Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 261

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 261

10 minuten leestijd

PAGINA 7

AD VALVAS 12 DECEMBER 1996

1.11 nu nog ^een baan! ' Als de afstudeerfestiviteiten achter de rug zijn, slaat de paniek bij veel doctorandi toe. Wat kunnen ze eigenlijk, en hoe vinden ze een baan? Hadewych Hazelzet, ex-studente politicologie, doet verslag van haar bevindingen op de arbeidsmarkt. Deze week deel vijf: een zondagskind. Hadewych Hazelzet

Van links naar rechts: Wim Haan, Henk Woldring en Aukje Strandstra

Peter Wolters - AVC/VU

Bonbons als inspiratie om door te gaan Studium generale probeert al vijftig jaar actueel en aangenaam te zijn Vijftig jaar geleden ontstond aan de universiteiten liet studium generale. Studenten moesten maatschappelijk en interdisciplinair worden gevormd om de gevaren van de maatschappij te leren onderkennen. Ook aan de VU vinden nog steeds bijna wekelijks lezingen plaats. IVIaar hoe zorgwekkend is het dat steeds vaker vijftigplussers een groot deel van de'zaal vullen? Dirk de Hoog Onder studenten bestaat "een onverantwoorde onwetendheid omtrent de maatschappelijke en geestelijke krachten die onze tijd beheersen", rapporteerde vlak na de Tweede Wereldoorlog de staatscommissie die een reorganisatie van het hoger onderwijs moest voorbereiden. De commissie stelde voor colleges over algemeen vormende onderwerpen te geven die voor alle studenten toegankelijk waren. En zo werd m 1946 het studium generale geboren, een fenomeen dat heden ten dage nog op alle Nederlandse universiteiten bestaat. Ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan verscheen onlangs een boekje met opstellen rond het thema 'Het raadsel van de wetenschap'. Helaas is het boekje dermate creatief vormgegeven, dat het nagenoeg onleesbaar is. Dat is echter nog geen reden om geen aandacht aan het lustrum te besteden, want ook de vu kent een rijke studium-generaletraditie. Nog steeds zijn nagenoeg elke week lezingen te volgen in één van de verschillende cycli die worden aangeboden. "Zo'n tien jaar geleden was er echt een enorme dip in de belangstelling. Ik weet nog dat ik met een spreker de zaal in kwam en er zes bezoekers waren. Dan vraag je je af of het nog wel zin heeft om op deze manier door te gaan", vertelt prof.dr. Henk Woldring. Hij is één van de mensen die vanuit de faculteit filosofie ieder jaar een studium generale organiseert. "De afgelopen jaren is de belangstelling echter weer behoorlijk toegenomen. Soms zitten er tegen de honderd mensen in de zaal. Maar eerlijk IS eerlijk: ik denk dat driekwart van hen vijftigplussers zijn die van buiten de universiteit komen." Wim Haan is vanuit het Bezitmingcentrum betrokken bij de studiumgeneraleactiviteiten en secretaris van de universitaire begeleidingscommis-

sie. "Zo'n tien jaar geleden is de organisatie van de lezingencycli aan de vu bewust omgegooid", zegt hij. Voor die tijd bestond er een commissie die lezingen bedacht, maar blijkbaar was de interesse voor wat ze bedacht tanende. Nu zijn er vier organisaties die ieder jaar één of meer series lezingen bedenken en organiseren. Dat zijn behalve de faculteit filosofie het Bezinningscentrum, het Instituut voor Ethiek en het Vormingscentrum. Een universitaire commissie bestaande uit vertegenwoordigers uit de faculteiten houdt op afstand toezicht en geeft sugges-

meestal zo'n driekwart van de zaal met vu-studenten is gevuld. En soms gebeurt het dat er meer dan honderd mensen in de zaal zitten, zoals onlangs toen Iteke Weeda over liefde en vriendschap kwam spreken. Maar toen een paar weken later het onderwerp 'liefde voor je werk' aan bod kwam, was de opkomst heel laag. Dat was misschien ook meer iets voor het personeel dan voor studenten." Wim Haan wijst erop dat ten tijde van de oprichting van het studium generale zeker niet alleen aan studenten als publiek was gedacht. "Behalve maatschappelijke vorming van studenten was het ook de bedoeling een interdisciplinaire benadering van de wetenschap te bevorderen. En daarbij werd zeker op deelname van de stafleden gerekend." Woldring beaamt dat. "Men wilde iets van het Von Humboldt-ideaal overeind houden, zeg maar de algemene academische vorming en cultuur m een tijd dat er steeds meer specialismen ontstonden. Er kwamen steeds meer studierichtingen bij, denk aan econometrie, politi-

