Ad Valvas 1997-1998 - pagina 411
PAGINA 1 3
Al) VAUVAS 1 2 FEBRUARI 1 9 9 7
s n a P
Kort wetenscliappelijk VU nieuws onder redactie van Dirk de Hoog
Multiple sclerosis
-ïïi
PvdA-Kamerlid Van Gelder: 'Als over een paar jaar maar een handjevol universiteiten een kandidaatsfase heeft, zou me dat buitengewoon Nout Steenkamp teleurstellen.'
'Dit is een uitdaging voor de universiteiten' PvdA-Kamerlid Van Gelder over het kandidaatsexamen Het paarse regeerakkoord van 1995 zette voor het hoger onderwijs een "heldere, keiharde lijn" uit. Deze week rondde de Tweede Kamer bijna vier jaar discussie daarover af door in te stemmen met een "veel genuanceerder plan". Dat zegt althans PvdA-Kamerlid Wim van Gelder, die een zwaar stempel drukte op de besluiten. Hanne Obbink Basisopleidingen van drie jaar, met vervolgopleidingen die slechts voor een selecte groep studenten toegankelijk zijn. Zo moest het universitair onderwijs er uitzien volgens het paarse regeerakkoord van 1994. Deze week stemde de Tweede Kamer over het wetsvoorstel dat uiteindelijk voortkwam uit dat akkoord. Van Gelder bracht er op de valreep nog forse veranderingen in aan. Studies blijven in principe vier jaar duren, bepaalde de Kamer op initianef van Van Gelder. Universiteiten kunnen, als ze willen, een kandidaatsexamen instellen na drie jaar. Maar de kandidaatsfase geldt niet als volwaardige studie. In het vierde jaar moet een student de keuze krijgen: zich puur op onderzoek richten, afwisselend werken en leren, een ander vak erbij gaan doen, enzovoorts. Van Gelder: " D e tekst van het regeerakkoord had een financiële achtergrond. Er moest bezuinigd
worden. D a t heeft de discussie zwaar belast. Maar de vraag erachter is reëel: waarom gaan jongeren naar de universiteit? De wensen waarmee die naar de universiteit komen, lopen steeds meer uiteen. Dat vraagstuk speelde al voor de oorlog. Ik was er meteen al tegen om geforceerd driejarige studies op te zetten. T o c h zag ik wel iets in een model met een brede opleiding van drie jaar en daarna een toespitsing. Daarvoor heb je een moment nodig waarop je iets afsluit, en dat is nu het kandidaats geworden. H e t grote verschil met het wetsvoorstel van Ritzen is dat dat uitging van een zelfstandige driejarige studie. Daaraan werden wel allerlei voorwaarden gesteld - zo moest de behoefte van de arbeidsmarkt bewezen zijn - maar drie jaar was toch de norm." Uw voorstel is vrijblijvend: universiteiten worden tot niets verplicht. Het lijkt ook nogal overbodig. Zonder de nieuwe zoet kunnen ze toch ook al allerlei fase-
ringen in hun opleidingen aanbrengen? "Die faseringen hebben geen status. Zonder formalisering wordt het bijvoorbeeld lastig om van de ene universiteit naar de andere over te stappen. M e t een kandidaatsdiploma kan iemand zijn studie ook een tijd onderbreken en dan terugkomen om met heel gerichte vragen af te studeren. Zeker, misschien blijft zo'n student weg en wordt het kandidaatsdiploma voor hem toch het eindpunt. Maar studenten zijn volwassen genoeg om die keus te maken. Als over een paar jaar maar een handjevol universiteiten een kandidaatsfase heeft, zou me dat buitengewoon teleurstellen. Je ziet nu al dat sommige universiteiten nadenken over een andere opzet van studies. In Twente wordt gesproken over een major-mmor-opzet. In Utrecht werkt men aan een driejarig university college. En in Groningen kunnen studenten straks na drie jaar verder studeren aan de universiteiten van Bremen of Oldenburg. Ik verwacht dat deze wet een uitdaging tot verdere vernieuwing is. T o t nu toe was de opzet van een studie uniform geregeld. D a t heeft geleid tot efficiëntie, maar het was ook een keurslijf. Dit voorstel biedt meer ruimte. Hoe het zich ontwikkelt, moet blijken. Misschien zeggen werkgevers over een tijdje toch: laat mensen die drie jaar gestudeerd hebben maar bij ons komen werken,
