Ad Valvas 1997-1998 - pagina 55
4
AD VALVAS 11 SEPTEMBER 1997
PAGINA 9
ERSON EELSKATERN VU stoomt aio's klaar voor arbeidsmarkt probleem te ondervangen. "Het gaat nadrukkelijk om ex-ato's", aldus Verboog. "Meestal komt de cursus als het echte onderzoek al is afgerond. De promovendus is dan vaak bezig met het schrijven van het proefschrift of met het wachten op de promotie. Dat is doorgaans een wat rustiger tijd." De ex-aio's, die in veruit het grootste deel van de gevallen nog niet gepromoveerd zijn, zijn verplicht deel te nemen aan de cursus. "Wie aanspraak wil maken op een uitkering, moet beschikDe Vusta-training (een samenvoeging baar zijn voor de arbeidsmarkt. In dat van vu en Startbaan) is de opvolger beeld past deze training. We willen de van de training die aio's in het verleden mensen wel de gelegenheid te geven te kregen. Kritiek op die cursus was dat promoveren, het proefschrift heeft pridie voor veel betrokkenen te vroeg oriteit, maar het gaat erom na de prokwam. De cursus werd vaak al in het motie zo snel mogelijk aan het werk te derde of vierde contractjaar gegeven, komen." op een moment dat veel aio's nog helePersoneelszaken wil met de training maal niet denken aan hun positie op de de periode dat de ex-aio's een uitkering arbeidsmarkt. Hun onderzoek is dan ontvangen zo kort mogelijk houden. nog veel belangrijker. Met de nieuwe Voor de ex-aio zelf is het, aldus training hoopt Personeelszaken dat Verboog, "een uitgelezen kans om op Alle aio's van de vu moeten vanaf deze maand zodra hun contract afloopt meedoen aan een arbeidsmarkttraining van drie maanden. Deze zogenaamde Vusta-training, een initiatief van Personeelszaken, wordt verzorgd door Startbaan. "Het gaat erom dat de promovendi na hun promotie snel aan de slag kunnen", aldus B. Verboog, namens Personeelzaken betrokken bij de cursus.
I
de eigen positie te reflecteren". Het doel van de cursus is "slagvaardig te leren solliciteren". Daar komen schriftelijke en mondelinge presentatievaardigheden uitgebreid bij aan de orde. In drie maanden tijd knjgen de cursisten vier workshops van twee dagen elk, een individueel gesprek van anderhalf uur en een gesprek met Personeelszaken. Daarna worden zij ingedeeld in 'intervisiegroepen' die maandelijks bijeenkomen. Die bijeenkomsten worden voor een deel op de vu, maar ook voor een deel in bedrijven georganiseerd. De ex-aio's moeten aan deze bijeenkomsten blijven deelnemen zolang ze een uitkering van de vu blijven ontvangen. Het is de bedoeling van Personeelszaken vijf trainingen per jaar te houden. De eerste training is in augustus begonnen. De volgende start in oktober. Per training kunnen twaalf mensen deelnemen. Verboog denkt niet dat de ex-aio's geen tijd hebben voor de
cursus. "De zwaarte is daarop afgestemd." Jaarlijks belanden zo'n 75 aio's op de vu in een uitkeringssituatie. De gemiddelde uitkeringsduur bedraagt nog steeds, ondanks aansporingen vaart te maken met promoveren, zo'n twaalf maanden. "Een aantal promovendi heeft meer dan een beetje de neiging niet na te denken over de positie op de arbeidsmarkt, zolang de promotie maar loopt", weet Verboog. "Ze denken vanzelf wel verder te komen. Maar de realiteit is helaas anders. Dat is de belangrijkste reden dat we deze training op deze manier aanbieden. Een vaste baan in het onderzoek is maar voor heel wemigen weggelegd. We willen met deze training op een goed moment een stuk bewustwording en praktische bagage meegeven. We nemen de promovendi geen werk uit handen. Ze zullen zélf een brief moeten schrijven. Maar we willen ze wel leren wat wel en wat niet kan." (PB)
