Ad Valvas 1996-1997 - pagina 474
AD VALVAS 27 MAART 1997
PAGINA 8
Een academische discussie vol angst Koudwatervrees voor arbeidsmarkt overheerst op onderwijsdag Een inleider, dertien worksliops, een slotforum en een informatiemarkt vormden 19 maart de ingrediënten voor de jaarlijkse Dag van het Onderwijs. Deze keer was het thema 'Baan inzicht', maar de studenten kwamen nief massaal op de dag af. Het handjevol dat naast zo'n honderd personeelsleden wel kwam opdagen, stond bovendien niet te juichen bij de gedachte het onderwijs aan de arbeidsmarkt aan te passen. "Hef dan de universiteit maar gelijk op", zei er één. Applaus volgde. Een verslag. Dirk de Hoog "We willen een lekker brede academische vorming. Voor veel studenten hoeft die afstemming van het onderwijs op de wensen van het bedrijfsleven niet zo nodig", zegt een student in de zaal tijdens het slotdebat op de vu-onderwijsdag op 19 maart. Een applaus van de spaarzaam aanwezige studenten m de zaal is zijn deel. Hij en zijn aanhangers krijgen een reprimande van de Leidse onderwijssocioloog dr. F.J.M. Meijers. "Ik ben zo vrij deze reactie te betitelen als een groot gevoel van angst om geen plaats in de samenleving te vinden. Iedereen heeft )e verteld dat je zoveel en zolang mogelijk moet investeren in de hoogst mogelijke vorm van onderwijs. En nu komen ze vertellen dat de surpluswaarde van een academische opleiding wel eens niet zo groot zou kunnen zijn. Dus de reactie is als de bliksem zorgen dat het blijft zoals het was. Maar de samenleving is veranderd. Als u zekerheid wilt hebben over uw positie als academicus, moet u terug naar een klein elitair gezelschap. Dat betekent dat voor meer dan de helft van de studenten en docenten hier geen plaats meer is. En ik weet niet of dat zo'n leuk perspectief is." Deze angstreactie komt volgens hem niet alleen bij studenten voor, maar houdt als een massapsychose een groot deel van de universitaire wereld in de greep. D e secretaris van de studentenvakbond SRVU is het eens met de student in de zaal. "Ik lees hier in een brochure van de vu dat ze het onderwijs willen afstemmen op de eisen van de arbeidsmarkt. Ik ben tegen deze sluipende hbo'isering van de universiteiten. Studenten moet op de universiteit een brede kritische visie op de maatschappij en de vakinhouden worden bijgebracht." Meijers
I nformatiemarkt voor studenten op de dag van het onderwijs. Peter Wolters - AVC/VU
heeft het vaker gehoord. "Als je goed doorvraagt, blijkt dat de meeste studenten helemaal niet weten wat ze aan de universiteit komen doen, behalve dan dat ze door h u n ouders zijn gestuurd om zoveel mogelijk te leren, want dat is goed voor later. Ze kennen wel de bezweringsformules als een catechismus uit h u n hoofd. Ze komen voor een brede algemene academische vorming. Maar zes maanden voor ze afstuderen rennen ze naar me toe: 'Frans, ik moet naar buiten, de wereld in'. Maar zit die wereld wel op mij te wachten, is dan de vraag." Volgens Meijers hebben de meeste docenten overigens ook nauwelijks een idee wat ze werkelijk aan het doen zijn en is h u n redenering vaak terug te voeren tot: "Studenten moeten een diploma halen om later aan de bak te kunnen komen. Voor dat diploma moeten ze van mij een papiertje krijgen dat ze een voldoende voor mijn vak hebben gehaald en daarmee is mijn baan gelegitimeerd." Meijers heeft ideeën hoe het allemaal
anders kan. D e eeuwenlange traditie van leerstofgericht leren moet drastisch overboord worden gezet en vervangen door activerend, probleemgericht onderwijs waarin teams van studenten de buitenwereld verkennen. "Laten we wel wezen, voor veel studenten is de kennis die z€ in h u n kop hebben zitten stampen op de dag dat ze afstuderen al verouderd en dat is maar goed ook, want het meeste zijn ze toch allang vergeten." Meijers maalt niet om de vervagende grenzen tussen universiteit en HBO. "Haal die grenzen weg en stop alle studenten in de basis bij elkaar en laat ze daarna leerpaden volgen die werkelijk bij h u n niveau en ambitie aansluiten. Prima als er dan mensen bij zijn die er echt voor gaan om wetenschapper te worden." Daar voegt hij wel een dreigement aan toe. "De universiteit bestaat bij de gratie van veel gemeenschapsgeld en je moet wel kunnen aangeven dat je echt iets doet dat anderen niet kunnen doen met minder geld. E n ook dat wat je doet zinvol is. D e vraag
