Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 232

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 232

9 minuten leestijd

'Stage maakt je

realistischer'

Sinds enige tijd itent de VU een centraal stage-informatiepunt voor stages, STIP-VU gelieten. Het bureau tracht studenten die een stage zoeiten te iioppeien aan bedrijven en instellingen die een opdracht hebben. STIP-VU bouwt structurele contacten op met sectoren waar nu nog weinig studenten terechtkomen, zoals het midden- en kleinbedrijf. Mery Buist bijvoorbeeld vond via STIP-VU een stage. "Eigenlijk kwam ik helemaal niet in aanmerking voor deze stage, want ik was al afgestudeerd", vertelt cultureel antropologe Mery Buist, inmiddels 25 Jaar. "Maar ze konden geen geschikt persoon vinden, omdat het een opdracht was waar de nodige ervaring voor werd gevraagd. Het ging om het opstellen van een onderzoeksvoorstel. En zo kwam ik toch op die plek terecht want ik had tijdens mijn studie al zelf onderzoek gedaan." 'Die plek' was bij het bureau Program, dat ondersteuning biedt aan projecten op het gebied van samenlevingsopbouw en Jeugdwerk in de provincie Zuid-Holland. "Program is een professionele, zelfstandige organisatie waar zo'n dertig mensen werken. We worden op projectbasis betaald. Eigenlijk zijn we gewoon een bedrijf', zegt Temmy Bakker, consulente samenlevingsopbouw bij Program, die de stageplek bedacht en Mery begeleidde. "We hebben niet zo veel stagiaires bij Program en meestal niet meer dan één tegelijk, want we stellen hoge eisen. Je moet wel wat ervaring hebben. Als hier onderzoek wordt gedaan is het meestal gelijk een vrij forse klus. En we moeten kwaliteit leveren, want we zijn zuinig op onze contacten met opdrachtgevers. Dat zijn vaak gemeentebesturen enzo. Er komt dus ook regelmatig enig inzicht in de politiek bij kijken. Je moet m dat milieu kunnen manoeuvreren, een beetje strategisch kunnen denken bijvoorbeeld. Dat kan niet elke student." Program houdt zich onder meer bezig met het bedenken van plannen om het vrijwilligerswerk in de breedste zin van het woord in de provincie te kunnen ondersteunen. "De opdracht was het maken van een voorstel om te onderzoeken hoe plaatselijk steunpunten voor het vrijwilligerswerk kunnen worden opgezet. We kwamen met de VU in contact toen vorig jaar een beurs werd georganiseerd waar allerlei organisaties

op het gebied van vrijwilligerswerk vraag en aanbod bij elkaar konden brengen. Daar waren de Wetenschapswinkel en het stageinformatiepunt van de VU ook en die wilden wel proberen een student te vinden die dit onderzoek kon doen." Dat werd dus Mery. "Ik werkte al een tijdje als vrijwilliger in een centrum voor Marokkaanse meisjes, want ik wilde graag iets doen voor de verbetering van de sociaal-maatschappelijke positie van allochtone Jongeren. Maar ik merkte dat ik onderzoek doen toch wel erg leuk vond en dat miste ik in mijn werk. Toen ben ik naar de Wetenschapswinkel van de vu gegaan met de vraag of die niet een leuke opdracht hadden. En zo kwam ik bij deze stage terecht", vertelt Mery. "Het was een leuke stage, in de zin dat de mensen erg aardig waren en ik een hoop heb geleerd. Ik had er meer van verwacht, maar dat lag vooral aan het onderwerp. Ik wil toch iets met allochtone jongeren doen en deze stage lag daar verder vanaf dan ik had gedacht. Maar je kan zeggen dat ook dat een functie van een stage is. Door Je te oriënteren kan Je er ook achter komen dat een bepaalde sector met biedt w a t j e zoekt." Inmiddels werkt ze vier dagen in de week in een cultureel centrum voor Surinaamse jongeren en één dag in de week m het Marokkaans meisjescentrum. "Ik heb geprobeerd een onderzoeksbaan te vinden op het terrein van allochtone jongeren, maar dat is niet gelukt. Ze willen mensen met een paar Jaar ervaring voor zulke banen. Wat ik nu doe werd me aangeboden en ik hoop dat ik langs deze weg ooit nog m het onderzoek beland. Ik zit nu tenslotte in het wereldje, en als er een onderzoeksvraag langskomt kan ik daar alsnog op inspringen." Haar stage bij Program vindt ze zeker geen verloren tijd. "Als je als student onderzoek doet, kijkje vooral of iets leuk is. Nu heb ik geleerd datje

