Ad Valvas 1997-1998 - pagina 401
AD VALVAS 15 JANUARI 1998
PAGINA 3
Tentamenregeling psychologen milder De faculteit psychologie en p e d a gogiek beraadt z i c h over haar h e r kansingsregeling voor t e n t a m e n s . Nu m o g e n alleen studenten h e r kansen die m i n i m a a l e e n vier h e b ben gehaald voor het eerste tentamen. Studentenvertegenwoordigers vinden deze regeling onbillijk voor studenten die door o v e r m a c h t een tentamen m i s s e n . Zulke s t u denten z o u d e n p a s in a u g u s t u s weer tentamen kunnen d o e n . De studentenfractie stelde de regeling in de laatste faculteitsraad aan de kaak door een motie in te dienen. Ze noemde drie voorbeelden van in hun ogen onredelijke gevallen. Zo kreeg een studente op weg naar het tentamen een ongeluk en belandde met een gebroken middelvoetsbeentje in het ziekenhuis; een andere studente kon een doktersbriefje overleggen dat ze ziek was en een derde student miste het tentamen omdat de trein onderweg strandde, wat hij kon bewijzen met een brief van de NS. Het faculteitsbestuur was in alle gevallen onverbiddelijk: de studenten mogen niet deelnemen aan de eerste herkansing. De faculteit heeft de regeling inge-
Internationalisering slecht voor onderwijskwaliteit'
voerd om te voorkomen dat studenten onvoldoende of zelfs helemaal niet voorbereid aan een tentamen deelnemen. Bovendien kunnen studenten bij tussentijdse herkansingen slachtoffer worden van het 'dominoeffect': als een student zich moet voorbereiden op een herkansing heeft hij minder tijd om het volgende tentamen voor te bereiden. Daarom is het beter die herkansing pas in augustus te laten plaatsvinden, zodat studenten zich in de zomervakantie kunnen voorbereiden. Volgens gegevens van de faculteit haalt in de eerste twee jaar van de studie zo'n 15 procent van de 250 studenten minder dan een vier bij de eerste gelegenheid, maar bij sommige tentamens loopt dit percentage op tot 42. Bij andere tentamens heeft iedereen minstens een vier. Volgens het faculteitsbestuur is het in de praktijk ondoenlijk uitzonderingen op de regel toe te staan, omdat het te veel werk is om te controleren of de excuses van de studenten kloppen. Bovendien is het bestuur bang dat door precedentwerking de regeling langzaam maar zeker wordt uitgehold. Het bestuur wil aUeen een uitzon-
dering maken voor studenten die een structurele studieachterstand op dreigen te lopen. Die zouden in overleg met de studieadviseur een aangepast tentamenrooster moeten kunnen krijgen. D e faculteitsraad zag wel iets in de bezwaren van de studenten en vond in meerderheid dat er een regeling moet komen voor studenten die door overmacht niet aan de eerste gelegenheid kunnen meedoen. De examencommissie psychologie had in een brief al een reden genoemd om clementie te tonen, namelijk als op de tentamendag een begrafenis plaatsvindt van een naaste verwante in de eerste lijn. De voorzitter van de examencommissie pedagogiek, prof dr. P.A. de Ruyter, liet weten de regeling van het bestuur wel erg star te vinden en in de praktijk ook wel eens van de regel af te wijken, zoals in het geval dat een student op hetzelfde tijdstip twee tentamens moest afleggen. Het bestuur van de faculteit gaat nu proberen een regeling op te stellen waarin precies staat welke omstandigheden een geldig excuus zijn voor niet deelnemen aan de eerste gelegenheid. D e studenten zijn wel
blij met deze toezegging, maar nog niet volmaakt gelukkig. Raadslid Mariska Veen: "Wij zijn voor een algemene bepaling dat een student zich kan beroepen op overmacht. Als je alles probeert te vatten in regels kom je telkens weer gevallen tegen die evident onredelijk zijn. Stel bijvoorbeeld dat een vriend of vriendin doodgaat en begraven wordt op de dag van je tentamen. Dat is geen familie in de eerste lijn. Dus volgens de regel geen geldig excuus. Dat kan toch gewoon niet." Volgens de directeur beheer van de faculteit, drs. D . Schinkelshoek, zal het niet zo-'n vaart lopen. "Nu staat het bestuur in de praktijk ook al uitzonderingen toe als blijkt dat toepassing van de regels evident onredelijk is. Ik denk dat we in de helft van de gevallen ingaan op verzoeken om een uitzondering te maken. Maar blijkbaar hebben we dit niet duidelijk genoeg aan de studenten laten weten. Daarom zal het bestuur met de twee studentleden nagaan wanneer wel en niet is ingestemd met een verzoek. We hopen daarmee een helderder regeling te krijgen." (DdH)