is hoe lang de gemeenschap belasting wil blijven betalen voor overgekwalificeerde breedgevormde werklozen die zich academici noemen." Rector prof dr. E. Boeker vindt dat de v u met alle plannen tot verbetering van het onderwijs aardig op weg is. "Het is natuurlijk een mooi streven om iedere student te willen opleiden tot toekomstig Nobelprijswinnaar of laten we zeggen lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, maar laten we reëel zijn. Er moet later ook brood op de plank komen, om het populair te zegen. Daarom moeten we meer dan tot nu toe onze opleidingen toetsen aan de vragen op de arbeidsmarkt. Maar dat mag natuurlijk nooit het enige criteriu m voor toetsing zijn." Oud-vu-studente drs. L.M. Björklund, tegenwoordig kwaliteitsmanager bij uitzendbureau Randstad, vroeg zich af of ze wel in de goede zaal zat. "Toen ik gevraagd werd om mee te doen aan deze dag, had ik de indruk dat het erom ging studenten een
steuntje in de rug te geven als ze de overstap moeten maken van de universiteit naar de arbeidsmarkt. Daar kun je heel praktische en concrete dingen over zeggen. Maar als we eerst een hoogdravend en verwarrend academisch debat moeten voeren over de totale verandering van het universitaire onderwijs, kunnen we nog wel een poosje doorgaan." Enige praktische tips wilde ze wel geven: "Het gaat er meer om wat voor persoonlijkheid je hebt dan wat je gestudeerd hebt", kon ze aankomende sollicitanten verklappen. "En voor academici gaat het er vooral om abstract en analjftisch te kunnen denken zodat je voor problemen nieuwe oplossingen kunt bedenken in plaats van verouderde antwoorden uit de kast te halen. En je moet jezelf goed kunnen presenteren." Waarop een student in de zaal verzuchtte: "Als het om dat soort dingen gaat, kunnen we de universiteit net zo goed meteen opheffen."
Dag van het Onderwijs
De Wat-relatie? "Always change a winning t e a m " , is de leuze van Marcel L i m b o u r g (33), directeur van Capacity uitzendbureau. " D e flexibilisering is inmiddels a c h terhaald. Hoger opgeleiden m e t drie tot vijfjaar ervaring k u n nen tegenwoordig eisen stellen aan een b a a n . H e t nieuvfe t o verwoord wordt mobiliteit", stelde hij tijdens een workshop op de D a g van het Onderwijs op 19 maart. Limbourg begon zes jaar geleden met Capacity, een uitzendbureau voor hoger opgeleiden dat vorig jaar een omzet kende van 35 miljoen verdeeld over acht vestigingen. De toename van projectmatig werk is de voornaamste grond van zijn bestaan. "Zes jaar geleden was een projectmatige opdracht nog een alternatief als je geen vaste baan kon vinden. N u is het een persoonlijke keuze geworden. Zekerheid vind je tegenwoordig niet meer in je arbeidscontract, maar ondeen je aan je geloof in eigen kunnen. De vaste baan tot aan het pensioen gaat de dinosaurussen achterna. Wat telt zijn je talenten. T o t 1990 telde al-
leen dat je veertig uur per week werkte. N u gaat het erom: wat heb je in die veertig uur gedaan? Oftewel: life-long employment tegenover life-long employability. Dat is nu van belang." Het met oneliners doorspekte verhaal van Limbourg, die in vogelvlucht de huidige arbeidsmarkt in beeld probeerde te brengen, deed de oren van veel studenten tuiten. "Als je voor je talenten gaat, maak je vanzelf carrière", zo is Limbourgs stellige overtuiging. "Dat begint nu ook bij bedrijven door te dringen. Er ontstaat een nieuwe vorm van samenwerking tussen werkgever en werknemer: de WATrelatie, working apart together. Je kunt op projectbasis worden ingehuurd, maar ondertussen ook zelf met van alles bezig zijn." Limbourg, die zelf een mislukt kunstacademie-avontuur achter de rug heeft en via een etaleursbaan en wat reclamewerk op de uitzendmarkt terechtkwam: "Als ik aan ondernemen denk, dan gelden de vijf D'S: dromen, denken, durven, doen en doorzetten. Alle vijf even belangrijk." (PB)