Mery Buist: 'Het was een leuke stage, in de zin dat de mensen erg aardig waren en ik een hoop heb geleerd'. Bram de Hollander veel realistischer moet zijn. De uitvoering van een onderzoek moet binnen het budget passen bijvoorbeeld, en je moet meteen heleboel mensen en instanties overleggen. Het is een heel andere wereld dan de universiteit." Temmy Bakker vindt het een goede zaak dat er tegenwoordig een centraal stagepunt is aan de VU. "Elk bedrijf heeft een eigen cultuur, wij ook. Het is handig als je over en weer van elkaar weet w a t j e wel en niet te bieden hebt. Dan kan Je stagiaires daar op selecteren en voorbereiden. Door zo'n centraal punt is het mogelijk structureel contact te houden en daardoor leer je elkaar beter kennen. Als we weer een stagiaire nodig hebben, bijvoorbeeld als het onder-

zoeksvoorstel dat Mery gemaakt heeft ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd, komen we zeker weer naar de VU toe." Ook Mery is te spreken over STIP-VU. "Toen ik studeerde bestond het nog niet. Maar ik wist wel van het bestaan van de Wetenschapswinkel. Tijdens mijn studie moetje zelfstandig onderzoek doen en ik ging dan wel eens bij de Wetenschapswinkel kijken of ze nog iets hadden liggen. Maar het ging met eens om concrete opdrachten. Je doet er ook gewoon ideeën op voor een onderwerp. Dat geldt ook voor STIP-VU. Door er rond te kijken, merk je datje ook kan zoeken in hoeken waar je nog nooit aan gedacht had."

Milieuvriendelijli gedrag lean water redden Door de consument te stimuleren milieuvriendelijkere producten te kopen, kost het minder geld om het oppervlaktewater schoon te houden. Maar hoe krijg j e die consument zo kritisch? De Wetenschapswinkel Milieu van de VU deed een uitgebreid onderzoek, op verzoek van het Hoogheemraadschap Uitwaterende Sluizen. Uitwaterende Sluizen is het hoogheemraadschap dat erop moet toezien dat het oppervlaktewater in de kop van Noord-Holland goed van kwaliteit blijft. Daartoe zuivert het hoogheemraadschap het afvalwater dat bij iedereen door de gootsteen gaat. Een taak die veel geld kost. Uitwaterende Sluizen krijgen daartoe van alle gebruikers in de regio een milieuverontreinigingsheffing, variërend van honderd gulden voor alleenstaanden tot driehonderd gulden voor gezinnen. Maar met dat geld zal men het nooit redden, als de vervuiling toe blijft nemen en de bewoners niet sneller overstappen op milieuvriendelijkere producten. Uitwaterende Sluizen klopte daarom bij de Wetenschapswinkel Milieu van de VU aan om te onderzoeken hoe milieuvriendelijker gedrag van de NoordHollanders boven het Noordzeekanaal meer gestimuleerd en beloond kan worden. De Wetenschapswinkel Milieu vond maar liefst vijftien studenten bereid zich met deze vraag bezig te houden. ZIJ onderzochten allereerst hoe bekend het hoogheemraadschap is. De uitkomsten daarvan waren opvallend. Uitwaterende Sluizen blijkt over naambekendheid nauwelijks te klagen te hebben, maar veel mensen dachten (ten onrechte) dat het hoogheemraadschap ook verantwoordelijk was voor het zuiveren van het drinkwater. Aangeraden wordt dan ook om in de folders m de toekomst ook te vermelden wat Uitwaterende Sluizen niet doet, naast wat men wel doet. Die folders, die bij de aanslag van de milieuheffing worden verstuurd, blijken overigens niet altijd even goed te