Gemaskerd Valentijnsfeest
Internationalisering m a a k t h e t hoger onderwijs er niet per se beter op. Dat komt doordat zowel s t u denten als d o c e n t e n n i e t g o e d genoeg Engels spreken. D a t zegt W. Jochems, vertrekkend h o o g l e raar didactiek aan de T e c h n i s c h e Universiteit Delft. Buitenlandse studenten zijn aantrekkelijk voor universiteiten en hogescholen. D e voornaamste reden is dat elke student geld oplevert. Daarnaast verbetert volgens velen de kwaliteit van het onderwijs als buitenlanders en Nederlanders naast elkaar in de collegebanken zitten. Studenten zouden zo een bredere blik krijgen. Zo'n positief effect is echter nooit wetenschappelijk bewezen, betoogde hoogleraar didactiek W. Jochems vorige week in zijn afscheidsrede in Delft. Volgens hem worden de baten van internationale studieprogramma's overschat en de nadelen onderschat. De meeste buitenlanders ontmoeten bijvoorbeeld nauwelijks Nederlandse studenten. Het belangrijkste struikelblok voor internationale opleidingen is volgens Jochems de taal. Buitenlandse studenten beheersen de taal van de colleges en de lesboeken (meestal Engels) niet altijd voldoende, ook al zijn zij geslaagd voor een taalbeheersingstoets. Alleen de heel begaafde en ijverige studenten kunnen zo'n tekort compenseren. Maar ook voor de Nederlandse docenten is de vreemde taal een handicap. Zelf denken ze dat htm anderstalige colleges prima te begrijpen zijn. Maar onderzoek van de Delftse didacticus D . Vinke wijst anders uit. Zij testte na afloop van een Engels- en een Nederlandstalig college van dezelfde docent hoeveel de Nederlandse studenten ervan opgestoken hadden. D e toehoorders van het Engelstalige college scoorden beduidend lager dan die van de Nederlandse versie. Docenten blijken in het Engels minder duidelijk uitleg te geven. Zij verwoorden hun informatie te compact, herhalen die niet en presenteren de kennis niet in verschillende bewoordingen. D a a r d o o r krijgen studenten weinig tijd om de informatie te verwerken. Om de knelpunten op te lossen bepleit de scheidende hoogleraar een strenge selectie bij internationale studieprogramma's. Studenten moeten begaafd zijn, de voertaal goed beheersen en een geschikte vooropleiding afgerond hebben. Docenten moeten ofwel ervaring hebben in doceren in het Engels ofwel een verplichte training volgen. (HOP)
WN-gebouw en Transitorium krijgen dakopbouw H e t W i s - e n Natuurkundegebouw en de o m b o u w van het Transitoriu m m o e t e n nog voor de e e u w w i s s e ling een dakopbouw krijgen van r u i m 2200, respectievelijk duizend vierkante m e t e r . D a a r m e e m o e t het ruimtegebrek v a n de v u voorlopig kunnen worden opgelost. Als de dakopbouw klaar is, kan het P r o v i s o r i u m tegen de grond. De dakopbouw van de ombouw, het gebouwtje dat grenst aan het Transitorium, is nodig om de hele faculteit psychologie en pedagogiek onder te kunnen brengen. Met de dakopbouw van het bètagebouw wordt ruimte gemaakt voor het instituut voor milieuvraagstukken (IVM). Daarnaast komt er in de opbouw ook ruimte om tentamens te doen. Daardoor is de extra tentamenzaal, die gepland was in de binnentuin van het Hoofdgebouw achter de zesliftengroep, overbodig geworden. De combinatie van de dakopbouw met een tentamenzaal is veel goedkoper dan de bouw van een hele nieuwe zaal in de binnentuin. De opbouw op het dak van het Wis- en Natuurkundegebouw geeft ook ruimte voor 'bètacomplexiteit', het onderzoek waarmee de bèta's zich gezamenlijk willen profileren. De gebouwendienst wil ook meer ruimte creëren voor werkgroepkamers en computerruimtes. Tevens is de bouw van een nieuw, groter proefdierencentrum in de plannen meegenomen. Met het totale plan is zo'n zeventig miljoen gulden gemoeid tot het jaar 2000. Voor dat geld wordt 5500 'functionele' vierkante meter ruimte opgeleverd. Gangen en andere openbare ruimte zit hier niet bij, het gaat alleen om 'bruikbare' kamers. D e Gebouwendienst wil zo snel mogelijk met de dakopbouw beginnen. De sloop van het Provisorium, die al een paar keer is uitgesteld, kan volgens de gebouwendienst nu niet veel langer meer wachten. Probleem is wel dat nog niet voor alle bewoners van het Provisorium adequate vervangende ruimte is gevonden. Het onderwijsadviesbureau en het Bezinningscentrum komen in het Hoofdgebouw terecht, maar de dienst ontwikkelingssamenwerking is nog op zoek naar een goede nieuwe stek. Of de verbouwingen snel van start zullen gaan is dan ook de vraag. Hoofd Gebouwendienst ir. J.C. Meijer: "Als we aan het eind van het jaar kuimen beginnen, feliciteer ik mezelf" (PB)