TOP-plaatsen niet voor eclite toppers Peter Boerman Bij de universiteit van T w e n t e h e b b e n ze een m o o i e oplossing gevonden voor studenten die na h u n studie een eigen vinding o p de markt willen b r e n g e n , m a a r niet weten hoe ze dat precies m o e t e n aanpakken: de TOP-plaats e n , werkplaatsen voor 'tijdelijke ondernemers'. De verse afgestudeerden krijgen een jaar lang een werkplek op de universiteit, professionele begeleiding van onder anderen de hoogleraren en de mogelijkheid om markten te ontwikkelen en bijvoorbeeld prototypes te testen. Daarmee maakt de Universiteit Twente haar naam als 'ondernemende universiteit' waar, betoogde Dick van Bameveld, de coördinator van de TOP-regeling, die op 19 maart over het project mocht komen vertellen. " D e universiteit in Twente is in 1961 begonnen als ondersteuning voor de textielfabrikanten", dook hij in de geschiedenis. "Omdat er naast textiel in de regio geen multinationals of iets dergelijks zitten, is het accent na het ineenstorten van de textielindustrie komen te liggen op het midden- en kleinbedrijf"
O m de relaties tussen universiteit en dit bedrijfsleven te structureren, richtte de UT in de jaren tachtig het Transferpunt op, dat ongeveer hetzelfde werk doet als het gelijknamige punt op de vu. Maar de Twentse universiteit wil niet alleen vragen uit het bedrijfsleven beantwoorden, men wil ook zélf een steentje bijdragen. Vandaar de TOP-regeling. "Onze plicht houdt niet op bij het opleiden van goede ingenieurs en doctorandussen", verklaarde Van Bameveld. "Dit is een goede manier om kennis van de universiteit naar buiten te brengen. Bovendien dragen wij op deze manier bij aan de regionale ontwikkeling." Een druppel op een gloeiende plaat misschien, want tegenover de vele tienduizenden arbeidsplaatsen die in de jaren tachtig in Twente sneuvelden, stelt het TOP-project na ruim tien jaar nog steeds slechts zo'n zestienhonderd banen, elfhonderd directe en circa vijfhonderd indirecte, "Maar ik denk toch dat er meer aan vastzit dan alleen de arbeidsplaatsen. Wat telt is de klimaatverandering." D e UT heeft in twaalf jaar TOP-project aan 220 studenten de kans gegeven een eigen bedrijfje op te zetten. Dat heeft geleid tot 170 nieuwe be-
drijven, waarvan er op 1 januari dit jaar nog zo'n 135 bestonden. Vijftien hadden er inmiddels meer dan 25 medewerkers, 75 meer dan acht. Van Bameveld krijgt voor de vijftien a twintig plaatsen die jaarlijks te vergeven zijn steeds zo'n vijfüg tot zestig aanvragen. Een starter, zo vertelde de coördinator-vanaf-het-begin, heeft behoefte aan vier dingen: technologie, opdrachten, ondememersvaardigheden en geld. De universiteit kan hem of haar op alle vier terreinen helpen. Ook met geld dus: iemand met een TOP-plaats krijgt een renteloze lenmg van dertig mille in handen, terug te betalen in vijf jaarlijkse termijnen van zesduizend gulden. "Een leuk initiatief', zo concludeerde vueconomiehoogleraar prof.dr. P. van de Bunt, voorzitter van de workshop die het TOP-idee behandelde. "Ik denk dat de UT een heel eind op ons vooruitloopt als het gaat om ondernemen. Maar ik heb wel een kanttekening: voor de echte toppers hoeft het niet. Die weten zelf wel iets te ritselen bij de ABN/AMRO." Een
op-
merking die met gemak gepareerd werd door Van Bameveld. "Bij TOP is de mentale ondersteuning vaak belangrijker dan de financiële."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996
Ad Valvas | 674 Pagina's