worden gelezen. Slechts een op de drie ondervraagden zegt bijvoorbeeld de laatste te hebben ingezien. En degenen die dat al gedaan hebben, vinden de folder ook niet altijd even informatief. Een groot deel van hen vindt dat er wel in zou mogen staan wat men kan doen om het milieu te sparen en wat er wel en niet door het riool kan. Veel mensen kopen hun schoonmaakproducten nu uit 'macht der gewoonte', zo blijkt verder uit het onderzoek van de VU-studenten. Pas als je mensen bewust maakt van hun keuze, kun Je die gewoonte doorbreken. Dat zou bijvoorbeeld kunnen met een keurmerk. Een grote meerderheid van degenen die door de Wetenschapswinkel Milieu zijn geënquêteerd, zegt het handig te vinden als milieuvriendelijke producten in de supermarkt beter herkenbaar zijn, bijvoorbeeld doordat er zo'n keurmerk op zit. Meer dan de helft van de respondenten zegt zelfs bereid te zijn een gulden meer te betalen voor een product met keurmerk. Maar waar wel een eind aan moet komen, zo zeggen de res- pondenten en masse, is dat er voor elk milieu-aspect een ander keurmerk is. Er zou één keurmerk moeten komen, vinden de consumenten, dat zegt: dit product IS milieuvriendelijk, punt uit. Verder zeggen de meeste respondenten nauwelijks gevoelig te zijn voor geldterug-acties. Een korting op de prijs van milieuvriendelijke producten, prima, maar streepjescodes terugsturen'? Dat gaat de meesten wat ver. Toch kan een 'beloningsstrategie' mensen wel over een drempel helpen, merken de onderzoekers van de Wetenschapswinkel Milieu op. En

op die manier kan het vooroordeel dat milieuvriendelijke producten niet goed schoonmaken uit de wereld worden geholpen. Dan moeten wel de detaillisten mee willen werken. De onderzoekers interviewden een twintigtal winkelhouders over hun bereidheid tot het opnemen van minder schadelijke schoonmaakproducten in het assortiment. De wmkelhouders reageerden zonder uitzondering positief, maar stelden wel een aantal voorwaarden. Zo willen ze vooraf weten dat de consument behoefte heeft aan de producten, omdat ze zelf geen tijd en geld willen steken in de promotie ervan. Ook willen ze een betere prijs/kwaliteitsverhouding van milieuvriendelijke producten. Nu vinden de meeste detaillisten de producten nog te duur. Als de rijksoverheid nou eens de handen ineenslaat met de

Vervuilde vijver, Amsterdam 1992

waterschappen en gezamenlijk werkt aan een promotieplan, dan denken de winkeliers dat veel problemen kunnen worden verholpen. Geen verrassende conclusie, beaamt Marry Liefting, die namens de opdrachtgever tijdens het onderzoek de contacten met de Wetenschapswinkel Milieu onderhield. "Het is niet zo dat ons ineens de schellen van de ogen vielen toen we het onderzoeksrapport zagen. Het was meer een bevestiging van wat we zelf al dachten dan een grote verrassing. Maar dat wil niet zeggen dat we niet tevreden zijn, integendeel. De manier waarop de samenwerking is verlopen, vind ik heel positief. Het hangt natuurlijk van de vraagstelling af of we een volgende keer weer aan de Wetenschapswinkel zullen denken als we een onderzoek willen laten doen. En ik heb begrepen dat de Wetenschaps-

winkel Milieu inmiddels is opgeheven, dus daar zullen we zeker met meer terecht kunnen." Het rapport van de wetenschapswinkelonderzoekers zal niet m een bureaula verdwijnen, verzekert Liefting. "Het is zeer positief ontvangen in de werkgroep die zich met deze materie bezighoudt en ligt nu bij het algemeen bestuur van het hoogheemraadschap. Wat er verder mee gebeurt, is nog onduidelijk. Maar in het voorlichtingsmateriaal zal in ieder geval meer aandacht komen voor wat mensen zelf kunnen doen voor het milieu. Dat is wel zeker." Zijn mensen tot milieuvriendelijl< gedrag te stimuleren? Onderzoek naar de mogelijkl^eden om de aanscinaf van milieuvriendelijke producten te stimuleren en belonen en de rol van voorlichtingsmateriaal van het Hoogheemraadschap Uitwaterende Sluizen (nr 9712)

Jirina Simachlova/Hollandse Hoogte

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 232

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's