Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 127

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 127

10 minuten leestijd

PAGINA 7

AD VALVAS 9 OKTOBER 1997

Hap Snap onder redactie van Martine Zuidweg

Dr. Anton Verschoor: 'Een winkeldame van CA bracht een hele stapel jurken en lingerie bij ons thuis, zodat de mannen 's avonds konden uit-zoeken wat ze wilden kopen.' Bram de Hollander

Ten verkleedpartijtje lost niks op' Pionier hulpverlening transseksuelen Verschoor verlaat VU Volgens hemzelf is het toeval, maar psycholoog dr. Anton Verschoor heeft wel aan de wieg gestaan van de hulpverlening aan transseksuelen in Nederland. Vorige week nam hij afscheid van de VU. Met enig optimisme blikt hij terug. "Toen ik met het werk begon was de situatie voor transseksuelen echt afschuwelijk. Nu is het probleem in ieder geval vvettelijk vrij goed geregeld en functioneert de medische hulpverlening goed." Dirk de Hoog

"Het is een regelrechte ramp om transseksueel te zijn", vindt dr. Anton Verschoor. En hij kan het weten. De vu-psycholoog is al meer dan 25 jaar betrokken bij de hulpverlening aan mensen die vinden dat hun lichaam het verkeerde geslacht heeft. Met een symposium op donderdag 2 oktober nam Verschoor officieel afscheid van de vu om met pensioen te gaan. "Een ware pionier", noemde prof dr. L.J.G. Gooren, voorzitter van het team dat momenteel als enige in Nederland geslachtsveranderende operaties uitvoert, de scheidend psycholoog. Verschoor diagnostiseerde de mensen die voor een operatie in aanmerking wilden komen. "Het is de vraag of zonder Verschoor de vu wel zo'n vooraanstaande plaats zou hebben ingenomen op het gebied van sekseveranderingen", aldus Gooren. In een interview bij hem thuis wil Verschoor het een en ander wel wat relativeren. "De hulpverlening aan transseksuelen is weliswaar mijn levenswerk geworden, maar dat is allemaal door stom toeval gekomen. Voor hetzelfde geld was ik met heel iets anders aan de slag gegaan." Maar hij heeft er geen spijt van. "Toen ik ermee begon was de situatie echt afschuwelijk. Travestieten en transseksuelen leefden in een absoluut isolement. Ze konden met niemand over hun gevoelens en problemen praten. In vrouwenkleren op straat lopen was bijvoorbeeld voor mannen verboden. Nu is in Nederland het probleem officieel erkend, zijn geslachtsveranderende operaties integraal opgenomen in de medische zorg en worden deze door verzekeringen vergoed. Dat is een hele verandering. Maar dat wil nog niet zeggen dat de situatie nu ideaal is." Verschoor werkte in de jaren zestig als experimenteel psycholoog aan de vu. "Dat was best leuk werk, maar eigenlijk had ik erg weinig met mensen te maken. Ik deed alleen wetenschappelijke proefjes. Toen vertel-

den kennissen me dat de NVSH bestuursleden zocht. Dat leek me wel wat. Ik had altijd al dingen in het verenigingsleven gedaan en het leek me een leuke aanvulling op m'n werk. Maar als een andere vereniging me had gevraagd was ik dät misschien wel gaan doen." Na zo'n twee jaar klopte er een travestiet aan de deur bij de NVSH. De vereniging

voor seksuele hervorming maakte een bloeiende periode door met meer dan tweehonderdduizend leden. Ze besteedde niet meer alleen aandacht aan geboorteregeling, maar kende ook allerlei gespreksgroepjes over velerlei gebieden van het seksuele leven. Travestie en transseksualiteit zaten daar echter nog niet bij. "Kun jij daar niet iets mee gaan doen, tenslotte bij jij de enige psycholoog in ons midden", vroegen medebestuursleden aan Verschoor. "Ik wist er helemaal niets van, ik had me nooit met het onderwerp beziggehouden", blikt hij terug. "Bovendien bestond er in die tijd weinig literatuur over het probleem. Maar ik stond er onbevangen tegenover. Ik heb in Vnj Nederland, in die tijd het enige blad dat ook andere dan gewone huwelijksadvertenties accepteerde, een oproep geplaatst voor een gespreksavond. Daar kwamen zo'n zeven mannen op af. Dat was voor hun allemaal de eerste keer dat ze vrijuit over hun leven konden praten. En daar zijn uiteindelijk de zogenaamde TT groepen (travestie en transseksualiteit) uit voortgekomen die nog steeds bestaan."

