Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 214

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 214

13 minuten leestijd

PA«'NAi2 _ ^ ^ ^ ^ . i ^ M ^ ^ _

l»Efl$0IM£EI.SICATEtRI^: O I 4 D E R N Ë I V I I N 6 S i l A A P

^ » ^ — ^ — ^ ­ ^

AD VALVAS

13 NOVEMBER 1997

VGW­cie als luis in de pels van het College Er is binnen de Ondernemingsraad geen club die zo'n uiteenlopend scala aan onderwerpen bespreekt als de VGW­ commissie, voluit genaamd: de Veiligheid­, Gezondheid­, Welzijn­ en Miiieucommissie. Van rookoverlast tot genetisch gemodificeerde organismen, van werkdruk tot glazenwasinstallaties en van bewegwijzering tot stralings­ hygiëne.

informatie over werknemers zou rondzin­ gen op afdelingen. "Wij hebben toen aan het College van Bestuur gevraagd: hoe bewaak je de privacy van de betrok­ ken werknemers? Het College kan wel zeggen dat het goed geregeld is, maar dat geloofden wij niet. Wij hebben immers andere geluiden gehoord. Daarom hebben wij erop aangedrongen maatregelen te treffen."

"Dat maakt het werk leuk, maar tegelij­ kertijd vaak lastig," vindt voorzitter ir. Annemarie van der Wel die in het dage­ lijks leven bij het Onderwijsbureau van de Faculteit der Geneeskunde werkt. Zij ziet haar commissie als een soort luis in de pels van het College van Bestuur. "Juist omdat wij zelf niet of zeer beperkt over expertise op het vlak van arbo en milieu beschikken, hebben wij in het ver­ leden besloten die rol van de luis te kie­ zen. Wij volgen zo goed mog^ijk alle ontwikkelingen binnen de VU die een raakvlak hebben met ons werkgebied. Als we signalen krijgen dat het niet goed gaat of op een ander manier beter kan, dan kriebelen we even." Eerst vriendelijk en later, in het geval dat de OR geen gehoor krijgt, venijniger. Ondernemingsraden hebben initiatief­ recht. Dat wil zeggen dat ze zelf alle mogelijke onderwerpen mogen aankaar­ ten en daarvoor voorstellen mogen doen. Van dat recht maakt de VGW­com­ missie van de OR­VU nauwelijks gebruik. Ze ervaart het als een schier onmogelij­ ke zaak. Van der Wel: "Ons werkterrein is zo ontzettend breed datje meer dan een dagtaak nodig hebt om regelmatig met goed onderbouwde initiatieven te komen. Probeer je dat toch, dan raak je gefrustreerd. Wij volgen liever kritisch wat er gebeurt en leggen dan de vinger op de zere plek." Als voorbeeld noemt Van der Wel de pri­ vacy­bescherming van werknemers die in aanraking komen met de Sociaal Medische Teams. In zo'n team werken een bedrijfsmaatschappelijk werker, een bedrijfsarts en de personeelsfunctiona­ ris van bijvoorbeeld een langdurig zieke werknemer samen. Zij begeleiden de werknemer elk op hun eigen vakgebied en bespreken vervolgens hun bevindin­ gen in het team. "De suggestie werd gewekt dat de privacy van de betrokken werknemers niet goed beschermd werd," vertelt Van der Wel. Diensthoofden zouden op de hoogte zijn gesteld van in vertrouwen vertelde per­ soonlijke verhalen en vertrouwelijke