Techniek en economie zijn in
Het was nog een beetje vroeg, maar. dinsdagavond hielden vier facuiteitsverenigingen een gemasicerd Valentijnsfeest. Ondanlts de masl^ers zullen de studenten van aardwetenschappen, geschiedenis, algemene letteren, psychologie en pedagogiek wel begrepen hebben van wie de al dan niet vriendelijk bedoelde groeten op het grote Valentijnsbord afkomstig waren. "Volgend jaar moeten we een groter bord nemen, want nu stond het al snel vol met dubbelzinnige mededelingen", vertelt
Bram de Hollander medeorganisator Remko IVIuurmans. De psychologiestudent schat dat er zo'n 2 5 0 mensen afkwamen op het feest, dat tot drie uur 's nachts doorging. "Maar heel veel mensen namen de nachtbus van twee uur naar huis hoor, slechts zo'n zeventig mensen bleven doorgaan", aldus Remko. De bezoekers klaagden er over dat de feestruimte nogal afgelegen lag op een industrieterrein in Oost. "Dan kan je wel meer herrie maken," verklaart Remko de keuze voor de locatie. (DdH)
Kamer steunt PvdA over kandidaatsexamen E e n a c a d e m i s c h e studie blijft in p r i n c i p e vier jaar d u r e n . M a a r universiteiten m o g e n na drie jaar een kandidaatsexamen instellen. D i t voorstel van de PvdA is deze week m e t steun van vvD en D 6 6 in de wet vastgelegd. Minister Ritzen had aanvankelijk voorgesteld dat driejarige studies ook zelfstandig konden bestaan. Universiteiten die zo'n studie wilden opzetten, moesten wel ministeriële toestemming vragen. Die zouden ze alleen krijgen als ze konden aantonen dat de arbeidsmarkt behoefte aan zo'n korte studie had. PvdA en WD zijn er niet van over-
tuigd dat driejarige studies bestaansrecht hebben. Wel zagen de twee fracties het nut in van een 'kandidaatsfase' van drie jaar. Die fase zou gevolgd moeten worden door een vierde jaar met verschillende varianten, om tegemoet te komen aan de uiteenlopende wensen van studenten. PvdA-Kamerlid Van Gelder stelde d a a r o m ingrijpende wijzigingen voor. Daarvoor kreeg hij meteen al steun van de WD en te elfder ure ook van D 6 6 . De kleinste regeringspartij hoopt nog steeds dat er in de toekomst ruimte komt voor zelfstandige driejarige studies. Het PvdA-voorstel is als "tussenstap" in die richting
beter geschikt dan het voorstel van Ritzen, zei woordvoerster Jorritsma. Het voorstel van de PvdA dat nu tot wet verheven is, biedt de universiteiten veel vrijheid. Zij mogen een kandidaatsexamen instellen, maar ze hoeven dat niet. Anders dan in het voorstel van Ritzen hebben ze bovendien geen ministeriële toestemming nodig voor het opzetten van een kandidaatsfase. De vereniging van universiteiten VSNU is dan ook tevreden over de uitkomst van het Kamerdebat. "Het lijkt nogal op wat wij zelf ook al eens voorgesteld hebben", zegt een woordvoerster. (HOP) Zie ook pagina 13
D e e c o n o m i s c h e bloei klinkt door in de studiekeus van aanstaande studenten. In trek zijn studies die geassocieerd worden m e t het bedrijfsleven. A n d e r e opleidingen verliezen. D e exacte hoek vertoont een scherpe tweedeling: de harde techniek staat op winst, tnaar w i s kunde en biologie boeken verlies. Economie en techniek blijken dit voorjaar het meest in trek bij de aanstaande universitaire student. Beide sectoren hadden volgens cijfers van de Informatie Beheer Groep eind januari 6 of 7 procent meer 'marktaandeel' in de aanmeldingen dan een jaar geleden. Het andere uiterste zijn letteren (-7 procent), rechten (7), de bètafaculteiten (-8) en de landbouwstudies (-12). Het meest opvallend is het contrast tussen 'harde techniek' en andere bètastudies. Terwijl informatica, vliegtuigbouwkunde en chemische technologie op forse winst staan, komen van de grotere studies vooral biologie en medische biologie slecht uit de bus. In tegenstelling tot de techniek bleven juist deze studies de laatste jaren populair, maar nu lijken de rollen omgekeerd. Afgelopen september kreeg biologie, tegen de trend in, al 7 procent minder eerstejaars. In de aanmeldingen voor 1998 verliest biologie opnieuw 10 procent. Overigens vindt drs. Kees Koopman, directeur van het Nederlands Instituut voor Biologie, het nog "veel te vroeg" om van een omkeer te spreken. (HOP)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997
Ad Valvas | 726 Pagina's