Ad Valvas 1996-1997 - pagina 29
ADVALVAS 5 SEPTEMBER 1996
PAGINA 5
Docent van het jaar laat studenten worstelen vtlfop^Le!!"^" "Ik vind dat studenten als het o m onderwijs gaat e e n dikke vinger in de pap m o e t e n h e b ben", zegt prof. dr. André Droogers. G e e n w o n d e r dat hij populair i s . Afgelopen m a a n dag werd hij verkozen tot v u docent van het jaar. Hij heeft geen geheim dat verklapt kan worden, opdat het volledige vuperoneel er zijn voordeel mee kan doen. Hij heeft zelfs geen rijtje tips of kenmerken van een geslaagde docent. In feite worstelt hij met de vraag wat hem tot die bijzondere docent maakt. Of andere docenten wat aan het antwoord hebben, betwijfelt hij. "Een collega vroeg mij eens naar aanleiding van een collegereeks waarvoor studenten me een heel goede beoordeling gaven, hoe ik dat nou eigenlijk deed. Ik heb hem dat haarfijn uit de doeken gedaan. Hij paste al mijn aanwijzingen toe, maar hij kreeg helemaal geen goede beoordeling. Zelfs kritiek." De hoogleraar culturele antropologie van religies van niet-westerse volken André Droogers heeft veel geleerd van zijn ervaring als docent aan een faculteit in het zuiden van Brazilië, waar de docenten minder dan hun Nederlandse collega's op een voetstuk staan. Zijn Braziliaanse collega's waren geen prototype leermeesters, maar betrokken de student zoveel mogelijk bij het onderwijs. "Het onderwijs draaide daar ontzettend om de student zelf." Droogers ontdekte dat derde- en vierdejaarsstudenten zelf onderwerpen kunnen aandragen voor hun werkcolleges. In Nederland is dat onmogelijk, omdat het curriculum voor een aantal jaren vaststaat, maar Droogers probeert het model zoveel mogelijk te benaderen. "Ik vind dat studenten als onderwijsconsumenten een dikke vinger in de pap moeten hebben." Tijdens z'n hoor- en werkcolleges zadelt hij studenten graag op met een vraagstuk, om ze het in groepjes te laten oplossen. Laat studenten zoveel mogelijk zelf worstelen en weer boven komen, is zijn motto. Daar steken ze meer van op dan van een bulderende
leermeester voorin de zaal. "De gedachte is dat ze hetgeen ze zich zo moeizaam verwerven, over een paar jaar nog wel weten." "Beschouw onderwijs als een cultuurverandering", legt de antropoloog uit. "We weten dat je een cultuur niet verandert door mensen dingen op te leggen. We hebben daar genoeg voorbeelden van: neem het ontwikkelingswerk in de Derde Wereld. Mensen veranderen alleen als ze zelf overtuigd raken van dingen, als ze zichzelf iets eigen maken." Ook in een collegezaal met honderd studenten is het volgens Droogers nog best mogelijk studenten zelf met de stof aan de gang te laten gaan. "Je kunt ze bijvoorbeeld in groepjes van twee een opdracht geven of ze een kwartier naar buiten sturen met een vraagstuk." Wat dat betreft zouden de leslokalen wel wat 'gebruiksvriendelijker' kunnen worden ingericht, vindt Droogers. "We leren nota bene bij het Onderwijs Adviesbureau om zoveel mogelijk groepsgewijs les te geven en dan klinkt de gebouwendienst overal tafels aan elkaar vast. Dat stimuleert niet. Het dwingt de docent in de positie van leermeester." Droogers houdt tijdens zijn werkcolleges ook een zogenaamde reactieronde, waarbij elke student over zijn ervaring met het huiswerk vertelt. "Op die manier inventariseer je de knelpunten én je krijgt de wat stillere studenten aan het praten." Dat Droogers niet bang is voor kritiek, blijkt aan het einde van zijn colleges. Dan nodigt hij alle aanwezigen uit om commentaar te leveren op de inhoud en de vorm van het college. "Als je dat alleen maar doet aan het eind van een collegereeks, dan ben je natuurlijk te laat." Zijn methode om studenten zoveel mogelijk zelf met het vak te laten worstelen, heeft ingang gevonden in een deel van het onderwijsprogramma van culturele antropologie. Als voorzitter van de onderwijscommisie van zijn vakgroep heeft Droogers die methode gepropageerd en dit studiejaar wordt die voor het eerst ofBceel in praktijk gebracht. De jury van de onderwijsprijs is lovend, maar zelf vindt
André Droogers: 'Een collega paste al mijn aanwijzingen toe, maar kreeg kritiek.'