Verstand Waar de andere commissies en werk­ groepen van de OR uitsluitend OR­leden in de gelederen hebben, kent de VGW­ commissie ook adviserende leden: dr. Vincent Lafleur van de Faculteit der Geneeskunde, dr. Ronald Vis van de Faculteit der Natuurkunde en Sterren­ kunde en studentlid Judith Bom. Lafleur en Vis zijn bij hun faculteiten belast met arbo­ en milieuzaken en kunnen dus als deskundige vanuit de praktijk adviseren. De OR hecht bovendien aan de inbreng van Studentenkant omdat studenten net als het personeel dagelijks te maken hebben met dergelijke zaken. "Deze bui­ tenleden zijn van grote waarde voor ons," vertelt Van der Wel. "Lafleur en Vis weten heel veel van onderwerpen waar wij nauwelijks verstand van heb­ ben. Daar doen we ons voordeel mee. Soms laten we ons trouwens ook infor­ meren en adviseren door andere des­ kundigen binnen of buiten de VU." Inmiddels heeft de VGW­commissie van de OR een plekje binnen de VU vero­ verd. De beginperiode viel de commissie zwaar. De OR moest zich nog waarma­ ken en er was een jaar of vijf geleden veel minder aandacht voor arbo­ en milieuzaken. Niet alleen binnen de VU, maar ook daarbuiten. Alleen de facultei­ ten der Geneeskunde en bèta­weten­ schappen besteedden er al langere tijd aandacht aan. Niet verwonderlijk, gezien de activiteiten die hier van oudsher plaatsvinden. "Er is een kentering opge­ treden dankzij het dwingende karakter van de arbowet," vertelt Lafleur. De VU is nu wettelijk verplicht jaarlijks een werkplan en een jaarverslag op het gebied van arbo en milieu te publiceren. "Langzamerhand ontstaat er een ander klimaat, waarin aandacht voor deze zaken vanzelfsprekend is. Maar het kost heel veel tijd voordat alles echt goed geregeld is. Zolang er bezuinigd wordt op het hoger onderwijs bestaat er bin­ nen de faculteiten een spanningsveld. De verantwoordelijkheid voor arbo­zaken ligt bij die faculteiten, onder andere bij

De VGW­commissie. er ontbreekt één lid. de vakgroepen. Zij kampen echter met het dilemma investeer ik in onderzoek, of in het welzijn van de werknemers? Uiteindelijk worden ze afgerekend op dat onderzoek, op het aantal publicaties en niet op bijvoorbeeld de fantastische stoelen waar iedereen zo prettig op zit. Geld kun je maar één keer uitgeven. Het wordt dus een weg van de lange adem, waarbij de OR keer op keer het welzijn van de werknemers zal moeten blijven aankaarten." Om slagvaardig te kunnen opereren, komt de VGW­commissie wekelijks bij­ een. "In principe volgen we het College

Peter Wolters ­ AVCAU

van Bestuur alleen. Alle punten waar het advies voor vraagt aan de OR, warden bij ons besproken. Verder werken we vaak samen met de Dienst Veiligheid Milieu (DVM), de Gebouwendienst en de Bedrijfsgezondheidsdienst (BGD). En we lopen mee met de Arbeidsinspectie. In het begin heeft de commissie heel veel gesprekken gevoerd met deze instanties binnen de VU, vooral om elkaar beter te leren kennen. Dat werkt goed. Als we nu iets niet snappen, vragen we of ze toe­ lichting willen komen geven in de com­ missie­vergadering", aldus Annemarie van der Wel. Ze is vooral over de

Klein Grut

OR: aardig jaarverslag arbo en milieu De Ondernemingsraad toont zich redelijk tevre­ den over het jaarverslag arbo en milieu 1996. Wel vindt de raad dat het nog beter kan, zeker wanneer een vergelijking wordt gemaakt met het arbo­ en milieujaarplan dat voor 1996 was gemaakt. "Het is niet erg helder welke plannen uit dat jaar­ plan wel en niet zijn uitgevoerd," aldus de voor­ zitter van de VGW­commissie van de OR, ir. Annemarie van der Wel. Pluspunt vindt de OR het feit dat er wat is gebeurd en dat daar verslag van is gedaan. Van der Wel: "Het is een heel concre­ te nota waar veel in staat. Het is geen blah blah". Dat is ook belangrijk, want niemand heeft iets aan theoretische verhalen als er brand uit­