'Als je iets actueels wilt doen en je vraagt een Kamerlid, heb je dikke kans op een lege zaal' ties. "Het voordeel van deze opzet is dat iedere aanbieder min of meer z'n eigen identiteit en doelgroep heeft. Daardoor is het aanbod gevarieerder en de opkomst groter geworden", aldus Haan. Hij heeft de indruk dat het zeker niet alleen vijftigplussers zijn die op de activiteiten afkomen. "Het verschilt nogal per onderwerp, maar ik denk dat zeker de helft van de mensen die onze lezingen bijwoont van de vu afkomstig is. Overigens vind ik het helemaal geen probleem dat er ook veel buitenstaanders komen, zolang de verschillende groepen elkaar maar niet verdringen en dat is in mijn ogen niet het geval." Dat is ook de ervaring van drs. Aukje Strandstra, die vanuit het Vormingscentrum bij het studium generale betrokken is. "Wij richten ons vooral op studenten en ik heb de indruk dat dat redelijk lukt. De ene keer beter dan de andere, maar ik denk dat

cologie en sociologie, naast allerlei uitsplitsingen bij de bètavakken. Die interdisciplinaire benadering is gebleven bij het studium generale, maar ik kan niet zeggen dat je nu veel stafleden ziet verschijnen. Als het er twee of drie per lezing zijn, is dat echt veel." De cyclus-die het Instituut voor ethiek in januari gaat houden over 'genen, cultuur, gedrag en menselijk geluk', is een prototype van hoe ooit het studium generale was bedacht: een wetenschappelijk interdisciplinaire benadering van een actueel maatschappelijk relevant thema. Maar Wim Haan weet niet zeker of dit soort onderwerpen tegenwoordig nog aanslaan. "Existentiële en esoterische onderwerpen zijn in. Als je iets actueels wilt doen en je vraagt een Kamerlid, heb je dikke kans op een lege zaal." Strandstra is het daar niet op voor-

hand mee eens. "Het is ook maar net hoe je actualiteit definieert. Onlangs hadden we Ronald-Jan Heijn van het new-agecentrum Oibibio, dat is toch ook een vorm van actualiteit. En in april willen we een serie doen ovef de naderende eeuwwisseling, waarbij we ook een politica willen uitnodigen om over de toekomst van de Europese Unie te spreken. Dan kunnen we zien of studenten nog in iets anders dan dromen en liefde zijn geïnteresseerd." Strandstra voegt eraan toe dat ze het belang van de lezingen niet alleen wil afmeten aan het aantal bezoekers. "Dat is de bekende discussie tussen kwantiteit en kwaliteit." Alledrie zijn ze het er over eens dat de vu het studium generale karig bedeelt. Haan: "Eindhoven heeft bijvoorbeeld zes formatieplaatsen en Leiden drie. Wij moeten het doen met 0,3 formatieplaats en een budget van tienduizend gulden. Bovendien is de aandacht van de faculteiten voor ons werk buitengewoon mager. Veel studieprogramma's worden zo volgeplempt dat studenten nauwelijks tijd hebben om een lezing bij te wonen." Maar dat is nog geen reden om het bijltje er bij neer te gooien. "Natuurlijk is het een legitieme vraag of wat we nu doen, nog van deze tijd is. Maar de conclusie 'stoppen' is wel heel erg snel door de bocht. Er zijn allerlei varianten denkbaar die het werk boeiend en zinvol houden", aldus Woldring. Strandstra onderstreept dat ook nu veel waardering voor het werk bestaat. "Studiumgeneralebezoekers zijn over het algemeen heel enthousiast en tevreden. En vaak komen ze nog een keer terug. In die zin is het ook reclame voor de vu. Het is soms een opstapje om in deeltijd te gaan studeren of om deel te gaan nemen aan activiteiten van het Hoger Onderwijs Voor Ouderen. Maar ook studenten zijn vaak heel tevreden, hoor." Wim Haan herkent dat gevoel. "Na afloop van een serie kwamen twee dametjes naar me toe met een doos bonbons. Dat geeft toch weer inspiratie om door te gaan." Een nieuw thema heeft hij al bedacht, namelijk zingeving en sport. "Dan kan Louis van Gaal komen vertellen of Ajax een nieuw soort religie is, want die heeft volgend jaar toch niets te doen."

