van in de tuin veilig worden opgeborgen in kluizen. De afgelopen 25 jaar heeft de hoogleraar fysische chemie zich als bestuurder geprofileerd. Hij is lid geweest van de faculteitsraad en van de universiteitsraad, voorzitter van de vakgroep en decaan van de toenmalige subfaculteit scheikunde. Twee jaar was hij zelfs conrector van de universiteit en ook is hij decaan geweest van de faculteit wiskunde en natuurwetenschappen, waar Scheikunde voorheen toe behoorde. D e laatste vier jaar was hij decaan van de scheikundefaculteit. Gaandeweg kreeg de bestuurder meer vrijheid om de faculteit op zijn eigen manier te runnen. Somsen: "Begin jaren zeventig kreeg ik bij ledere aanstelling een groot formulier dat ik op vijf verschillende plekken moest ondertekenen. Gekkenwerk. Als decaan zat je toen veel meer aan regels vast dan nu. Zo kon )e met echt schuiven met budgetten, want je had allerlei bestedingsregels,"

'Een faculteitsbestuur zonder studenten zou ik een enorm verlies vinden' juist degenen die straks in die geclusterde faculteit moeten werken." Somsen is bang dat de bureaucratie die hij in de jaren tachtig met zoveel plezier achter zich liet, met de clustenng de faculteiten weer zal binnendringen. "Je moet flexibel kunnen blijven, zodat je snel en adequaat kunt reageren op bepaalde beleidsveranderingen", vmdt hij. Toen de decanen van chemisch Nederland halverwege de jaren tachtig voor een omvangrijke bezuinigingsoperatie bijeen kwamen, werd Leiden vertegenwoordigd door een

Veel docenten en studenten op de VU brengen een deel van hun werk- of studietijd door in het buitenland. Elke twee weken doet een van hen verslag in Ad Valvas. Deze week: drs. Ernst Engels. Hij begeleidt docenten aan de Universiteit van Zimbabwe. In kleine groepjes werken leraren aan een probleem. D e vraag is: 'Hoe betrek je een oudere collega bij nascholing, als hij daar geen zin in heeft.' Z o ' n 55 biologie-, scheikunde-, natuurkunde- en wiskundeleraren uit Zimbabwe bespreken de verschillende aspecten van het probleem vanuit h u n eigen ervaring met nascholing. Een van de begeleiders voegt zich af en toe bij een groep o m aan te horen hoe de discussie verloopt en om dat proces te sturen als het nodig is. We bevinden ons bij een cursus van de Universiteit van Zimbabwe om nascholingsdeskundigen op te leiden. De cursisten zijn ervaren vwo-leraren {advanced level) die moeten gaan functioneren als resource teachers in de scholen. Zimbabwe is ongeveer zo groot als Frankrijk. H e t onderwijs heeft een sterk gedecentraliseerde bureaucratische structuur. D e economie is voornamelijk gebaseerd op landbouw; de meeste mensen en scholen bevinden zich op het platteland.

Martine Zuidweg

Maar niet alles is nu beter. Afgelopen najaar liet Somsen tijdens een faculteitsvergadering de raadsleden weten dat de onderhandelingen met het college van bestuur over de clustering van de bètafaculteiten tot één faculteit, behoren tot zijn minst gelukkige periode als decaan. N u haast Somsen zich te zeggen dat hij het toen niet zwaar bedoeld heeft. Wel wil hij kwijt: "De wijze waarop de gesprekken verliepen, verdient geen schoonheidsprijs. Er werd niet goed rekening gehouden met de mensen op de werkvloer. E n dat zijn

Bericht uit Zimbabwe

In 1992 vroeg de Universiteit van Zimbabwe (uz) steun van de v u om de kwaliteit van het natuurwetenschappelijk onderwijs in de bovenbouw in het land te verbeteren. N a de onafhankelijkheid (1980) werd ook Zimbabwe geconfronteerd met het grote probleem van alle ontwikkelingslanden: hoe slaag je erin onderwijs aan te bieden aan de meerderheid van de kinderen van schoolgaande leeftijd. Er werden honderden scholen gebouwd, leraren getraind, lesmaterialen en andere leermiddelen geproduceerd en er werd een ondersteuningsstructuur opgericht. Zo is in de perio.ra^ia-^iis?; de 1980 1995 het aantal lagere scholen verdubbeld, terwijl het aantal middelbare scholen is gegroeid van 177 tot 1540! Het is geen wonder dat de nadruk op kwantiteit invloed heeft gehad op de kwaliteit. N u begint dat kwaliteitsaspect meer aandacht te krijgen.