breekt. Dan moet alles gewoon werken." Ze vindt dat de Dienst Veiligheid Milieu het afgelopen jaar zeer doelgericht en praktisch te werk is gegaan. Zo toont de OR zich bijvoorbeeld tevreden over de reductie van het aantal blusap­ paraten in een aantal gangen van de VU. "De veelheid suggereert een schijnveiligheid. Onderhoud en controle van deze apparaten is zeer arbeidsintensief. Je kunt er dan beter voor zorgen dat er minder hangen die zonder uitzonde­ ring veilig zijn, dan dat er heel veel zijn, waaron­ der ondeugdelijke brandblussers," aldus de voor­ zitter van de VGW­commissie. Minpunt van het jaarverslag vindt de OR de opzet. "Het is wense­ lijk dat het jaarverslag dezelfde opbouw kent als het jaarplan, waardoor het eenvoudig is vast te

Vervolg van pagina 10

Preventie In 1996 heeft de DVM een inventarisa­ tie uitgevoerd naar afvalpreventie­opties bij de VU. Doel van afvalpreventie is het beperken van de afvalstromen door: • het beperken van de productie van afvalstoffen • het overgaan op het toepassen en gebruiken van minder milieubelasten­ de stoffen. • afval zoveel mogelijk bestemmen voor hergebruik • kiezen voor een milieuhygiënisch ver­ antwoorde wijze van afvalverwerking Een vijftal opties zijn nader onderzocht: • het gebruik van papier reduceren • optimaliseren scheiding van papier en restafval • milieuvriendelijkere kantoorartikelen • retoursystemen opzetten (voor bijvoor­ beeld printercartridges) • optimaliseren verpakkingsmateriaal voor hergebruik

stellen in hoeverre het jaarplan is verwezenlijkt", vindt de OR. De raad verzoekt het College van Bestuur dan ook de beide documenten van 1997 beter op elkaar af te stemmen. Verder was de OR onaangenaam verrast dat in het jaarverslag wordt verwezen naar een notitie Milieubeleid en Milieubeheer, die niet bekend is bij de OR. "Het is prettig als de inhoud van zo'n notitie waarin de ontwikkelingen naar een volle­ dig geïmplementeerd milieuzorgsysteem aan de VU worden beschreven, ook bekend is bij de OR, de leden van de VGW­commissie. De commissie kan haar werk beter doen als zij goed geïnfor­ meerd is," aldus Van der Wel. Ook de late datum van verschijnen ­ eind augustus 1997 ­ is de OR een doorn in het oog. (MS)

Dagelijks bestuur Dr. IVIM.G. de Bolster (ABVAKABO), voorzitter Telefoon: 44 47482 Mw. dr. T.J. B iewenga (CFO), secretaris Telefoon: 444 8078 Dr. B. Overdijk (CMHF), plaatsvervangend voorzitter Telefoon: 44 48143 OR­secretariaat Het secretariaat van de OR is gevestigd in kamer lE­26 in het Hoofdgebouw (eerste

etage in de E­vleugei, nabij de dienst PZ, bij ambtelijk secretaris drs. PG. Heemskerk. Telefoon en fax: 44 45312 VGW­commissie Mw. M. B. van der Ende, voorzitter. Telefoon: 44 48070 De eerstvolgende over­ legvergadering met het College van­Bestuur is op woensdag 19 november 13.30 uur, BI 1085, G­076.

