Ad Valvas 1997-1998 - pagina 697
AD VALVAS 18 JUNI 1998
PAGINA 7
verbergen ze dat goed' Ws je een interesse deel% valt je leeftijd weg^ Twee jaar nadat hij m e t vervroegd p e n s i o e n was gestuurd, besloot Koos Ballintijn (58) e e n studie te gaan d o e n die aansloot bij z'n grote hobby: het b e s t u d e ren van planten en beestjes. Bij biologie is hij de enige vijftigplusser tussen de twintigers, m a a r dat deert h e m niet. "Ik vind het prettig o m stevig onder de p a n n e n te zijn." Een deeltijdopleiding biologie was voor hem dan ook geen optie. "Waarom zou ik in deeltijd studeren? Ik heb toch alle tijd? En naarmate je ouder wordt, loop je meer kans om iets op te lopen waardoor je niet meer kunt smderen. Alleen als het in juni mooi weer is, vind ik het wel eens vervelend dat ik overdag colleges h e b . " Zijn liefde voor de natuur is altijd groot geweest, en uitte zich de afgelopen twintig jaar onder meer in het onderhouden van een natuurreservaat in de buurt van zijn woonplaats Purmerend en het inventariseren van wilde planten. Daarnaast is hij lid van een libellenclub, die zich bezighoudt met het in kaart brengen van de verschillende in Nederland voorkomende libellen. Koos: "Na mijn vervroegde pensionering ben ik me nog intensiever met dit soort werk gaan bezig-
houden dan daarvoor, maar dat vond ik niet zo bevredigend, want ik leefde van de ene dag in de andere en dat had geen perspectief. Daarom besloot ik na een jaar of twee om biologie te gaan studeren." Zo kwam hij tussen tweehonderd jonge en niet altijd even gemotiveerde studenten terecht. "Dat was wel even wennen van beide kanten", herinnert hij zich. "Die jongeren waren blij dat ze eindelijk van h u n vader en moeder af waren en nu zaten ze weer met zo iemand in de collegebank." T o c h vond hij al snel aansluiting. "In mijn baan had ik veel jongeren begeleid en ook in de libellenclub zitten bijna allemaal jonge mensen, dus daar was ik wel mee vertrouwd. Ik vind het leuk om met hen om te gaan: het houdt je bij de les. Bovendien: als je een interesse deelt, dan valt je leeftijd weg. Zo deel ik bijvoorbeeld met een medestudent een liefde voor tropische orchideeën. M e t hem ben ik een paar keer het veld in geweest." Hij dringt zich niet op. "Als er een groep van tien of meer studenten staat te praten, zal ik er niet zomaar tussen gaan staan, want dan heb ik het gevoel in te breken in h u n wereld. Bovendien interesseren de onderwerpen die zij bespreken mij niet zo. Maar als het groepje wat kleiner is en
ze hebben het over de studie of liefhebberijen, dan doe ik gewoon mee. Ik heb inmiddels ook al met een aantal studenten samengewerkt. Dat schept een band. Zo'n sociale inbedding is heel plezierig." Hi) koos voor de vu, omdat hij hier al, tijdens z'n werk als statistisch analist bij het Shell-laboratorium in Amsterdam, met plezier de lerarenopleiding wiskunde had gedaan. Bovendien hebben twee van zijn drie kinderen hier gestudeerd. Zij waren niet verbaasd toen hij zijn studieplannen ontvouwde, want hij had altijd wetenschappelijke interesse gehad en in zijn werk contact met universiteiten onderhouden. Omdat hij na zijn middelbare school meteen was gaan werken, was een hele studie er alleen nooit van gekomen. "De rollen zijn nu omgedraaid", lacht Koos. "Als ik 'ns wat zeur omdat ik vind dat ik het zwaar heb, geven ze me de wind van voren omdat ik vroeger ook tegen hen zei dat ze niet moesten zeuren." Z'n vrouw stond ook achter z'n besluit. "Ik heb nu weliswaar minder tijd voor het huishouden dan toen ik net met de vut was, maar ik gedij goed onder die studie en dat is ook wat waard." (FP)