Droogers dat hij een fout heeft gemaakt. Hij heeft niet genoeg rekening gehouden met de tegenstanders, hen niet voldoende serieus genomen. "Ik ben veel te hard van stapel gelopen. Het heeft binnen de vakgroep veel losgemaakt. Ik denk nu dat je de tegenstanders in hun waarde moet laten en hen tegelijk moet proberen te interesseren voor nieuw onderwijs. Je moet je niet nchten op een categorie die toch wel overtuigd is, dan blijf je alleen elkaar gelijk geven."
Volgens drs. W. van Os van het Onderwijs Adviesbureau vinden studenten het helemaal niet zo belangrijk dat hun docent een goede entertainer is die met originele grapjes zijn publiek weet wakker te houden. Het is volgens Van Os eveneens een misverstand dat als een student het vak boeiend vindt, hij de docent automatisch ook goed beoordeelt. En het is al helemaal niet zo dat studenten een docent hoog waarderen aDeen omdat ze bij hem een goed cijfer krijgen. "Studenten vinden het veel belangrijker dat ze veel opsteken van een collegereeks dan dat ze geslaagd of gezakt zijn. Als een student geslaagd is, m a a r het gevoel heeft dat hij weinig heeft geleerd, dan waardeert hij z'n docent lager dan wanneer hij is gezakt en veel heeft geleerd." Uiteindelijk gaat het studenten erom op een efficiënte m,anier kennis te vergaren, legt Van O s uit. "Als het er echt op aankomt, stellen studenten zichzelf de vraag: 'Heb ik bij h e m of h a a r wat opgestoken of niet. Heb ik iets geleerd wat ik zelf niet zo makkelijk in m ' n eentje had gekund.' Daarvan uitgaande kun je zeggen dat een goede docent iemand is bij wie je in dezelfde tijd meer leert dan bij een slechte docent."
Sidney Vervuurt - AVC/VU
De docentverkiezingen zijn in opl^omst. Facuiteiten organiseerden ze al langer, maar nu is er voor liet eerst een docent van het jaar gekozen. Die studenten het liefst laat worstelen. Martina Zuidweg
'Studenten geven docenten zelden een drie of een vier' Dit jaar w o r d e n voor het eerst docentverkiezingen op universitair niveau gehouden, m a a r een handvol faculteiten organiseert zulke verkiezingen al een paar jaar. M e t m e e r e n minder s u c c e s . O f ze bijdragen aan een verbetering van het onderwijs, is nog m a a r de vraag. Soms zijn de docentverkiezingen een uitvloeisel van facultaire onderwijsdagen die docenten warm moeten maken voor onderwijsvernieuwingen. De verkiezing wordt dan gebracht als ludieke uitsmijter. In andere gevallen gaat het om een initiatief van studenten die vinden dat er binnen hun faculteit meer oog moet komen voor onderwijskwaliteit. Bij Geneeskunde houden studenten al vijf jaar achtereen docentverkiezingen. "Omdat we het belangrijk vinden dat studenten hun mening kunnen geven over de docenten en omdat het voor docenten motiverend is", zegt Tanja Seijbel, bestuurslid van de faculteitsvereniging van Geneeskunde MEVU. Zoals verwacht mag worden, hebben de politicologen en de bestuurskundigen de eerste docentverkiezingen op hun naam staan: al in 1988 huldigden zij de eerste docent-van-het-jaar. Ook bij deze verkiezingen was de organisatie in handen van de studentenvereniging van de faculteit (Mundus). Stephan Bemdsen van Mundus meldt, net als Seijbel, dat het animo van studenten om aan de verkiezingen deel te nemen groot is. "Zeker 70 procent doet mee. Het is onze ervaring dat ze het leuk vinden om him mening over docenten te geven." Bij Bewegingswetenschappen hebben docenten vier jaar geleden het initiatief tot de docentverkiezingen genomen. Opvallend is dat studenten van deze faculteit helemaal niet zo enthousiast reageren. De respons is tot nu toe bedroevend, zegt dr. Frank Bakker, docent bewegingswetenschap-
pen en projectleider van de docentenopleiding. Niet meer dan eenvijfde van de studenten doet mee. Volgens Geert Buitenweg van het Studentenoverleg van de faculteit komt dat omdat de verkiezing bij Bewegingswetenschappen te veel een docentenaangelegenheid is. Zo vindt de uitreiking plaats tijdens de docentendag en niet in aanwezigheid van studenten. "Op die manier worden studenten er niet echt bij betrokken", aldus Buitenweg. Daar komt bij dat het de bewegingswetenschappers net iets meer tijd kost om aan de verkiezing mee te doen. Ze krijgen een brief toegestuurd waarin hun wordt gevraagd een rapportcijfer te geven aan die docenten waarover ze zich redelijkerwijs een oordeel kunnen vormen.