PEüSONEELSZAÜEn

Arbo en milieujaarverslag 1996 Mifieu

samenwerking met DVM te spreken. Dat is niet zo verwonderiijk, want de belan­ gen van deze dienst komen In grote lij­ nen overeen met die van de OR: betere werkomstandigheden voor het personeel realiseren en de verontreinigende activi­ teiten zoveel mogelijk beperken. "Maar", zegt dr. Wim van Alphen die hoofd is van deze dienst, "wij blijven een dienst van onze werkgever en zullen daarom ook altijd het College van Bestuur als eerste informeren. Dan blijkt dat onze belangen soms strijdig kunnen zijn." Dat was bij­ voorbeeld het geval met de deelinventa­ risaties voor de risico­analyse. Het College voelde er niet voor om deze ter beschikking te stellen aan de OR omdat het om inventarisaties van de afzonder­ lijke diensten en faculteiten ging. Dat zijn dus zaken die in de Facultaire Personeelscommissies en de Dienst­ overieggen worden besproken. Echter, ze dienen ook als basis van de totale risico­inventarisatie van de VU als geheel. Wil de OR inzicht krijgen in de besluitvorming van het CvB , dan is het wenselijk op de hoogte te zijn van de informatie die daar aan ten grondslag ligt. VGW­commissie­voorzitter Van der Wel zegt in dit kader: "Ik vind het vaal< lastig om informatie los te krijgen bij het CvB. Het is naar als je telkens met arti­ kel zoveel uit de Wet op de Onderne­ mingsraden moet zwaaien als je je goed wilt documenteren." Uiteindelijk heeft de OR na lang trekken toestemming gekre­ gen de deelinventarisaties in te zien, onder voorwaarde dat de OR zich zal onthouden van commentaar op de afzonderiijke inventarisaties. Het gaat om het eindrapport. De grootste ver­ dienste van de VGW­commissie van de OR­VU tot nu toe is dat arbo en milieu tegenwoordig op de agenda staan van de VU en dat er jaariijks een bedrag van twee miljoen gulden wordt geïnvesteerd in arbo­zaken. Daar zijn de betrokkenen het over eens. Vincent Lafleur: "Het CvB houdt er rekening mee. De arbojaarplan­ nen en verslagen zijn zoveel beter geworden, doordat de OR er constant overheen is gevallen. Arbo en milieu zijn vanzelfsprekend geworden." Ook Van der Wel en Van Alphen zijn ervan over­ tuigd dat het gehamer van de OR tot dit resultaat heeft geleid. Van Alphen voegt daar nog aan toe: "Die jaariijkse twee miljoen voor grote projecten is een mooi bedrag. Mensen willen graag werken bij de VU, maar ze willen er ook graag heel­ huids vanaf komen. Daar kunnen we steeds beter voor zorgen." (MS)

In samenwerking met de Gebouwen­ dienst is de catalogus van de leveran­ cier van kantoorartikelen gescreend op milieuaspecten. In de catalogus van 1997 zullen deze aspecten worden mee­ genomen. Ook bij de Centrale Goederen Voorziening (CGV) wordt gewerkt aan een catalogus waarin bij de selectie van artikelen milieuaspecten zijn meegeno­ men. Andere succesvolle afvalpreventie­ initiatieven zijn het retourneren van ver­ pakkingen (vaten en tonercartridges) aan leveranciers met behulp van een statiegeldsysteem. Afvalwater Waterkwaliteit De VU analyseert het afvalwater perio­ diek op de aanwezigheid van milieube­ lastende stoffen. Van het merendeel van de geanalyseerde stoffen is geen overschrijding van de richtwaarde waar­ genomen en de VU loost derhalve zeer beperkt milieubelastende stoffen op het riool. Aan de hand van de analyseresul­ taten blijken in 1996 de volgende over­ schrijdingen van de richtwaarde: • tweemaal voor de zuurgraad » driemaal voor kwik • vijfmaal voor dichloormethaan • zesmaal voor metalen

