Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 439

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 439

9 minuten leestijd

AD VALVAS 2 6 FEBRUARI 1 9 9 8

PAGINA 5

Triomfalisme over marlet is misplaatst' SCWers plaatsen kanttekeningen bij het marktdenken In de hele wereld wordt de laatste jaren naar hartelust gedereguleerd, geprivatiseerd en economisch gestimuleerd. Op bijna eik maatschappelijk probleem wordt het marktdenken losgelaten. Een ontwikkeling die ook haar schaduwkant heeft, betogen enkele sociaal-wetenschappelijk onderzoekers in hun vierde facultair colloquium. "Het gedrag van mensen is niet zo rationeel op het eigenbelang gericht."

Peter Boerman Het marktdenken is tegenwoordig welhaast alom aanwezig. Zeker sinds het aantreden van het paarse kabinet li)kt elk maatschappelijk probleem te verhelpen met één eenvoudig middel: de markt. Treinen te duur? Laat concurrentie toe op de spoorwegen, en het komt vanzelf wel goed. Hoger onderwijs? Beschouw studenten als consumenten, die je niet te veel inspraak moet geven. Als ze het niet naar hun zm hebben, stemmen ze wel met hun voeten. Milieu? Er zijn economen genoeg te vinden, ook op de vu, die ervoor pleiten de vervuiling van het milieu afkoopbaar te maken. Notarissen? Makelaars? Dagbladen? De gezondheidszorg? Je kunt het zo gek niet bedenken of de markt weet er wel raad mee. En niet alleen in Nederland overheerst het marktdenken. In de hele wereld wordt sinds de val van de Berlijnse Muur volop geprivatiseerd, gedereguleerd en economisch gestimuleerd. Het marktdenken lijkt daardoor bijna onomstreden. Lijkt, want bij de faculteit sociaal-culturele wetenschappen zitten nog steeds een paar mensen voor wie de discussie over de markt nog lang niet afgesloten is. "Mensen denken vaak dat marktwerking een neutraal proces is", zegt drs. Fleur Thomése. "Maar er zit wel degelijk een ideologie in. Marktwerking op zichzelf is apolitiek. Maar of je het toelaat en onder welke voorwaarden, daar komen toch verschillende politieke keuzes bij kijken. Die keuzes willen we ter discussie stellen. We hebben wat vraagtekens willen plaatsen bij de stelligheid van het geloof in marktwerking."

Bakker Thomése is samen met twee andere scw'ers, dr. Bertjan Verbeek en dr. Philip Quarles van Ufford, verantwoordelijk voor de deze week verschenen bundel De ideologie van de markt, een uitvloeisel van het vorig jaar gehouden facultair colloquium onder dezelfde naam. Het thema werd door de sociale wetenschappers zo interessant gevonden, dat dit jaar hetzelfde thema gekozen is voor de lezingencyclus waaraan alle studenten van de faculteit deelnemen. Ging het vorig jaar nog om gevolgen van het marktdenken voor de samenleving als geheel, het 'macroniveau', dit jaar staat de individuele burger, het 'microniveau', centraal, net als het wat moeilijk te definiëren 'maatschappelijk middenveld'. "Marktwerking heeft de laatste jaren steeds meer een kwaliteitsstempel gekregen", vertelt

Illustratie. Berend Vonk

Thomése. "Als je maar verkoopt, dan doe je het goed. Wij vinden dat niet zo vanzelfsprekend." Drs. Thijs Wöltgens, burgemeester van Kerkrade, lid van de Eerste Kamer en voormalig fractievoorzitter van de PvdA in de Tweede Kamer, haalt in de eerste bijdrage van de bundel Adam Smith aan om te benadrukken dat je het marktmechanisme van vraag en aanbod niet overal op los kunt laten. "Smith zegt in een beroemde passage dat de bakker en de brouwer niet uit compassie met hun klanten werken, maar alleen om er zelf beter van te worden", aldus Wöltgens. Maar "er is intussen een ontzagwekkende empirische evidentie dat het feitelijk gedrag van mensen lang niet zo rationeel is, noch zo op het individuele belang gericht als het marktdenken veronderstelt. Vele, soms tegenstrijdige, motieven bepalen het handelen. Egoïsme en altruïsme, coöperatie en non-coöperatie, authentieke wensen en opgedrongen verlangens wisselen elkaar af en maken alle varianten van de veronderstelde individuele nutsmaximalisatie tot lege hulzen." Het is echter de vraag, vervolgt Wöltgens, "of de verdedigers van 'meer markt' geïnteresseerd zijn in het feitelijk gedrag van mensen. Zij willen de mensen een gedrag voorschrijven dat voldoet aan hun uitgangspunten." De mens als economisch denker, de