Elektroschokken De eerste jaren vonden de bijeenkomsten bij Verschoor en zijn vrouw thuis plaats. "Er was een cA tegenover ons huis", vertelt Verschoor, "en we waren bevriend met een winkeldame daar. Die bracht dan een hele stapel jurken en lingerie. Die hingen we op in de badkamer en dan konden de mannen 's avonds uitzoeken wat ze wilden kopen. Want zelf naar de winkel gaan was in die tijd natuurlijk een

afschuwelijk taboe." Verschoor raakte diep onder de indruk van de problematiek. "Je moet natuurlijk niet iedereen over één kam scheren. Zo zijn er behoorlijke verschillen tussen travestieten en transseksuelen. Maar ze hebben één ding gemeen. Hun aandrang zit zo vreselijk diep in hun lijf en geest dat er geen ontkomen aan is. Het is niet weg te praten of met een verkleedpartijtje nu en dan op te lossen. En verzet ertegen helpt ook niet." Verschoor gebruikt de term "vreselijk verkreukelde mensen" als hij terugdenkt aan de eerste periode. "Er waren veel mannen bij die zich ontzettend tegen hun aanleg hebben verzet. Zo kozen ze vaak voor heel mannelijke beroepen zoals de scheepvaart of vrachtwagenchauffeur en vaak waren ze getrouwd. Maar op een dag kwamen ze toch vreselijk in de problemen want hun echte identiteit klopte niet met het leven dat ze leidden en het lichaam dat ze hadden. Velen kwamen in de psychiatrische hulpverlening terecht." Daar werden ze volgens Verschoor eerder slechter dan beter van. "Die psychiaters zagen transseksualiteit als een psychische ziekte, als een waan. Ze gaven elektroschokken en slaapkuren of eindeloze gesprekssessies om mensen te genezen. Dat hielp allemaal geen barst. Die mensen zijn namelijk niet ziek, maar hebben de pech in een verkeerd lichaam te zitten." Veel transseksuelen die Verschoor sprak, hadden niet alleen een genderprobleem, maar droegen ook de zware en negatieve gevolgen met zich mee van een psychiatrisch verleden. Verschoor ging zich beijveren voor een ander soort hulpverlening, namelijk hormonale behandeling en operatieve geslachtsverandering. Ingrepen die toen in onder meer Marokko al plaatsvonden. Hij kwam erachter dat de kinderarts en hormoonspecialist De Vaal van de Universiteit van Amsterdam door ervaringen in zijn praktijk ook op het spoor van opereren zat. De Vaal deed in Nederland eind jaren zestig de eerste operaties. "Helaas kreeg hij het al snel aan zijn hart en toen stopten de operaties weer", vertelt Verschoor. "Ik ben toen bij alle ziekenhuizen gaan bedelen, maar niemand wilde het doen. Bovendien lag er een negatief advies van de gezondheidsraad. Uiteindelijk vond ik in het vu-ziekenhuis een eigenzinnige endocrinoloog, Hellinga, die het wilde doen. Hij kreeg een aantal

mensen mee, onder wie de directeur. De commissie ethiek van het ziekenhuis werd om advies gevraagd en die stemde in met de komst van een genderteam." In de loop der jaren volgden meer ziekenhuizen, zeker nadat in 1985 wettelijk de mogelijkheid van geslachtsverandering, ook bij de burgerlijke stand, werd erkend en geregeld. Maar de andere teams vielen uiteen op de momenten dat één van de betrokkenen ermee ophield. "Het hangt toch erg op persoonlijke inzet", is de ervaring van Verschoor. "Dat maakt het vu-team zo bijzonder. Hier is het ingebed in het beleid van het ziekenhuis. Als er iemand op-houdt of weggaat wordt er gewoon een opvolger gezocht. Dus ook voor mij."

Lekker mannelijk Volgens Verschoor blijkt uit onderzoek dat nagenoeg alle geopereerde transseksuelen tevreden tot zeer tevreden zijn met de ingreep. Van de ruim tweeduizend mensen die behandeld zijn, hebben er dertien spijt. "Maar daar zitten mensen bij die de ene keer vrouw willen zijn en de andere keer weer man. Dat is natuurlijk buitengewoon ingewikkeld." Van de mannen die vrouw zijn geworden is ruim 70 procent tevreden met het bestaan na de ingreep, 30 procent heeft nog veel problemen. "Maar die liggen in hoge mate op het sociale vlak. Mensen leven toch geïsoleerd, worden gepest op het werk, en vinden zelden een partner. Bovendien dragen ze natuurlijk ook allerlei problemen van voor de ingreep voor een deel met zich mee." Toch is Verschoor optimistisch. "Het gaat stapje voor stapje. Terugkijkend is er in 25 jaar heel veel veranderd. En als je kijkt naar de groep vrouwen die man is geworden, gaat het eigenlijk heel goed. Die vrouwmantransseksuelen hebben na de behandeling nauwelijks problemen. En dat komt natuurlijk ook omdat die operaties mooier lukken dat andersom. Je ziet het echt niet aan ze. Sterker nog: ze vinden gemakkelijk een partner, om-dat ze vaak lekker mannelijk zijn. Daar vallen heteromeisjes wel op. Laten we hopen dat het over 25 jaar manvrouvnransseksuelen net zo goed afgaat. En daarbij gaat het vooral om de sociale acceptatie. Bijvoorbeeld dat ze niet worden weggepest op het werk. Dat moet toch lukken."

