Ad Valvas 1996-1997 - pagina 89
ADVALVAS 26 SEPTEMBER 1996
PAGINA 7
worstelen met toekomst fcrlevingsplannen wis, natuur en scheikunde i, natuurkunde en scheikunde zijn gedwongen na te college van bestuur zou hun krachten graag bundelen, scheikunde gaat er komen, hoewel de bèta's er zelf faculteiten hebben ieder voor zich een oplossing voor ^e moeilijkheden geformuleerd.
Illustratie: Aad Meijer
irif^-
De toekomst van scheikunde: samenwerken met UVA Om het hoofd boven water te houden willen de VUscheikundigen, tegen de zin van het college van bestuur, hechter met de collega's van de UvA samenwerken. "Wij vinden dat ons belang als scheikundefacultelt in hoge mate met regionale samenwerking is gediend", aldus de scheikundesecretaris.
J Begin dit jaar waarschuwde de Leidse j hoogleraar prof.dr. J. Reedijk, die als 1 extern adviseur op verzoek van het col llege van bestuur de faculteit heeft Idoorgehcht, zelfs dat Scheikunde te j klein dreigt te worden "om het nog llang aan de top vol te houden". De I secretaris knikt. "Als we te klein wor Iden, komt ons bestaansrecht in het [gedrang." jEen te kleine faculteit is voor topwe Itenschappers niet interessant en de iLeidse adviseur verwacht dat kandida Iten vaker een aanbod om hoogleraar te Iworden op de vu zullen afwijzen. "En Idaarvan afgeleid zullen ook financiers Ivan extern onderzoek, buitenlandse Igasten en goede studenten minder pro Iminent aanwezig zijn", schetst Reedijk Izijn scenario in het adviesrapport. iDe faculteit heeft komend jaar nog drie vacatures voor hoogleraren openstaan len ook Kwantes verwacht dat het Inogal wat moeite zal kosten om die Ivervuld te krijgen. "Een goede kandi Idaat heeft genoeg keuzemogelijkheden. iDan hangt het er maar net vanaf wie hem het meest interessante voorstel Idoet en behalve een goed salaris ook leen goede onderzoeksgroep kan bieden |en goede apparatuur." Zo werd de irecente komst van een nieuwe hoogle : organische chemie begeleid door Jcomputers ter waarde van een half mil jjoen. •Kwantes vertelt dat Scheikunde voor |_dit soort zaken reserves heeft aange i. Het grote tekort op de perso |neelsbegroting waar Scheikunde een paar jaar geleden op af leek te stormen, p inmiddels omgezet in een overschot [van zes ton. Scheikunde zou graag af willen van het huidige financieringssysteem van de universiteit. De faculteit wordt daarin gesteund door haar, op advies van het college aangestelde, adviseur. Reedijk Itapporteert: "De conclusie dringt zich |op dat het verdelingsmodel, met een veel te sterke koppeling aan studenten
aantallen en weinig bescherming van toponderzoek, minder geschikt en wel licht achterhaald is." Iets dergelijks zegt ook de extern advi seur van Natuurkunde, prof dr. P. Wyder van het Max Planck Institut fïir Festköperforschung in Grenoble. Hij vindt dat als de tmiversiteit ervoor kiest Natuurkunde op de vu te behouden, ze daar ook wat voor over moet heb ben. En dus toch geld moet blijven geven, ook al zou het op een gegeven moment zo zijn dat er geen enkele stu dent komt studeren.
Dromen Anders dan dat van Natuurkunde kent het personeelsbudget van Wiskunde en Informatica geen tekort. Maar van de hoeveelheid geld die Scheikunde en Natuurkunde ontvangt van de Neder landse Organisatie voor Wetenschap pelijk Onderzoek (NWO) en het bedrijfsleven, kan de faculteit wiskunde en informatica voorlopig alleen maar dromen. Oosterhoff erkent dat het, zeker in vakgebieden die toepassingsge richt zijn, zoals informatica en kunst matige intelligentie, mogelijk moet zijn meer geld binnen te halen. Tot nu toe is daar alleen niet hard aan getrokken. Oosterhoff: "Dat hangt een beetje samen met de achtergrond van die stu dierichtingen. We werden in de begin fase overspoeld met studenten. Mid den jaren tachtig kwamen er tegen de honderd eerstejaars informatica, terwijl we nauwelijks personeel hadden. Het kost veel inspanning om geld voor on derzoek binnen te halen. In het begin was daar de menskracht niet voor." Zowel Wiskunde en Informatica als Scheikunde en Natuur en Sterrenkun de zijn gedwongen duidelijke keuzes te maken voor de toekomst. Het voortbe staan van de faculteiten staat op het spel. Van de aanstaande clustering, waartoe de drie faculteitsbesturen afge lopen zomer hebben besloten, ver