homo economicus, is politiek gezien "niet neutraal", meent Wöltgens, die eerder een bijdrage leverde aan De Nee-zeggers, een andere essaybundel waarmee in 1995 de aanval werd geopend op het opkomende liberale denken. "Dat wordt heel duidelijk als we de uitgangspunten van het marktmodel toepassen op andere sociale verbanden dan de economie. Gezinnen en verenigingen bijvoorbeeld, zijn naar hun aard geen ruilhuishoudingen. Het marktmodel leidt tot contracten over prestaties en tegenprestaties, waar vroeger vertrouwen en affectie domineerden. Altruïsme wordt zo alleen geloofwaardig als het als verlicht eigenbelang uitgelegd kan worden." Geleidelijk aan, vreest Wöltgens, "zal dit leiden tot een definitie van onrendabele mensen, die meer kosten dan opbrengen. In Zweden heeft dat al geleid tot preventieve sterilisatie, in Nederland tot een economische beschouwing van euthanasie. Mensen hebben zich al aan de arbeidsmarkt onderworpen. Waarom dan niet aan de markt van leven en dood?" Wöltgens is niet de enige in de bundel die vragen stelt bij de voortgaande poging alle maatschappelijke ontwikkelingen door de tucht van vraag en aanbod te laten regelen. Ook prof.mr. Job Cohen, door velen getipt als de toekomstige minister van onderwijs.

De maakbare markt "Als geen ander kabinet bewijst 'Paars' dat een liberale politiek die de markt centraal stelt geenszins een nachtwakerspolitiek is. Juist een marktsamenleving vraagt blijkbaar om een sterke, interveniërende overheid. En dus wordt er op politiek initiatief meer in Nederland gebouwd, geasfalteerd en op het spoor gezet dan in de voorgaande decennia. Bovendien wordt er meer toekomstgericht gedacht rond deze mUlenniumwende dan in de voorgaande kabinetsperiodes het geval was. Weliswaar gebeurt dit onder het bescheiden kopje van 'scenario's', maar deze bepalen meer dan alleen de gedachten. Ze wor-

den uitgewerkt vanuit het idee dat er iets te kiezen en dus iets te sturen valt. Het is op zijn minst opvallend dat deze nieuwe vormen van maakbaarheid nauweUjks ter discussie worden gesteld. Weinigen lijken nog te twijfelen aan het vermogen van de politiek om deze plannen te realiseren, laat staan dat er geluiden opklinken die de ambities als zodanig ter discussie steUen. Maar niet alleen de 'officiële politiek' blijft in een markt-samenleving nadrukkelijk aanwezig. Door het toegenomen gewicht van 'de markt' is de economie de afgelopen jaren zelf in hoog tempo gepolitiseerd. Niet in de klassieke

zin van een aanscherping van de klassentegenstellingen, want die zijn in het polderland redelijk gepacificeerd, maar in bredere zin. Alom wordt gediscussieerd en gewerkt aan de maatschappelijke verantwoordelijkheid van ondernemers voor een goed milieu, een sociaal-cohesieve samenleving en respect voor mensenrechten. We beleven dan ook niet zozeer de deconfiture van de maakbare samenleving, als wel de opkomst van 'de maakbare markt'." Jan Willem Duyvendak is bijzonder hoogleraar aan de faculteit der wijsbegeerte in Rotterdam. Dit is een fragment uit zijn bijdrage aan 'De ideologie van de markt'.

betoont zich maar voor de helft overtuigd van de voordelen van de markt. Het onderwijs bijvoorbeeld kun je volgens hem maar beter niet te veel aan de markt overlaten. "Wij zouden dat in onze samenleving, gelukkig maar, een slechte oplossing vinden. Dat komt omdat wij het onaanvaardbaar achten dat talent bij gebrek aan geld niet wordt ontwikkeld." Maar een goede toegankelijkheid van het onderwijs is niet alleen voor iedereen persoonlijk erg belangrijk, ook de maatschappij als geheel is er erg bij gebaat. "Naarmate de grondstof 'kennis' voor de welvaart van een land toeneemt, moet je er natuurlijk naar streven om je bevolking zo goed mogelijk op te leiden. Dat geldt bij uitstek voor Nederland: als straks het aardgas op is, dan hebben we economisch niets meer dan onze ligging en de kwaliteit van de bevolking."