Vm twaalf uur % nacltts sia iii met moeite de boeken diclif Frans Grobbe (60) ging geschiedenis s t u deren m e t e e n duidelijk doel voor ogen. Hij wilde e e n boek kunnen schrijven over de historie van zijn familie in T w e n t e in het rampjaar 1672. Niet z o m a a r e e n boek, maar een goed boek. "Ik wilde leren lezen en schrijven." Eerder had hij al verschillende boekjes geschreven over historische panden van de Lutherse Kerk in Amsterdam. "Toch was dat niet wat het wezen moest. Ze riepen wel ' O , wat leuk!', maar qua opzet, stijl en inhoud kon het veel beter." Hij vroeg een gesprek aan bij de studieadviseur van geschiedenis om er achter te komen wat er van hem verwacht werd. Deze raadde hem aan om in deeltijd te gaan studeren, omdat hij veel sociale verplichtingen had. Zijn grootste twijfel was of hij het wel kon. "Mijn zoons hebben ook gestudeerd en ik vroeg hen of ik er wel de hersens voor had. Zij zeiden me: No problem, pa. Die hersens heb je wel. D e vraag is alleen of je stil kunt blijven zitten." Het eerste jaar ging Frans fanatiek aan de slag. "Ik zat voortdurend achter de boeken. Dat was niet tegen mijn zin, integendeel. Als iets je
boeit, sla je vaak stijl achterover van wat je allemaal leert. Ik viel van de ene verbazing in de andere. Je denkt dat je wat weet omdat je altijd belangstelling hebt gehad voor geschiedenis, maar die kennis bleek erg fragmentarisch." Het scheelde dat hij nog in het werkritme zat. T o e n hij begon met de studie, had hij nog een paar maanden te gaan voor de VUT. "In wezen is de spanning dezelfde als die van je werk. Als procuratiehouder bij Nedlloyd heb ik altijd lang en hard gewerkt. Het voelde als een vloeiende overgang." Zijn ideeèn over het schrijven van een familiegeschiedenis zijn inmiddels naar de achtergrond verschoven. Er zijn zóveel onderwerpen die hem interesseren, dat hij niet meer zeker weet of hij nog steeds een scriptie over z'n familie zal schrijven. "Op dit moment volg ik college over koloniale oorlogen. Omdat ik geboren ben in Indonesië, is het voor mij een extra openbaring om te lezen over de achtergronden van de politionele acties." D e discussie over Colijn volgt hij op de voet. "Aan de andere kant heb ik bij Nedlloyd veel te maken gehad met Oost-Europa en lijkt dat me ook interessant." Geen wonder dat hij om twaalf uur 's nachts moeite heeft om de boeken dicht te slaan. "Het is dat mijn vrouw me af en toe vraagt of we nog eens een keertje gaan fietsen." D e studie komt hem niet aanwaaien. Voor de tentamens moet hij hard studeren. "Het eerste tentamen was best zwaar. Je weet waarachtig met of je voldoende geleerd hebt. Het is zo anders dan op de hbo-opleiding die ik vroeger volgde. Je moet verbanden leggen en inzicht tonen. Bij elk tentamen denk ik: 'Dit wordt echt het einde. N u word ik gestraft voor mijn overmoedigheid.' Maar het gaat wel goed."
