Ad Valvas 1997-1998 - pagina 52
AD VALVAS 11 SEPTEMBER 1997
PAGINA 6
Van conditietraining tot iotal-worliout' Asvu-docent Hans Smit verzint nieuwe namen maken. "Allerlei elementen uit die algemene training zijn er uitgehaald en vergroot. Op zich doe je tijdens de conditietraining bijvoorbeeld beenspieroefeningen, maar bij Steps is er een aparte les van gemaakt." Voor enkele nieuwe activiteiten heeft Smit in de loop der jaren fraaie namen bedacht. "Dat komt een beetje door die pr-kant. Ik heb geleerd dat mensen zich met iets moeten kunnen identificeren." Zelf is hij erg tevreden over zijn term novicyding. "Als je wilt breken met iets bestaands, bijvoorbeeld door bij fietsen aandacht aan intervaltraining
Het programma van de Asvu, het sportcentrum van de VU, bevat voor komend seizoen weinig verrassingen. Meer fitness en minder tafeltennis, de trend van de afgelopen jaren zet door. Wel duiken in fiet cursusaanbod regelmatig nieuwe namen op, soms voor bestaande cursussen in een modern jasje. 'Fit for life' is de laatste creatie van Hans Smit. Dick Roodenburg De Asvu is allang niet meer een sportcentrum voor alleen studenten. Door de instroom van vu-personeel en van bewoners uit de wijken rond Uilenstede, ging de gemiddelde leeftijd van de deelnemers omhoog. Niet iedereen kon het jeugdige tempo van de lessen volhouden. De training Fit for life is dit seizoen een experiment, gericht op deelnemers van boven de 35 jaar. Tijdens de lessen worden de oefeningen rustiger opgebouwd en wordt er minder gesprongen. "Zo'n term is het eindpunt van een aantal overwegingen", vertelt Hans Smit. "Sport voor ouderen vond ik wat stigmatiserend. De gedachte is dat mensen h u n hele leven fit willen blijven en dan kom je hier op uit." Hans Smit werkt al vijftien jaar bij de Asvu. Daarvoor deed hij de academie voor lichamelijke opvoeding en gaf hi) sportles op een school voor verpleegkundigen. "Wij huurden hier in het sportcentrum een zaal. Op een gegeven moment vroeg Evert Rijks mij zo nu en dan eens in te vallen. Een uurtje zwemmen, een uurtje volleybal, een uurtje conditietraining, zo ben ik erbij gekomen." Naast zijn werk studeerde Smit filosofie aan de UVA. Later ging hij de pr-kant op. Hij volgde een aantal modulen bij de Open Universiteit en haalde zijn diploma
ZES JAAR
Asvu-docent Hans Smit: 'De deelnemers moeten niet komen omdat het zo nodig moetr, maar vanuit een innerlijke gemotiveerdheid.' Bram de Hollander
NGPR. Op dit moment heeft hij naast zijn lessen op het sportcentrum een kleine aanstelling als pr-medewerker bij het opleidingscentrum van het vuziekenhuis. Het begin van de fitnessrage, en alles wat daaruit voortkwam, heeft Smit op de voet gevolgd. Rond 1980 was alles nog overzichtelijk. Het Cultureel Centrum van de vu had de lessen jazzballet, waarin meest dames h u n conditie met swingende muziek op peil probeerden te houden. Het Sportcentrum gaf conditietraining in ruimtes waarin naast gehijg, gesteun en de aanwijzingen van de docent weinig te beleven viel. "Ik denk dat mijn collega Jan Snellen als eerste muziek tijdens de les introduceerde. Hij stond toen nog
met een radiootje in de hoek en dat trok meteen al meer mensen. Je doet in feite dezelfde oefeningen, maar dan op muziek. Later hebben we twee boxen gekocht en nu hangen in de gymzaal vier boxen met een 100 ä 200 Watt versterker." De toeloop bij het sportcentrum gmg gepaard met een vermindering van het aantal deelnemers aan de lessen jazzballet. Het positieve gevolg is wel dat bij het huidige Cultuurcentrum v u meer nadruk op de dansproducties kwam te liggen. Toch lopen de zaken soms nog wat door elkaar. D e cursus pre-dance workout van het Cultuurcentrum verschilt nauwelijks van allerlei body züorÄ-trainingen op het Sportcentrum. Zowel Anne van den Berg, cur-