Ouderlingen Dat maakt onderwijs tot een belangrijke zorg van de overheid, stelt Cohen. Maar juist die overheid trekt zich de laatste jaren steeds verder terug van de universiteiten en hogescholen. Studenten moeten steeds meer zelf betalen aan hun opleiding, er komen steeds meer opleidingen waarvan werken deel uitmaakt, en ook de commercie is in het onderwijs niet helemaal onbesproken meer, nu Microsoft zachtjes probeert de universiteiten te sponsoren. Geen al te prettig vooruitzicht, aldus Cohen. "Mij lijkt nauwelijks te ontkennen dat de economisering van het hoger onderwijs tot een aantal verbeteringen heeft geleid, zoals een grotere efficiëntie. Maar het is de vraag of een verdere toename van het marktdenken in het hoger onderwijs niet het gevaar van verschraling in zich bergt, een verschraling die het gevolg kan zijn van de eendimensionale bril van het economische argument, dat zich bovendien beperkt tot het hier en nu." Cohen verwijst daarbij naar de IRTaffaire. De rapporten van de parlementaire enquêtecommissie die zich met die zaak bezighield werden "luid bejubeld", aldus de hoogleraar, omdat zij steunden op criminologisch onderzoek. Maar juist die criminologie was in de jaren daaraan voorafgaand fors ingekrompen aan de universiteiten. We moeten dus oppassen met wat we schrappen alleen omdat de markt het

wil, lijkt Cohen ons te waarschuwen. Laten we niet het kind met het badwater weggooien. Maar er is nog een reden om op te passen met de introductie van het marktdenken in het ondenvijs. "Universiteiten zijn cultuurdragers bij uitstek", vervolgt Cohen, tot begin dit jaar rector van de universiteit in Maastricht. "Zij zijn niet alleen maar van belang voor de academische vorming van nieuwe generaties en voor het werken aan de grenzen van de wetenschap, zij vervullen ook een voor de maatschappij noodzakelijke kritische en culturele functie, die niet in geld valt uit te drukken. Het zou gevaarlijk zijn om die belangrijke en fundamentele waarden over te laten aan zoiets ongrijpbaars als de markt." "Wij hebben geen vooropgezette mening willen verkondigen met het boekje", zegt Quarles van Ufford. "Het is de bedoeling geweest een bijdrage te leveren aan het debat. Door het onderwerp op de agenda te zetten, geef je natuurlijk wel aan dat je het marktdenken niet als vanzelfsprekend wilt accepteren. Het triomfalisme over de markt is niet op zijn plaats." Het denken over de markt dreigt een nieuwe orthodoxie te worden, vreest de onderzoeker. Daar mogen wat hem betreft best eens wat meer vraagtekens bij worden gezet. "De markt mag geen sacrale metafoor worden, zoals de kerk in het verleden was. De 'marktdenkers' worden dan een soort gelijkhebbende ouderlingen, met wie verder niet meer valt te discussiëren." En er is ook nog een groot sociaal gevaar aan het onomstreden geloof in de wet van vraag en aanbod, meent Quarles van Ufford. "Aan de markt is onlosmakelijk verbonden dat er winnaars zijn, de mensen die er het meest weten te halen. Maar dat betekent ook dat er verliezers zijn. Het risico van het topsportdenken is dat die verliezers in de pruUenmand belanden. Als samenleving kun je je dat niet veroorloven." Hel facultair coiioquium 'De ideologie van de markt' duurt van 2 tot 13 maart en is voor iedereen vrij toegankelijk Sprekers zijn onder meer Arjo Klamer, Karin Spaink, Annemiek Roobeek en Job Cohen Een volledig programma is opgenomen in onze agenda op pagina 15 De bundel onder dezelfde titel is uitgegeven bij Coutinho en kost ƒ29,50 ISBN 906283-092 7

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 439

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's