dan leiden we ze zelf wel verder op. Zo'n vierde jaar zou een uitgelezen moment kunnen zijn voor duale trajecten waarin studenten werkend leren." Uw voorstel vereist ook veranderingen op het gebied van de studiefinanciering. "De waarde ervan neemt toe als de studiefinanciering erop aansluit. In het systeem van de prestatiebeurs wordt op twee momenten gemeten of een student genoeg studiepunten heeft gehaald: na het eerste jaar en aan het eind van de studie. Het zou verstandig zijn daar een derde moment aan toe te voegen, aan het eind van het derde jaar." Wat er uiteindelijk in de wet wordt vastgelegd lijkt nauwelijks op het regeerakkoord. Zijn de paarse plannen mislukt? "Als je mij vier jaar geleden had gevraagd hoe het hoger onderwijs eruit moest zien, dan had ik deze uitkomst een goede schets gevonden. Het regeerakkoord zette een heldere, keiharde Ujn uit: drie jaar academische studie en that's it. Dat vond ik te hard. Door alle discussie die het regeerakkoord de afgelopen vier jaar heeft losgemaakt is er iets uitgekomen dat veel genuanceerder is, maar wel een uitdagend model voor de universiteiten oplevert." (HOP)
Studieadvies spoort Leidse eerstejaars aan tot hoger tempo Leidse eerstejaars studeren dit jaar waarschijnlijk beduidend sneller dan hun collega's aan andere universiteiten. Volgens de universiteit van Leiden is dat te danken aan het bindend studieadvies. Minister Ritzen zei het vorige week nog eens in de Tweede Kamer: als het aan hem ligt, voeren alle universiteiten het bindend studieadvies in. De Kamer ging akkoord met Ritzens voorstel om zo'n advies ook na het eerste jaar mogelijk te maken. ledere student die zijn propedeuse nog niet gehaald heeft, kan voortaan een bindend advies krijgen. Verderop in de studie kan studenten de toegang tot een afstudeervariant ontzegd worden. Tot nu toe is Leiden de enige universiteit met een bindend studieadvies. Studenten die in h u n eerste
jaar minder dan de helft van hun studiepunten halen, krijgen een negatief advies en worden verwijderd van de opleiding. In ruil voor de strenge aanpak worden studenten beter begeleid en wordt het onderwijs minder massaal. D e overige universiteiten reageerden sceptisch op het Leidse studieadvies. Volgens rector magnificus W.A. Wagenaar komen zij daar nog wel van terug. "Je ziet dat het succes heeft", zegt Wagenaar, Uit een eerste tussenbalans blijkt dat de helft van de Leidse eerstejaars de helft van zijn studiepunten zal halen.
Vorig jaar haalde slechts veertig procent dat aantal. Aan andere universiteiten ligt dat percentage zelfs nog lager, op 35. Intussen heeft elke student met zijn mentor besproken hoe hij ervoor staat. Wie geen uitzicht heeft om 21 van de 42 punten te behalen, kon zich voor 1 februari uitschrijven zonder dat dat hen geld kost, of overstappen naar een andere studie. In mei krijgen de studenten opnieuw een gesprek met hun mentor. Met het bindend studieadvies voorkomt Leiden dat studenten jaren blijven rondhangen zonder iets te bereiken, zegt rector Wagenaar. Het bindend studieadvies heeft vooral effect bij geneeskunde en bij rechten. Rechtendecaan H. Franken schrijft de goede resultaten toe aan de toegenomen sociale controle onder studenten. "Ouderejaars spo-
ren eerstejaars nu aan om te studeren", aldus Franken. Eerder was het "zeer ongebruikelijk" dat eerstejaars voor h u n wintersportvakantie ook maar één college hadden bijgewoond. "Wie wel studeerde was een nerd of een studje", zegt Franken, Franken zag de afgelopen jaren het aantal rechtenstudenten bijna halveren. Ook andere Leidse opleidingen liepen veel nieuwe studenten mis, omdat scholieren bang waren voor het bindend studieadvies. Maar Wagenaar betreurt dit verlies niet. N u kunnen opleidingen hun onderwijs vernieuwen en les geven aan kleine groepjes, zegt Wagenaar. "Deze aanpak vergt erg veel tijd. M e t het huidige studentenaantal is het te doen. Groei is daarom niet ons oogmerk," (HOP)
"Deze inzichten kimnen bijdragen aan de ontwikkeling van nieuwe middelen voor de behandeling van de ziekte multiple sclerosis (MS)", schrijft Luc J,W. van der Laan in een samenvatting van het onderzoek waarop hij donderdag 6 februari promoveerde. Bij de ziekte MS ontstaan steeds verdergaande verlammingsverschijnselen, doordat cellen van het eigen afweersysteem van het lichaam het zenuwstelsel aantasten. O m hun werk in het zenuwstelsel te kunnen doen, moeten deze afweercellen de bloed-hersenbarrière passeren die het centrale zenuwstelsel als een extra beveiliging omringt. Het lukte de onderzoeker bij proeven met ratten het molecuul dat bij deze passage cruciaal is, te blokkeren. Daardoor konden de afweercellen het zenuwstelsel niet binnendringen. Bij ratten waarbij kimstmatig MS was opgewekt bleek de mate van verlammingen te verminderen of zelfs helemaal uit te blijven als deze behandeling werd toegepast.