Historicus Frans Grobbe: 'Mijn zoons zeiden me: "Geen probleem, pa, je hebt er de hersens voor.'" Sidney Vervuurt - AVC/VU
Frans volgt regelmatig colleges overdag en zit dan tussen jonge studiegenoten. Hij vindt de studenten niet minder serieus dan vroeger. "Geschiedenis is een serieus vak, waar je echt voor moet kiezen. De studenten worden veel te hard aangepakt met die tempobeurs. Als er iemand tijdens college zit te knikkebollen, is dat echt niet altijd omdat hij een feestje heeft gehad." Hij vindt het leuk om met jonge mensen op te trekken. "Het is me honderd procent meegevallen hoe ze tegen me aan kijken. We praten altijd over de studie en de resultaten. Dat is wat ons bindt. Misschien vinden ze me wel een oude bal, maar dat verbergen ze dan hartstikke goed." (YN)
Bioloog Koos Ballintijn: 'Ik ben altijd gek op planten en beestjes geweest.' Yvonne Compier - AVC/VU
'/Ar ben verschritilieliili ambitieus^ £ MÊ M
Êf
M
tK jfÊ
8K
M SS SS M
SI
SS s
^
9Ê
In haar jonge jaren kreeg ze de kans niet o m te gaan studeren, hoewel ze het makkelijk h a d gekund. Ze w a s de oudste van z e v e n kinderen en m o e s t na de m u l o m e e h e l p e n m e t het h u i s h o u d e n en in de s c h o e nenzaak. D r i e jaar geleden greep StefiB Tuinder (58) alsnog haar kans en b e g o n aan de studie filosofie. "Ik wil dat er e e n titel uitkomt en als het lukt ga ik ook nog promoveren." Ze begon serieus over studeren na te denken toen haar man op haar 53ste na vijftien jaar ziekte overleed. "Ik werd geconfronteerd met het niets van Heidegger, maar dat wist ik toen nog niet", glimlacht ze. "Een studie structureert je leven, je komt andere mensen tegen en het is een uitdaging voor jezelf." Niet dat ze niks om handen had: ze werkte dertig uur per week bij de gemeente Amsterdam, maar na het overlijden van haar man was dat het enige dat overbleef. "Naast m ' n werk wilde ik echt iets voor mezelf, dus daarom koos ik voor filosofie. Dat ik er ooit nog wat mee zou kunnen doen, was niet in eerste instantie het idee." O m Filosofe Steffi erachter te komen of wijsbevoor mezelf.' geerte echt iets voor haar zou zijn, volgde ze eerst een cursus van het HOVO (Hoger Onderwijs voor Ouderen). Die beviel erg goed en van het een kwam het ander. "Hovo-cursussen zijn vreselijk leuk, maar ik wilde een afgerond geheel en mezelf bewijzen. Het is dus echt een serieuze aangelegenheid." "Word je nu moeilijk?", vroegen haar collega's toen ze vertelde dat ze wijsbegeerte ging studeren. "Dat trof mij wel", zegt de derdejaars studente. "Filosofen hebben dus de uitstraling moeilijke figuren te zijn." Maar ze gunden het haar wel en bestoken haar nu regelmatig met belangstellende vragen: "Gaat het goed? Blijft het leuk? Wat doe je ermee? Kun je het in je werk gebruiken? Hoe ver ben je nou? Hoe lang duurt het nog?" Inmiddels is ze al flink op streek, maar ze moest wel even slikken toen ze ontdekte dat ze met de deeltijdopleiding minstens zeven jaar zoet zou zijn. "Toen ik begon, wist ik helemaal niet of ik wel kon studeren, maar het gaat goed. Als ik allemaal zesjes had gehaald, was ik ermee gestopt, want dat voelt met lekker. Ik ben dus ook nog eens verschrikkelijk ambitieus." Het studeren kost haar wel meer tijd dan toen ze jonger was. "Ik studeer minstens twee uur per dag, elke dag van de week.
Tuinder: 'Naast m'n werk wilde ik echt iets Peter Wolters - AVC/VU ook als ik heb gewerkt. Je moet het ritme erin houden, dan blijft de stof hangen. Ondanks die regelmaat lukt het onthouden niet altijd. Dat is een groot verschil met vroeger, maar daar doe ik niet moeilijk over. Dan begin ik gewoon nog een keertje opnieuw." Bij filosofie lopen de voltijders en deeltijders door elkaar, dus ze heeft met zowel ouderen als jongeren te maken. "Omdat er behoorlijk wat ouderen filosofie studeren, zijn de jongere studenten daaraan gewend. Het is zelfs zo dat de faculteitsvereniging in haar activiteiten rekening houdt met de belangstelling van ouderen, een geweldige instelling vmd ik dat." Als ze zin en tijd heeft, is Steffi dan ook van de partij. "Je krijgt me niet voor een picknick in het Amsterdamse bos, maar naar het Concertgebouw en daarvoor met z'n allen eten vind ik leuk. Jammer genoeg heb ik de reis naar Praag moeten missen, want daar is een enorme band tussen de studenten ontstaan." De onderlinge leeftijdsverschillen spelen tijdens de colleges nauwelijks een rol. Het enige dat Steffi opvalt is dat ouderen meer vragen durven te stellen. "Ik zeg wel eens eerlijk: dit snap ik niet, en dan blijk ik achteraf niet de enige te zijn." (FP)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997
Ad Valvas | 726 Pagina's