Geen ruimte voor buitenschoolse opvang Het college van bestuur ziet nauwelijks mogelijkheden voor buitenschoolse opvang van de kinderen van vu-personeel vanwege de hoge kosten van 't Olifantje, de crèche van de vu. De emancipatiecommissie reageerde teleurgesteld. "Een gemiste kans", aldus Monic Hodes, secretaris van de commissie. Kinderen ouder dan vier jaar kunnen niet meer terecht in de kinderopvang van de vu, 't Olifantje. Ze gaan dan naar de basisschool. Maar schooltijden lopen zelden synchroon met de werktijden van de ouders. Wanneer beide ouders werken, zal er dus buiten schooltijd om voor opvang van de kinderen moeten worden gezorgd. Dat kan op twee manieren. De eerste is bekend als naschoolse opvang. De kinderen worden dan 's middags van school gehaald door leidsters en opgevangen in de buurt van de school. De andere manier is buitenschoolse opvang. Daar kunnen kinderen al vanaf acht uur 's ochtends terecht. Maar voor beide varianten ziet het college van bestuur van de vu nauwelijks mogelijkheden. 't Olifantje, zo oordeelt het college in een concepmotitie die deze maand verscheen, slokt al te veel geld op. Dit jaar kost deze kinderopvang in totaal zo'n 650 duizend gulden. Als de nieuwe crèche vanaf volgend jaar volledig bezet is, loopt dit bedrag zelfs nog iets op. Wanneer er nog meer geld voor vrijgemaakt moet worden, zo vindt het college, dan gaat de kinderopvang "een onevenredig groot deel" van de arbeidsvoorwaardengelden innemen. Er blijft dan te weinig ruimte over voor andere dingen. Wil er daarom nog wat gedaan worden aan buitenschoolse kinderopvang, dan moet dat "binnen de huidige budgetruimte" gebeuren. En dat zal niet makkelijk zijn, denkt het college. Er is in het recente verleden wel geëxperimenteerd met bemiddeling naar bedrijfsplaatsen voor kinderen onder de vier. De vu sluit dan een contract af met een werkgever in de buurt voor kinderopvang. Grote nadeel hiervan is echter dat de ouders in dat geval wel zelf voor de kosten op moeten draaien, de vu zorgt alleen voor de bemiddeling. Deze bemiddeling, zo zegt het
Omdat 't Olifantje veel geld kost, wil het college van bestuur niet ook nog eens geld uittrekken voor buitenschoolse opvang van kinderen van VU-personeel. Peter Wolters - Avc/vu
college, is wel uit te breiden naar naschoolse opvang. Maar het college ziet daarbij zelf ook wel in dat dat een vorm van dienstverlening is die alleen interessant is voor mensen die die opvang zelf wel kunnen betalen. Een andere mogelijkheid om wat te doen aan kinderopvang wordt geboden via de belastingdienst. Sinds 1 januari vorig jaar mag de vu 20 procent van de kosten voor kinderopvang (na aftrek van de ouderbijdrage) in mindering brengen op de loonheffing. Voor dit jaar zou dat op een bedrag uitkomen van in totaal zo'n 65 duizend gulden. Te weinig om echt iets leuks mee te doen, vindt het college echter, want daarmee "kunnen niet meer dan vier volledige plaatsen worden gefinancierd". En het wordt lastig die op een rechtvaardige manier te verdelen. "Het zou al snel tot een uitbreidingsdruk leiden", verwacht het bestuur. "En dat is geen reële optie." Het college wil daarom slechts ongeveer een kwart van het