Prof.dr. G. Somsen: 'Scheikunde moet als zelfstandige discipline blijven voortbestaan.' wiskundige, omdat die toevallig decaan van de overkoepelende bètafaculteit was. D e wiskundige stond volgens Somsen weldra met z'n mond vol tanden in dat chemisch gezelschap en halsoverkop werd er nog een Leidse scheikundige bijgehaald. Zulke fouten mag de clustering niet met zich meebrengen, zegt Somsen. "Daarom moet scheikunde als zelfstandige discipline blijven voortbestaan en eigen bevoegheden houden. N e e m het besluit van Ritzen om geld vrij te maken voor jonge hoogleraren. Nadat dat bekend was gemaakt, vond er binnen veertien dagen een vergadering plaats van decanen scheikunde over de vraag hoe we dat moesten aanpakken. D a n moet je niet hoeven zeggen: 'Sorry, ik kan niets besluiten, want ik moet de zaak eerst terugkoppelen.' D e scheikundefaculteit van de v u telt zo'n 250 studenten en is een van de kleinste in Nederland. Niettemin steeg het aandeel van Scheikunde op de landelijke studentenmarkt (met uitzondering van de technische universiteiten) dit jaar met 3 procent ten opzichte van het voorgaande studiejaar. Somsen: "Ik denk dat dat komt door de goede naam die ons onderwijs heeft. Bij de onderwijsvisitatie brachten we het er erg goed van af, net als bij de Ekevier-sncjuèlt. Bovendien doen wij erg veel aan

p.r.. We bezoeken bijvoorbeeld regelmatig middelbare scholen." O m m een tijd van bezuinigingen het hoofd boven water te houden, vernieuwde de scheikundefaculteit de afgelopen jaren herhaaldelijk haar beleid. Zo legden de vu-chemici in een convenant vast dat ze streven naar verregaande samenwerking met de UVA om Amsterdamse studenten en onderzoekers in opleiding een voldoende uitgebreid aanbod te garanderen. De samenwerking met de UVA wordt van alle kanten aangemoedigd. Zowel de visitatiecommissie voor het scheikundeonderwijs als de internationale commissie die onlangs het chemieonderzoek beoordeelde, zijn er lovend over. D e enigen die mopperen zijn de colleges van bestuur, aangezien ze elkaar in de eerste plaats als concurrent beschouwen. Zo kregen de faculteiten geen toestemming een gezamenlijke poster 'Scheikunde studeren doe je in Amsterdam' op te hangen. Ook de opnchting van de stichting vuCHEM Research, die de werving van onderzoek in opdracht van derden van de faculteit heeft overgenomen, kon aanvankelijk rekenen op tegenwerking van het hoogste bestuursorgaan van de vu. Het voorstel lag al in 1994 in het bestuursgebouw. T o c h kon pas twee maanden geleden een begin worden gemaakt met de werkzaamheden.

Peter Woiters - AVC/vu

"Het heeft onnodig veel tijd in beslag genomen", zucht Somsen. "Naar mijn mening had het veel sneller afgerond kunnen worden." Maar Somsen heeft naar eigen zeggen zijn enthousiasme nooit laten temperen door 'de overkant', zoals de bèta's het bestuur van de universiteit wel bestempelen. "Het is natuurlijk ook de verantwoordelijkheid van het college om alles goed af te wegen", doet hij de zaak af. Het contact met studenten zal Somsen missen nu hij de geur van chemicaliën voor altijd achter zich laat. Met 25 jaar bestuurservaring kan hij stellen: " D e meest creatieve en baanbrekende ideeën zijn afkomstig van studenten." Hij is dan ook geen voorstander van een faculteitsbestuur zonder studenten. "Dat zou ik een enorm verlies vinden. Studenten hebben een heel frisse kijk op zaken. Ons huidige vernieuwde onderwijsprogramma bijvoorbeeld, is voor een heel belangrijk deel het resultaat van initiatieven van studenten." Over het argument dat studenten soms niet kunnen volgen waar andere bestuursleden het over hebben, zegt hij: "Dat is dan een tekortkoming van het bestuur, niet van de studenten."

H e t Science Education Inservice Teacher Training project (SEITT) heeft een ondersteuningsprogramma voorgesteld, dat inmiddels is geaccepteerd door het ministerie van onderwijs. In alle provincies van het land wordt een regionaal centrum opgericht dat dient als ondersteuningspimt voor leraren. Er staan achtergrondmaterialen, een aantal goede leerboeken, een kopieerapparaat. D e leraren werken aan het opzetten van vragenbanken en aan verbetering van leerlingmaterialen. H e t mmisterie betaalt de reiskosten o m leraren in staat te stellen deel te nemen aan een workshop. D e resource teachers, hierboven beschreven, hebben een sturende functie in die regionale centra en krijgen taakuren om als zodanig te kunnen functioneren. Daarnaast worden bestaande lerarenverenigingen gesteund in hun pogingen om een of meer vakbladen uit te geven, waardoor de communicatie tussen verspreid werkende en behoorlijk geïsoleerde leraren kan verbeteren. De Dienst Ontwikkelingssamenwerking van de v u heeft mij 'uitgeleend' aan de Universiteit van Zimbabwe om een aantal lokale stafleden te helpen bij het opzetten van dit SEiTT-programma. Een nieuw initiatief van SEITT is de oprichting van het comité Fnends of the ZimSciNet, een computernetwerk dat in eerste instantie de regionale centra wil verbinden met een aantal instituten voor hoger onderwijs en het ministerie van onderwijs. In dat alles spelen de aspiraties van de lokale leraren een grote rol; zoals veel deelnemers aan onze cursus zeggen: "We verwachten dat we als resource teachers onze collega's kunnen helpen het lesgeven te verbeteren, zodat onze leerlingen een beter begrip hebben van de syllabus. Deze cursus leert hoe we veranderingen in ons schoolsysteem kunnen bevorderen." Voor meer informatie over het ZimSciNet: ir Rob Merkus. tel 4449070

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 321

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's