Overschrijding van de richtwaarde voor metalen wordt voornamelijk veroorzaakt door de aanwezigheid van koper en zink in het afvalwater. Dit kan worden toege­ schreven aan de levering van zinkhou­ dend drinkwater door het waterleidingbe­ drijf en aan een aantasting van de zink­ laag in de opvangvaten voor het water van de koeltorens van het Energiecen­ trum. Het gebruik van zuren en basen door het Energiecentrum bij het regene­ reren van de ionenwisselaars veroor­ zaakt incidenteel een overschrijding van de norm voor de zuurgraad. Dichloor­ methaan en kwikzouten worden gebruikt bij sommige vakgroepen van de faculteit der Scheikunde en de faculteit der Geneeskunde. Luciit Bij de VU kunnen (potentiële) emissies van milieubelastende stoffen naar lucht ingedeeld worden naar drie typen: » verbrandingsgassen, met name CO2 en NO^. Deze stoffen dragen bij aan respectievelijk het broeikaseffect en aan verzuring • chloorfluorkoolwaterstoffen (CFK's en HFK's); stoffen die de ozonlaag aan­ tasten • vluchtige organische oplosmiddelen (VOS); stoffen die o.m. smogvorming veroorzaken

Verbrandingsgassen De uitstoot van CO2 en No^ is beperkt door maatregelen tot energiebesparing en door waterinjectie bij de branders van de gasturbine. CFK's Van de als koelmiddel in systemen opgeslagen CFK's bestaat geen totaal­ overzicht, wel van hoeveelheden inge­ kochte freonen (bijvullen koelinstalla­ ties). In 1996 is geïnventariseerd hoe­ veel halonen in blusapparatuur aanwezig zijn: 430 kg in handbrandblussers, die geleidelijk worden vervangen door halon­ vrije blussers. In het Energiecentrum bevinden zich automatische blusinstalla­ ties voor de dieselmotoren met 1700 liter halon; deze halonen worden bij de vervanging van de oude dieselmotoren afgevoerd naar de halonenbank. Het koelmiddel CFK­12 in grote koelinstalla­ ties wordt geleidelijk vervangen door milieuvriendelijker koelmiddelen. Viuclitige Organische Stoffen (VOS) Vanaf 1996 is in de werkplaatsen alle trichloormethaan vervangen door een minder milieubelastend ontvettingsmid­ del. Om zicht te krijgen op de potentiële bronnen van emissie van VOS uit de laboratoria van de bèta­faculteiten zijn de inkoopcijfers van oplosmiddelen geanalyseerd, in totaal zo'n 10.000 liter per jaar. Scheikunde is de grootste

gebruiker. Nagegaan zal nu worden hoe­ veel van deze oplosmiddelen in de atmosfeer terechtkomen. In 1995 is door Scheikunde een emissiebeperker ontwikkeld ten behoeve van het voorko­ men van emissies van oplosmiddelen uit afvalvaatjes. In 1996 is met vooriichting de aanschaf en het gebruik van de emissiebeperker sterk gestimuleerd. Vervoerplan De doelstelling van het vervoerplan is; een aanzienlijke reductie van de autoki­ lometers ten gunste van het aantal kilo meters per openbaar vervoer en fiets. In 1995 is op basis van een haalbaar­ heidsonderzoek vastgesteld dat dit stre­ ven realistisch is en zijn de eerste acti­ viteiten gestart. In 1996 heeft een her­ ijking van de plannen plaatsgevonden en is een in 1997 voorgenomen evalu­ atieonderzoek uitgesteld. In o.a. het overieg met de Ondernemingsraad is vastgesteld dat meer tijd nodig is om ten aanzien van de reductiedoelstelling op basis van een evaluatie tot zinvolle conclusies te komen. Het vervoerbeleid van de VU mikt op gedragsbeïnvloeding binnen de organisatie. Door het ontwik­ kelen en aanbieden van faciliteiten wor­ den medewerkers en studenten aange­ spoord tot reizen per openbaar vervoer, fiets en carpool. Accenten in het bijge­ stelde vervoerplan van de VU zijn in het jaarverslag uitgewerkt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 214

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's