Ruilrelatie D e loyaliteit van alle medewerkers in een organisatie gaat zover als de eigen portemonnee, betoogde Joep Bolweg vorige week in zijn oratie. "In de praktijk is het raadzaam om t e veronderstellen dat ook managers redelijk egoïstisch, individuahstisch en solistisch zijn, en de organisatie ook voor eigen doeleinden gebruiken." Bolweg, directeur bij organisatie-adviesbureau Berenschot, werd benoemd tot hoogleraar mens, arbeid en organisatie aan de postdoc-opleiding management consultancy van de vu. Dat bood hem de gelegenheid zijn licht te laten schijnen over de belangrijkste trends in personeelsmanagement. Een taak die volgens hem steeds vaker decentraal dient te worden ingevuld. Weliswaar worden de meeste grote lijnen nog steeds centraal vastgelegd in cao's, maar dit betreft steeds vaker 'raamregelingen' die op de werkplek zelf nadere invulling behoeven, aldus Bolweg. Er is tegenwoordig meer ruimte voor onderhandeling, omdat de traditionele 'samenwerkingsrelatie', waarbij werknemer en werkgever samen streven naar hetzelfde doel, steeds meer verdrongen wordt door een 'ruilrelatie': wat krijg ik van je als ik dit voor je doe? De centrale vraag is volgens Bolweg: "Hebben managers voldoende tijd, interesse en kwaliteit om deze decentrale vormgeving goed gestalte te geven." Bolweg heeft er vooralsnog een hard hoofd in, "Praktijkervaringen geven op deze vraag niet direct een geruststellend antwoord."
Molukse jongeren " H o e beleven Molukse jongeren in Amsterdam hun identiteit?", vroeg het Landelijk Steunpunt Educatie Molukkers aan de wetenschapswinkel van de vu. H e t antwoord op die vraag bleek moeilijker te vinden dan gedacht volgens het recent verschenen rapport 'Gewoon een Molukker?'. E r bleken bij de gemeente, verschillende onderzoeksbureaus en het ministerie van onderwijs helemaal geen gegevens te bestaan over de te onderzoeken groep, "Er kan geconcludeerd worden dat de gegevens over Molukkers aan het verdwijnen zijn uit verschillende registers en statistieken", aldus het rapport, "Het is mogelijk dat de 'kleine' groep Molukkers in Amsterdam wordt ondergesneeuwd door verschillende grotere etnische groepen. Een andere oorzaak is wellicht dat de Molukkers al gemtegreerd zijn in de Nederlandse samenleving, In de registers en statistieken worden personen van de derde en vierde generatie Molukkers al ondergebracht onder de categorie Nederlander," In de praktijk bleek het dan ook moeilijk Molukse jongeren te vinden om te interviewen, " D e conclusie dat de samenhang van de Molukse gemeenschap in Amsterdam minder hecht is dan men zou denken, ligt dan ook voor de hand", concludeert onderzoekster Eline van Slooten, Uiteindelijk wist ze toch veertien jongeren te spreken. Haar voornaamste conclusie: jongeren met twee Molukse ouders hechten sterker aan de eigen afkomst dan jongeren uit een gemengd huwelijk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997
Ad Valvas | 726 Pagina's