suscoördinator van cultuur, als Evert Rijks, het hoofd van sport, willen daar niet moeilijk over doen. Van den Berg zegt dat de naam pre-dance workout juist gekozen is om de nadruk op dans te leggen. Rijks wijst er fijntjes op dat die paar uurtjes per week bij cultuur geen concurrentie vormen voor het ruime dagelijkse aanbod bij sport. "En zij hebben ook aikido, of hoe heet dat, tai chi. Dat hoort eigenlijk bij ons thuis." Met dat laatste is Van den Berg het niet eens: "Tai-chi is meer kunst dan sport." De ontwikkeling van de traditionele conditietraimng naar wat tegenwoordig bi) het sportcentrum total workout genoemd wordt, heeft volgens Hans Smit vooral met een diversering te
te besteden, moet je het geen fietsen blijven noemen. D a n valt moeilijk uit te leggen wat er nieuw aan is. Als je het novicycling noemt, geef je aan dat er iets is veranderd. Novi is afgeleid van noviet, beginneling. De training is bedoeld voor recreatief ingestelde fietsers." Een sportleraar moet zelf bewegingsplezier hebben, vindt Smit. "Achter de computer kun je je werk neutraal uitvoeren. Maar sport stelt hoge eisen aan je fysieke gesteldheid. Daar moet je helemaal bij zijn, anders houd je het niet vol." Dat bewegingsplezier is ook wat hij studenten wil meegeven. Pas dan reikt de invloed van de sport verder dan de studietijd. "De deelnemers moeten niet komen omdat het zo nodig moet of vanwege de leuke sportleraar, maar vanuit een innerlijke gemotiveerdheid. Het maakt dan niet uit welke vorm dat aanneemt, total workout, skeeleren of basketbal. Gewoon: bewegen." Sportcentrum VU, Uilenstede 100, tel 4445090.
LATER
'Het eten en de zon hier bevallen me wel' In 1991 begonnen ze met hun studie en ondervroeg Ad Valvas ze over hun verwachtingen en toekomstplannen. Sindsdien vertellen ze steeds aan het begin van het studiejaar hoe het hen in het voorgaande jaar is vergaan. Inmiddels zijn ze bijna allemaal afgestudeerd en laten ze voor het laatst van zich horen. Deel 3: Steven de Graaff. Steven de Graaff in 1 9 9 1 , in 1 9 9 2 en in 1 9 9 4 . Frieda Pruim E e n baan heeft Steven de Graaff (24) nog niet, m a a r lang zal dat niet m e e r duren, want hij solliciteert hard en in Spanje liggen de b a n e n in de automatisering voor het opscheppen. D e z o n en de tapas in het land waar hij zijn afstudeeronderzoek deed bevielen h e m zo goed, dat hij ervoor gekozen heeft o m daar zijn eerste werkervaring op te d o e n . "De manier van leven in Spanje spreekt me aan", meldt de natuurkundige vanuit M a d n d , waar hij zo snel mogelijk aan de slag hoopt te komen als computerdeskundige. "Het leven staat grotendeels in het teken van eten: de tapas die je kunt krijgen in cafés, met z'n allen gaan eten in een bar, 's middags naar een wijnlokaal en zelfs in de winter kan het nog 20 graden zijn in de zon." Na zeven maanden afstudeeronderzoek in Madrid kwam Steven in maart van dit jaar terug naar Amsterdam om z'n scriptie in te leveren. Twee maanden later trok hij weer zuidwaarts om rond te reizen en te solliciteren. "Dat heeft niks opgeleverd, want achteraf bleek dat ik voor mijn open sollicitaties precies de verkeerde periode heb uitgekozen. In juli en augustus worden er namelijk weinig mensen aangenomen bij bedrijven." Inmiddels heeft hij één sollicitatiegesprek achter de rug en staat een tweede gesprek voor de deur. Hij verwacht aan de slag te komen als programmeur en zich in eerste instantie vooral bezig te gaan