fiscale voordeel (16 duizend gulden) uittrekken voor iemand die de bemiddeling moet regelen met bedrijfsplaatsen. Het restant van het fiscale voordeel moet terug in de pot arbeidsvoorwaardengelden. Daar moet dan samen met de ondernemingsraad een bestemming voor worden gevonden. Als laatste mogelijkheid om toch wat te doen aan de opvang van kinderen boven de vier ziet het college de "soepele hantering van werktijden". Warmeer werknemers daarom vragen moeten zij bijvoorbeeld vroeger kunnen beginnen. En voor deeltijders moet het mogelijk zijn de werktijd over meerdere dagen uit te spreiden. Voordeel van dit plan is dat het het college geen geld kost dat er niet is. De emancipatiecommissie denkt echter dat er veel meer mogelijk was geweest, zelfs binnen het bestaande budget. De commissie moet zich officieel nog buigen over de notitie van het college van bestuur, maar secretaris
Monic Hodes wilde wel vast kwijt het plan "veel te mager" te vinden. "Het is een gemiste kans. Wat ze voorstellen is niets anders dan wat er nu ook gebeurt. Ook zonder er veel geld voor uit te trekken had men best met iets beters kunnen komen. Het restant van het geld terugstorten in de pot arbeidsvoorwaardengelden is sowieso vreemd. Koop dan een paar kindplekken voor de meest schrijnende gevallen. Bijvoorbeeld voor de alleenstaande moeders tot schaal zeven. Die komen anders snel in de bijstand terecht." Nadat de emancipatiecommissie een officieel advies over het plan heeft geformuleerd, gaat er een definitiever voorstel naar de ondernemingsraad. Die zit al lang op het plan te wachten. Het college had eigenlijk al voor 1 april dit jaar met een plan moeten komen voor de buiten- en naschoolse kinderopvang. Dat was zo afgesproken in de laatste cao. (PB)
JAARGANG 5 - nummer 1
VU-vacatures nu ook op Internet De Internetpagina's van de vu zijn deze zomer flink uitgebreid. Zo heeft de dienst personeelszaken de vacatures die de vu aanbiedt op haar eigen pagina's gezet, net als de meest recente salarisschalen. De dienst voorlichting biedt nu de Wetenschapswijzer, met informatie over onder meer promoties op de vu, op Internet aan. Het elektronische campusinformatiesysteem van de vu, te vinden op Internetadres http://www.vu.nl, moet dit jaar nog flink groeien. Het college van bestuur wil dat voor het eind van het jaar alle faculteiten en diensten op de pagina's zijn terug te vinden. Daartoe is zelfs een speciale werkgroep in het leven geroepen, de vucis-redactieraad. Maar voorlopig is het nog lang niet zover dat alles over de vu op het net is terug te vinden. Van de vijftien faculteiten hebben er pas zeven een eigen verwijzing, van de vijftien diensten slechts zes. Van die zes zijn er wel een paar heel actief Zo heeft de dienst personeelszaken een heel uitgebreide site opgesteld, waarop veel informatie op personeelsgebied wordt aangeboden. Op het adres http://www.vu.nl/Diensten/pz, trefwoord Nieuws, zijn recentelijk onder meer de nieuwe salarisschalen en de data dat het salaris betaald wordt opgenomen. Daarnaast is de per 1 juli gewijzigde regeling vermeld met betrekking tot premies, percentages, bedragen, toelagen, vergoedingen en gratificaties. Ook is er een archief te vinden van mformatie die de dienst via het personeelskatem van Ad Valvas verspreid. Onlangs is de informatie van Personeelszaken uitgebreid met de vacatures. De vacatures bij de vu waren al langer al op Internet te vinden bij de universiteitenvereniging VSNU, maar zijn nu ook via de vu makkelijk toegankelijk. Daarnaast is ook de academische agenda van de vu nieuw op het net. De dienst voorlichting en externe betrekkingen (VEB) heeft besloten de agenda van alle activiteiten die de vu organiseert en die openstaan voor een algemeen publiek voortaan elektronisch aan te bieden. Deze elektronische agenda, met onder meer informatie over promoties, congressen, tentoonstellingen, lezingen en oraties, zal voor veel media de papieren uitgave van de Wetenschapswijzer vervangen. (PB)