De prangende vraag 'hoe gaat het met je scriptie' heb je nog maar net van je afgeschud of de gemiddelde discussie wordt beheerst door de vraag naar De Baan. Een enkeling gaat op reis of krijgt een kind. Maar voor de rest lijkt wie je bent te worden afgemeten aan je succes op de arbeidsmarkt, ook al is de krapte hiervan algemeen bekend. 'Werkzoekende' ('werkloos' klinkt nog negatiever) lijkt op ons voorhoofd geschreven. Al het andere wordt onbelangrijk. Nog geen baan? Loser, denk je in de ogen van de ander te lezen. Alleen met een opvallend cv word je af en toe uitgenodigd voor een gesprek. Maar de onzekerheid wordt erger naarmate je beter beseft dat of je een baan krijgt grotendeels afhangt van willekeur en toeval, van hoe de pet staat van degenen voor je, van of je aan het begin of einde van de dag komt en of het 'klikt'. Het enthousiasme in je ogen maakt plaats voor een argwanende blik. Met een goed gevoel thuiskomen is voorbij. De trots op wat je al hebt gepresteerd in dit korte leven, mompel je weg. Je stelt je verwachtingen en eisen drastisch bij. Het optimisme uit de studententijd taant. Geen illusies. Wat kun je nou als je net bent afgestudeerd? Onderaan beginnen. Je geeft toe dat je best veel leert van je uitzendbaantje. Geduld, geduld. Tien maanden kost het een academicus gemiddeld om aan de bak te komen, galmt het door je hoofd. Mechanisch ga je op gesprek, de kriebels zijn verdwenen. Je vertelt niet meer aan iedereen dat je een sollicitatiegesprek hebt. Zeggen wat ze willen horen of jezelf zijn? Je hebt je zegje klaar. Als ze je niet willen zoals je bent, dan ben je daar kennelijk aan het verkeerde adres, verdedig je jezelf. De argumenten die zij geven, klinken je vaak oneigenlijk in de oren, maar brengen je toch aan het wankelen. Je naaste omgeving verbaast zich: "Goh, niets voor jou om zo cynisch te worden. Je laat je toch niet zo snel ontmoedigen?" Je hebt ondertussen al van alles geprobeerd. In die korte tijd tussen het afstuderen en deze donkere wintermaanden heb je je benen uit het Hjf gelopen en je oren rood gebeld om contacten te leggen. Je probeert goedbedoelde adviezen op te volgen: get wtred, get multi-skilled, get a network, get a life. Met al die kopieerkosten voor scripties, geschept papier om de inhoud van je brieven luister bij te zetten, mantelpakjes, computer en fax, verzend-, telefoon- en reiskosten, kom je nog dieper in de rooie papieren. Je hebt geld noch rust voor sociale uitjes. Trouwens, mensen blijken toch niet geïnteresseerd als je geen succesverhaal hebt. Ondertussen kom je om in het werk, alleen levert het geen geld op. Als je het eigenlijk al niet meer verwachtte, omdat je dacht dat het gesprek niet goed liep, je niet genoeg motivatie uitstraalde en je in dat halve uurtje minder aan het woord was dan degenen die in je geïnteresseerd zeiden te zijn, hoor je opeens in een waas: "Dit gesprek bevalt me. Wat denkt u van halve dagen tegen minimumloon? Het is graag of niet. Als we een oproep plaatsen krijgen we zeshonderd brieven. Zegt u het maar." Gelaten stap je in de trein terug. Je belt niet meer meteen naar huis om te vertellen hoe het is gegaan. Een baan. Tot je verbazing durf je niet meer blij te zijn. Inmiddels weet je dat niets zeker is tot alle partijen het contract hebben getekend. Als je toch iemand spreekt, zeg je aarzelend: "O ja, ik geloof dat ik een baantje heb." Men roept: "Fantastisch, gefeliciteerd! Hoe heb je dat zo snel voor elkaar gekregen?" Opeens slaat het enthousiasme van degene tegenover je om: "O, via via. Ja, ja, connecties. Wat ben je toch een zondagskind. In het goeie nest geboren zeker. Voor jou komt het geluk ook altijd uit de hemel vallen."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's

Ad Valvas 1996-1997 - pagina 261

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 augustus 1996

Ad Valvas | 674 Pagina's