De esthetici en kunstfilosofen van Nederland bundelen him krachten. De zakelijkheid van de universiteiten en de carrièredrang van de studenten hebben hen in de hoek gedreven, maar ze pikken het niet langer: komende zaterdag springen ze eigenhandig op het podium. Dan vindt de oprichtingsvergadering plaats van de Nederlandse Vereniging voor Esthetica. De vereniging moet een platform worden voor alle esthetici en kunstfilosofen van Nederland. Jonge onderzoekers moeten er een klankbord vinden voor hun werk en liefhebbers kunnen op academisch niveau discussies voeren over het vak. Volgens de oprichters van de Nederlandse Vereniging voor Esthetica ontbrak het tot nog toe aan contact tussen kunstfilosofen en esthetici. "Mensen spreken elkaar nauwelijks", weet mede-oprichter en kunsthistorica aan de vu dr. Caroline van Eek. Genoot het vak in de jaren zestig nog aanzien, de laatste jaren is esthetica op steeds meer universiteiten aan het verdwijnen. "Terwijl ik zelf merk dat mijn studenten wel degelijk belangstelling hebben voor het vak", zegt Van Eek. De Nederlandse Vereniging voor Esthetica is van plan elk jaar een symposium te houden. Van Eek: "Om het gevoel te versterken dat er daadwerkelijk een groep mensen is die zich met esthetica bezighoudt." Op die contactdagen moeten verschillende theoretici, zoals anaIjrtici en fenomenologen, hermeneutici en poststructuralisten, stevig tegen elkaar ingaan. Met het eerste symposium met het thema 'Van beeld tot gedachte' bijten zij komend weekeinde de spits af. De eerstvolgende drie jaar zit dr. Jelte Rozema in de duinen van Heemskerk. De bioloog zal daar met Europese subsidie experimenten uitvoeren om de invloed van ultraviolette straling en kooldioxide op duingewassen te bestuderen. Om de invloed van de slinkende ozonlaag op de planten te achterhalen, varieert Rozema met behulp van tl-lampen de uv-straling. In zogenaamde open-topkamers, waarin zon, temperatuur en luchtvochtigheid gelijk zijn aan de omgeving, experimenteert de onderzoeker met het C02-gehalte. Het bijbehorende persbericht van de dienst voorlichting van de vu belooft dat Rozema over drie jaar zal "aantonen hoe het er in het jaar 2100 met onze leefomgeving voorstaat". "Dan komt er meer duidelijkheid over de vraag of we met een schrikbeeld de volgende eeuw ingaan, of met een geruststelling." Binnen drie jaar moet Rozema volgens het persbericht antwoord hebben op vragen als: "Kunnen mens en dier nog gezond ademen en zich in het zonlicht vertonen?" Eén ding is zeker: bij Rozema moet het zweet reeds in de handen staan. "ledere baan aan een allochtoon is een Nederlandse werkloze erbij." Zo'n opmerking kän dus niet. Natuurlijk niet, vindt Theo Rosier, die vrijdag 10 oktober promoveert op een proefschrift over de verhouding tussen vrijheid van meningsuiting en racistische opmerkingen. Maar om degene die zo'n opmerking maakt maar meteen voor het gerecht te slepen? Dat zal volgens hem niet veel helpen. "Het lijkt me onwaarschijnlijk dat het bestraffen van zulke uitlatingen helpt het inzicht te creëren dat ze het bij het verkeerde eind hebben." In Nederland hebben we te veel de neiging discriminerende meningsuitingen aan banden te leggen, aldus Rosier. Daarmee snijden we onszelf in de vingers. "Ook de meest benepen en kortzichtige burger heeft het recht zijn visie te uiten." Maar de Amerikaanse stelling dat hoe aanstootgevend een idee ook is, het nooit een reden kan zijn voor het strafbaar stellen ervan, wijst hij af. "Racistische uitlatingen maken inbreuk op het recht als gelijkwaardige bejegend te worden." De grens ligt voor Rosier ergens in het midden: bij 'puur' racisme. Dat moet strafbaar worden gesteld. Niet alleen "als compensatie voor berokkend leed", maar ook "om racistische uitlatingen iedere vorm van respectabiliteit te ontnemen". Maar of de rechter daar nou direct iets mee kan...

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 127

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's