üims iSONEÊLSK/ftERN Het personeelskatern verschijnt maandelijks als bijlage m Ad Valvas Redactie: Frank van Kolfschooten (hoofd-redacteur, tel. 4445632), Peter Boerman (tekst, tel. 4445631), Mieke Scharloo (tekst Ondernemingsraad), Ben Koster (vormgeving, tel 4445633), Harmke van Rossen, (redactie-assistent, tel. 4445630) Redactiecommissie: Jeike Biewenga (Ondernemingsraad), Janneke Eppinga (Ondernemingsraad), Jessy van Geloven (Personeelszaken), Jan Ham (Personeelszaken). Productie: Dijkman Offset b v., Diemen int.Standaard Serie Nummer: 0166-0098
Grote verschillen in gebruik functioneringsgesprek Er bestaan grote verschillen tussen faculteiten in de manier waarop ze met functioneringsgesprekken omgaan. Naast een groep koplopers zijn er ook faculteiten waar nauwelijks functioneringsgesprekken worden gevoerd. In gesprekken op de rest van de faculteiten zit nauwelijks lijn.
geleverde prestaties, is het bij een^fimctioneringsgesprek de bedoeling de blik op de toekomst te richten. In een functioneringsgesprek moet aan de orde komen hoe de werkgever graag heeft dat de werknemer in de toekomst zijn functie vervult. Ook de voorwaarden waaronder dit gebeurt, zijn bespreekbaar. Functioneringsgesprekken zijn in de regel 'lichter' dan beoordelingsgeFunctioneringsgesprekken zijn zeven sprekken. Het karakter van zo'n jaar geleden geïntroduceerd op de vu gesprek moet, aldus de dienst als aanvulling op het al langer gebruik- Personeelszaken in een brochure, te beoordelingsgesprek. Waar bij een "informeel, open en tweezijdig" zijn. beoordeling wordt teruggekeken op "Het streven is gezamenlijk tot oploss-
ingen te komen." Dit in tegenstelling tot het beoordelingsgesprek, dat "formeel van aard" is, en "hiërarchisch en eenzijdig" gericht. Het is de bedoeling dat de leidinggevende ieder jaar met al zijn medewerkers een functioneringsgesprek houdt. Uit een enquête die de dienst personeelszaken onlangs heeft laten uitvoeren blijkt echter dat het functioneringsgesprek binnen de vu nog zeker geen schering en inslag is. Er zijn zelfs faculteiten waar nog nauwelijks functioneringsgesprekken worden gevoerd, ondanks dat het verplicht is. Ook zijn
er veel faculteiten, de zogenaamde 'middengroep', waar wel functioneringsgesprekken worden gehouden, maar waar er nog wel iets schort aan de manier waarop dit gebeurt. Het gesprek wordt hier vaak ad hoc gevoerd, zonder enige samenhang en zonder systematische registralie. Veel mensen zien het gesprek, aldus de evaluatie, als "een bureaucratische verplichting". Vanwege de grote verschillen die er tussen faculteiten bestaan in het voeren van de gesprekken gaat Personeelszaken nu een "maatwerkbeleid" voeren. Bij de koplopers wordt het
beleid gericht op "kwaliteitsverbetering" om het functioneringsgesprek als instrument voor personeelsbeleid nog beter te maken. Bij de achterblijvers gaat het daarentegen om "herintroductie" van de gesprekken. Personeelszaken wil hiertoe pilots in het leven roepen. De middengroep staat een "verbetering van de uitvoering" te wachten. De gesprekken moeten er regelmatiger en duidelijker worden. Wie dat wil, krijgt opnieuw de kans een cursus te volgen in het houden van functioneringsgesprekken. (PB)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997
Ad Valvas | 726 Pagina's