houden met het oplossen van de problemen die in het jaar 2000 zullen rijzen omdat veel computers niet verder kunnen tellen dan dat jaar. "Ik sta niet bol van enthousiasme om dat te gaan doen, maar het is wel interessant dat automatisering zo'n belangrijke rol gaat spelen in de maatschappij. Data veranderen is het begin. In de toekomst hoop ik programma's voor bedrijven te kunnen gaan schrijven." Zijn laatste collegejaar begon Steven met een taalcursus van een maand in León. Dat was wel nodig, want hij sprak nog geen woord Spaans. In de vakgroep waarin hij daarna terechtkwam, werkten louter Spanjaarden, zodat hij de Spaanse taal aardig onder de knie kreeg. "Ik versta nu praktisch alles, maar gisteren ben ik naar een Spaanse humoristische film geweest, waar ik helemaal niets van snapte." In zijn vrije tijd speelde Steven het afgelopen jaar in een hockeyteam, waaraan hij een aantal vrienden overhield. Spanje is zo goed bevallen, dat hij er nog minimaal een jaar wil blijven om werkervaring op te doen. "Ik wil graag een tijdje in het buitenland zitten, en dat kan nu in een veel ongedwongener sfeer dan over vijf jaar omdat ik dan waarschijnlijk veel meer verantwoordelijkheden heb", legt hij uit. De atmosfeer in Spanje weegt voor hem op tegen de mindere secundaire arbeidsvoorwaarden dan in Nederland. "Je moet hier harder werken voor minder geld en als je een interne opleiding volgt, krijg je helemaal geen loon", vertelt Steven. "Maar die grote verschillen met Nederland worden wel minder als je
ergens wat langer werkt." Als hij Madrid met Amsterdam vergelijkt, vallen hem verschillende dingen op: "Amsterdam is veel knusser. In Madrid wonen vier miljoen mensen dus het is er een stuk hectischer dan in Amsterdam. Verder is het uitgaansleven heel anders. In Amsterdam heb je veel bruine cafés waar je kunt zitten en een beetje ouwehoeren. Hier ben je als je wilt praten al gauw aangewezen op een bar-dancing of een eettent met tl-licht. Dat brede assortiment cafés waar je een babbeltje kimt maken mis ik wel. Het is hier óf dansen óf eten. Als je om drie uur 's nachts na het uitgaan ergens een broodje gaan eten, zit je onder dat tl-licht in een grote spiegel tegen je eigen aangeschoten hoofd aan te kijken, vreselijk vind ik dat." Ook aan de machocultuur moet hij wennen, ook al was hij in Amsterdam lid van het vu-Corps. "Alles staat hier zo ongeveer in het teken van voetbal, auto's en blote vrouwen. Ik had het wel verwacht, maar toch verbaast het m e . " Twee jaar geleden moest Steven er nog niet aan denken om aan het werk te gaan, maar nu heeft hij er wel zin in. "Ik heb het nu wel een beetje gehad met het zitten en niks doen en ik wil graag financieel afhankelijk zijn. Het bedrijfsleven trekt me meer dan de wetenschap, want de omschakeling van onderwerpen gaat sneller, zodat je geen tijd hebt om je te vervelen." Over hoe de regelmaat van het werkend bestaan hem zal bevallen, kan hij nog niks zinnigs zeggen. "Ik leid op dit moment een nog losbandiger leven dan in m ' n studententijd."
Steven de Graaff op het balkon van zijn kamer in de Spaanse hoofdstad: 'Dat brede assortiment cafés waar je een babbeltje kunt maken mis ik hier wel.'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997
Ad Valvas | 726 Pagina's