Beschuitje Dan pakken de studentenverenigingen het anders aan. Mundus deelt in de pauze van colleges politicologie en bestuurskunde lijsten uit waarop studenten kruisjes kunnen zetten bij de docenten die ze hebben gehad. Vervolgens formuleren ze een top drie. Het aantal punten dat een docent uiteindelijk krijgt, wordt na afloop gedeeld door het aantal studenten dat hij onder zijn hoede heeft. De aankomend artsen beantwoorden vlak voor of na de colleges ook minder serieuze vragen, zoals: 'met wie zou je wel eens een beschuitje willen eten' en 'wie vind je het knapst'. Anders dan bij Bewegingswetenschappen wordt de uitblinker van Geneeskunde en van Politicologie/Bestuurskunde gehuldigd in het bijzijn van studenten. De hoofdprijs verschilt: een theaterbon (Geneeskunde), een boekenbon van driehonderd gulden (Bewegingswetenschappen) en een wisselbeker waarin de namen van alle docenten-van-het-jaar staan gegraveerd (Politicologie en Bestuurkunde). De faculteiten hebben gemeen dat ze docenten die slecht scoren, niet aanpakken. Volgens Bemdsen zijn er bij Politicologie en Bestuurskunde wel
rend werken. "En we zijn juist met de verkiezingen begonnen om het onderwijs een duwtje in de rug te geven." Overigens gaat de lijst met rapportcijfers wel de hele faculteit rond. De docentverkiezingen hebben nogal wat stof doen opwaaien binnen de faculteit bewegingswetenschappen, vertelt Bakker. Of een rapportcijfer van een student wel een goede indicatie is voor de kwaliteit van een docent, vroegen sommigen zich af. En zou het niet beter zijn afgestudeerden naar hun mening te vragen in plaats van studenten, brachten anderen in. Bakker is daarom bezig alle criteria voor een goede docent nog eens op een rijtje te zetten. Volgens drs. W. van Os van het Onderwijs Adviesbureau hebben docentverkiezingen überhaupt weinig met (verbetering van) onderwijskwaliteit te maken. "Als een docent alleen een cijfer op z'n bord krijgt, weet hij nog niet wat hij goed of fout doet. Hij heeft geen informatie op grond waarvan hij kan zeggen: volgend jaar moet ik dit of dat anders doen." Informatie waarmee het onderwijs kan worden aangepakt, veronderstelt een heel andere vragenlijst, zegt Van Os. "Als je streeft naar onderwijsverbetering, moet je veel specifieker vragen. :'>^yj^y!Li^^3^ïïF>* sV.^5. ^'vjs^vni'^' Dan heb je er niks aan als studenten „ 0\^i. HET OOG WIL OOK WAT, MAAR IK HOOP TOCH DATZ£ MEalleen spreken in termen van goed en slecht. Je moet ook vragen naar de mTAuUti OM Mf JK UCHAAtI V£aKOZÉH H£gBEK. „ kwaliteit van het collegedictaat, hoe de stof wordt gepresenteerd, of de Illustratie: Berend Vonk docent de stof structureert, hoe het tentamen eruitziet... Dan pas krijg je concrete aanwijzingen voor onderwijsVolgens Bakker wordt er slechts incidocenten "die traditioneel slecht scoverbetering." denteel een drie of een vier uitgedeeld ren", maar wie dat zijn wordt niet bij de docentverkiezing van Beweopenbaar gemaakt. "De verkiezing is De evaluaties die het Onderwijs gingswetenschappen. "Wat dat betreft bedoeld als ludieke actie, niet om Adviesbureau nu al zo'n vijftien jaar zijn studenten soepeler dan docenten. klachten over docenten te poneren. systematisch afneemt na de meeste Kijk maar naar de tentamencijfers." Dat wordt al ruimschoots gedaan in cursussen of coUegeblokken, zijn wat Het afgelopen jaar haalden drie de onderwijscommissies", meent dat betreft een stuk informatiever. docenten bewegingswetenschappen bij Van Os: "Zo'n prijs voor een docent Bemdsen. Het moet wel leuk blijven, de verkiezingen net geen voldoende. vindt ook geneeskundestudent Seijbel. is iets extra's, dat is bij wijze van spreZe scoorden ergens tussen de 5,6 en "Na elk collegeblok krijgen we evaluken een feestmaaltijd. Wat wij maken atieformulieren. Op die manier krijgen de 5,9. Ook met deze docenten is volis de pot van alledag." gens Bakker geen hartig woordje de studenten al voldoende gelegengesptoken. Dat zou maar demotiveheid kritiek te uiten op het lesgeven."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996
Ad Valvas | 674 Pagina's