wachten de drie wat dat betreft geen wonderen. Op zich is dat niet zo vreemd, want als het aan de betrokken faculteiten ligt, blijft de clustering nadrukkelijk beperkt tot een fusie tussen de administratieve diensten en de drie besturen. En zelfs dat gaat sommigen te ver. Zo heeft de faculteitsraad van Scheikunde bezwa ren geuit tegen de voorgestelde bestuurlijke samenvoeging van de faculteiten. "De clustering van wis, natuur en scheikunde is niet uit liefde geboren", zegt Scheikundesecretaris Kwantes, waarmee hij erop wijst dat clustering toch vooral een idee is van het college van bestuur. Toch zien de faculteitsbesturen ook wel voordelen. Ze gaan er van uit dat hier en daar kan worden bezuinigd op het gebied van het beheer. Natuurkun desecretaris Van Rijn: "We kurmen dan bijvoorbeeld volstaan met één secretaris, wat mij overbodig maakt. Dat kun je meteen inboeken als winst." Maar in het overlevingsplan van de faculteiten is voor clustering geen plaats. Hoewel de opleidingen met gelijksoortige problemen kampen en straks één faculteit moeten gaan vor men, zijn de verschillen in de manier waarop ze hun problemen willen aan pakken groot. Elke faculteit heeft een heel eigen oplossing voor ogen. Zo wil Natuurkunde in de toekomst margina le onderzoeksgroepen gaan afstoten. Wiskunde gaat zich voortaan bij uitstek profileren als een toepassingsgerichte opleiding om zich te onderscheiden van de UVA. Scheikunde verwacht juist dat samenwerking met de UVA de enige manier is om studenten een brede opleiding te kunnen blijven bieden. In de woorden van Kwantes: "We ver wachten dat ook een geclusterde facul teit op de vu in de toekomst, bij weer nieuwe bezuinigingen, de scheikunde groepen niet onaangetast zal laten."
Voor een kleine faculteit als schei kunde is het met makkelijk studen ten een opleiding te bieden met veel verschillende afstudeerrichtingen. De faculteit heeft daar wat op gevonden. Door intensief samen te werken met de chemici van de UVA kan de faculteit studenten toch een breed spectrum van studierichtin gen aanbieden. Tussen de beide faculteiten bestaan daarom al een paar jaar afspraken over taakafbakening. Die afspraken zijn zwart op wit in convenanten vastgelegd. In de nabije toekomst zal op steeds meer terreinen een uitwisseling van het onderwijsaanbod plaatsvinden. Zo zal de anorganische chemie na het vertrek van de hoogleraar rond 2000 niet worden voortgezet als zelfstandig onderzoeksgebied, maar de faculteit blijft met hulp van de UVA de colleges wel aanbieden. Als een student graag anorganisch onderzoek wil doen, wordt hij naar de UVA verwezen, maar blijft hij ingeschreven op de vu. Andersom komen studenten van de UVA die zich willen specialiseren in bijvoor beeld farmacochemie en theoreti sche chemie, naar de vu. Studenten zullen dus vaker dan nu een docent van de andere universiteit tegenover zich zien. "Deze vorm van taakafba kening zal de komende jaren wat ons betreft alleen maar intensiever worden", zegt secretaris P. K wan tes. "Op die manier zien wij kansen
genoeg om voor nieuwe studenten en nieuwe medewerkers voldoende aantrekkelijk te blijven." Extern adviseur prof dr. J. Reedijk juicht in zijn adviesrapport, dat begin dit jaar verscheen, de samen werking tussen beide Amsterdamse chemiefaculteiten toe. Maar het college van bestuur is er minder blij mee. Het dagelijks bestuur staat, met het oog op de zelfstandigheid van de vu, van oudsher argwanend tegenover toenadering van beide universiteiten. K wantes: "Wij ondervinden op het punt van de regionale samenwerking nogal wat tegenwerking van het college. We mogen wel praten met de UVA, maar alles wat ook maar enigzins de schijn heeft verder te gaan, wordt ons ontraden. O wee als je te veel formele afspraken maakt. Het is en blijft de concurrent en daar moet je, dat is althans de mening van het college, niet te veel mee samenwer ken." Maar volgens Kwantes heeft de scheikundefacultelt eigenlijk geen keus. Het voortbestaan van het vak gebied staat op het spel. "Als je steeds verder moet afslanken en je wilt desondanks een voldoende aan tal groepen in stand houden, dan moet je iets ondernemen. Anders houdt het op een gegeven ogenblik op." (MZ)
Dr. P.M. Kwantes
Foto's Peter Wolters AVC/VU
Aanta! eerstejaars markt Aantal eerstejaars 1994/1995 aandeel 1995/1996 (%) Wiskunde Informatica 72 18,2 75 Natuuren sterrenkunde 41 11,4 28 10,6 47 Scheikunde 42
markt aandeel (%) 23,1 8,6 12,5
Bron: Keuzegids Hoger Onderwijs (exclusief TM. 's)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996
Ad Valvas | 674 Pagina's